Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Hard feitenrelaas van gevluchte verzetsman

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Hard feitenrelaas van gevluchte verzetsman

Engelandvaarder stuitte op „verzet'' in Londen

4 minuten leestijd

AMSTERDAM — Aan talrijke oorlogs- en verzetsboeken werd er weer een toegevoegd en vierendertig jaar na beeindiging van de Tweede wereldoorlog mag de vraag worden gesteld, of het nu nog zin heeft oorlogsbelevenissen op schrift te stellen. De een zal de schouders ophalen over die vraag, maar de ander zal een positief antwoord geven, omdat zijns/haars inziens het nodig is, dat de mensheid de waanzin van een oorlog kent, terwijl een derde zal antwoorden, dat dergelijke boeken nu geen zin meer hebben.

Toch blijft de belangstelling voor de wereldoorlog van 1040-1946 groeien. Prins Bemhard schrijft in het voorwoord van het Jongste boek over gebeurtenissen na 10 mei 1940, dat dit mede komt, naar men vertelde, „omdat de jeugd van vandaag zeer geïnteresseerd is in de beweegredenen die de Jeugd van toen tot hun daden aanzette".

Het persoonlijk oorlogsrelaas van Gerard Dogger, getiteld „De vierkante maan" is een boek vol daden, die men verschillend kan' beoordelen al naar gelang de houding van de lezer in oorlogstijd was tegenover de bezetters, of men zich al of niet geroepen wist tot verzet tegen degenen, die gewelddadig onze vrijheid wilden vernietigen.

Dat Nazi-Duitsland daar op uit was, werd na de bezetting spoedig duidelijk en het liep uit op terreur, die haar slachtoffers bij duizenden vergde. Daarom was voor velen verzet geboden vanuit hun geloofsovertuiging, waarbij geen bravour paste en zeker geen hoera-geroep.

Als in genoemd boek dan ook de liquidatie van een verrader wordt verhaald moeten wij van moord spreken, al is er dan begrip op te brengen voor de reden, waar een verrader in die tijd de dood van andere Nederlanders op zijn geweten kon of zou kunnen hebben. Dogger, de feitelijke leider van de grootste verzetsorganisatie in 1941, werd dan ook gezocht door de Duitsers en op zijn hoofd werd een bedrag van ƒ 6000 gesteld, maar hij wist uit de handen van de Duitsers te blijven. Dogger, afkomstig uit een gereformeerd gezin, geeft in zijn boek blijk met zijn geestelijke achtergrond te hebben gebroken, reeds op jeugdige leeftijd. Hij ging met tegenzin naar de kerk, maar bleef de gehele oorlog door worstelen met de vraag: Waarom o God? Meermalen kwam het gebed om Gods bijstand over zijn lijden, maar even later vergat hij dat hij Gods Naam had aangeroepen.

Het relaas van deze „Engelandvaarder" berust op feiten, harde feiten, die hij meemaakte. Hij kwam via een omweg door West-Europa in Londen aan, waar hij meermalen Koningin Wilhelmina ontmoette, gesprekken voerde met prins Bemhard, met minister-president Gerbrandy e.a. Hij zag het „Englandspiel" zich ontrollen en was met stomheid geslagen toen hij aan het einde van de oorlog hoorde van de blunders, die in Londen waren begaan. Deze brachten tientallen agenten, die dachten veilig ergens in Nederland te worden gedropt, rechtstreeks in Duitse handen.

Gerard Dogger ging met wantrouwen naar Engeland jegens de secretaris van Koningin Wilhelmina, Van 't Sant, die in sommige kringen destijds in het bezette Nederland als een verrader werd beschouwd. De samenwerking in Londen tussen diverse autoriteiten deugde echter niet, zeker niet tussen de Britse geheime dienst MI-8 en de Nederlandse onder leiding van kolonel De Bruyne, die de missie van Dogger niet vertrouwde.

De ontsnappingsreis van Dogger, via België, Frankrijk, Zwitserland, Spanje en Portugal vormt een boeiend relaas. Soms lijkt het op een heldenverhaal, maar dit is het niet. De realiteit was hard, in het bijzonder voor hen, die op de vlucht moesten. Dit ondervindt de vluchteling ook tegen zijn verwachting in, toen hij in Londen arriveerde, waar hij als verzetsman zelf op „verzet" stuitte, waar hij dit niet verwacht had. Hij bleef bij Gerbrandy en anderen aandringen op erkenning van zijn verzetsorganisatie, op hulp maar dat „gezeur" werd' niet beloqnd. Hem werd gevraagd een vluchtweg via de Middellandse, zee uit te stippelen, waarbij Spanje moest worden vermeden, toch dit bleek louter een poging te zijn om hem uit Londen weg te krijgen. Later deed hij nog enige tijd dienst bij de Motor torpedobootdienst (MTD) en werd hij in het bevrijde België als „aide van prins Bernhard".

Kunstschilder

Toen Dogger in 1947 de Marinedienst verliet, moest hij nog geld terugbetalen, dat hij in 1942 in Geneve van onze consul had ontvangen om zijn vluchtreis te kunnen voortzetten. Dogger vestigde zich blijvend in Engeland, waar hij een  verdienstelijk kunstschilder werd.

Jammer, dat dit harde oorlogsrelaas zo ontsierd wordt door misbruik van Gods naam. Een naam, die de auteur toch niet kan vergeten en die hij blijkens hoop kende hij in zijn leven, maar tot de erkentenis, dat die Enige Naam vrede én troost geeft, komt hij helaas niet.

N.a.v. „De vierkante maan", door Gerard Dogger. Uitgave: Elsevier Nederland BV, Amsterdam, 303 blz, geïll.; prijs ƒ 84,60.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 28 april 1979

Reformatorisch Dagblad | 92 Pagina's

Hard feitenrelaas van gevluchte verzetsman

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 28 april 1979

Reformatorisch Dagblad | 92 Pagina's

PDF Bekijken