Bekijk het origineel

Europa en Verenigde Staten eens tegenover Zuid-Afrika

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Europa en Verenigde Staten eens tegenover Zuid-Afrika

NA VO conferentie uiteen

5 minuten leestijd

OSLO — Europa en de Verenigde Staten zitten nu op een lijn voor wat betreft de houding tegenover Afrika en wel Zuidelijk Afrika in het bijzonder. Dit is gebleken na de tweedaagse conferentie van de ministers van Buitenlandse Zaken van de landen die deel uitmaken van de Noordatlantische Verdragsorganisatie (NAVO).

Op deze halfjaarlijkse bijeenkomst is in de vergaderzaal hoofdzakelijk gesproken over twee zaken, de verhouding Oost-West en Afrika. Buiten de vergaderzaal bleken de grootste problemen te liggen: de mogelijkheid dat in Italië, cok een lid van de NAVO, communisten in de regering komen, het conflict Griekenland en Turkije en de kabeljauwoorlog tussen Groot-Brittannië en IJsland. ,

AFRIKA

Een groot deel van de besprekingen was gewijd aan Afrika. Praktische kapstok voor het vraagstuk was de rondreis welke de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Henry Kissinger onlangs door het zwarte werelddeel heeft gemaakt. Zowel Kissinger als minister Van der Stoel verklaarde na afloop nadrukkelijk dat het feit dat er over Afrika gesproken is, niet wil zeggen dat de NAVO zijn gebied gaat uitbreiden (volgens het verdrag kan men niet zuidelijker gaan dan de Kreeftskeerkring). Maar, de gebeurtenissen in .Vfrika kunnen wel van invloed zijn op het wereldgebeuren en op de NAVO, zo werd er aan toegevoegd.

De tijdens en na de reis van Kissinger door Afrika aan het Jicht gekomen wijziging van de Amerikaanse politiek ten aanzien van dit werelddeel, stemde de Europese bewindslieden tot tevredenheid. Volgens Nederlandse diplomaten is het nu duidelijk geworden dat de Verenigde Staten nu duidelijk op een lijn zitten met West-Europa voor wat betreft Zuidelijk Afrika.

Rhodesië

Minister Van der Stoel herhaalde de Nederlandse visie in de ministerraad van de NAVO, dat er druk moet worden uitgeoefend op Rhodesië en dat de economische sancties tegen dit land versterkt moeten worden. Om dat te bereiken moeten de buurlanden van Rhodesië financieel en'economisch geholpen worden, zoals de Europese Gemeenschappen dit ook al hebben besloten.

Verder moet Zuid-Afrika Namibië opgeven en moet er druk worden uitgeoefend op de regering in Pretoria voor wat betreft de apartheid. Minister Van der Stoel tekende daarbij nog aan dat het Zuidafrikaanse beleid van de inrichting van Bantoestans gezien moet worden als een nieuwe vorm van apartheid.

Ook waren de NAVO-ministers het erover eens dat de resoluties van de Veiligheidsraad ten aanzien van Zuid-Afrika, die betrekking hebben op een verbod van wapenleveranties, nageleefd moeten worden.

Frankrijk

Het voorstel van de Franse president Valery Giscard d'Estaing, dat er een soort van Marshall-plan voor Afrika moet komen, is ook aan de orde geweest. Van Amerikaanse zijde werd vernomen dat minister Kissinger verklaard zou hebben, de Fransen het plan te gunnen. Westeuropese diplomaten zetten er echter vraagtekens bij „Waar moet het geld vandaan komen".

Als een rode draad liep door het Afrika-debat de vraag hoe groot de invloed van de Sowjet-Unie is in Zuidelijk Afrika, na de gebeurtenissen in Angola. En of Angola een op zichzelf staand feit is of het gevolg van het in praktijk brengen van de grote militaire macht van Moskou.

Minister Van der Stoel verklaarde eerder in Oslo tegenover jounalisten dat de uitdaging van het communisme niet vergeten moet worden. „Het communisme probeert haarden van onrecht en woede te exploiteren voor eigen doeleinden". In dat verband werd er dan ook aan herinnerd dat de ontwikkelingshulp van de Sovyjet-Unie voornamelijk bestaat uit militaire hulp.

Het werd in de wandelgangen van het conferentiecentrum in Oslo, door diplomaten en politieke waarnemers dan ook niet uitgesloten geacht dat het Washington niet onwelgevallig zou zijn als Europa en in dit verband voornamelijk de EEG, zich meer op Afrika zou concentreren. Hierdoor zou een confrontatie tussen de twee supermachten kunnen worden voorkomen.

Teleurgesteld toonden de ministers • van Buitenlandse Zaken zich over de uitwerking van de Slotakkoorden van de Conferentie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa, welke vorig jaar zomer in Helsinki werden gesloten.

Wenen

Een duidelijk hard standpunt werd ingenomen ten aanzien van de besprekingen met het Oostblok over de Wederzijdse en Evenwichtige vermindering van bewapening en troepen in Centraal-Europa (de MBRF-besprekingen in Wenen).

Nadrukkelijk werd gesteld dat er een overeenkomst moet komen welke een einde zal moeten maken aan de onevenwichtigheid in de personeelsterkte van de grondstrijdkrachten in Centraal-Europa. En deze overeenkomst zal moeten leiden tot een vermindering in de onevenwichtigheid in gevechtstanks.

De Ministerconferentie verliep zonder incidenten en was zoals secretaris-generaal Luns het noemde: „een groot en gelukkig gezin". Minister Van der Stoel zei dat hij naar Den Haag terugkeerde zonder overmatig pessimisme, maar ook zonder groot optimisme.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 22 mei 1976

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

Europa en Verenigde Staten eens tegenover Zuid-Afrika

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 22 mei 1976

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken