Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

UIT DE KERKELIJKE PERS

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

UIT DE KERKELIJKE PERS

8 minuten leestijd

Vreemde zaken

„Vijf vreemde zaken" signaleert ds. J. Overduin in het Centraal Weekblad van de Gereformeerde Kerken van deze week. Een van die vreemde zaken vindt hij in de onderwijswereld.

„Is het waar, dat in de meeste sociale academies, de vormingscentra, het onderwijs voor de werkende jeugd, de middelbare scholen, de leiding voor de jeugd vele vraagtekens achter het evangelie en de kerk worden gezet en vele uitroeptekens achter het marxisme? Ik heb geen statistieken op dit gebied. Wel hoor en lees ik geregeld het een en ander Wij behoeven heus niet mee te doen aan het idealiseren van onze maatschappij, noch onder alle omstandigheden berusting en tevredenheid te prediken, zoals dat maar al te erg in de vorige en begin deze eeuw gebeurde. Geen zoethoudertjes noch wissels op de eeuwigheid. Maar beseffen wij wel, dat wij nu precies aan de andere kant uitgekomen zijn?

Onze jeugd groeit op in een tot nu toe ongekende welvaart en genieten voorrechten en luxe, die wij in onze jeugd niet eens droomden.

Maar is er dankbaarheid, tevredenheid, blijdschap?

Wanneer ondanks de vele positieve kanten van het leven „van hoger hand" steeds maar op de negatieve factoren van de „kapitalistische wanorde" wordt gewezen, hoe kunnen jonge mensen, die nog niet voldoende onderscheidingsvermogen hebben, een positieve (ook dankbare) instelling op het leven krijgen?

Zij hebben vele voorrechten dank zij de Inspanning van hen, die verdacht en geminacht worden als bouwers van een „prestatiemaatschappij". Zij moeten door hun opvoeders weer gaan zien de zin van leven en arbeid, niet om egoïstisch zo gauw mogelijk rijk te worden, maar om te woekeren met hun gaven en daarmede hun nabije en verre naaste te dienen. Als er dan nog zoveel verkeerd is in onze maatschappij, dat onze jonge mensen enthousiast en roepingsbewust maken anders lopen ze dood in een even goedkope en onvruchtbare kritiek zonder de handen uit hun mouwen te steken".

„Een christen past nooit een lamlendig en laf defaitisme. Wat hebben alle ouderen, die met de jeugd te maken hebben een geweldige taak. Maar wat kunnen ze ook onnoemelijk veel bederven door een cynische en negatieve houding, terwijl ze intussen het goede van deze wereld wel weten te genieten".

Revolutie

„We zijn nu zover", schrijft ds. Masselink in Waarheid en Eenheid, het blad uit de kring van de verontrust Gereformeerden. Er is revolutie in de kerk.

Iedereen kon het zien aankomen. Wat prof. Kuitert nog van de Bijbel aannam; hoe prof. Augustijn het kerkelijk credo voor waardeloos verklaarde; en hoe dr. Wiersinga de verzoening met God door het offer van Christus, bestrijdt — het is allemaal de zelfhandhaving van de mens die zich niet gevangen wil geven toe de gehoorzaamheid aan Christus. En dat is de revolutie! in de kerk zelfs in topvorm.

Nu eind december ruim 60 gereformeerde Kerkleden, waaronder professoren (docenten en medewerkers) in de theologie te Kampen en in Amsterdam, in vermelde geest een „Beroep op de kerkleden hebben doen uitgaan, moet hier m.i. gesproken worden van: een oproep tot revolutie.

De woordkeuze kan argeloos zelfs idealistisch aandoen, maar dat is is het kenmerk van de revolutie. De revolutie keert zelfs de taal om en vindt ook dat normaal. Zij spreekt van de wil van het volk, van de volksdemocratie, van de bevrijding, van de vrede, van gerechtigheid, enz., maar bedoelen daarmee heel wat anders aan zij die niet aan de revolutie meedoen. De geest, de revolutiegeest is geheel overgeschakeld. Dit denkt en handelt uit een, totaal andere levenswaarde, die zo categorisch en autoritair is, dat die andere levenswaarden achter de normen zijn gevoegd. Zo doen de zestig „een beroep op de kerkleden en kerkelijke vergaderingen van kerkeraad tot generale synode om alles te doen opdat een dergelijke ramp (een nieuwe kerkscheuring) voorkomen wordt en we op weg blijven naar een kerk van en voor de toekomst".

Dat zullen ze nog menen ook. En menig slaaphoofd knikt nog ja ook. Maar het is één brok revolutie.

Allereerst immers kunnen zij geen kerkscheuring riskeren; dat zou hun einde zijn. Stelt u zich voor, dat Kuitert, Augustijn, Wiersinga en de mensen die het met hen eens zijn, apart kwamen te staan... dan was het uit met hen. Kerkelijk. Een sociologisch waarschijnlijk ook. Zoals het met de communistische partij in Rusland uit zou zijn... als ze in een apart gebied een eigen „thuisland" kreeg. De communistische partij moet het volk overwoekeren en overheersen, anders is zij niet! Die partij is met al haar geweldsautoriteit een... parasiet. Zo is de verhumaniseerde nieuwe theologie niet anders dan een revolutionair, parasitair verschijnsel in de volksgemeenschap van God. Zij leeft van de kerk. Zij leeft van het zuivere bloed van Christus, dat ze echter geringschat. Zij is doodsbang om alleen te komen te staan, en daarom zendt zij zo overluid het noodsignaal „kerkscheuring" uit. Een (juiste) „kerkscheuring" zou haar ondergang zijn.

Mensenrechten

In „Alle den volcke", het zendingsblad van de Hervormd Gereformeerde Zendingsbond haakt dr. C. A. Tukker in op een artikel van prof. Verkuyl in „Wereld en zending", over de theologische fundering van mensenrechten en de praktische effectuering ervan in de context van deze tijd". Het gaat ons nu niet zozeer om het artikel van Verkuyl, wel om een uitspraak die dr. Tukker in verband hiermee doet.

„Wel moet ik eerlijk zeggen, dat ik huiver wanneer ik de uitspraak van Uppsala 1968 lees over de rechten van de mens: Alle mensen hebben het recht tot zelfbeschikking. Dit is een grondkenmerk van de menselijke waardigheid en van een waarachtige familie van naties. De eerste vraag die naar aanleiding daarvan bij mij opkomt is: wat heeft die familie van naties te maken met een assemblee van de Wereldraad van Kerken? Een tweede: kan men tegelijkertijd familie van Christus en familie van Adam zijn, èn dat beide in zijn vaandel voeren, in uitspraken als deze verwerken en van de daken verkondigen? Mijn grote bezwaar tegen het nationalisme in zijn moderne verschijningsvormen is, dat het een nieuwe band van humaniteit wil smeden op basis van een gemeenschappelijk verlost-zijn uit vroegere, dwingende en knellende banden, terwijl de christelijke verkondiging juist is, dat men verlost is om ook humaan, ook sociaal, ook raciaal, ook politiek, ook juridisch, ook economisch geen ander recht, geen andere band, in wezen geen andere familie te kennen dan die van Jezus Christus en door Hem met God de Vader, van Wie wij familie behoren te zijn. Het corpus van de aarde is niet tegelijkertijd het lichaam van Christus. De wereld is niet als platform der verkondiging en als werkterrein van het diaconaat tegelijkertijd de Kerk van Jezus Christus. Deze verschillen worden m.i. te licht opgevat door Verkuyl in dit artikel, deze studie, deze bijdrage die naar wij hopen, zal uitlopen' op een Nederlandse consultatie voor mensen die werken in zending en evangelisatie, over de thema's die hier aan de orde zijn.

En laten dan de bestanddelen van wat wij recht en gerechtigheid noemen, eens op tafel worden gelegd en duidelijk gemeten worden aan Gods gerechtigheid, geopenbaard in Zijn Woord en in Jezus Christus.

Gevaarlijk

Een opmerkelijke beoordeling, zo schrijft drs. A. Vergunst te Veen over het artikel van ds. Delleman in het dagblad „Trouw" betreffende het nieuw uitgekomen boek „Verbond en bevinding". Vijf dingen trekken zijn aandacht in deze bespreking. Wij zullen er een enkel voorbeeld van aanhalen. Vooraf constateert drs. Vergunst dat het zonder meer bijzonder gevaarlijke lectuur is voor de jongeren.

Ds. Delleman haalt als inleiding een stuk van Woelderink zelf aan, dat hij schreef in het blad „Homiletica". Daarin schreef hij, dat de ontdekking, dat Calvijn geloofde in het bestaan van heksen hem diep geschokt had. Als deze daarin dus had gedwaald had hij mogelijkerwijs in veel meer gedwaald. Na hiermee bezig te zijn geweest kwam W. tot dit oordeel: „Sindsdien is mij het onderscheid tussen onze menselijke zekerheden èn de zekerheid des geloofs duidelijker geworden. En het werd mij gemakkelijker om onderscheid te maken tussen de belijdenis des geloofs met welke de hervorming kwam, èn het theologisch systeem, waarin zij (de Hervorming dus!!! (V.) de waarheden van het geloof heeft ingepast". Dat weten we dus: De Hervorming heeft een theologisch systeem ontworpen, waarin allerlei waarheden zijn ingepast. Calvijn, op wie Woelderink ook in zijn boekje over „De Verkiezing" kritiek oefent, was bevangen gebleven in bijgelovigheid en is mede schuldig aan het ontwerpen van een systeem, dat zoveel schade zou berokkend hebben.

Ds. Delleman attendeert erop, dat in de inleiding van ds. C. v. d. Wal, bij dit boek geschreven staat, dat Woelderink „enkele vraagtekens" bij de klassieke verkiezingsleer zette, hiermee is hij het niet eens. Want Woelderink haalde, volgens Delleman „een dikke streep door de dubbele predestinatie (dus de leer van verkiezen en verwerpen) als eeuwig besluit". Hierin heeft Delleman gelijk. Woelderink is van de reformatorische leer van Gods verkiezing en verwerping afgeweken. Hierin heeft hij een ogenreformeerde dwaalleer voorgestaan en is hij een schakel naar het modernistische denken van deze tijd. Ds. Delleman wijst erop dat in de kring van studenten op de rechterflank van de Gereformeerde Gezindte om dit boek gevraagd is. Daarmee wordt duidelijk de C.S.F.R. bedoeld. Dit wordt door anderen buiten onze kringen dus wel terdege gezien. En daarmee konstateren anderen in welk vaarwater de C.S.F.R. terecht dreigt te komen. Het is goed dat men zich aldaar daar rekenschap van geve.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 25 januari 1975

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

UIT DE KERKELIJKE PERS

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 25 januari 1975

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

PDF Bekijken