Bekijk het origineel

Mao, China's nestor, verdwijnt achter de schermen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Mao, China's nestor, verdwijnt achter de schermen

6 minuten leestijd

Zullen de honderden miljoenen Chinezen hun grote leider Mao Tse-tung, die tijdens zijn leven reeds een levende legende geworden is, nog eenmaal levend zien? Zal de nieuwsgierigheid van de wereldopinie die het wegkwijnen van de oude revolutionaire leider met argusogen volgt nog bevredigd worden? Neen. In een communiqué maakte het centrale comité van de Chinese communistische partij hekend dat Mao niet meer in het openbaar zal optreden.

Het is tekenend voor deze tijd, waarin de publiciteitsmedia iedere vorm van intimiteit van vooraanstaande personen veracht, dat zelfs de verklaring, dat de regeringsleider een hoge ouderdom heeft en met werk overbelast is, onmiddellijk door allerhande speculaties gevolgd wordt. Het lijkt wel alsof de wet der natuur hier geen doorgang mag vinden: Mao Tse-tung is oud en zwak en niet meer in staat landspolitieke zaken te regelen.

Achter de offlciële verklaring van het centrale comité gaat een beslissinig van verstrekkende draagrwijdte schuil. Wat uit de korte stijl van het communiqué niet letterlijk naar voren komt, is evenwel niet te ontkennen: Mao zal niet meer In het politieke leven terugkeren. De grijze revolutionair Is na een laatste succesvolle strijd tegen Teng Hsiao-ping, die het veelgeroemde Mao Tse-tung-idee gevaar deed lopen, met pensioen gegaan.

Links in opmars

Voortaan zal de strijd tegen het door Mao het meest gevreesde revisionisme (herziening van de oude lijn) geleid worden door zijn echtgenote Chiang-Ching, die ook de laatste campagne reeds benut heeft om haar eigen machtspositie te sterken. Er bestaat geen twijfel dat "links" in China in opmars is. Dat de radicalen bezig zijn hun machtspositie te stabiliseren, blijkt vooral op militair terrein. De militaire leiders in China hadden in de jongste twisten tussen „links" en „rechts" pas stelling genomen toen de weegschaal in het nadeel van de rechtse Teng doorsloeg. Het omvallen van het overwegend conservatieve militaire apparaat geschiedde dus schijnbaar meer uit gelegenheidsgronden dan uit overtuiging. Bijgevolg is bij een andere politieke samenstelling een nieuwe ommekeer niet uitgesloten.

Greep op leger

Deze onzekerheidsfactor is in de ogen van de radicale Maoïsten zo niet uitgeschakeld dan toch belangrijk verkleind. Sinds april jongstleden heeft de partij door het opzetten van secretariaatsbureaus in de militaire districten zich van een directe greep op het leger verzekerd. Tot dan volgden deze militaire districten de opdrachten op die direct verstrekt werden door de centrale militaire leiding, die van haar kant met de partijsecretariaten van de provincies verbonden waren. Volgens de nieuwste berichten is nu voor de eerste maal in de geschiedenis van de volksrepubliek het leger aan een aanvullende centrale partijcontrole onderworpen.

De rivaliteit tussen de beide machtszuilen — partij en leger — is zo oud als de volksrepubliek China zelf. Weliswaar had de stelling dat de partij het commando over de wapens voerde en niet omgekeerd, juist na de affaire-Lin Piao opnieuw in gewicht toegenomen en buitendien al tot een beknotting van de militaire invloed geleid. Een sterke greep op het leger echter zoals uit de pasgenomen maatregel voortvloeit, leidt tot slechts twee gevolgtrekkingen:

Ten eerste, radicaal links probeert met de orgranisatorlsche verandering van de machtsstructuur die zij stap voor stap wil gaan doorvoeren, haar bestaan na Mao's overlijden te beveligen; ten tweede, de overwinnaars van de jongste machtsstrijd voelen zich op het ogenblik sterk genoeg: om zelfs in traditioneel gegroeide aangelegenheden in te grepen.

