Bekijk het origineel

Uitdrijving van demonen brandend actuele kwestie

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Uitdrijving van demonen brandend actuele kwestie

IS EXORCISME WERKELIJK SCHRIFTUURLIJK?

8 minuten leestijd

De „duivelsuitdrijving volgens RK-ritueel" met dodelijke afloop waarover in onze krant van zaterdag werd bericht zal voor menigeen reden geweest zijn de ogen uit te wrijven. Is onze Westerse, nuchtere samenleving bezig terug te keren naar de leefgewoonten zoals die gevonden worden in die gebieden waar wij nu (nog) zendelingen heensturen? Geloven wij aan het succes van exorcisme?<br />

Dat blijkt uit dit interview met drs. W. C. van Dam.

Om stevig in de schoenen te staan in de confrontatie met de sterk groeiende belangstelling voor het occultisme zullen we onze mening klaar moeten hebben. Dat geldt vooral ook voor onze jonge mensen die — misschien — te maken krijgen met de wereld van morgen. Hoe denkt nu iemand als de genoemde drs. Van Dam, predikant van de Ned. Herv. Kerk te Vlaardingen, over het uitdrijven van demonen? Dat beschreef hij onder andere in zijn boek „Demonen eruit, in Jezus' Naam!", dat in 1973 bij Kok, Kampen uitkwam. Hij vertelde het ook ons in een vraaggesprek over die materie. In volgende artikelen hopen wij er verder nog op terug te komen.

Kunt u zich in uw opvatting dat ook christenen in deze tijd de opdracht tot het uitdrijven van demonen kregen op de Bijbel baseren?

Enerzijds zien wij dat in het Oude en Nieuwe Testament het occultisme afgewezen en voor Gods volk verboden wordt. Anderzijds gaf Jezus een niet onbelangrijk deel van Zijn tijd aan het uitdrijven van boze geesten. Hij gaf uitdrukkelijk opdracht daartoe aan Zijn discipelen.

Heeft de oud-christelijke kerk óók gevolg gegeven aan deze opdracht?

Duiveluitdrijving is een kwestie van Schriftgehoorzaamheid. Bij de oude kerkvaders kun je er allerlei dingen over lezen. Luther wist ervan en deed het ook. Maar de reformatorische kerken hebben haar taak daarin verwaarloosd. Via Blumhardt en Stanser uit Möttlingen — het werk van deze laatste is overigens onderdeel van de dissertatie waaraan ik bezig ben — komt de gedachte aan uitdrijving in West-Europa weer tot leven. Door zendelingen — Schuurman in Indonesië bijvoorbeeld — werd de uitdrijving van demonen evengoed serieus genomen. In de zestiger en zeventiger jaren werden het de mensen uit de charismatische beweging die duiveluitdrijving daadwerkelijk in de praktijk brachten.

U bent zelf ook nauw betrokken bij de charismatische beweging. Daarmee wilt terug naar de eerste christengemeente?

Terug, dat is een beweging naar hel verleden toe. Dat bedoelen wij niet. Het gaat om de ontdekking dat de Heilige Geest de gemeente net zo wil vervullen als in Handelingen. Dat houdt in: toerusting met kracht. De „herontdekking" van allerlei occulte verschijnselen kun je echter niet helemaal aan de charismatische beweging ophangen. Die had eerder plaats.

Waarin manifesteert zich het occulte, het demonische, de macht van de duivel dus?

Het occulte betekent letterlijk het bedekte, het verborgene. Dat hele terrein is voorwerp van de wetenschap der parapsychologie. Ik zou een vijfdeling willen maken in magie, spiritisme, waarzeggerij, magnetisme en spookverschijnselen.

Kunt u het onderscheid aangeven door een afbakening van de vijf terreinen?

Magie is het oproepen van krachten om daarbij bepaalde dingen te verwezenlijken. We onderscheiden de ,,witte", helpende magie en de „zwarte", nadelige magie. Bij het spiritisme roept men geesten op, waarvan dan de spiritisten geloven dat het geesten van gestorvenen zijn. Die mening deel ik trouwens niet. Bij waarzeggerij gaal het om helderziendheid, die men bewust aanwendt. Hulpmiddelen zijn bijvoorbeeld de kristallen bol, sterrenbeelden, het leggen van de kaart en het lezen van handlijnen. Een magnetiseur — dat weet u wel — die wil de pijn "eruit trekken". Magnetisme gaat overigens vaak gepaard met helderziendheid. En de meerderheid van de Nederlandse magnetiseurs is tevens spiritist.

Wat u als de macht van de boze, van de satan kwalificeert, kan ook net zo goed als gave van God gewaardeerd worden. Neem bijvoorbeeld de magnetiseur!

Neen. Ik wil luisteren naar de Schrift. Dan erken ik de gaven en krachten van het Koninkrijk Gods. Maar er zijn ook krachten der duisternis. Daaronder valt het gehele gebied van het occultisme. Dat wordt ronduit afgewezen. Ik zal u de voorbeelden noemen. Lees Leviticus 19, de verzen 26 en 31: "Gij zult op geen vogelgeschrei acht geven, noch guichelarij plegen", en "Gij zult u niet keren tot de waarzeggers en tot de duivelskunstenaars; zoekt het niet u met hen te verontreinigen; Ik ben de HEERE uw God". En lees Deuteronomium 18, de verzen 10 en 11: "Onder u zal niet gevonden worden die zijn zoon of zijn dochter door het vuur doet doorgaan, die met waarzeggerij omgaat, een guichelaar, of die op vogelgeschrei acht geeft, of tovenaar, of een bezweerder, die met bezwering omgaat, of die een waarzeggende geest vraagt, of een duivelskunstenaar of die de doden vraagt". Zo kan ik ook tal van teksten uit het Nieuwe Testament noemen, zoals Galaten 5 vers 20, Openbaringen 21 vers 8 en 22 vers 15. Alles wat genoemd wordt is boos. Het kan zich prachtig voordoen. Veel helderzienden menen te goeder trouw dat zij een gave van God bezitten. Dat zou betekenen dat ook niet-christenwaarzeggers deze gave van God hebben. Daar geloof ik niet in.

In die volstrekte afwijzing van het occultisme en de erkenning van het bestaan van de macht van het boze, het geloof aan demonen deelt niet ieder uw mening!

Inderdaad, er zijn nog altijd doorgewinterde rationalisten die elk occult verschijnsel als onmogelijk afwijzen. Onder de jongeren echter ondervinden de publicaties over deze materie geweldige belangstelling. De uitgevers kunnen niet genoeg boeken op de markt brengen om aan de vraag te voldoen. Ken grote groep mensen is er dus die het bestaan van occulte verschijnselen erkennen, zowel binnen- als buitenkerkelijk. Een deel daarvan wijst echter bijvoorbeeld het bestaan van de boze — zoals Berkhof— af.

Beperkt de drang tot uitdrijving van demonen zich tot de charismatische beweging?

Niet helemaal. Sommigen koppelen het los. Velen ontdekten het als ervaring na de toerusting met kracht van de Geest, anderen deden de ontdekking in het pastoraat.

Hoe gaat een uitdrijving in zijn werk?

Tien dagen geleden kwam een Duitse jongeman naar mij toegelift. Hij was christen maar voelde zich vaak geremd in zijn bidden en getuigen. Hij bleek voor zijn bekering onder invloed te hebben gestaan van occulte kringen. Ik bestrafte de demonen en beval hen uit te gaan. Zij verlieten hem. Soms blijkt dat uit een gevoel van opluchting, soms ook door schreeuwen, een hijgende adem, soms valt men neer. Ik houd me er vrijwel dagelijks — ook in het pastoraal werk binnen mijn gemeente — mee bezig.

Een ander geval. Iemand was 20 jaar geleden bij een occulte genezer geweest. Niemand had daar later naar gevraagd. Al diverse keren had hij in het ziekenhuis gelegen, zonder dat hij geholpen kon worden omdat men de kwaal niet kende. Hij kreeg zelfs zelfmoordneigingen. Nu is hij bevrijd.

Maar hoe kom je zo?

Er moet een invalspoort zijn. Een paar jaar geleden viel een jongedame telkens op straat zomaar flauw. Ze had dat reeds als meisje van vijf jaar. Het zijn zenuwen, zeiden de doktoren. Wat bleek, er zaten spiritisten in de familie. Dat was de invalspoort. Nu is het zo, we kunnen elk moment verleid worden of in verzoeking gebracht. Voor bezetting moet echter een invalspoort zijn. Je kunt zelf de deur open zetten, spelen met krachten van de boze, het inroepen van een boze geest — waarzeggerij bijvoorbeeld — over je leven.

De oproep om te waken voor spiritisme enz. op scholen ging mede van u uit. Hoe komen die jonge mensen daartoe?

Er zijn jonge mensen die ermee experimenteren, ertoe aangelokt door een combinatie van het griezelige en het spannende. Druggebruik leidt ook tot en gaat gepaard met belangstelling voor het occultisme. In San Francisco, een burcht en centrum van verdovende middelen, hield men in 1970 voor het eerst een tentoonstelling van occulte, in trance gemaakte kunst.

Maar wat zijn nu volgens u de motieven, de diepere achtergronden om tot die experimenten te komen?

In de hele cultuur wendt men zich af van het rationalisme en maken we mee dat men zich gaat toewenden naar de oerverschijnselen van de primitieve volken, onder andere uit Azië. Dus het rationalisme slaat om in een irrationalisme. In zulke perioden heeft het occultisme altijd bloeiperioden gekend. Na de achterkant van de maan te hebben verkend, acht men nu de tijd gekomen om het bewustzijn te verkennen. Let wel, het occultisme is er altijd geweest. De medicijnmannen bij de Papoea's bedrijven het in een verhevigde vorm. Het rationalisme en het christelijk geloof is daar immers niet geweest. Deze beide bepalen het leven van Europa ook niet meer. Langzamerhand zie ik Europa in het heidendom terugzakken. Hoewel ik het verleden ook weer niet wil idealiseren.

Wat zijn de gevolgen voor de persoon in kwestie waarin een boze of occulte macht zou wonen?

Hij kan een rem ondervinden in zijn geloofsleven, een blokkade op de weg naar Jezus Christus. Dan kunnen er lichamelijke kentekenen zijn, zoals hoofdpijn en psychische toestanden, angsten, depressies, zelfmoordneigingen enz. Maar niet alle ziekte-verschijnselen hoeven een gevolg te zijn van demonische gebondenheid.

Met welk gezag drijft u uit?

Die boze geest is sterker dan je zelf bent. De enige die er iets aan doen kan is Jezus. Voor hem sidderen de demonen. Jezus geeft volmacht aan zijn discipelen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 27 juli 1976

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

Uitdrijving van demonen brandend actuele kwestie

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 27 juli 1976

Reformatorisch Dagblad | 8 Pagina's

PDF Bekijken