Bekijk het origineel

Niet genoeg eenparigheid voor een Geref. geloofsgetuigenis

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Niet genoeg eenparigheid voor een Geref. geloofsgetuigenis

Bezwaarschrift tegen Kuitert afgewezen

6 minuten leestijd

LUNTEREN — Het Geloofsgetuigenis, van Berkouwer en Ridderbos, heeft het gebracht tot „handreiking tot het belijden", tot „een samenvatting van de hoofdzaken van ons kerkelijk belijden." Daarmee is de kous af. Géén (vierde) belijdenisgeschrift; géén nieuwe opdracht of herschrijving, maar een vriendelijk dankwoord aan de opstellers. Daartoe heeft dinsdag de Gereformeerde synode — nog steeds in ,,de Blije Werelt" te Lunteren bijeen — besloten.

" De reacties uit de kerken op de s,proeve van een eenparig geloofsgetuigenis" — 136 in getal — waren zeer uiteenlopend. Dit deed de deputanten die door de synode van Haarlem (73-75) benoemd waren om die reacties nader te bekijken, uitspreken dat het mogelijk is door herschrijving tot werkelijke ,,eenparigheid" te komen.

Prof. dr. J. T. Bakker, een van die deputaten wees op het „gejuich" waarmee de proeve indertijd is binnengehaald. We zijn dan wel niet bezig hem te begraven, maar we hadden er ons meer van voorgesteld, zo was ongeveer zijn gedachtengang. En dr. H. B. Weijland, de actuaris van de synode zei over de wijze waarop het Geloofsgetuigenis nu is bijgezet: ik zie het als een faillissement dat wij als kerk die wil belijden in onze tijd over onszelf uitspreken".

De opdracht tot het opstellen van een ontwerp ,,tot een eenparig geloofsgetuigenis in een duidelijke taal en in verband met de vragen van deze tijd, als een mogelijke weg tot een nieuw belijden in gemeenschap des geloofs met het belijden der vaderen" werd door de synode van Dordrecht (71-72) gegeven. Toen lag er een complex van vragen op tafel rond de ,,binding aan de belijdenis".

Wat was er, zo herinnerde dr. Weijland zich ter synode, in Dordrecht aan de hand? Men kon niet meer uit de voeten met de bestaande belijdenisgeschriften. De opvattingen erover, de interpretatie ervan, dreigde uiteen te groeien. Daarom moest er' een helder, kernachtig stuk in de taal -van onze tijd komen. Tegen ambtsdragers die problemen hadden met de oude belijdenisgeschriften zou dan o.a. gezegd kunnen worden: kijk, dit onderteken je.

Nu echter, aldus Weijland, dreigen we de boot van Dordt te missen. We kunnen in de Geref. Kerken niet meer eenparig onder woorden brengen wat we willen belijden.

Catechese

Al mag dan de proeve tot een eenparig geloofsgetuigenis niet de status van een belijdenisgeschrift gekregen hebben, het proces rond het geloofsgetuigenis is in elk geval waardevol geweest, aldus prof. Bakker. De synode besloot als vervolg op dat proces rond de proeve te komen tot een catecheseproject voor heel de gemeente. Dat is een andere route,,via welke je de vragen rond de belijdenis toch verder kunt brengen.

Prof. dr. H. N. Ridderbos, een van de opstellers van het geloofsgetuigenis, noemde juist het confessioneel bewustzijn van de gemeente heel belangrijk. Je kunt het momenteel meemaken dat men op huisbezoek, wanneer je de woorden rechtvaardigmaking en heiligmaking gebruikt, je toevoegt: gebruik toch niet zulke professorale taal.

Bezwaarschriften

De Gereformeerde synode zal het prof. dr. H. M. Kuitert niet lastig meer maken. Reeds tijdens de synode Maastricht zijn een aantal uitspraken gedaan die duidelijk maakten dat men niet alles kritiekloos wilde slikken wat Kuitert voorschotelde. Praktische (tucht)maatregelen nam toen de synode niet. Wel sprak de synode uit dat Kuitert zich aan het ondertekeningsformulier voor predikanten, dat onder andere binding aan de belijdenisgeschriften behelst, dient te houden.

Dat sprak de synode uit in verband met bezwaren tegen Kuiterts boek „Zonder geloof vaart niemand wel". In dat boek komt het christelijke geloof in zijn unieke karakter niet uit de verf, tegenover andere godsdiensten, zo werd o.a. gesteld.

Reeds in de toen gevoerde discussie kondigde Kuitert een nieuw boek aan: ,,maakt u de borst maar vast nat". Inmiddels heeft dat boek, „Wat heet geloven", nieuwe bezwaarschriften uitgelokt, van drs. H. T. van Bochove, ds. M. P. van Dijk, dr. B. van Oeveren e.a.

Niets nieuws

De synode heeft nu gezegd dat er in Kuiterts nieuwe boeli feitelijk geen nieuwe elementen zijn aangedragen, die uitgaan boven het al aan de synode van Maastricht bekende standpunt van Kuitert. Daarom heeft de synode, via een suggestie van ds. D. H. Bergers in die richting, verwezen naar wat de synode Maastricht heeft uitgesproken naar aanleiding van „Zonder geloof vaart niemand wel". Toen al overwoog de .synode ,,dat gewichtige vragen blijven bestaan over de door dr. H. M. Kuitert voorgestane opvattingen ten aanzien van de relatie Openbaring — Heilige Schrift en de aard van het Schriftgezag". De synode sprak toen ook uit dat er terecht bezwaren gemaakt werden tegen bepaalde uitspraken van Kuitert.

Hoewel de synode dus naar dit alles verwees —inclusief zoals gezegd naar het feit dat men verwacht dat Kuitert zich aan zijn ondertekeningsformulier houdt — gaat hij nu ook weer met „Wat heet geloven" rustig zijn gang. Hij heeft zich van de vorige uitspraak, aldus ds. Borgers, niets aangetrokken.

Maar dat geeft ook niet, vond de gewezen RK-geestelijke ds. M. V. J. de Craene. Ik ben tamelijk rustig onder wat die professoren schrijven. Ik gun ze de vrijheid. Zij maken mijn geloof niet uit. Schillebeeckx en Küng gaan toch gewoon door? Iemand als Kuitert moet niet gekortwiekt worden, aldus nog steeds De Craene.

Verzoening

Niet alleen tegen opvattingen van prof. Kuitert lagen er bezwaarschriften. Ds. H. J. Hegger uit Velp had de synode gevraagd „uit te spreken dat een predikant die uitspraken doet over de verzoening en over de inspiratie van de Bijbelschrijvers zoals drs. B. Boelens Czn. in zijn boek „Tussen mens en onmens", niet langer als predikant, in de Geref. Kerken gehandhaafd kan worden".

In verband met de kwestie Wiersinga die voor een groot deel de leer van' verzoening door voldoening betrof, heeft de synode van Maastricht al uitgesproken dat zij erbij blijft ,,dat de door mensenhanden Gekruisigde in het lijden en de dood die Hij onderging, in onze plaats het goddelijk gericht over de menselijke schuld heeft gedragen".

Maar drs. Boelens beweerde in zijn boek dat de genoegdoeningsgedachte zoals die beleden wordt in de Heidelbergse Catechismus een „duidelijkmiddeleeuws feodalistische verbastering van het evangelie, de westerse theologie (en belijdenis) binnengesmokkeld door Anselmus", inhoudt.

Desondanks vond de synode dat drs. Boelens de genoegdoeningsgedachte als zodanig in de leer der verzoening niet verwerpt.

Schriftgezag

Voor wat betreft ds. Heggers kritiek op Boelens opvattingen over het Schriftgezag verwees de synode naar de opdracht die er al jarenlang ligt bij deputaten Kerk en theologie om een uitspraak te doen over de aard van het Schriftgezag. Zonder dat hierbij nu een oordeel over Boelens boek geveld werd gaf de synode wel toe, dat bij de beoordeling van ds. Heggers zeker vragen zijn gerezen over Boelens manier van schrijven. 

Daarom besloot de synode die zelfde deputaten Kerk en theologie attent te maken op ds. Heggers vragen, naar aanleiding van Boelens boekje. In die zin zijn de bezwaren van ds. Hegger dus gehonoreerd.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 22 november 1978

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

Niet genoeg eenparigheid voor een Geref. geloofsgetuigenis

Bekijk de hele uitgave van woensdag 22 november 1978

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

PDF Bekijken