Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Onmin over „Gereformeerde vrijzinnigheid

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Onmin over „Gereformeerde vrijzinnigheid" bijgelegd

WEL „ONVRIJWILLIGE" DISCUSSIE OVER HERV. VRIJZINNIGEN

5 minuten leestijd

Gisteravond hebben de Gereformeerde synodeleden nog eens grondig nagepraat over de bekende (verkeerd gevallen) Hervormde opmerking dat de Gereformeerde Kerken ook hun vrijzinnigen hadden. De eerste keer dat de Gereformeerden over dit Hervormd „bedrijfsongeval" praatten, stond men op de achterste benen: gisteravond bleek dat het Hervormde synode moderamen de bewuste opmerking weer had teruggetrokken en lijkt de zaak weer een beetje gesust te zijn.

Om de gehele gang van zaken nog oven op te halen: vorig jaar schreef het Hervormde synodemoderamen „per abuis" (zo werd later gezegd) een brief aan de Vereniging van Hervormde Vrijzinnigen. Daarin werden de vrijzinnigen „gerustgesteld" dat ze bij de verkering tussen Hervormden en Gereformeerden heus niet tussen wal en schip (en dus in de verdrukking) zouden vallen, maar dat „de voortgang van de actie „Samen-op-weg" niet ten koste zal mogen gaan van ruimte en pluriformiteit van theologisch denken".

Integendeel, de vrijzinnigen stelden wezenlijke vragen en „de kerk in onze tijd dient (...) te leven met deze vragen. De dialoog die aldus ontstaat, achten wij (het Hervormde moderamen, red.) te behoren tot de wezenlijke aspecten van het kerk-zijn in deze tijd en een voorwaarde om gezamenlijk een Christus-belijdende gemeenschap te zijn". Dat betrof dus de interne Hervormde situatie.

De Gereformeerde synodeleden waren daarnaast echter zeer gepikeerd over de volgende uitspraak: „In dit verband willen we gaarne opmerken dat het van bijzondere betekenis is te blijven bestuderen hoe ook in de Gereformeerde Kerken het verschijnsel van het zogenaamde vrijzinnige theologisch denken verwerkt blijkt te kunnen worden".
Dat deed de Gereformeerden verontwaardigd uitroepen: Wat moeten de Hervormden zich bemoeien met de interne gereformeerde situatie? Waar halen zij de beschuldigingen vandaan dat er in de Geref. Kerken vrijzinnigen zouden zijn? Ze denken misschien aan prof. Kuitert, maar deze zegt van zichzelf dat hij ook orthodox is en bovendien: hem kun je niet van dezelfde vrijzinnigheid beschuldigen als de Hervormde vrijzinnigen.

ZIN GESCHRAPT

Daarop is een gesprek gevolgd tussen de moderamina der beide kerken en over dit gesprek werd gisteravond ter Geref. synode in Lunteren nog eens nagepraat, in aanwezigheid van het Hervormde moderamen (behalve ds. G. Spilt) met o.a. ds. M. Groenen berg.

Uit deze nabespreking bleek dat de Hervormden de gewraakte zinsnede hebben teruggenomen zodat de aanleiding van de moeilijkheden is weggehaald, maar niettemin was men wel met de neus op de werkelijkheid gedrukt dat er dan toch maar vrijzinnigen zijn bij de Hervormde partner waarmee men in de toekomst „In één bootje" hoopt te stappen.

Het Geref. moderamen had pittige vragen gesteld aan de Hervormden over deze kwestie zoals hoe de Hervormde kerk tegelijk een Christusbelijdende kerk kon zijn en tegelijk vrijzinnigen in de kerk kon dulden. Met andere woorden: hoe is de verhouding tussen art. 10 van de Herv. Kerkorde (weren wat het belijden weerspreekt) en de pluriformiteit van theologisch denken in de Herv. Kerk?
Daarop antwoorden de Hervormden o.a. dat het in de Hervormde Kerk zeer wel mogelijk is om klachten tegen iemands leer in te brengen. Maar, die kwamen niet en waar geen klacht is, is geen zaak. Kortom: er werden geen aanklachten tegen de vrijzinnigen ingediend, dus mochten ze in de Hervormde kerk blijven.

GEREF. BOND

Dat wil nu ook niet zeggen dat de vrijzinnigen een legitieme (wettige) plaats innemen In de Hervormde kerk. Ze zijn er wel, dat is de werkelijkheid, maar theologisch gezien mogen ze er eigenlijk niet zijn, net zo min (aldus een verslag van de bespreking tussen beide moderama als bijv. fundamentalisten, piëtisten en de Gereformeerde Bond. Een van de Gereformeerde conclusies van het gesprek was dat men toch verschillende visies op het kerk-zijn heeft. In de synodale discussie In Lunteren probeerde prof. dr. J. Verkuyl toch de hand te reiken aan de Hervormde vrijzinnigen. „Ik zou het een schande vinden als ze weg zouden vallen; ik ken bij tientallen vrijzinnigen die Christus-belijdende mensen zijn". Heeft de opvolger van prof, Nauta (aldus Verkuyl), namelijk prof, dr. C. Augustijn, niet gelijk als hij zegt dat de vraagstellingen van de vrijzinnigen legitiem zijn? Kortom: prof. Verkuyl wilde met de vrijzinnigen Samen-op-weg.

Ouderling S. Buikema (Uithuizen) stelde het scherp: Laten we nu maar uitspreken als Gereformeerden dat zolang de vrijzinnigen legitiem zijn bij de Hervormden, we niet Samenop-weg gaan. Ds. C. Mak Azn (Hengelo) vond dat de Hervormden dan wel zo graag een dialoog willen met hun modaliteiten, maar dat dit nog wel wat anders was dan een opkomen voor de belijdenis. Prof. dr. D. Nauta hield een onderscheidend betoog tussen pluralisme en pluriformiteit en mevr. G. M. Passies (Hoofddorp) wees op de praktijk in het plaatselijke vlak.

Daarop kwamen de Hervormde aanwezigen aan het woord. Synode-voorzitter ds. J. C. H. Jörg sprak uit dat de modaliteiten in de Hervormde Kerk geenszins een. legitieme plaats innemen maar dat met deze voortdurend een gesprek plaats heeft naar art. 10 (weren wat het belijden der kerk weerspreekt). Voorts zei hij dat de Hervormden de Gereformeerden nodig zouden blijven hebben voor de vragen die er zijn en ook omgekeerd, naar hij hoopte. Synode-scriba dr. A. H. van den Heuvel onderstreepte ds. Jörg's betoog met te zeggen dat in de Herv, Kerk de diverse modaliteiten niet als zodanig worden erkend,

LEGITIEME DIALOOG?

Ds. M. Groenenberg sprak voorts geruststellende woorden waarna dr. H. B. Weijland (Arnhem) niet namens het Geref, moderamen, maar persoonlijk opmerkte dat men genoodzaakt Is te zoeken naar een nieuwe weg. Maar: als dan de dialoog legitiem is in de Herv. Kerk, is dan ook de vrijzinnigheid theologisch gezien legitiem? Moeten de Gereformeerden in de toekomst ambtelijk Samen-op-weg met de vrijzinnigen? De Hervormden zijn wellicht aan zo'n situatie gewend, maar de Gereformeerden staan daar toch anders tegenover.

Vanochtend gaat men verder praten over het Samen-op-weg gaan n.a.v. de gezamenlijke synodevergaderingen vorig jaar in Utrecht.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 30 januari 1974

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

Onmin over „Gereformeerde vrijzinnigheid

Bekijk de hele uitgave van woensdag 30 januari 1974

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken