Bekijk het origineel

WAAROM KRIJGT KANKERTHERAPIE VAN DR. MOERMAN GEEN REEELE KANS ?

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

WAAROM KRIJGT KANKERTHERAPIE VAN DR. MOERMAN GEEN REEELE KANS ?

Dankbare patiënten:

19 minuten leestijd

Het leek die prachtige nazomermiddag in oktober wel een sprookje. Want het is een bijzondere ervaring om te spreken met een viertal kankerpatiënten, die menselijkerwijs gesproken al dood en begraven hadden moeten zijn, maar die nu in een zeer redelijke gezondheid verslag gaven van hun bevindingen.

De oorzaak van deze ontmoeting op het prachtige landgoed „Hoogstad" van dokter C. Moerman in Vlaardingen was een boekbespreking. Enkele maanden terug bespraken we in deze krant het boek van Cor van Groningen „De zaak dokter Moerman. Reportage over een miskend kankertherapeut". Op deze bespreking kwamen nogal wat reacties van lezers die het toejuichten, dat de therapie van dokter Moerman zodoende meer bekendheid verkreeg, want zij hadden in eigen omgeving de gunstige resultaten daarvan ervaren.
Inmiddels werd er de laatste weken in kranten en tijdschriften veel gepubliceerd rond het kankerprobleem. Op zaterdag 29 september hield de vereniging „Het Nederlandse natuur- en geneescongres" een gespreksdag over de stand van het kankeronderzoek. Dit congres kreeg ruime aandacht. Niet alleen werden er in alle kranten uitvoerige verslagen gepubliceerd, maar daarnaast werden ook veel achtergrondartikelen geschreven over de „gevreesde ziekte".
In de RD-nummers van 28 en 29 september werden onder de kop „Kanker de gevreesde ziekte", een tweetal artikelen geplaatst van de hand van drs. J. Poortman, die een duidelijke en interessante uiteenzetting gaven van de mogelijke oorzaken van kanker en de stand van het wetenschappelijk onderzoek naar de genezing van deze ziekte. Helaas moest drs. Poortman tot de conclusie komen, dat de belofte van president Nixon aan het Amerikaanse volk, dat in zijn tweede ambtsperiode het kankerprobleem tot een oplossing zou worden gebracht, niet erg reëel was. „Dat betekent dat het kankeronderzoek niet op korte termijn tot een goed einde gebracht zal worden, maar dat een nieuwe generatie wetenschappelijke onderzoekers nodig is om die bijdrage te leveren die een voldoende inzicht meebrengen in het proces hoe het komt dat zomaar ergens in het lichaam een normale gezonde cel ontspoort in de richting van een kwaadaardige cel", zo eindigde drs. Poortman zijn artikelen.
Ook nu kwamen er weer reacties van lezers, die verwezen naar de frappante resultaten die dokter Moerman bij zijn patiënten wist te bereiken. Ten slotte kwam via zuster M. van Tijum uit Winterswijk de uitnodiging om dan zelf maar eens naar Vlaardingen te komen,om ten huize van. dokter Moerman met enkele, in dit jaar genezen patiënten, te praten.
Naast de RD-redacteur was bij deze gesprekken in de werkkamer van dokter Moerman ook aanwezig dr. A. Wagenaar uit Hilversum. Binnen het kader van dit artikel kunnen we uiteraard slechts een samenvatting van het gesprokene geven, omdat er door de vier patiënten en hun meegekomen familie zoveel is gezegd, dat er een nieuw boek nodig zou zijn om de volledige inhoud van deze urenlang durende gesprekken weer te geven. De procedure ging als volgt: dokter Moerman liet de patiënten (een voor een met de daarbij horende familie) op zijn werkkamer komen, waarna hij hen verzocht te vertellen in welke toestand ze bij hem gekomen waren en hoe het nu ging. Volgens de waarneming van dokter Wagenaar en onszelf werd er door de patiënten en hun familie spontaan en open gesproken. We hebben van een beïnvloeding door dokter Moerman niets kunnen bemerken.

C. van Esschoten-van de Schaft
De eerste met wie wij spraken was mevrouw Van Esschoten-van de Schaft uit Delft. Nadat bij mevrouw Van Esschoten eerder al in het Oude- en Nieuwe Gasthuis te Delft de linkerborst was afgezet, openbaarde zich in de herfst van 1971 opnieuw symptonen van de „gevreesde ziekte". Daar waar al eerder operatief waar al eerder operatief was ingegrepen ontstond een nieuw gezwel. Diverse bestralingen werden uitgevoerd, maar de toestand verergerde. De linkerarm ging zo opzetten dat zij deze niet meer kon oplichten. Een opname voor het ziekenhuis werd nodig geoordeeld, „want de eierstokken moesten er uit". Het leek toen de huisarts, dokter J. Thomée van de familie Van Esschoten beter om de waarheid te vertellen. Mevrouw Van Esschoten: „Hij sloeg zijn arm om mij heen en zei, dat we wel moesten geloven, dat het heel erg was. Maar ik moest de moed er maar inhouden, want men zou alles doen wat mogelijk was en mij zo goed mogelijk begeleiden. Voor mij was het toen wel duidelijk, dat er niets meer aan te doen was".
Toen de oproep voor het ziekenhuis kwam wilde mevrouw Van Esschoten toch nog graag even uitstel. Ze was juist in die tijd 30 jaar getrouwd en dat wilde ze nog zo graag, samen met de kinderen herdenken. De behandelende specialist in het ziekenhuis belde evenwel op met de mededeling, dat ze nu snel moest komen, daar het anders te laat was. Op de vraag van mevrouw Van Esschoten hoe lang ze dan nog wel mee zou kunnen kwam het antwoord „als u niet vlug komt kan ik niet meer in maanden, maar moet ik in weken spreken". De heer Van Esschoten: „Mijn vrouw was er zo ellendig aan toe dat wij het ergste vreesden".
In die tijd las de heer yan Esschoten iets over dokter Moerman in de krant.
Hij vroeg het oordeel van dokter Thommee, maar die geloofde niet dat mevrouw Van Esschoten enig resultaat zou kunnen verwachten. „Dat zou wel wonderbaarlijk zijn", aldus de huisarts. Toch is de patiënt in december '71 nog naar dokter Moerman gebracht.
„Ze zag lijkbleek en kon de trap bijna niet op. Toen ik ze onderzocht, vond ik een groot gezwel, terwijl de arm verschrikkelijk dik was", herinnert dokter Moerman zich. Daarna is het „wonderbaarlijke" zich toch gaan voltrekken. Het houden van het door de Vlaardingse arts voorgeschreven dieet en het gebruiken van de door hem nodig geachte stoffen leidde tot een herstel. Het gezwel is verdwenen en de arm is weer vrij normaal. Dokter Wagenaar heeft in de behandel-kamer van dokter Moerman de patiënt onderzocht. Hij kwam terug met de mededeling dat „alles er prachtig uitziet". De ziekenhuisopname is niet doorgegaan, maar mevrouw Van Esschoten staat nog steeds onder controle in het Oude en Nieuwe Gasthuis. De behandelende specialist dr. A. H. Keyser laat in het midden of de therapie-Moerman de oorzaak is van de genezing. „Waar het door komt, komt het door, maar u heeft de redding maar", zegt hij als hij de nog steeds verbeterende gezondheidstoestand van de patiënt constateert.

J. Hoenderdaal
De 40-jarige uitvoerder J. Hoenderdaal uit Rotterdam kwam vervolgens zijn wedervaren vertellen. „Het is zeker al zes jaar geleden, dat ik ben gaan dokteren. Ik had altijd pijn in mijn linkerzij", aldus de heer Hoenderdaal. „Mijn houding zal wel wat hebben geleken op die van Napoleon destijds. Ik had namelijk altijd mijn rechterhand op mijn linkerzij. De huisdokter verwees mij naar het ziekenhuis, waar men zei dat ik een zweer aan de twaalf-vingerige darm had en men mij zes weken rust voorschreef. Na afloop van die zes weken vertelde men dat de zweer weg was. Maar de pijn had ik nog steeds. Daarna werd mij het gebruik van een hoogtezon voorgeschreven. Beginnen met een minuut tot tenslotte een kwartier na 14 dagen. Ook dat hielp niet. Vervolgens ben ik in de Clara-stichting terecht gekomen bij een nierspecialist. Die zei mij dat ik bier moest drinken. Nou, dat ben ik wel gaan doen. Mede om de steeds erger wordende pijn te vergeten heb ik soms wel 50 glazen per dag gedronken. Maar het hielp niet".
De heer Hoenderdaal heeft toen gevraagd of men hem wilde opereren, want hij wilde graag van de pijn af. Dat is toen gebeurd in de Clare-stichting. Voor mevrouw Hoenderdaal leverde dat een verschrikkelijke boodschap op. Zij kreeg te horen dat er niets meer aan te doen was. Ook aan een broer en zuster van Hoenderdaal werd dit verteld. Toen de patiënt uit het ziekenhuis thuis kwam leek men op het dieptepunt van de lange lijdensweg aangekomen, want het was inmiddels zomer 1971 geworden. De pijn nam zo toe, dat de patiënt soms lag te gillen. Het gewicht nam af tot 50 kilo. In die tijd hoorde men van dokter Moerman. Dat heeft er ook voor de heer Hoenderdaal toe geleid dat hij nu weer opgewekt en zonder pijn kan vertellen over die vreselijke periode in het leven van hem en zijn vrouw. Zijn gewicht is weer toegenomen tot 64 kilo. Wat zeggen de specialisten van de Clara-stichtlng? De heer Hoenderdaal: „Toen ik zes weken na het ontslag uit het ziekenhuis ter controle moest komen was ik inmiddels een week of vijf onder behandeling van dr. Moerman. Dokter De Vries, die mij onderzocht, merkte toen al een aanmerkelijke verbetering in mijn toestand op. Hij zei: „Zie je wel, dat je geen kanker had, ik heb een meningsverschil gehad met dr. Van Leeuwen, die pertinent beweerde dat het wel kanker was". De huisarts kwam een poosje later met de boodschap, dat hij een blijde mededeling had voor zijn patiënt. „U hebt geen kanker, maar een chronische ontsteking aan de alvleesklier". Dokter Moerman: „Die man heeft niets aan zijn alvleesklier. Toen hij hier kwam kon ik duidelijk een gezwel in zijn linkerzij constateren".

Theo Strating
Bijzonder treffend was het geval van de 12-jarige Theo Strating, die daarna vergezeld was van zijn vader en moeder. Theo kreeg in september van het vorige jaar hoofdpijnen, die snel in heftigheid toenamen. Op 9 oktober werd hij opgenomen in het Diaconessenziekenhuis te Arnhem. Twee dagen later bracht men hem over naar het St. Canasiusziekenhuis, waar hij nog dezelfde dag werd geopereerd. De chirurg vertelde daarvan aan de ouders, dat hij getracht had een kwaadaardig gezwel weg te nemen. Hij had echter niet alles weg kunnen halen, daar dan de hersens teveel zouden worden beschadigd. Nu zou hij de tijd, die hij nog te leven had, zo normaal mogelijk kunnen zijn. Wel zou zijn spraak niet helemaal goed zijn en zou hij de kracht in zijn rechterhand missen.
De chirurg dacht, dat het nog een half jaar zou kunnen duren. Men zou het weefsel onderzoeken. Mogelijk zouden ze in Arnhem nog willen bestralen. Theo is op 20 oktober weer naar Arnhem teruggebracht en vier dagen later deelde de specialist daar mee, dat het een zeer snel groeiend kwaadaardig gezwel was.
Hij gaf de jonge patiënt nog drie a vier maanden te leven. Toen de onthutste ouders tegenwierpen, dat de chirurg over een half jaar had gesproken herhaalde dq specialist „Drie a vier maanden, het kind is oud genoeg, u moet hem dat maar vertellen." De ouders vonden dat verschrikkelijk moeilijk en besloten te wachten, tot de verschijnselen terugkwamen.
De patiënt is toen naar huis gegaan en moest vijf maal per week naar het ziekenhuis voor de bestraling. Hij voelde zich toen echter vrij goed. Bij een controle op 24 november werd afgesproken, dat Theo terug zou komen op 12 januari 1973, mits zich niets bijzonders voordeed. Helaas kwamen in december de verschijnselen weer terug. De klachten waren: hoofdpijn, dubbelzien, misselijkheid. Ook de spraak was soms verward, terwijl Theo klaagde over een „raar" gevoel in rechterhand en mond, dat telkens enkele minuten duurde en steeds frequenter werd. Daarbij werd hij hangerig en klaagde de gehele dag, dat hij zo moe was. Men ging een week eerder naar de specialist, maar deze zei, dat hij niets meer kon doen. Over het verloop dacht hij, dat het kind verder zou versuffen en in een coma terecht komen. Dat klopte want in de week daarop werd Theo veel suffer. Hij lag meestal de gehele dag op de bank. Als hij er soms even af kwam, ging hij direct weer liggen. Hij kreeg een afkeer van eten en drinken. Op 12 januari wees zuster Van Tijum uit Winterswijk het gezin op dokter Moerman. Er werd een afspraak gemaakt voor 23 januari. Tot die tijd kon Theo alvast het door dokter Moerman vastgestelde dieet en vitamine C gebruiken. „Ik heb veel moeite moeten doen in die tijd om het dieet binnen te brengen", aldus mevrouw Strating, want hij wilde bijna niets meer hebben. Het is met de kleine hapjes en slokjes gegaan. Het wonderlijke was echter, dat hij reeds vrij vlug weer langer rondliep. Toen ik de eerste keer, dat hij naar mijn idee te lang op was vroeg ik of hij weer niet op de bank moest kreeg ik ten antwoord: „Nee, ik ben weer levend". Theo was op 23 januari zover, dat hij de reis naar Elst naar Vlaardingen goed doorstaan heeft. Vanaf die datum heeft de patiënt alle medicijnen die hij van het ziekenhuis kreeg laten staan.
Op 2 februari werd er weer een EEG gemaakt. De specialist was erg verbaasd, want de klinische toestand klopte helemaal niet met de uitslag van het EEG-onderzoek. Theo zou er veel erger aan toe moeten zijn, want er waren duidelijk resistanten zichtbaar. De verbetering zette zich echter voort. Er konden spoedig kleine wandelingetjes worden gemaakt. Eerst na de vakantie is er weer een EEG aangevraagd, wat op 29 augustus is gemaakt. De neuroloog dr. F. A. Jongbloed moest toen constateren, dat de klinische toestand perfect was. Ook de EEG was goed. Het gezwel is verdwenen. Er zijn geen resistanten meer te zien, alleen de operatieplek. Inmiddels deed dr. Jongbloed de medische gegevens over Theo toekomen aan dokter Moerman, waaruit blijkt dat het gezwel kwaadaardig was. Theo gaat nu weer naar school. Hij heeft de leerstof opgevat waar hij een jaar geleden moest ophouden. De onderwijzer zegt: „Alles gaat normaal". Het deed ons goed te horen, dat de familie Strating naast dankbaarheid aan dokter Moerman, vooral de hand Gods in dit alles ziet. Vader Strating: „Wij weten niet waarom God dit alles voor ons nodig heeft geacht. Bewust hebben we onze jongste zoon, die een nakomertje was, Theodoor — geschenk Gods — genoemd. We hebben hem nu opnieuw als een geschenk Gods ontvangen".

P. van den Hoek
We zijn nog diep onder de indruk als het echtpaar P. van den Hoek uit Rijsoord ons vertelt, dat de heer Van den Hoek in 1953 reeds een maagoperatie heeft ondergaan. In 1970 begon hij weer pijn te krijgen. Foto's wezen niet zoveel uit. Men sprak over waarschijnlijk een maagzweer dan weer over een zweer aan de twaalfvingerige darm. Met werken sukkelde hij zo'n beetje door. Veel pijn bracht hem in oktober 1972 een week in het ziekenhuis. Een dikkedarmonderzoek en foto's wezen niets uit. Na een week rust in het ziekenhuis, waarbij de pijn flink verminderde ging Van den Hoek weer naar huis. De pijn nam echter weer toe, waarbij het op 6 januari van dit jaar zo accuut werd, dat een operatie werd uitgevoerd op vermoeden van een afwijkende blindedarmontsteking. Bij opening van de buik bleek echter een zodanige uitzaai van kwaadaardig kanker op de darmen en buikvlies aanwezig te zijn, dat alleen maar een stukje werd weggenomen om onderzocht te worden. De conclusie van dit onderzoek luidde, dat men met kanker te doen had. Voor mevrouw Van den Hoek was er toen de verschrikkelijke boodschap: er is niets meer aan te doen, uw man moet sterven.
Op 20 januari is Van den Hoek naar huis gegaan. Men heeft daarna direct contact gezocht met dokter Moerman en ook hier het wonder, dat er vrij spoedig verbetering optrad. Na een week kwam de ontlasting weer normaal; de pijnen begonnen te verminderen. De patiënt heeft huisarts en chirurg gevraagd hem te blijven begeleiden, ondanks het feit, dat hij naar dokter Moerman ging en dat hebben ze ook collegiaal gedaan. Van den Hoek heeft in zijn zakagenda bijgehouden hoe hij zich van dag tot dag heeft gevoeld. Men krijgt daaruit een duidelijk beeld van de verbetering, die na het bezoek aan dokter Moerman is ingetreden. Bij de laatste controle, enkele weken terug in het ziekenhuis, was alles prima. De chirurg kan maar niet geloven, dat dit aan de methode-Moerman te danken is. „Het is te mooi, te simpel", zegt hij steeds. Inderdaad, het is misschien wel de eenvoud van de Moerman-methode, die zoveel officiële weerstanden opwekt. Maar Van den Hoek begint weer wat werk te doen. „Ik voel me beter dan de laatste twee jaren", zegt hij. „Maar het is zo jammer, dat men deze therapie maar niet wil erkennen. Gevallen zoals ik zijn er tientallen. Dat hoort men steeds weer in de wachtkamer.

Waarom niet?
Het wordt tijd om op te stappen. De patiënten, die voor onze fotograaf wilden poseren om daarmee deze belangrijke zaak vooruit te helpen, gaan ook weer naar huis.
„Nou mijne heren, u heeft gehoord en gezien", zegt dokter Moerman. „Er sterven jaarlijks 30.000 mensen in ons land aan kanker. U hebt er vanmiddag vier gezien, die dit jaar genezen zijn. Mijn vraag aan de regering, mijn vraag aan het Koningin Wilhelminafonds is: Waarom wordt mijn methode niet grondig inderzocht? Waarom zet men naast mij bijvoorbeeld geen twee jonge artsen, die precies controleren wat ik doe en die dan mijn ziektegeschiedenissen van de patiënten in de ziekenhuizen nagaan. Er is niets geheimzinnigs aan.
God heeft de mensen op ingenieuze wijze een „herstelvermogen" gegeven. Stimuleer via een dieet en de door mij gevonden stoffen dit herstelvermogen en men zal wonderen zien. Ik heb ontdekt, dat God wel een tijd voor de mens heeft vastgesteld waarop hij sterven zal maar dat de Schepper aan het menselijk lichaam de mogelijkheden heeft meegegeven om tot aan die bestemde tijd gezond te leven."
We krijgen een geschrift mee naar huis, dat als titel draagt „De dood van één miljoen kankerlijders". De titel is ontleend aan het feit, dat in het Nederlands sprekende deel van Europa, dit aantal mensen is overleden aan de gevolgen van kanker, sinds dokter Moerman zijn vinding aan het departement van volksgezondheid meldde. De Vlaardingse arts was er stellig van overtuigd, dat hij de Nederlandse geneeskunde door zijn zelfstandig onderzoek een grote dienst had bewezen. Hoe groot was zijn ontgoocheling toen hij op het departement te horen kreeg: „Volgens ons is kanker niet met medicijnen te genezen. Indien u meent iemand daarvan te hebben genezen, is het naar onze mening geen kanker geweest."
Deze opvatting is blijven voortbestaan tot op de dag van heden. Een onderzoek naar de genezing van kankerpatiënten op de door Moerman aanbevolen methode, waarbij men dan de invloed van de therapie bij de patiënten zelf zou kunnen controleren bleef uit. Moerman: „Op het departement van volksgezondheid rust een enorme schuld. Die miljoen slachtoffers van kanker heeft men de kans onthouden met de therapie-Moerman te worden genezen."
Dokter Moerman is nu 81 jaar. We hebben met eigen ogen de resultaten van zijn methode gezien. Er worden enorme bedragen uitgegeven aan onderzoekingen en aan apparatuur die de kankergezwellen kan bestrijden. Een röntgenbestralingsapparaat kost f 200.000, terwijl een apparaat om neutronenbestraling toe te kunnen passen zelfs 2 miljoen gulden kost. Wat is de eigenlijke reden, dat er door de bevoegde instanties niet meer aandacht wordt geschonken aan de frappante resultaten van de methode-Moerman? De Vlaardingse arts is nu nog vitaal. Hij kan zijn kennis toelichten en overdragen. Het verschrikkelijke leed, dat de „gevreesde ziekte" in de wereld veroorzaakt laat niet toe, dat mogelijkheden tot genezing worden genegeerd. Nogmaals, de gesprekken die door dr. Wagenaar en ons met de patiënten van dokter Moerman werden gevoerd zijn onvergetelijk. Dr. Wagenaar zei er later van: „Deze middag was voor mij een openbaring. Ik zie nu weer nieuwe perspectieven voor mensen, waarvoor we tot nu toe alleen maar wat middelen hadden om het leed te verzachten." Dokter Moerman: „Ik beweer niet, dat ik ieder zonder meer beter kan maken. Vooral als het „regeneratievermogen" niet meer aanwezig is kan ik ook niets meer doen. Maar al zouden er nu maar 10 pct van alle kankerpatiënten kunnen worden genezen, zou dat 2500 doden per jaar minder betekenen. Is dat niet geweldig?. Bovendien zou mijn therapie kunnen worden uitgediept en verbeterd. De medische wereld in Nederland kan toch niet om de feiten die u hier vanmiddag gezien heeft heen? Laat men zich dan zijn verantwoordelijkheid bewust zijn."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 oktober 1973

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

WAAROM KRIJGT KANKERTHERAPIE VAN DR. MOERMAN GEEN REEELE KANS ?

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 oktober 1973

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken