Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

,,Het gaat de emigrant er niet meer om er beter van te worden''

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

,,Het gaat de emigrant er niet meer om er beter van te worden''

Directeur Froma van de Christelijke emigratiecentrale:

7 minuten leestijd

ARNHEM — Er is een tijd geweest — zo dlrekt na de Tweede Wereldoorlog, dat verhalen van en over emigranten over succes „het gemaakt hebben" in den vreemde dagelijks in de kranten opgedist werden. De welvaart die vele landverhuizers in Canada, Australië, Nieuw-Zeeland en in mindere mate Zuid-Afirika wisten te bereiken, stond toen in schrille tegenstelling met de situatie hier in Nederland dat de wonden, door de Duitsers geslagen, nog moest likken. Die tijd is echter voorbij. Ook ons land heeft inmiddels een welvaartsniveau bereikt, dat zijn inwoners niet bepaald noopt het om die reden elders te zoeken. Toch is met de opkomst van de welvaart de drang onder ons volk om te emigreren niet gedoofd. Sterker zelfs, ze neemt de laatste jaren eerder toe.

Wie?
Waren het na de Tweede Wereldoorlog (tot omstreeks de Jaren zestig) vooral de boeren, die vanwege de schaarste aan grond en de hoge vaak hun geluk over de grenzen gingen zoeken, de laatste tien jaar is daarin een merkwaardige verandering in gekomen. Niet, dat nu geen boeren meer zouden emigreren of willen emigreren; maar andere groepen uit onze beroepsbevolking hebben 2e verdrongen. Het is een volkje geworden van diverse pluimage, van verpleegster tot miljonair en van middenstander tot arts. Aan directeur Froma van de Christelijke emigratiecentrale de vraag: waarom die verschuiving?

Froma: „De reden daarvan moeten we toeken in de oorzaak van de emigratie. Vooral in de Jaren '60 was dat het betere vooruitzioht — materieel gezien dan — in de emigratielanden. Het was hier geen vetpot en met name voor de Jongere boeren lagen er toen grote kansen in Canada en Australia, Maar pak weg de laatste tien Jaren wil men om andere redenen vertrekken, althans die mensen die zich tot onze centrale wenden (zo'n kwart van het totaal). Wij merken meer en meer bij de adspirant-emigranten  een gevoel van onbehagen op politiek-maatschappelijk-cultureel terrein, waardoor zij willen emigreren. Dus niet het „er beter van worden" is meer hoofdzaak. Wij krijgen de laatste tijd steeds meer gezinnen, waarvan de ouders zich afvragen: hoe zal het gaan in dit land? Men ziet dat het moreel achteruit gaat en dat over alles heengelopen wordt. Zo krijgen wij artsen op bezoek, die zeggen: waar blijven wij met onze hoge opdracht die in ons werk ligt? Neem de abortus-kwestie..." Ik constateer dan ook dat de geestelijke onvrijheid, het klimaat, het geleefd worden, de politieke ontwikkelingen, het socialistisch streven alles in handen te geven van de overheid, het ontnemen van het persoonlijk initiatief, d&t maakt, dat vele mensen in ons land zich onbehaagelijk voelen.

Daar anders?

Maar is het in de emigratielanden dan zoveel anders gesteld?

Froma: „Ja! Eén van de belangrijkste en prettigste ervaringen van bijna alle emigranten is, dat ze persoonlijk initiatief kunnen ontplooien en gestimuleerd worden en niet tegengehouden worden.' Overigens is dat ook één van de redenen waarom het overgrote deel van de emigraties geslaagd kan worden genoemd. In die zin dat zij zich daar geestelijk en maatschappelijk thuis voelen".

Het percentage dat terugkeert, is dus gering?

Froma: „Ik weet dat uiteraard alleen van de mensen die via de Christelijke emigratie-centrale weggegaan zijn. En zonder onze organisatie op de borst te kloppen kan ik toch wel stellen dat mede dank zij onze voorlichting en het eerlijk behandelen van de mensen slechts zo'n twee of drie van de honderd emigranten mislukt en weer terugkeert naar Nederland. Maar vergeet niet dat van diegenen, die terugkeren, toch altijd weer een gedeelte is dat opnieuw vertrekt. Een aantal Jaren geleden is er bijvoorbeeld eën grote groep Nederlanders lüt Australië teruggekeerd. Maar een groot gedeelte kon het toch hier niet meer vinden en was weer snel vertrokken.

Zo sprak ik onlangs nog iemand die al jaren geleden naar Australië geëmigreerd is. Toen z'n zoons daar „onder dak" waren, keerde hij weer terug naar Nederland om daar het oude leven weer eens op te zoeken. Hij kon hier werk krijgen en kon zich financieel ook goed redden. Maar toch gaat deze man weer terug. Gewoon omdat hij het Nederland, zoals hij het destijds had achtergelaten, niet meer terugvond. En omdat hij zö in de Australische samenleving was opgenomen — wat hij toen eerst goed merkte — dat hij dat toch miste.

Op de vraag terugkomend, het percentage dat definitief terugkeert is werkelijk zeer gering. Dit wil overigens niet zeggen, dat men al te gemakkelijk over emigreren moet denken. Onze centrale houdt regelmatig contact met de mensen die via onze voorlichting en bemiddeling „de grote sprong" gemaakt hebben. En dan horen we toch bijna altijd dat de eerste paar Jaar moeilijk zijn, hoor. Het blijft een enorme stap".

Hoe ligt het met de mogelijkheden om te emigreren?

Froma: „Die mogelijkheden zijn de laatste jaren wel aanzienlijk afgenomen. Ook emigratielanden als Canada, Australië en in het bijzonder Zuid-Afrika kennen hun werkloosheid. De toelatingseisen zijn daarom behoorlijk strenger geworden. Als ik de cijfers over 1876 bekijk, dan moet ik zelfs zeggen dat slechts 10% van die mensen, die zich vorig Jaar bij ons gemeld hebben, uiteindelijk kon vertrekken. In het algemeen komen alleen agrariërs en mensen in gespecialiseerde beroepen voor een visum in aanmerking. Dat was dan ook de reden dat in 1976 maar 3600 van de 36.000 Nederlanders, die wilden emigreren, groen licht kregen. Ja, dat is in ons werk een grote belemmering. Vooral omdat wij weten dat de Nederlander de meest gewaardeerde emigrant is die Je maar kunt vinden. Waarom? Omdat hij betrouwbaar is, hard wil werken en een stuk innerlijke kracht heeft om door te gaan. En dat maakt van de Nederlander de meest begeerde emigrant ter wereld. Het mag dan chauvinistisch klinken, maar ik zou dit met — overigens geheime— lijsten kunnen aantonen. Wij hebben daar overigens wel begrip voor, dat landen met een hoge werkloosheid niet onbeperkt emigranten kunnen opnemen. Maar wanneer die toelatingsnormen niet zo hoog lagen, dan schat ik dat 80% van alle Nederlanders, wanneer ze de vraag voorgelegd kregen: wanneer de mogelijkheid er was, zou u dan emigreren. Ja zou zeggen".

Is dat niet wat te optimistisch? Zouden velen niet terugschrikken voor het ontbreken van de sociale voorzienigen elders?

„Ja, inderdaad, men wordt er niet verzorgd van de wieg tot het graf. Er zijn wel sociale regelingen, maar die zijn aanvullend. Maar ik heb toch de stellige indruk dat men daar niet voor terugschrikt. Men wil dat stukje eigen verantwoordelijkheid graag aanvaarden, vooral onder de Jongeren merk ik dat. Maar nogmaals, men wordt in de emigratielanden niet in de watten gelegd. In dat verband is het ook opmerkelijk dat van de werklozen maar een enkeling naar ons toekomt, met emigratieplannen".

Zelf

Tot slot meneer Froma, u komt in dit gesprek over als een warm voorstander van emigratie. Maar velen zullen zich afvragen, waarom u zelf dan nog in Nederland vertoeft?

Froma: „Ik kan u gerust verklappen, dat wanneer mijn vrouw destijds niet medisch afgekeurd zou zijn, ik zelf nu boer geweest zou zijn in Calcutta.."

Slagzin: onrustbarende ontwikkelingen op maatsehappelijk-cultureel gebied zijn de belangrijkste factoren bij de overweging om te emigreren.

DE CEC

De Christelijke emigratie centrale is een vereniging waarin naast individuele leden, onder andere deelnemen de Christelijke boeren- en tuindersbond, het Nederlands Christelijk werkgeversverbond en het Christelijk nationaal vakverbond. De CEC stelt zich ten doel „de bevordering van een verantwoorde emigratie en de behartiging van de belangen van emigranten en vluchtelingen". En zo vervolgen de statuten ,indien emigratie plaatsvindt naar landen, waar de godsdienst en/of het levenspatroon duidelijk afwijkt van die in Nederland, wordt gestreefd naar vestiging in groepsverband". De CEO heeft haar hoofdkantoor in Den Haag terwijl bovendien in vijf provincies stafmedewerkers ,in het veld" opereren. Zij lichten de mensen voor wat betreft hun mogelijkheden van emigratie, niet alleen op maatschappelijk terrein (beroep, school e.d.) maar ook op geestelijk gebied (godsdienst, kerken). Van de half miljoen Nederlanders die na de Tweede wereldoorlog ons land verlieten, schakelde zo'n SO tot 86% de christelijke emigratiecentrale daarbij in. Het andere deel vertrok via bemiddeling van de Algemene emigratiecentrale en de Katholieke emigratiecentrale. Tenslotte: december dit jaar bestaat de CEC 50 jaar.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 augustus 1977

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

,,Het gaat de emigrant er niet meer om er beter van te worden''

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 26 augustus 1977

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken