Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Gereformeerde Kerk van Scheveningen 100 jaar

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Gereformeerde Kerk van Scheveningen 100 jaar

6 minuten leestijd

Op 10 september zal het een eeuw geleden zijn dat de Gereformeerde Kerk van Scheveningen als Chrlstlijke Gereformeerde gemeente werd gesticht. Haar oorspronkelijke naam behield zij tot 1892, toen de Christelijke Gereformeerde,Kerk en de uit de Doleantie voortgekomen Nederdultsch Gereformeerde Kerken zich verenigden tot de Gereformeerde Kerken In Nederland.

De. Christelijke Gereformeerde gemeente van Schevenlngen werd daarna aangeduid als Gereformeerde Kerk A en de in 1887 ontstane dolerende kerk als Gereformeerde Kerk B. In 1917 kreeg de plaatselijke ineensmelting van beide kerken haar beslag, waarmee de toevoegingen A en B vervielen.

Het honderdjarig bestaan van deze kerk is een gerede aanleiding om te bezien, wat de Afscheidings- en de Doleantiebeweging voor Schevenlngen betekenden.

Aanvankelijk vond de Afscheiding van 1834 in het vissersdorp weinig weerklank. Slechts een handjevol Schevenlngers keerde de Hervormde Kerk de rug toe en sloot zich aan bij de Christelijke Afgescheiden Gemeente te 's-Gravenhage. Op den duur nam het aantal Afgescheidenen weliswaar toe, maar voorlopig kwam het niet tot stichting van een eigen gemeente. De grote meerderheid van de Scheveningse protestanten bleef de vaderlandse kerk trouw. Daarbij moeten we bedenken dat de Hervormde gemeente ter plaatse werd gediend door predikanten van beslist gereformeerde belijdenis.

Meningsverschillen in de Haagse Afgescheiden gemeente leidden in 1847 tot het ontstaan van een Gereformeerde Gemeente onder 't Kruis. Opmerkelijk is dat deze groep voor het merendeel uit Scheveningers bestond. Ds. Comelis van den Oever ging als consulent van de Haagse kruisgemeente geregeld in de kerkdiensten voor. Hij wist te bewerkstelligen dat in 1865 zijn zoon Adrianus predikant van deze gemeente werd. De manier waarop de beroeping tot stand kwam was echter allerminst vlekkeloos. Twee kerkeraadsleden, die tegen de gang van zaken protesteerden, werden gecensureerd, maar in 1858 door de Algemene Vergadering van de Kruisgemeenten in het gelijk gesteld. Er ontstond toen een ernstig conflict, waardoor ds. C. van den Oever en zijn volgelingen apart kwamen te staan.

Tengevolge van deze verwikkelingen viel de Haagse kruisgemeente in twee delen uiteen. De ene groep koos partij voor vader en zoon Van den Oever. Het andere deel bleef binnen het verband van de Gereformeerde Gemeenten onder t Kruis. Laatstgenoemde gemeente werd in de jaren 1864-1866 gediend door ds. R. A. Veldman, die voor eigen rekening een kerKje aan de Wagenstraat liet bouwen. Na Veldmans vertrek volgde zijn leerling Willem Gerrit Smitt hem als predikant op.

In 1869 verenigden Afgescheidenen en Kruisgezinden zich tot de Christelijke Gereformeerde Kerk. Sindsdien was er in Den Haag een Christelijke Gereformeerde gemeente met twee afdelingen: de vroegere Christelijke Afgescheiden Gereformeerde Gemeente (afd. Nobelstraat) en de voormalige Gereformeerde Gemeente onder 't Kruis (afd. Wagenstraat). Vooral deze laatste gemeente telde ook inwoners van Schevenlngen onder haar leden. Hun aantal nam sterk toe doordat kerkelijk daklozen, die tot dusver in Schevenlngen gezelschap hadden gehouden, zich bij de gemeente aansloten. Zo was in 1877 de tijd rijp voor het stichten van zelfstandige gemeente.

Zelfstandig

De aanleiding tot het ontstaan van een Christelijke Gereformeerde gemeente in het vissersdorp was overigens nogal merkwaardig. Eind 1876 zou een spreker uit Amerika in Schevenlngen optreden, maar tot veler teleurstelling zag hij hiervan af „vanwege de oordelen Gods welke over deze plaats zouden komen". Deze „profetie" stemde tot nadenken en het gevolg was dat de plannen voor een eigen gemeente vastere vorm gingen aannemen. De kerkeraden van de beide afdelingen der Christelijke Gereformeerde gemeente te 's'Gravenhage betuigden hun instemming, waarna de Scheveningse gemeente op 10 september 1877 werd geïnstitueerd. Bij deze gelegenheid bediende de consulent, ds W. O. Smitt, het Woord naar aanleiding van Genesis 28 vers 19a: „En hij noemde den naam dier plaats Beth-El".

Gedurende de eerste jaren hield de gemeente haar godsdienstoefeningen In een gedeelte van de christelijke school aan de Heemraadstraat. De Haagse boekhandelaar en oefenaar Jan van Golverdinge — een der pioniers van de Afscheiding in de Residentie — werd bereid gevonden, om de 14 dagen In de kerkdiensten voor te gaan. Hij deed dit tot de intrede van ds J. Schotel, die op 18 april 1880 als eerste predikant werd bevestigd. Door de overkomst van velen uit de Hervormde Kerk breidde de gemeente zich sterk uit. Daarom werd in 1880 besloten tot  de bouw van een kerk met 900 zitplaatsen; deze Bethelkerk verrees vlak bij het gebouw waarin de gemeente aanvankelijk samenkwam.

Als opvolger van ds Schotel, die In 1883 een beroep naar Haarlem aanvaardde, kwam in 1884 ds K. Kleinendorst. Zeven jaar was deze graag gehoorde prediker in Schevenlngen werkzaam; hij overleed er in Januari 1892. Zijn plaats werd in juni van hetzelfde jaar ingenomen door ds L. van der Valk. Zoals reeds vermeld stond de Christelijke Gereformeerde gemeente sedert 1892 bekend als Gereformeerde Kerk A. Ds. Van der Valk diende haar tot november 1904, toen hij naar Oosterbeek vertrok. Onder zijn leiding kwam de Scheveningse A-Kerk tot grote bloei.

De vacature, ontstaan door het vertrek van ds Van der Valk, werd in 1906 vervuld door ds W. H. Oosten. Een belangrijke gebeurtenis tijdens diens ambtsperiode was de samensmelting vaa de Gereformeerde Kerk A en de uit de Doleantie voortgekomen B-Kerk op 11 september 1917.

Dolerenden

Als gevolg van de beweging die zich onder leiding van dr. A. Kuyper losmaakte van de synodale organisatie der Hervormde Kerk, kwam het ook in Schevenlngen tot stichting van een „Nederdultsch Gereformeerde Kerk (dolerende)". Het had er aanvankelijk de schijn van, dat de kerkeraad der Hervormde gemeente nogal wat sympathie voor de Doleantiebeweging koesterde. In 1887 werd namelijk ds H. H. Veder beroepen, welke predikant in Januari van dat Jaar het door de Dolerenden georganiseerde Oereformeerd Kerkelijk Congres had bijgewoond. Ds Veder berichtte dat hij het beroep gaarne wUde aannemen, maar dan als predikant van een dolerende kerk. Aan deze voorwaarde wenste de kerkeraad echter niet te voldoen. Ds Veder moest dan ook worden geacht voor de beroeping te hebben bedankt.

Een aantal Scheveningse Hervormden onder leiding van Job Taal schaarde zich aan de zijde van de Dolerenden. Deze groep belegde in 1887 bijeenkomsten, waarin dolerende predikanten als sprekers optraden, In november zonden Taal en 11 andere personen aan de kerkeraad der Hervormde gemeente eenadres met het dringende verzoek, het synodale juk af te werpen. De kerkenraad besliste evenwel afwijzend. Daarop besloten de Scheveningse dolerenden zelf 'de reformatie der kerk ter hand te nemen'. Ze hielden huiselijke godsdienstoefenignen, die meestal door Job Taal werdengeleid. In juni 1888 werden de ambten ingesteld, waarmee de stichting van de 'Nederduitsch Gereformeerde kerk (dolerende)' een feit werd. 

Pniëlkerk

Het aantal dolerenden nam daarna, snel toe. De godsdienstoefeningen werden weldra gehouden in een pand aan de Nieuwe Laantjes, dat de dolerende kerk voor 6000 had gekocht. In 1890 verrees op dezelfde plaats een kerkgebouw, dat de naam Pniëlkerk kreeg; dit kerkgebouw is thans het bedehuis van de Gereformeerde Gemeente.

In de eerste Jaren van haar bestaan had de Scheveningse Doleantiekerk geen eigen predikant; de ouderling Job Taal ging regelmatig in de diensten voor. Nadat negentien maal tevergeefs een beroep was uitgebracht, kwam in 1893 ds E. Eisma naar Schevenlngen over. Hij diende de Gereformeerde Kerk B tot zijn dood, in juli 1917.

Het valt buiten ons bestek, nader op de geschiedenis van de Gereformeerde Kerk van Schevenlngen in te gaan. Belangstellenden verwijzen we naar het gedenkboek dat de kerkeraad ter gelegenheid van het honderdjarig bestaan heeft laten vervaardigen.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 september 1977

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

Gereformeerde Kerk van Scheveningen 100 jaar

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 september 1977

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

PDF Bekijken