Bekijk het origineel

Strafmaatreglen tegen zweefvlieger geëist

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Strafmaatreglen tegen zweefvlieger geëist

Wa landing mBömëf^oëp'''''' ^^^^\

3 minuten leestijd

DEN HAAG — Ir. H. N. Wolleswinkel, directeur luchtvaartinspectie van de Rijksluchtvaartdienst, heeft donderdagmiddag tijdens een zitting van de raad voor de luchtvaart intrekking gevorderd van de zweefvliegbevoegdheid voor drie maanden en van de zweefvlieginstructiebevoegdheid voor een jaar tegen de zweefvlieger R. C. P. W., die op 10 mei 1975 nabij Arcen (L) met een zweefvliegtuig In een bomengroep was beland.

De heer Wolleswinkel, optredend als vervanger van de directeur-generaal van de Rijksluchtvaartdienst, kwam tot zijn vordering nadat hij schorsing van het nadere onderzoek door de raad had gevraagd voor nader beraad over zijn eis.

Betrokkene had zich op die tiende mei 's middags met een Piper-motorvliegtuig van het vliegveld Malden laten opslepen voor het maken van een zgn. driehoeksvlucht. Nadat het sleepvliegtuig was vertrokken heeft betrokkene thermiek gezocht voor het voortzetten van de vlucht op eigen gelegenheid. In de omgeving van Arcen bleek hem, zo verklaarde hij ter zitting, dat er weinig of geen thermiek was. Wel was er enige lichte turbulentie.

Hij zocht een weiland uit voor het aan de grond zetten van het plastic zweefvliegtuig, vloog door de staart van een hevige bui met regen en hagel, vloog s-bochten om hoogte te verliezen en het veld goed in het oog te kunnen houden, had een snelheid van 100 tot 120 kilometer per uur, naderde een berkebomengroep, voelde het vliegtuig naar beneden gaan met grote kracht en .snelheid. Hij zakte boven de bomengroep nagenoeg rechtstandig in zware turbulentie in de bomen waarvan de toppen werden afgesneden. Het vliegtuig werd vernield, de vlieger licht gewond.

De vlieger zei geen verklaring te kunnen vinden voor het plotseling met grote kracht naar beneden gaan van het vliegtuig. Hij zei een mogelijke oorzaak te zien in het feit dat hij het toestel kort voor de vlucht met een siliconenwas had gereinigd en gepoetst. Die behandeling, waarvan hij later had gehoord dat ze funest is voor plastic oppervlakken zoals bij zweefvliegtuigen, heeft er z.i. toe kunnen bijdragen dat met name het vleugeloppervlak veel water heeft vastgehouden toen het vliegtuig door de staart van een bui vloog. Daardoor kan het grenslaagprofiel van de vleugel zijn verstoord.

De betrokkene — die niet meer op het zweefvliegcentrum Terlet mag komen — bracht voorts o.m. in het midden dat de toegang tot Terlet alleen is voorbehouden aan degenen ,,die in het potje passen". Die opmerking ontlokte de voorzitter van de raad, mr. C. Stol, de vraag of de betrokkene dan niet was verhoord over een geval dat zich na die tiende mei heeft voorgedaan. Betrokkene zei dat hij „in het kader van Terlet nog nooit gehoord" was. Toen de voorzitter opmerkte dat een opperwachtmeester en een wachtmeester van de rijkspolitie betrokkene hebben verhoord, zei betrokkene dat hij de vraag van de voorzitter ,,verkeerd geïnterpreteerd" had.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 19 maart 1977

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

Strafmaatreglen tegen zweefvlieger geëist

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 19 maart 1977

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken