Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Dachau: nog steeds concentratiekamp

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Dachau: nog steeds concentratiekamp

9 minuten leestijd

Nooit heb ik de beklemmende regel van Wolfgang^ Borchert kunnen vergeten uit z^n ,4)raussen vor der Tür": „Die Toten antworten nicht - die Lebenden, die ftragent" („De doden geven geen antwoord, maar de levenden, die stellen vragen!").

Ik vrees met grote vrees, (in verhevigde mate sedert ik één middag daar, in Dachau, was) dat het omgekeerde gezegd zal moeten worden: ,J>e levenden, die antwoorden niet. Maar de doden: die stellen vragen...*'

Dachau... dat was toch dat concentratiekamp? Dat beruchte concentratiekamp uit de Tweede Wereldoorlog? Ja... en nee. „Nee" om twee redenen. Ten eerste bestond het niet alleen tijdens die oorlogsperiode van 1039-1946, maar al vanaf 1833 (in vredestijd, wat ik eigenlijk nooit geweten heb; sloeg de „vrije" wereld destijds dan zo onhoorbaar weinig alarm?).

En ten tweede: sedert de bevrijding door de Amerikanen in 1946 is dit kamp voortdurend concentratiekamp gpebleven! Voortdurend! Onafgebrokenl Echter" niet vol met mensen. Maar wel met hun roepstemmen! Die zijn daar namelijk gebleven: in gedenkstenen gebeiteld, gegrift. Daar. Niet daarbuiten. Niet in onze wereld. Ze zijn er nooit uitgekomen. En wij komen er nooit meer in. De muren zijn overeind blijven staan. Destijds tussen de gevangenen en de vrije wereld. Nu tussen hun roepstemmen en on^.

Het concentratiekamp bestaat n:„ steeds. Sterker: wij Idten het bestaan! Natuurlijk zijn er verschillen. Tijdens de periode '33-'45 werden hier in totaal 206.206 rampzaligen binnengedreven. Onder de poort door, waarboven de spreuk „Arbeit macht frei". De spreuk staat er nog steeds. Van die ruim 200.000 stierven er volgens de officiële gegevens 31.961. Overigens moeten het er, om tal van redenen, aanzienlijk meer zijn geweest. Maar... dat is voorbij.

^ Groepen

Op bizarre wijze waren zij destijds verdeeld in 6 groeperingen. Zeer bizar: politieke misdadig^ers, beroepsmisdadigers, emigranten, B ybelonderzoeker s, homo-sexuelen en ~ a-soclalen.

Hoe verzint een mens het bij elkaar. Maar het werd verzonnen. En door miljoenen in (en buiten) Duitsland als normaal geaccepteerd! OewènstI Maar nogmaals... dat is voorbij.

Haast 3000 geestelijken waren hier opgesloten. Ruim duizend vonden hier de dood. Opvallend: 26 keer zo veel roomskatholieken als protestanten. Verreweg de meesten afkomstig uit Polen. Naast al die cijfers (keurig ingelijst en aan de wanden van het kamp-museum bevestigd) hangt het portret van de Nederlander Titus Brandsma. Priester. In boevenkledij.

Verder veel foto's. Ontstellende foto's. Levensgroot. Soms meters hoog en breed. Van executiest gehangenen, gescalpeerden, gehoonden, geslagenen...

Een wand-grote foto van een moeder, die met drie (of vier, dat kon ik niet goed zien) dochtertjes op weg is naar de gaskamer. H«m laatste gang. Gemeenschappelijk.

Ze gaan daar, op versleten schoeisel, langs prildceldraad. Het meisje links op de foto draagt een soort tasje, een wit buideltje. Het zit vol... maar met wat? Wat neem je naar de gaskamer mee?

Ze lopen met gebogen hoofd, moeder en meisjes. Nooit eerder zag ik een zo intens treurig gezelschap bijeen... Maar... opnieuw: het is voorbij.

Ook nu nog

Het concentratiekamp zelf is echter niet voorbij. Het staat er nog. En ook functioneert het nog, Zij bet dan ook op andere wijze. Nu houdt het (en dat is dus reeds sinds 1946, de bevrijding) ds roepstemmen van die mensen tussen zijn muren. Dezelfde muren. Met dezelfde torentjes. Al zitten daar nu geen bewakers meer achter hun mitrailleur. En al is de appèlplaats, de destijds zo ge\rccüue appèlplaats nu leeg.

Het kamp is stil. Doodstil, kun Je zeggen. Stil... leeg... en schoon. Maar vol roepstemmen. Onhoorbaar. Maar overal leesbaar.

Want waar Je ook loopt: in het museum of in de twee nog bestaande barakken („Blöcke") — de andere 20 zijn afgebroken en alleen hun fundamenten liggen er nog, zonder een sprietje onkruid, ruim met grint gevuld, perfect aangeharkt, „Hitte sauber halten" — waar Je ook loopt: door het crematorium of door de gaskamer... overal lees Je die stemmen. Die niet beantwoord worden (althans niet bij mijn weten). Die in feite, nooit, buiten de kampmuren komen. Geconcentreerde roepstemmen; gevangen kreten. Die toch récht op antwoord hebben.

Antwoord... niet eens zozeer ter wille van hèn... maar terwille van onszelf... om der wille van ons eigen verder-leven... ons voortbestaan!

Enkele stemmen schrijf ik hier over. De eerste:

Die sich des Vergrangrenen nicht erlnnem, sind dazu verurteilt, es noch elnmal zu erleben. (Huiveringwekkend: wie zich het verleden niet In herinnering brengt is veroordeeld het allemaal nog eens mee te maken).

Dat staat bij de uitgang van het museum. En dat bedoelt dus ook zin aan dit museum te geven: om het verleden aan te wijzen niet alleen, maar tevens daardoor de toekomst leefbaar, haalbaar te maken. Een roepstem van kaliber dust

En wiU?

Maar geven wij aan die geladen roepstem gehoor? Geven wij er in scholen, gezinnen, kazernes, volksvertegenwoordigingen, kerken... Antwoord op?

Tweede roepstem (op de achterkant van een muur naast de appèlplaats):

Moge das Vorblld Derer, die hier von 1933-1945 wegen Ihrer Kampfes gegen der NatlonalsoziaUsmus ihr Leben liessen, die Lebenden verelnen zur Verteldigung des Frledens un der Freiheit und in Ehrfürcht vor der Würde des Menschen.

Doen wij dat? Geven wij dat antwoord?' Is dat^ eigenlijk al ooit gebeurd, na 1946? „Onderlinge eensgezindheid ten iatè vöü' vrede en Vrijheid"? Is dat het antwoord van onze generatie op de roepstemmen van de duizenden doden van toen? Of staat die vraag nog open? Nog steeds open?

Derde roepstem, bij de ingang van het crematorium:

Denket daran wie wir hier starben.

Niet alleen dus „bedenkt dat wij hier stierven" (in groten, ontstellend groten getale stierven), maar: „bedenkt hoe wij hier stiervenl"

Willen wij dat? Dat gruwelijke? Of is het, wat ons betreft, allemaal voorbij? Liever: vergeten. Geen antwoord. En zetten wij die roep, die roepstem, bij de andere roepstemmen, achter die muren, die muren van dat concentratiekamp, dezelfde muren waarachter die roepstemmen ook ontstonden, geboren werden?

Doodstil

In het crematorium: vier ovens. De voorkanten staan open. Je kunt zien, dat een mens er langiiit gemakkelijk in kan. Een lange pook steekt wat verroest uit oven nummer 3.

Doodstil. Dezelfde pook. Dezelfde ovens...

Een regel van Bertus Aafjes komt bij me boven (als hij ovens ziet waarin l)rood gebakken wordt:)

„...dat in de vuurhaard wordt geschoven binnen een duisternis van rood..."

Een duisternis van rood. Het rood is weg. Het is hier schemerachtig. Maar komt het terug? Gebeurt het straks — hoe dan ook, waarom dan ook, waar dan ook, door wie dan ook — wéér? Opnieuw?

„r Histoire se repète" („de geschiedenis herhaalt zich") — Ja? Waardoor dan? Door ons hiet-gedenken? Ons nietantwoord geven?

Boven die ovens een balk. En daarop een bordje: ' \

Hier wurden Haftllnge verhangrt

(hier werden mensen opgehangen)

Toen... niet eens erg lang geleden. Was dat (toen) voor het laatst?

Duur betaald

Boepstemmen — overal vandaan in dit macabere kamp. Dit schinor opgeruimde, lege, stille, voor bezoekers van 9 urn's ochtends tot 6 uur 's middags dagelijks gratis opengestelde kamp. „Bitte sauber halten". Jawohlt Gratis toegang. Destijds was het duurder. Betaalden duizenden, tienduizenden de toegang tot dit onheilsoord met de prijs van hun leven. En nog eens tienduizenden met de prijs van een concentratiekampsyndroom. Die betalen nog steeds.

„Sauber halten". Zeker... maar hebben wij ook iets &nders te zeggen? Een antwoord, bijvoorbeeld, op de roepstemmen van de doden? Hebben wij nog iets anders te doen dan aanharken en sauber halten? Zijn wij nog iets van plan?

Den Toten zur Ehre den Lebenden zur Vermahnung

(Ter ere van die stierven en ter lering van die leven).

Weer zo'n stem. Gegrift op het beeld van een uitgeputte, uitgemergelde man. Klein parkje er omheen. Omzoomd met iHsse en roze begonia's (sehr nett, sehr sauber). Niet bedoeld om te fotograferen. Of te filmen. Maar „ter lering"!

Leerden wij? Hoorden, beluisterden wij die lessen? Werden ze ons ook ooit óver-hoord? Of wachten wij, zonder huiswerk te hebben gemaakt, op de fatale dag van de repetitie? En hebben wij tot . op die dag de lessen bijgezet, teruggezet achter de muren van dat concentratiekamp?

Laatste roepstem die ik overneem (er zijn er veel méért): Plus Jamala. Never again, Nie wieder (en 't zelfde nog eens in het Russisch: nooit weer!)

Zeer dringende roepstem. „Nooit"... iemand zei eens: dat is een woord zonder achterdeur. Wat is ons antwoord? Wat ons daadwerkelijk antwoord? Politiek... kerkelijk... educatief... persoonlijk... nationaal... internationaal... mondiaal?

Het internationale monument van Dachau, dat in september 1968 gereed ia gekomen.'

Ik voelde mij zo radeloos bij al die stemmen. Toch... ik merkte, toen ik daar was, tot drie keer toe een pegging tot antwoord.

De eerste keer: een Duitse gezinnetje (veel Duitsers bezoeken Dachau, viel me op). Het kind, een jaar of zes, meegetrokken aan moeders hand, zette het bij de onverwachte aanblik van een wandgrote foto {aan de handen opgehangen gevangenen, bengelend aan een boomtak) op , een huilen. Antwoord van de moeder: pets op de wang... „schêime dichl'" ...schaam je!

Welkom

Ook Dachau's gemeentebestuur (Dachau is een vrij grote plaats: 34.000 inwoners... het kamp ligt in Dachau-Oost... op de borden langs de autowegen staat het kamp niet vermeld) — ook het gemeentebestuur heeft zich aan een antwoord gewaagd. Pal voor het parkeerterrein naast het kamp hebben ze een bord gezet:

WiUkommen in 1200 Jahrigen Dachau! Besuchen Sie Dachau, den 1200 Jahrigen Künstlerort mit Schloss, Schlossgarten und einmaligen Femblickl

(Welkom in Dachaut Bezoekt u vooral in deze 1200 jaar oude stad, van ouds befaamd door haar kunstenaars, het kasteel met de prachtige tuin en het unieke uitzicht!)

Ja, doe dat vooral. (Sterker: doe alleen dètt ...want over een bezoek aan het kamp, dat dieptepunt in de wereldgeschiedenis, wordt met geen woord gerept). Afleidingsmanoeuvre dus... Denk er toch aan: we bestaan hier niet sedert 1933, sedert dat kamp, maar echt al sinds 777 ...12 eeuwen lang! Dus alstublieft: laat die 12 eeuwen toch niet aan die 22 jaren kamptijd ten onder gaan! Vergeet al dat vroegere, dat andere, dat goede toch niet! En (dus:) vergeet wat méér dat k&mp... en die daar stierven... en die roepstemmen (die nog niet stierven)...

Buigen

Het derde antwoord las ik in de bimkerkapel. Op een muur, daar aangebr("~'-' door de Mariënschwesterschaft van Darmstadt/Eberstadt. Eerst Genesis 4:10 (uit het verheval over Kaïn en Abel:)

„...en Ry zelde: Wat hebt g^ gedaan? Er is een stem van het bloed uws broeders, dat tot My roept van de aardbodem..." Daaronder:

„Wees my genadig, o God, naar Dw goedertierenheid; delg' myn overtredingen uit, naar de g^rootheid Uwer barmhartigheden. Want ik ken myn overtredingen, en myn zonde is steeds voor my" (Psalm 51:3 en 5). En tenslotte (als een persoonlijke toepassing:)

„Wir beugen uns, dass durch die schwere Schuld unseres Volkes in diesem Ort Juden und Gliedern vleier Nationen so grosses Leid zugeffigrt wurde" („Wy buigen ons, omdat door de schuld van ons volk zowel Joden als mensen uit allerlei andere naties hier zo verschrikkeiyk geleden hebben").

Wir beugen uns„. Ik denk, dat dit het enige antwoord is... Buigen... Onder open hemel. Onder Gods gezag.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 augustus 1977

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

Dachau: nog steeds concentratiekamp

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 augustus 1977

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken