Bekijk het origineel

Werknemers krijgen belang bij vaststelling belastbaar bedrag

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Werknemers krijgen belang bij vaststelling belastbaar bedrag

NOG EENS DE VAD-HEFFING

6 minuten leestijd

De zoethouder - Vermogens Aanwas Deling VAD - die de vakbeweging moet verleiden om in het sociaal-economische spoor van 't kabinet-Den Uyl te lopen, heeft al heel wat pennen in beweging gebracht. Ten onrechte gaat men er daarbij menigmaal vanuit dat de vakbeweging op deze nieuwe belasting grote prijs zou stellen. De eisen die zij in het verleden omtrent de invoering heeft gesteld, zouden daarop kunnen duiden. Het tegendeel is waar.

Tot tweemaal toe zegt de regering in de memorie van toelichting op het wetsontwerp dat nu bij de Raad van state om advies ligt, dat het kabinet met het in uitzicht stellen van de Vermogensaanwasdeling een beroep op de vakbeweging heeft gedaan om medewerking te verlenen aan een gematigd en zo uniform mogelijk loonbeleid. Deze zinsnede bevestigt het verleidelijke karakter dat de VAD voor de vakbeweging in ons land moet hebben. Zoals gezegd het wetsontwerp heeft al heel wat pennen in beweging gebracht. Uit onze lezerskring bereikten ons echter vele verzoeken om nog eens in enkele lijnen uiteen te zetten welke gevolgen de invoering van de VAD voor de bedrijfsvoering van velen zal hebben.

Percentage

Volgens het wetsontwerp zal over de fiscale winst van 1975 — de terugwerkende kracht van het wetsontwerp is een novum in onze belastinggeschiedenis — verminderd met een aantal correctieposten, tien procent moeten worden afgedragen aan 'n landelijk mede door de vakbeweging te beheren fonds. De middelen die dit fonds daarmede ter beschikking krijgt, zullen gebruikt worden om de pensioenaanspraken van de werknemers te verhogen. Om op voorhand de gedachte weg te nemen, dat het hier om ingrijpende verhogingen zal gaan, kan worden vastgesteld, dat zorgvuldige berekeningen hebben uitgemaakt, dat bijvoorbeeld de AOW uitkeringen met de opbrengsten uit de VAD hoogstens met tien procent zullen kunnen worden verhoogd.

Wat het percentage van de heffingen treft, dit zal tot 1979 kunnen stijgen tot maximaal achttien procent. In het geval dat in de komende jaren de arbeidsproduktiviteit sneller stijgt dan de reële arbeidskosten heeft de regering nog de achterdeur opengelaten om een maximumpercentage van 80 procent te kunnen heffen.

Uitgang

Uitgangspunt voor de heffing is de fiscale winst in een boekjaar. Is deze fiscale winst niet hoger dan 250.000 gulden, dan is geen VAD verschuldigd. De fiscale winst wordt in de visie van het wetsontwerp gezien als hetzelfde begrip als het belastbare bedrag bij de vennootschapsbelasting. Dit belastbare bedrag ontstaat na aftrek van eventuele compensabele verliezen. In die zin kunnen verliezen uit 1974 en 1975 een rol spelen. Winsten uit deelnemingen en uit buitenlandse bedrijven blijven buiten de VAD. In hoeverre consolidatie verplicht wordt gesteld is ons op dit moment nog niet duidelijk. Wanneer deze consolidatie niet verplicht wordt, is het denkbaar dat allerlei opsplitsingen gaan ontstaan om toch onder de befaamde grens van 250.000 gulden te blijven. Het aanvragen en verwerpen van de fiscale eenheid ex art. 15 van de vennootschapsbelasting wordt daarmede elk jaar onderwerp van ernstige discussie.

Een van de correctieposten op het belastbare bedrag is het rendement op het eigen vermogen. Dit wordt berekend door het te stellen op twee procent boven het effectief rendement op een pakket langlopende staatsleningen. Een andere correctie die tot aftrek leidt is de verschuldigde vennootschapsbelasting; ook deze kan worden afgetrokken.

Eigen vermogen

Over het gehanteerde begrip eigen vermogen laat het wetsontwerp ons niet in het onzekere. Artikel drie regelt in acht leden de berekening daarvan. In het kort geciteerd geldt als eigen vermogen:

• het fiscaal vermogen, behoudens het deel dat in deelnemingen steekt of in het buitenland werkzaam is;

• de fiscale reserves, zoals assurantiereserve eigen risico, vervangingsreserve enz;

• herwaarderingsreserve voor herwaarderingen van als bedrijfsmiddel gebezigde gebouwen, vervoermiddelen enz;

• vermogensaanwasbewijzen.

De VAD is echter voor de vennootschapsbelasting niet aftrekbaar. Opvallend "is dat de regeling in het geheel van de reserves, het begrip herwaarderingsreserve invoert. Daaruit zou men kunnen concluderen, dat de regering deze herwaardering principieel erkent, welke erkenning dan ook verder in het belastingstelsel dient te worden doorgevoerd. Slechts bedrijven met veel vaste investeringen zullen waarschijnlijk van deze herwaarderingsreserve kunnen genieten. In tegenstelling tot de fiscale verliescompensatie kunnen rendementstekorten op het eigen vermogen slechts een jaar achterwaarts en drie jaar voorwaarts worden gecompenseerd. Overigens zal de invoering van deze regel nog de nodige haken en ogen geven. De uitwerking kim immers voor verschillende vergelijkbare bedrijven met vergelijkbare winsten toch geheel verschillende fiscale uitkomsten geven door het hanteren van enerzijds het fiscale winstbegrip en anderzijds het economische vermogensbegrip.

VAD-afdracht

Tot slot nog enkele opmerkingen over de VAD-afdracht zelf. Alle ter beurze genoteerde ondernemingen kunnen worden verplicht VAD af te dragen in de vorm van aandelen,,Zonodig machtigt de wet de onderneming de statuten daarvoor te wijzigen, maar in plaats van aandelen of certificaten van aandelen moet de onderneming, indien 't „fonds" dat verlangt „vermogensaanwasbewijzen" afgeven. Vooral wanneer de beurskoers verre afwijkt van de intrinsieke waarde zal dit het geval zijn. Niet-genoteerde vennootschappen moeten deze vermogensaanwasbewijzen afgeven, tenzij zij met het fonds overeenkomen aandelen of certificaten van aandelen te verstrekken.

Duur

De vermogensaanwasbewijzen zijn a.h.w. preferente aandelen zonder stemrecht. Ze hebben steeds recht op een hoge rente, namelijk het voor de VAD geldende rendement van het eigen vermogen. Ze zijn echter een dure last. De uitkeringen ten gunste van het fonds in verband met de vermogensaanwasbewijzen zijn voor de vennootschapsbelasting niet aftrekbaar. Nu is het natuurlijk wel zo, dat slechts in het geval er genoeg is verdiend de rentelast een verplichting wordt, maar dan wel een preferente verplichting.

Een ongelijkheid gaat ontstaan wanneer het de onderneming slecht gaat en zich misschien wel voor een appel en een ei moet laten overnemen. Aandeelhouders ontvangen in dat geval slechts weinig, maar het fonds kan door middel van de Vermogensaanwasbewijzen het volle pond eisen.

Trouwens de gehele VAD-regeling draagt nog een onaangename bijsmaak in zich. Niet ondenkbaar is de toestand dat er een felle botsing ontstaat tussen bestuur en werknemers van een onderneming over de vaststelling van het belastbare bedrag. Immers de werknemers hebben belang bij het vroegtijdig onderkennen van winsten en het uitstellen van verliezen. Een juiste „timing" kan voor de hoogte van de uitkering veel uitmaken. Het legt de belastingdienst een uiterst zware last op. Immers de inspecteurs waren tot nu toe geneigd in dit opzicht een tegemoetkomende houding aan te nemen. Vanuit belastingoogpunt gezien maakt het niet zoveel uit of een bepaalde winst of verlies in het ene of het andere jaar wordt genomen.

Het uitknobbelen van de af te dragen VAD-heffing zal nog veel hoofdbrekens kosten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 juli 1976

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

Werknemers krijgen belang bij vaststelling belastbaar bedrag

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 23 juli 1976

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken