Bekijk het origineel

Grondwater

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Grondwater

Een veilige aardse schat

4 minuten leestijd

Het grondwater, dat voor tweederde in de behoefte van de openbare watervoorziening voorziet, is geen onuitputtelijke bron waaruit de verschillende gegadigden zoals waterleiding-, landbouw en industrie onbeperkt kunnen putten. Juist door die beperktheid dient het zo optimaal mogelijk ten goede te komen aan de drinkwatervoorziening en aan die industrieën die kwaliteitsproceswater nodig hebben<br />

Dit is een van de stellingen waarmee ir. K.D. Venhuizen, directeur van de N.V. Waterleidingmaatschappij voor de provincie Groningen zijn brochure „Grondwater, een aardse schat" besluit. Andere steliingen van de schrijver zijn:

• Het gebruik van kwaliteitsgrondwater voor koel- en spoeldoeleinden, dient sterk te worden beperkt, terwijl het toepassen van bronbemalingen selectief dient te geschieden.

• Waar mogelijk dient de produktie van halffabrikaten, afkomstig uit het oppervlaktewater, ten behoeve van koel- spoeldoeleinden in de industrie te worden bevorderd.

• Er dient te worden gewaakt voor een al te gemakkelijke verwijzing van de drinkwaterbedrijven naar het gebruik van oppervlaktewater in plaats van het gebruik van grondwater.

• De invloed van grondwateronttrekkingen op de bovenwaterstand wordt vaak overschat, terwijl de invloed van waterstaatkundige- en cultuurtechnische werken vaak wordt onderschat. Het klinkt bijna ongeloofwaardig dat de openbare drinkwatervoorziening in Nederland nog maar 122 jaar oud is. Het eerste drinkwater werd op 12 december 1853 verkocht aan de Willemspoort te Amsterdam voor de prijs van één cent per emmer van 15 liter. Dit komt overeen met een kubieke meter prijs van zeventig cent. Een prijs die het in deze tijd nog heel goed doet. Tot dat moment en nog lange tijd daarna, moest men zich in het overgrote deel van Nederland tevreden stellen met het water uit de open. grondwaterput, de regenten of zelfs ongezuiverd oppervlaktewater.

Besmetting-

Vooral wat dit laatste betreft was de besmettingskans groot en ziekten bleven dan ook niet uit. Tijdens de vele epidemieën van buikloop, typhus en cholera vielen er grote aantallen slachtoffers.

Nu zijn wij er ons van bewust dat een grotere hygiëne niet alleen bijdraagrt voor het niet meer voorkomen van deze ziekte, toch mogen en moeten wij stellen dat de Heere ook middellijk werkt. Hierbij moeten wij uiteraard wel voor ogen houden dat alles van Zijn hand ons toekomt.

Het waren dan ook de epidemieën, die een ingrijpen noodzakelijk maakten en zo ontstonden er in de jaren 1855 - 1910 ongeveer een negentig waterleidingbedrijven. Als grondstof diende zowel grond- als oppervlaktewater.

Ontstellend klein was echter in 1910 het aantal mensen dat van deze voorzieningen.

Voeding

De voeding van ons land met zoet water vindt plaats door neerslag alsmede door de rivieren Rijn, Maas en een aantal kleinere riviertjes. In de meestal hoger gelegen zandprovincies komt de neerslag ten goede aan het grondwater dat ten dele via de rivieren en beken aan de oppervlakte komt en in zeewaartse richting afstroomt.

Door de lage ligging van onze kustprovincies ten opzichte van het zeeniveau ontstaat een landwaartse stroming van zoet grondwater, welke stromingen elkaar ontmoeten onder de kustprovincies en daar een kwel doen onstaan van brak grondwater. De neerslag vallend op dit brakke deel kan niet ten goede komen aan de drinkwatervoorziening en wordt daarom als polderwater afgevoerd.

In de kustprovincies zijn alleen de duinen geschikt om de nuttige neerslag te bergen en daar ontstond dan ook de eerste grondwatervoorziening. Door de stormachtige industrie-ontwikkeling in het stroomgebied van de Rijn en de daardoor ontstane lozingen van huishoudelijk en industrieel afvalwater is de Rijn gedegradeerd tot het open riool van West-Europa.

Het trieste van de zoetwatervoeding van Nederland is daarin gelegen, dat het kwalitatief slechte oppervlaktewater in kwantitatieve zin geen enkel probleem biedt, maar dat het kwalitatief hoog genoteerde grondwater slechts op beperkte schaal winbaar is.

Daarom is het ook niet verwonderlijk dat de waterleidingbedrijven zich met de sterk ontwikkelde industrialisatie van West-Europa meer en meer vertrouwd voelen bij het veilige grondwater. In toenemende mate koestert zij tegen het gebruik van sterk verontreinigd oppervlaktewater argwaan.

In het belang van de volksgezondheid acht zij het haar plicht (en is dat wettelijk ook verplicht) een onverdacht drinkwater te leveren van een zo constant mogelijke kwaliteit.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 juli 1976

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Grondwater

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 juli 1976

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken