Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Bisschop J. C. Ryle: doordrongen van werkelijkheidszin

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Bisschop J. C. Ryle: doordrongen van werkelijkheidszin

15 minuten leestijd

"Denk niet dat alles gedaan als we geregelde diensten houden en de mensen bewegen bij te wonen. Denk niet dat alles gedaan is als er volle kerken en volle Avondmaalstafels zijn. Wij wensen een duidelijk rijk des Geestes te zien onder het volk, een duidelijk gevoel van de zonde, een levend geloof in Christus, een besliste verruwing des harten, een duidelijke scheiding van de wereld een heilige wandel met God. In één woord: wij begeren te zien dat zielen gezaligd worden en wij zijn dwazen en bedriegers, blinde leidslieden der blinden als we met iets minder tevreden zijn.'

Deze woorden zijn afkomstig van John Charles Ryle, de bekende bisschop van Liverpool in de vorige eeuw. Dit citaat doet ons in een ogenblik aanvoelen wie Ryle is: een man doordrongen van werkelijkheidszin, een man met een oqg voor de toekomende wereld, een man vol liefde t.o.v. een onsterfelijke ziel.

Het feit is er, dat velen die de naam van J. C. Ryle niet onbekend is, weinig of niets van zijn persoon afweten. Een detaillistische beschrijving van zijn levensloop vinden we in het boekje ..J. C. Ryle — A Self Portrait". Dit is een gedeeltelijke autobiografie, gecompleteerd met een biografisch naschrift van Michael Smout. Ryle heeft deze levensbeschrijving op 57-jarige leeftijd geschreven. Dat hij zijn levensverhaal niet heeft afgemaakt, vindt waarschijnlijk zijn oorzaak in zijn verwachting niet lang meer te leven — hoewiel hij 84 jaar is geworden — én in het doel waartoe hij het schreef. Het was nl. niet bedoeld om gepubliceerd te worden maar om als onderwijs te dienen voor zijn kinderen. Deze kinderen betoonden echter (behalve één dochter) niet in het spoor van hun vader te willen wandelen. Zij keerden zich af van het pad der waarheid. Mogelijk heeft dit hem de moed doen ontzinken om verder te gaan.

Onschadelijk
Johnl Charles werd in 1816 geboren in Macclesfield in het graafschap Cheshire (N.-Engeland). Zijn vader was een eigenaar van een bank en had veel land en huizen. Hij werd in grote luxe opgebracht. „Dit waren gelukkige en vrijwel onschadelijke dagen — zegt hij — hoewel verstoken van enige ware godsdienst". Men ging 's zondags wel ter kerk, maar dat was niet meer dan een dode vorm. De rest van de zondag werd doorgebracht als alle wekelijkse dagen. Zijn moeder leerde hem weleens enkele vragen uit de Catechismus en zijn vader liet hem weleens enkele platen uit de oude Bijbel zien, maar daarin bestond dan ook hun hele godsdienst. Ryle ziet dit niet als een excuus voor zijn ,,irreligious condition", maar „als enige verklaring ervan".

Pas toen hij 21 jaar was — hij studeerde toen aan de Universiteit van Oxford — werd hij werkelijk bekommerd over zijn zieleheil. Voor die tijd. zegt hij, was ik ,,volkomen zorgeloos, gedachteloos, onwetend en onverschillig omtrent mijn ziel en de toekomende wereld". ,,I think I had no true religion at all". Hij was geen dronkaard, geen losbol, geen totaal ongelovige, en toch voelde hij dat als hij zou sterven hij voor eeuwig verloren zou gaan. „Ik was totaal ongeschikt om te sterven". Door middel van een ernstige ziekte in de zomer van 1837 kwam het tot een crisispunt in zijn leven. Over de grote strijd en inwendige worsteling die daarop volgden zegt hij zeer weinig. Ryle is uiterst summier in het verhaal van zijn bekering. Het bracht hem er eindelijk toe, zegt hij, te wandelen op het pad des levens, waarvan hij tot op heden nog niet was afgeweken.

Volgens een noot van Peter Toon — de bewerker - heeft Ryle later wat méér losgelaten over de worsteling van zijn wedergeboorte. Belangrijk voor de oplossing van zijn zieleraadselen is waarschijnlijk een dienst geweest in de kerk van Oxford in het begin van 1838, waar Efeze 2 gelezen werd en de tekst „Uit genade zijt gij zalig geworden, door het geloof', grote indruk op hem achterliet.

Basisgedachten
Wel zegt hij in zijn autobiografie zeer duidelijk welke zaken toen op zijn leven een groot stempel gezet hebben. Deze zaken — die eigenlijk de basisgedachte vormen van heel zijn wijze van prediken — waren volgens zijn eigen woorden: „De bovenmate zondigheid der zonde en mijn eigen persoonlijke zondigheid, hulpeloosheid en geestelijke nood; de volkomen geschiktheid van de Heere Jezus Christus door Zijn offerande, plaatsbekleding en tussentreding om de Zaligmaker van een zondaarsziel te zijn; de absolute noodzakelijkheid voor ieder die zalig wil worden ora wedergeboren en bekeerd te worden door de Heilige Geest; de onmisbare noodzaak van heiligheid des levens, zijnde het enige getuigenis van een waar Christen; de absolute behoefte om uit de wereld uit te gaan en zich af te scheiden van haar ijdele gewoonten, vermaak en maatstaven van het goede, zowel als van haar zonden; het oppergezag van de Bijbel als de enige regel van wat waarachtig is in het geloof of wat goed is in de praktijk en de noodzaak van regelmatige studie en lezing ervan; de absolute noodzakelijkheid van dagelijks verborgen gebed en gemeenschap met God indien iemand voornemens is het leven van een ware Christen te leven; de enorme waardij van wat genoemd wordt Protestantse beginselen te zijn in vergelijking met het Rooms-katholicisme; de onuitsprekelijke voortreffelijkheid en schoonheid van de leer van de tweede komst van onze Heere en Zaligmaker Jezus Christus; de onuitsprekelijke dwaaphêid van te veronderstellen dat de doop de wedergeboorte is of dat formeel ter kerkgaan Christelijkheid is of dat van het Sacrament gebruik te maken een middel is om de zonden uit te wissen, of dat geestelijken meer weten van de Bijbel dan andere mensen of middelaars zijn tussen God en mensen krachtens hun ambt".

Levend geworden
„Ik zeg, dat al deze beginselen vat schenen te krijgen op mijn geest omstreeks de tijd nadat ik 21 was geworden. Ik ben er volkomen zeker van dat ik er voordien helemaal niets van wist en ik ben er zó zeker van als van mijn eigen bestaan dat zij oprezen in mijn geest op een duidelijke hoewel mysterieuze wijze, zonder de bemiddeling van enig afzonderlijk persoon". En zijn ootmoedig besluit is; „Vóór die tijd was ik dood in de zonden en op de grote weg naar de hel, en vanaf die tijd ben ik levend geworden en heb ik een hoop op de hemel gekregen. En niets kan dit naar mijn mening verklaren dan de vrije soevereine genade van God".

Het zou een opsomming van feiten geven zijn verdere levensloop uitvoerig na te gaan. Slechts de belangrijkste dingen willen we er uit halen. In 1841 kwam het tot een groot debacle in Ryle's leven, toen de bank van zijn vader failliet ging. Dit was niet verwonderlijk. Er waren toen veel kleine privébanken in Engeland, die afliingen van het fortuin van enkele rijke klanten. Ryle, die toen 25 jaar was, dacht dat alle planten van zijn leven uitgetrokken werden.,,Indien ik in die tijd niet een Christen geweest was, weet ik niet of ik geen zelfmoord gepleegd had", zegt hij. Het was voor hem of alle perspectief voor de toekomst stukgeslagen werd. Toch werkte deze tegenslag mee voor zijn bestwil. Hij moest zijn ,,county" verlaten, kreeg andere connecties en stelde zich beschikbaar om geestelijke in de Anglicaanse Kerk te worden. Indien zijn vader eigenaar van de bank gebleven was, was hij wellicht Parlementslid geworden.

Hulpprediker
In december van 1841 werd hij geordend als „Curate" (hulpprediker) in het district Exbury, een streek met veel arme mensen en met een erg ongezond klimaat. Er was geen periode dat er niet een of andere epidemie rondwaarde. Ziekenbezoek was dan ook één van zijn voornaamste bezigheden.

In 1843 werd hij .,Rector" (predikant) van St. Thomas in de stad WinChester. Opmerkelijk is zijn constatering dat hij nu niet meer zo zou durven preken als hij toen deed. Hoewel zijn preken in Winchester ernstig en vurig waren, ze waren te eenvoudig, te weinig diepgaand, zo merkt hij op.

Het volgende jaar nam hij het „rectoraat" van het plaatsje Helmingham op zich. Daar hij slechts over weinig mensen opzicht had, bleef hem veel tijd over om een intensieve studie te maken van de geschriften van de Engelse Hervormers, Puriteinen en later Evangelische leiders. Hij maakte in Helmingham ook een begin met zijn ,.Uitleggende gedachten van de vier Evangeliën" (die nu in zeven delen verkrijgbaar zijn). Ook heeft Ryle daar veel traktaatjes geschreven om in groten getale verspreid te worden.

In 1861 vertrok hij naar Stradbroke om daar als „Vicar" (plv. predikant) de kerk te dienen. Ryle heeft veel goed werk verricht onder de arme mensen, die in die tijd van economische recessie in Stradbroke woonden. Hij kreeg ook meer bekendheid door bet land en werd overal uitgenodigd te komen preken. De pas uitgevonden trein bewees hem daarbij goede diensten.

Bisschop
In 1880 — toen hii 65 jaar geworden was — dacht Ryle dat zijn werk bijna ten einde zou zijn. Onverwachts kreeg hij echter een aanbod om de nieuwe bisschopszetel in Liverpool te bezetten. In deze grote stad van 700.000 inwoners heeft hij nog 20 jaar gearbeid. Liverpool was eigenlijk een onderdeel van het bisdom Chester. De eerst kleine plaats was echter zó explosief gegroeid, dat de roep om een zelfstandige bisschopszetel steeds luider werd. Met de komst van Ryle werd dit vervuld. De enorme groei van Liverpool was te danken aan de slavenhandel en de katoenimpori in deze zeehaven en aan de immigratie van vele Ieren vanwege de mislukte aardappeloogst. De onverschilligheid was er zeer groot. Slechts één van de tien mensen bezocht de kerk. Geen wonder dat de geestelijkheid — die bezorgd was over de geestelijke nood van hel volk — blij was met de komst van Ryle, hoewel deze ook veel kritiek te verduren kreeg, vooral van de zijde van de zgn. „Neo- Evangelicals". Tijdens zijn periode in Liverpool werd hij door de Universiteit van Oxford tot „Doctor of Divinity" benoemd.

Dat Ryle — ondanks zijn hoge ouderdom — een goede bisschop voor Liverpool geweest is, bewijst wel het feit, dat het aantal geestelijken in het bisdom toenam met 146 en het aantal kerkgangers met ongeveer 12.000. Na de dood van zijn (inmiddels derde) vrouw ging zijn gezondheid sterk achteruit. Zijn jongste dochter Isabelle verzorgde hem tot hij op 9 juni van het jaar 1900 stierf. Op zijn grafsteen is behalve 2 Tim. 4 : 7 de tekst ingebeiteld die zo'n grote betekenis in zijn leven gekregen heeft: „For by grace are ye saved through faith, and that not of yourselves: it is the gift of God" (Eph. 2:8).

Getrouw

Wat Ryle als prediker betreft, mogen we zeggen dat hij voldeed aan de eis die Gods Woord aan „de uitdelers" stelt, nl. „dat elk getrouw bevonden worde". Toen in de jaren zeventig van, de vorige eeuw zijn kerk te Stradbroke grondig vernieuwd werd, moest op de preekstoel een opschrift gebeiteld worden, nl. „Wee mij indien ik het Evangelie niet predik". Toen dat voltooid was, nam Ryle de beitel uit de hand van de werkman en onderstreepte het woordje „niet". Dit voorval typeert de persoon van bisschop Ryle op een treffende wijze: „Who is unto me if I preach not the Gospel". In een volgend artikel hopen we op zijn prediking — die ook nu nog onze volle aandacht waard is — wat nader in te gaan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 13 juli 1977

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

Bisschop J. C. Ryle: doordrongen van werkelijkheidszin

Bekijk de hele uitgave van woensdag 13 juli 1977

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken