Bekijk het origineel

Ouders willen verblijfplaats dochter (14) weten

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Ouders willen verblijfplaats dochter (14) weten

Kort geding tegen Sosjale Joenit

4 minuten leestijd

zDEN HAAG — Voor de rechtbank diende gisteren een kort geding, dat ouders van een 14-jarig meisje hadden aangespannen tegen een zogenaamde „alternatieve" hulpverleningsinstelling Sosjale Joenit. Het kort geding is van groot belang voor de reikwijdte van het ouderlijk gezag, dat tegenwoordig door allerlei linkse instellingen heftig wordt betwist.

Het meisje is via de Sosjale Joenit ondergebracht op een adres, dat de Joenit niet wil opgeven aan de ouders. Ze is tweemaal in korte tijd van huis weggelopen wegens ernstige moeilijkheden met haar ouders. Haar omgang met een 25-jarige overbuurman was er de oorzaak van dat de problemen zo hoog opliepen, dat zij het huis uitliep.

Ook tegen de buurman hadden de ouders een kort geding aangespannen, maar dat werd dinsdag ter zitting ingetrokken omdat de raadsman van de buurman verklaarde dat deze zich niet meer met het meisje zal inlaten. De ouders worden in deze zaak gesteund door de stichting Actie-comité verontruste ouders. Een groep van deze ouders applaudisseerde in de rechtszaal krachtig toen de raadsman van de ouders, mr. L. van Heijningen, de vordering had toegelicht.

Namens de Sosjale Joenit merkte mr. M. Wladimiroff op, dat de inzet van het kort geding in feite de vraag is in hoeverre het een hulpverlenende instantie als de Joenit vrij staat tegen de wil van de ouders in aan een minderjarige hulp te verlenen. Het gaat daarbij ora de reikwijdte van het ouderlijk gezag. Het contact met de overbuurman is volgens de raadsman van de Joenit niet het enige punt van wrijving tussen de ouders en het meisje geweest. Hij wees erop dat zij o.m. verklaard heeft door haar moeder met een hamer en met een honderiem te zijn geslagen.

Nadat het meisje onlangs voor de tweede maal was weggelopen en via de Sosjale Joenit de Raad voor de kinderbescherming was ingeschakeld, heeft de Raad aan de kinderrechter gevraagd het meisje tijdelijk onder toezicht te stellen en de ouders te schorsen in de uitoefening van de ouderlijke macht.

Volgens mr. J. J, Brobbel, directeur van de Haagse Raad voor de kinderbescherming, is de ondertoezichtstelling nodig om de ouders weer te laten komen tot een goed functioneren als ouders.

De eerste keer dat het meisje van huis was weggelopen, keerde zij daarheen terug, nadat er een gesprek was geweest tussen haar ouders, de Haagse politie en de Sosjale Joenit. Kort daarna liep zij echter weer weg en werd zij via de Joenit opnieuw op een voor de ouders onbekend adres ondergebracht om haar hulp te kunnen verlenen.

POLITIESTAAT

Mr. Van Heijningen vond het merkwaardig, dat politie en justitie wel van déze zaak op de hoogte zijn, maar niet willen Ingrijpen om het kind direct bij de ouders terug te l)rengen. „Het is bedenkelijk dat de Joenit een overeenkomst met de politie zou hebben. Zo staan wij met een been in een politiestaat, waar de politic de wetten stelt in plaats van ze uit te voeren", aldus mr. Van Heijningen.

Hij zei dat de overgrote meerderheid van de mensen het gezin ziet als de grondslag van het bestaan. „Iedereen heeft krachtens het Verdrag van Rome recht op eerbiediging van het gezinsleven. Ook de Nederlandse wet beschermt het gezin en regelt de rechten van de ouders. En als de politie en justitie niet doen wat zij volgens de wetten zouden moeten doen, dan zouden de betrokken ouders wel eens gerechtigd kunnen zijn om eigen rechter te spelen", aldus mr. Van Heijningen.

Hij stelde dat de Sosjale Joenit geregeld de wet overtreedt door tegen de wens van ouders in jongeren hulp te bieden en in deze zaak willekeurige inmenging in het gezin van het weggelopen meisje pleegt. Hij zag dit als onrechtmatig handelen, om als overtreding van artikel 280 van het Wetboek van strafrecht, dat het onttrekken van minderjarigen aan het ouderlijk gezag strafbaar stelt.

Mr. Wladimiroff wees erop dat van overheidswege juist initiatieven worden ontwikkeld om de hulpverlenende instanties in de weglopers-problematiek in te passen. Volgens hem grijpen justitie en politie terecht niet in. Hij stelde dat er geen sprake is van overtreding van artikel 280. „De alternatieve hulpverlening is onder bepaalde voorwaarden, waaraan hier voldaan is, niet strafbaar bij het hulp bieden en voor de Ouders weghouden van minderjarigen. Er is een ongeschreven recht ontwikkeld van de minderjarige op zijn onaantastbaarheid.

Het conflict is hier zo hoog opgelopen, dat het meisje naar redelijkheid en billijkheid gedurende een zekere tijd gevrijwaard behoort te zijn van ingrijpen van haar ouders. Haar eigen rechten en belangen waren in de verdrukking gekomen en de Sosjale Joenit schept het kader om de uitoefening van die rechten mogelijk te maken", aldus mr. Wladimiroff. Hij vroeg de vice-president, die vrijdag 21 februari uitspraak zal doen, de vordering van de ouders af te wijzen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 19 februari 1975

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

Ouders willen verblijfplaats dochter (14) weten

Bekijk de hele uitgave van woensdag 19 februari 1975

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

PDF Bekijken