Het schijnt echter twijfelachtig, of dergelijke veranderingen met ver strekkende gevolgen door de daarvoor verantwoordelijke instanties besloten werden en niet veeleer door de kleine interne machtcirkel om Mao's vrouw Chiang-Ching.

Stalinisme

Dit zou dus een gevolg van de jongste interne politieke moeilijkheden zijn: een terugvallen in de door de Chinezen altijd bestreden stalinistische personendictatuur, die Mao juist door de onaantastbaarheid van zijn autoriteit altijd had weten te verhinderen. Terwijl zijn rol tenminste in de laatste jaren die van een scheidsrechter was die de macht had zonder uitdrukkelijk daarop aanspraak te maken, bewegen zijn opvolgers zich in de lagere sferen van loopgravenoorlog en persoonlijke carrièrestrijd.

Dat de radicalen de overhand hebben, wordt ook nog door andere waarnemlngen duldelijk, namelijk in het economische vlak. Zo is de verwachting van experts op het gebied van de buitenlandse handel, dat de volksrepubliek China spoedig tot de grote aardolie-exporterende landen zal behoren, niet bewaarheid. De plaatsvervangrende minister-president Ku Mu heeft verklaard, dat China in de eerstkomende Jaren geen grote hoeveelheden aardolie zal exporteren.

Anti-Teng

Deze aankondiging past precies in de campagne tegen Teng Hsiao-ping, die verweten werd dat hij „de soevereiniteit over de natuurlijke bronnen van China aan het Westen wilde verkwanselen tegen vreemde technologie en uitrustingen". De minister voor aardolie, Kang Shih-en, bekend als voorstander van een stijgende olie-export, is sinds de begrafenis van Tsjoe en Lai niet meer in het openbaar verschenen. Japen, het land dat als een der eersten Chinese olie afnam, kreeg dit jaar vijfentwintig procent minder olie van Peking als verleden jaar. Ook de buitenlandse zakenlieden op de flauwe voorjaarsbeurs in Kanton konden een directe invloed van de anti- Teng-campagne bespeuren. Een Duitse zakenman stelde vast: „Sinds de val van Teng lukt er in China niets meer". Niemand waagrt het beslissingen te nemen, het wachten is klaarblijkelijk op nieuwe bepalingen. Worden hierdoor alle voorspellingen weerlegd, die ervan uitgingen dat er door de aanstelling van Hua Kuo-feng als opvolger van Mao niets wezenlijks zou veranderen in de Chinese politiek?

Op de loer

Toch zal er nauwelijks iets veranderen. In de buitenlandse politiek van China zijn geen noemenswaardige wijzigingen opgetreden, afgezien van de toenadering tussen Peking en Nieuw-Delhi, die trouwens net zo goed nog het werk van Teng zou kunnen zijn. Ook in de economische politiek zal er volgens een verklaring van de daartoe bevoegde minister Li Chiang door de huidige ontwikkeling niets van werkelijk belang in de betrekkingen met de oude handelspartners veranderen. Wat dus overblijft is het toenemen in sterkte van de radicale Maoïsten in de binnenlandse politiek, die hun aanspraak op de leiding luidkeels openbaar maken. Waar zijn echter de aanhangers van Teng en van Tsjoe en Lai, die voor een gematigde politiek was, gebleven? Hier kan slechts één antwoord gegeven worden: zij wachten op de gunst van een nieuwe ronde. Het overlijden van de Chinese minister-president Tsjoe en Lai en de botsingen op de begraafplaats in Peking hebben aan de hele wereld te zien gegeven, tot hoe grote en innige rouw dit volk in staat is. Hoeveel moeilijker zal het zijn om deze opgekropte emoties van een reusachtige, zwijgende meerderheid in juiste banen te leiden, als Mao zelf eenmaal aftreedt! Een buitenlandse diplomaat In Peking bracht dit punt als volgt onder woorden: Ik zou graag in Peking blijven om te zien wat er gebeurt als Mao sterft. Maar ik zou willen dat mijn vrouw en kinderen dan in Hongkong zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 juli 1976

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

Mao, China's nestor, verdwijnt achter de schermen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 juli 1976

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

PDF Bekijken