Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Tewaterlating UK 64 historisch gebeuren

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Tewaterlating UK 64 historisch gebeuren

EN DE URKERS... ZIJ VISTEN VOORT

4 minuten leestijd

Het is de „warreld", spraken de te hoop gelopen vissers op het hoekie bij de afslag en op het „klapskoel" aan de haven toen Wouter de Vries in het jaar 1914 met in zijn houten zeilbotter een voor 2500 gulden — toen een vermogen — gekochte motor de haven van het voormalige Zuiderzee-eiland binnenkwam. Niet dat hij met zijn twintiger van Kromhout een direkte aanval op de energiebronnen deed maar hij was wel een voorloper.

Midden in de crisistijd van de jaren dertig gaf Wouter zijn dorpsgenoten opnieuw stof tot spreken, nadat hij in IJmuiden een nieuwe maar opgelegde negentien en een halve meter lange Noordzeekotter had gekocht en er mee naar Urk was gekomen. „Hij verdaagt nog op de slikbult, wat ik je brom" sprak er één en haalde hoog zijn „skoeren" op.

Anderen zwegen en volgden net ais bij de motoren. Maar aan meer dan vier Noordzeekotters kwamen ze voor de oorlog niet toe, voor de grote massa bleef het bij houten en ijzeren motorbotters.

De tweede

Luut Kamper was de tweede die met een kotter de haven binnenkwam en later vertelde hij over zijn schip het volgende: „Ik kocht dat schip in de crisistijd en dan weetje, wat dat zeggen wil. Crisis is altijd bergafwaarts. Wat je vandaag kocht, was morgen goedkoper.

Zo ging dat met een kotter en zo ging dat ook met vis. Vis was er genoeg. Ik heb eens in één reis achthonderd kisten haring van honderd pond aan de wal gevaren en daarmee besomde ik nog geen duizend gulden. De tong was in de crisistijd een kwartje tot drieëndertig centen de kilo. Ik heb van alles geprobeerd. Ik heb nog eens zes weken een Deen aan boord gehad om van hem de snurrevaadvisserij te leren, omdat de snurrevaadvisserij betere vangsten beloofde, maar het was allemaal geen rijkdom en daarom zei ik op een dag tegen mijn vrouw, dat ik de kotter maar moest verkopen... en dat is gebeurd, in negenendertig. Het schip is later als Den Helder 8 gelijk met de UK 174 en Jan van den Berg van de UK 60 tijdens noodweer op de Noordzee gebleven".

Oliecrisis

Na de tweede wereldoorlog begonnen ze opnieuw, maar nu met kotters. Totdat de oliecrisis daar een eind aan maakte. De laatste kotters die in de Urker haven lagen om te worden afgebouwd, waren de UK 33 en de „Mary Agnes" uit het Ierse Wexford en dat was al weer in 1975.

Vanaf die tijd lagen er tot vorige week geen nieuwbouwschepen meer aan de afbouwkade van de Urker haven.

UK64

Zoals gezegd, tot vorige week! Want op woensdag 6 juni werd bij de Friese werf Bijlsma en Zn BV te  Wartena door de drijvende bok „Ome Loeks" uit Franeker het 200 ton zware casco met hoofdmotor van de Noordzeekotter UK 64 „Grietje" te water getild.

Ook nu is de UK 64 de eerste maar er zullen weldra andere volgen, want er zijn door de Urkers aan diverse machinefabrieken en scheepswerven zo'n veertien nieuwbouwopdrachten gegeven.

Op Urk zelf zullen door scheepswerf Metz twee 39.80 meter lange en 9 meter brede schepen moeten worden afgeleverd en diverse andere scheepswerven overal in het land zijn momenteel druk met de kotterbouw bezig.

Maar niet alleen Urk laat bouwen, zo deelde ons een zegsman van machinefabriek Maaskant uit Bruinisse en Stellendam mee. Dit bedrijf heeft zestien schepen in portefeuille, af te leveren aan visserijbedrijven uit vrijwel alle vissersplaatsen in Nederland, waaronder ook Urk.

Cockpit

Drukke dagen dus en werkgelegenheid voor de scheepswerven, motorenfabrieken en tal van toeleveringsbedrijven want de brug van een hedendaags vissersschip met al zijn moderne apparatuur ziet er al gauw uit als de cockpit van een groot verkeersvliegtuig. Niet voor niets slingeren de bouwprijzen van de nieuwe viskotters zo tussen de drie en drie en een half miljoen gulden.

Dat voor zo'n prijs dan ook kosten noch moeite worden gespaard, bewezen de afgelopen zaterdag wel de mensen van de machinefabriek Gorter uit Hoogezand en de scheepswerf Hoogezand.

Op donderdagmorgen (een dag nadat de UK 64 te water was gelaten) werd eerst door de Brons Industrie motorenfabriek de 1500 pk hoofdmotor voor de nieuw te bouwen Noordzeekotter UK 61 op een zware dieplader bij de inbouwhal van de machinefabriek Gorter tot voor het al door de machinefabriek gebouwde machinekamergedeelte gereden. En zaterdagmorgen vond dan in alle vroegte het transport over de weg plaats van het complete visruim en machinekamergedeelte van de kotter, inclusief de hoofdmotor, reduktiekoppelingen en hulpmotoren.

Met een eigen wagen van de machinefabtiek werd de scheepssectie met een totaal gewicht van 110 ton en met een breedte van een dikke acht meter over een afstand van circa twee kilometer onder politie-escorte naar scheepswerf Hoogezand gereden. Daar zal het schip verder compleet onderdak worden afgebouwd zodat het half juli te water kan, waarna enkele weken later de oplevering zal plaatsvinden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 juni 1979

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Tewaterlating UK 64 historisch gebeuren

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 15 juni 1979

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken