Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Krachtig pleidooi voor betrouwbaarheid Evangeliën

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Krachtig pleidooi voor betrouwbaarheid Evangeliën

Fred. F. Bruce nu eindelijk in vertaling

6 minuten leestijd

APELDOORN — Zijn de geschriften van het Nieuwe Testament betrouwbaar? Bevatten ze woorden Gods in menselijke overlevering, maar toch zodanig door de Heilige Geest geïnspireerd, dat men in de volle zin van het woord het Nieuwe Testament Gods Woord kan noemen? Of hebben we te doen met een verzameling boeken en brieven, waarin waarheid en verdichtsel onontwarbaar verweven zijn?

Dat zijn grote vragen en het zal niemand ontgaan, dat het christelijk geloof ermee staat of valt. Welnu, die vragen komen aan de orde in het zojuist verschenen boekje „De betrouwbaarheid van de geschriften van het Nieuwe Testament" van de in Evangelicale kringen bekende Britse hoogleraar F. F. Bruce. Dat wordt in de handel gebracht door de Internationale Bijbelbond en TelosNederland. Het boekje kost ƒ 9,50 en telt 112 bladzijden.

Vaak herdrukt
 Anders dan de Bijbelbond betoogt is 'dit niet het eerste werk van Frederick Fyvie Bruce, dat in het Nederlands vertaald is. In 1967 verscheen reeds bij Het Spectrum zijn ,,Geschiedenis van het Oude Israël" (Aulapocket nr. 315). Bruce, die o.m. te Edinburgh, Leeds' en Sheffield doceerde, werd in 1959 benoemd tot hoogleraar in de bijbelse kritiek en exegese op de Rylands-leerstoel aan de universiteit van Manchester.

Zijn werken, vaak uitgegeven door de Inter Varsity Fellowship (IVF, de evangelische studentenbeweging in Groot-Brittannië), trokken nogal de aandacht. Zo schreef hij o.a. „The Apostolic Defense of het Gospel" en „The New Testament Documents — Are they reliable?", waarvan dan nu de Nederlandse vertaling voor ons ligt. De eerste druk ervan verscheen in Engeland in 1943. Tot 1960 alleen al verschenen er vijf aangevulde en herziene uitgaven van benevens een aantal herdrukken.

Historisch bewijs

Bruce zelf geeft aan, hoe hij zijn boek wil verstaan hebben. Hij schreef het als classicus en historicus, al hangt dat wel degelijk samen met zijn werk als bijbelgeleerde. Gods Zelf-openbaring in Christus is, zo erkent hij, niet historisch bewijsbaar. Anderzijds zegt het christelijk geloof, te berusten op een historische openbaring, zodat men ook vanuit het standpunt der historische kritiek de geschriften mag „toetsen".

Dat doende betoogt Bruce, dat de Nieuwtestamentische geschriften er gunstig afkomen vergeleken bij wat de classici voor „echt" en „betrouwbaar" houden aan allerlei andere oude Griekse auteurs. De teneur van dit — niet voor theologen geschreven — boekje is, dat de historische en taalkundige benadering van het NT zo al niet de inspiratie van deze geschriften door de H. Geest bewijzen — wat eerder een theologisch, dan een filologisch bewijs vraagt — dan toch haar in elk geval niet tegenspreken.

„Christus-mythe"

Bruce erkent echter, dat telkens toch ook de theologie weer een woordje meespreekt. Zijn boek is één bijbelgetrouw, schriftgebonden pleidooi voor de betrouwbaarheid — en het belang daarvan! — van de Evangeliën en Brieven in dit „Evangelie van onze verlossing met zijn eeuwige en universele geldigheid". Uitvoerig bespreekt hij zo de canon, de Evangeliën, het getuigenis van Paulus en Lucas, de archeologische bewijzen en die der vroege joodse en niet-joodse geschriften.

„Het zijn niet", zo besluit Bruce zijn belangwekkende boek (dat we in handen wensen van allen, die met het Nieuwe Testament te maken hebben door studie of beroep), „de historici die de theorieën van de ,,Christen-mythe" propageren. Kortom, de historiciteit behoeft geen twijfel, dus wie Christus afwijst, zal andere argumenten moeten aandragen.

Zo'n boekje van Bruce is het waard, een vooraanstaande plaats te krijgen, ook in de studeerkamer van a.s. theologen. Het is wel een heel ander geluid dan de veelal gebruikelijke werken van bijv. prof. A. F. J. Klijn, en terecht verschenen er van Bruce ook Duitse en Spaanse vertalingen.

Groot nieuws

Het voorgaande boek is ons persoonlijk wat beter bevallen dan het volgende. Dat is „Groot Nieuws voor U — toegelicht". Dit is een ietwat gecorrigeerde uitgave van de in 1972 verschenen vertaling van het Nieuwe Testament in de omgangstaal. Dat achten wij een verwerpelijke en meteen erg oppervlakkige vertaling, die eerder een parafrase is. Nu zijn er nog de toelichtende „verklaringen" bijgekomen, die het geheel bepaald met acceptabeler maken.

Deze uitgave van het Ned. Bijbelgenootschap en de Katholieke Bijbelstichting gezamenlijk is een vrije bewerking van de Duitse versie „Gute Nachricht erklart". De historisch-kritische methode heeft zijn werk grondig gedaan en „Groot Nieuws voor u" is er mede een produkt van blijkens de inleidingen tot bijv. de Evangeliën en de Openbaring.

De beschouwingen over auteurschap en datering zijn aan zoveel, ook wetenschappelijke, twijfel onderhevig dat het tamelijk dwaas is, telkens één bepaalde mening aan een zo groot mogelijk publiek op te dringen als de juiste. „Groot Nieuws voor u — toegelicht" telt 738 blz., bevat woordenlijst, register en kaartjes en kost als paperback, die niet op veelvuldig gebruik is berekend ƒ 18,50.

Kinder-bijbelboek

Een andere uitgave van het NBG, samen met Kok te Kampen, is „Samuël en Saul", een bijbeluitgave in eenvoudig Nederlands voor kinderen om zelf te lezen. Het is I Samuël 1 tot 15 met heel aardige tekeningen van Mirjam Kloeg en voorzien van een beknopte woordelijst. De uitgave mikt op de leeftijdsgroepen zo vanaf acht tot tien, twaalf jaar; de hogere klassen van de lagere school.

Het is, zulks i.t.t. de meeste kinderbijbels, géén samenvatting of na-vertelling, maar de complete bijbeltekst (met de Nieuwe en nieuwste vertalingen als achtergrond) in voor kinderen begrijpelijke taal en prettige typografie. Het bezwaar van kinderbijbels is, dat ze navertellen, maar hier wordt „doorvertaald" in de beperkte woordenschat van het kind, dat net een poosje kan lezen.

Dat is op zich een goede gedachte. Het is echter wel de vraag, of het kind zelf de lectuur ter hand neemt. Een bezwaar van de vertaling is het gebruik van de Godsnaam, die steeds als „Heer" wordt weergegeven, en ook de spelling van sommige eigennamen. „Chofni en Pinechas" is taalkundig wel correcter, maar de vertrouwde spelling is wat gemakkelijker.

Opzet

De opzet van deze kinder-vertaling is niet nieuw. Ze wordt bijv. ook toegepast in de binnenkort te verschijnen Kinderbijbel van Evert Kuijt (deel Oude Testament). Maar er is wel een groot geestelijk verschil tussen de achtergronden van waaruit Kuijt werkt en deze NBGuitgave, waarvan de vertalers/bewerkers niet met name worden genoemd.

„Samuël en Saul" van het NBG en Kok telt 92 blz. en kost gebonden en leuk geïllustreerd plm. ƒ 6,50.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 23 juli 1977

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

Krachtig pleidooi voor betrouwbaarheid Evangeliën

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 23 juli 1977

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken