Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Carter optimistisch over 5,bufferplan

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Carter optimistisch over 5,bufferplan"

Midden-Oosten heeft gematigde leiders

3 minuten leestijd

LONDEN — President Jimmy Carter van de Verenigde Staten heeft maandagavond in Londen gezegd dat alle leiders uit het Midden-Oosten met wie hij heeft gesproken, het algemene denkbeeld aanvaarden van bufferzones tussen Israël en zijn Arabische buren.

Carter zei dit tegen verslaggevers bij zijn terugkeer in de Britse hoofdstad uit Geneve, waar hij heeft gesproken met president Hafez Assad van Syrie. Hij sprak reeds eerder in Washington met de aftredende premier van Israel Rabin, president Sadat van Egypte en koning Hoessein van Jordanië.

President Carter heeft maandag in Geneve met zijn Syrische ambtgenoot Hafez al-Assad van gedachten gewisseld over de situatie in het MiddenOosten.

Volledige discussie

In tegenstelling tot de andere leiders in het Midden-Oosten had het Syjische staatshoofd geweigerd naar Washington te komen voor overleg. President Carter had zich daarop bereid verklaard de Syrische leider in het Zwitserse conferentie-oord Geneve te ontmoeten. Carter kwam uit Londen over, waarheen hij in de avond terugkeerde. Assad was zondagavond in Geneve gearriveerd.

Carters voornaamste adviseur op het gebied van de nationale veiligheid, Zbigniew Brzezinski, sprak van een „zeer volledige en zeer constructieve discussie". Hierbij was de mogelijkheid onderzocht om door middel van gedemilitariseerde zones een uiteindelijk vredesakkoord tussen Israel en de Arabische staten te beschermen.

Voorts werd gesproken over het verloop van de grenzen in het MiddenOosten, de kwestie van een Palestijnse vertegenwoordigirtg op de vredesconferentie in Geneve en de vestiging van een Palestijns nationaal tehuis. Brzezinski gaf te kennen dat er voor het ogenblik niet gestreefd was naar akkoorden en dat deze ook niet waren bereikt. Volgens hem ging het om een algemene verkenning van denkbeelden die kunnen bijdragen tot de bepaling van het Amerikaanse beleid ten aanzien van het Midden-Oosten. Voordat hij zijn besprekingen met Assad begon, had Carter laten weten dat de Verenigde Staten als bemiddelaar willen optreden.

Programma

Na eerst in Washington te hebben gesproken met de Israëlische premier Rabin, de Egyptische president Sadat en de Jordaanse koning Hoessein had Carter Assad als vierde gesprekspartner op zijn lijst staan. Later deze maand zal hij nog van gedachten wisselen met kroonprins Fahd van Saoedi-Arabie en met de waarnemend premier van Israel, Sjimon Peres, als deze de verkiezingen in zijn land op 17 mei wint.

Carter zei dat hij vervolgens zijn minister van buitenlandse zaken, Cyrus Vance, naar het Midden-Oosten zal sturen om het vredesoverleg te bevorderen. Hij gaf als zijn mening, dat 1977 een jaar zal zijn voor „aanzienlijke vooruitgang" in de richting van een vredesregeling, nu „wij gezegend zijn met sterke en gematigde leiders in het Midden-Oosten". In dit verband noemde hij de Syrische president „een groot leider".

Assad verklaarde dat vrede afhankelijk is van „leiders met beginselen inzake rechtvaardigheid en vastberadenheid". Een lid van zijn delegatie deelde mee, dat er „enig teken van goede Amerikaanse bedoelingen" waren. Met name probeerden de VS het Syrische standpunt beter te begrijpen en spraken zij nu een „nieuwe taal".

Van Syrische zijde liet men evenwel tegelijkertijd doorschemeren, dat men nog niet een precies beeld heeft van de Amerikaanse denkbeelden over een oplossing.

De beraadslagingen in Geneve duurden aanzienlijk langer dan oorspronkelijk de bedoeling was. Daardoor aanvaardde de Amerikaanse president de terugreis naar Londen anderhalf uur later dan was voorzien.

Brzezinski trok de juistheid van een bericht in twijfel, dat de Palestijnse Bevrijdingsorganisatie (PLO) zou hebben ingestemd met een erkenning van Israels recht op bestaan, mits Israel bereid is het recht ven de Palestijnen op een nationaal tehuis te erkennen. Volgens Brzezinski is er geen aanwijzing, dat de PLO haar beleid tegen aanvaarding van Israel als onafhankelijke staat zou hebben verzacht.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 10 mei 1977

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

Carter optimistisch over 5,bufferplan

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 10 mei 1977

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

PDF Bekijken