Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

UIT DE KERKELIJKE PERS

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

UIT DE KERKELIJKE PERS

12 minuten leestijd

Gemeente klanken

We beginnen ditmaal onze selectie met „Gemeenteklanken", het kerkblad van de Evangelisch-Lutherse gemeenten van Dordrecht en Gorinchem. Daarin staat (ontleend zonder bronvermelding) hoe communistische richtlijnen voor het ontketenen van een revolutie eruit zien. De richtlijnen dateren van een Duitse communist uit 1919, maar ze gelden nog altijd. De acht punten:

A. Verknoei de jeugd. Vervreemd ze van de godsdienst. Wek belangstelling op voor sex. Maak ze oppervlakkig. Laat ze hun standvastigheid kwijtraken.
B. Tracht alle publiciteitsmedia te beheersen en bovendien: 
1. Leid de aandacht van de mensen van het doen en laten van hun regering af door hen zich te laten concentrereren op sport, sex, sex-lektuur en toneelstukken en dergelijke zaken. 
2. Scheid de mensen in elkaar vijandige groepen door voortdurend te hameren op onbelangrijke geschilpunten.
3. Ondermijn het vertrouwen van de mensen in hun natuurlijke leiders door deze bloot te stellen aan verachting, ze belachelijk te maken en te belasteren.  4. Kom altijd op voor de democratie, maar grijp naar de macht zo snel en zo meedogenloos als mogelijk is.
5. Zorg, dat de regering door buitensporigheid haar kredietwaardigheid verliest. Kweek vrees voor inflatie door stijgende prijzen en algemene ontevredenheid.
6. Moedig onnodig stakingen aan in vitale industrieën. Zorg voor burgerlijk ongedisciplineerd optreden en moedig een toegeeflijke en slappe houding van de regering aan ten opzichte van deze wanordelijkheden.
7. Zorg voor schoonklinkende argumentatie voor de afbraak van de oude morele waarden: eerlijkheid, soberheid, kuisheid, geloof in het gegeven '
oord, standvastigheid.
8. Zorg voor aanleiding tot registratie van alle vuurwapens, met de bedoeling ze in beslag te nemen en de bevolking weerloos te maken."

IN DE RECHTE STRAAT

In het septembernummer van „In de Rechte Straat" gaat eindredacteur ds. H. J. Hegger in op zijn recente reis naar Zuid-Amerika. In het artikel ,,Chaos of diktatuur" schrijft hij o.a. over het Chili van Allende en dat van de huidige regering-Pinochet en hij begrijpt niet, dat men in plaats van het ene kwaad (AIlende) nu zo maar het andere kwaad kan toevallen. Hegger vervolgt dan in kritische zin over de ICCC:

„In het licht van het bovenstaande is het voor mij onbegrijpelijk en totaal onaanvaardbaar dat de ICCC in een resolutie zich openlijk gesteld heeft achter deze regering Pinochet van Chili.

Natuurlijk heeft deze regering thans het wettige gezag en daarom is een poging om ze met gewapend verzet te verdrijven in strijd met Gods Woord (Rom. 13). Een andere predikant in Argentinië zei mij: ,,In de eerste plaats meen ik dat revolutie een ongeoorloofd middel is. Maar vervolgens is meestal dat middel erger dan de kwaal. In elk geval hier in Argentinië. De regering beheerst de toestand hier volkomen door middel van een uitgebreid, van moderne middelen voorzien politieapparaat en steunt bovendien op het leger. Een revolutie zou tot gevolg hebben dat tienduizenden zouden worden gedood". Overigens sprak ook hij zijn felle veroordeling uit over het huidige diktatoriale bewind in Argentinië. Er heerst terreur. Telkens verdwijnen mensen, die hun afkeuring van de regering niet langer meer in hun hart konden smoren en er openlijk lucht aan gaven. Ze keren nooit meer terug.

Maar hoe kan' dan een Internationale Raad van Christelijke Kerken openlijk haar steun geven aan de regeerders van Chili aan wier handen zoveel bloed kleeft van onschuldigen, die het wettige gezag van destijds met geweld hebben verdreven, waardoor minstens 50.000 doden vielen, met al de misdadigheid die zulk een revolutie vergezelt zoals verkrachting van vrouwen en meisjes?

De bijbelse christenen van Latijns Amerika hebben de strijd te voeren tegen de „theologie van de revolutie", die door veel priesters openlijk wordt aangehangen. Zij stellen Christus voor als een verzetsstrijder. Een priester had een Christusfiguur getekend met een geweer in de hand en op de achtergrond het kruis. Hij plakte dat aan in het portaal van zijn kerk en dook daarna onder om zich te voegen bij de guerrillatroepen in de bergen.

Maar als dan een ICCC de rechtse revolutie in Chili verheerlijkt, waarom, zo zullen dergelijke priesters vragen, mogen wij dan niet de linkse revolutie prediken? In onze Spaanse editie proberen wij juist, samen met vooraanstaande theologen van Latijns Amerika, zoals dr. Rene Padilla, dr. Samuel Escobar, Ir. Pedro Arana en anderen, een bijbels antwoord te geven op de theologie van de revolutie. Daarbij wijzen wij elke gewelddadige revolutie af, maar prediken, als men dat zo noemen wil, een revolutie door het Woord Gods, de revolutie van de alles overwinnende liefde, waarbij men er niet voor terugschrikt om, wanneer dat zin heeft, een regering ook vanuit het Woord openlijk aan te klagen vanwege eventuele wandaden. Wij verkondigen de God die het opneemt voor de verdrukten, de weduwen en wezen, de armen (het viel mij deze dagen op dat midden in de zo jachtige en uitermate „bevindelijke" ps. 103 ineens staat te lezen: ,,De Heere doet gerechtigheid en gerichten al degenen, die onderdrukt worden"). Deze resolutie van de ICCC, die, . naar ik vermoed, in de wereldpers terecht is gekomen, berokkent veel schade aan dit streven van de bijbelse christenen in Latijns Amerika".

HET ZOEKLICHT

In „Het Zoeklicht" kijkt evangelist J. Kits weer in de Tijdspiegel en hij laat zijn blik vallen op de groei van de Islam, ook in het westen gesteund door de behoefte aan olie. Kits sr.:

„Angst voor Khomeini-effecten maakt de olie-leveranciers wel plooibaar. En op politiek terrein: de Moslim bevrijdingsbeweging die uit dezelfde grote pot kan betalen — Khadaffie van Lybië geeft graag — zal de bevrijdingsbewegingen in ,,bezette islamitische gebieden" gaan aktiveren. Hoe meer Moslims in niet-islamitische landen komen — denk aan de tienduizenden mohammedaanse gastarbeiders — hoe agressiever deze godsdienst zich zal aandienen en ,,rechten" zal gaan opeisen. Ja, de Islam is in opmars, overal in de wereld. Groot is Allah, en Mohammed is zijn profeet. Spreekt de Bijbel niet over de anti-christ, die beide de Vader en de Zoon zal loochenen? Uit welk kamp zal hij komen?

De groeiende macht van de Islam — wereldwijd, brengt velen tot nadenken. Niemand weet waar de antichrist vandaan komt omdat dit niet met zoveel woorden uit de Bijbel vast te stellen is. Wel zegt Gods Woord hoe hij zal optreden, en hoe hij de wereldregering zal uitoefenen.(...).

Wat de Islam betreft, deze godsdienst is anti-christelijk. De Allah der Mohammedanen heeft geen Zoon, wel een profeet. Een profeet die al lang dood is — hoewel de leer springlevend schijnt. De Islam loochent Christus als de Zoon van de Levende God en de Alleen-zaligmaker van zondaren. De Islam bestrijdt het christendom vandaag openlijker dan ooit. De islam is een groter gevaar dan veel verblinden — die denken dat een dialoog met aanhangers dezer godsdienst iets goeds kan uitwerken — zien.

En de kerk maar dialogiseren! Wie gaf de kerk ooit die opdracht? De dialoog is de beste verontschuldiging voor de ongehoorzaamheid van het niet-willen-prediken. Het evangelie is geen dialoog maar is een proclamatie een moeten getuigen, een opdracht: ,,Gij zult".

Wie voor de opdracht uit de weg gaat vlucht in de dialoog. Absurd, zelfs te denken dat wereldgodsdiensten, die Christus als de Zoon van God en Verzoener van de zondeschuld van verloren afgedwaalden in onze wereld, zelfs een stem hebben om mee te praten over de Enige God en Zaligmaker — waarover de Bijbel spreekt. Leg alle boeken van alle wereldgodsdiensten naast elkaar, neem er de mooiste en hoogststaande uitspraken uit en leg ze naast Gods Woord, de Bijbel. Dan zegt dat boek van God: Allen hebben gezondigd en derven de heerlijkheid Gods, maar worden om niet gerechtvaardigd.

Waardoor? Door het verzoenend sterven van Jezus Christus, waardoor een ieder die in Hem gelooft, behouden wordt voor tijd en eeuwigheid. De boodschap van Christus is nooit een dialoog, 't Is een bevel. Gaat heen, in de hele wereld — en predik. Johannes 3 vers 16 is de reddende boodschap voor de hele wereld. De wereld van gisteren, van nu en van morgen".

Over verscheidenheid en eenheid in de kerk schrijft de Gereformeerde emerituskerkhistoricus van de Vrije Universiteit prof. dr. D. Nauta in het Centraal Weekblad van zijn Kerken. Een lang citaat daaruit: „Die verscheidenheid is niet enkel een feitelijk gegeven dat ieder kan constateren in de kerk, waartoe hij of zij behoort. Ook het Nieuwe Testament weet ervan als van een normaal verschijnsel. Er is sprake van christenen uit de Joden zowel als uit de heidenen. Er zijn onder hen slaven zo goed als vrijen. Niet allen zijn even ver voortgeschreden op de weg van het geloof; naast volgroeiden zijn er ook kinderen in het geloof. En zo zou ik kunnen doorgaan met het opnoemen van onderscheidingen. Het is nu niet Zoekt voor een passend orgel uw gemeentezang de bedoeling te streven naar een zoveel mogelijk volledige lijst van wat als verscheidenheid in het onderhavige opzicht kan gelden. Maar wat moet opvallen en het is mijn bedoeling juist daarop de aandacht te vestigen, is dat nergens een aanwijzing wordt aangetroffen van uiteenlopende geloofsopvattingen welke naast elkander aanwezig zijn en als een ten volle aanvaardbare verscheidenheid erkenning ontvangen.

Het is wel zo, dat er onderscheid bestaat in de wijze van de benadering van die geloofsopvattingen. Paulus en Jacobus, om slechts dit voorbeeld aan te halen, doen het niet op eendere manier. Voor het besef van Luther was er tussen beiden zelfs een zodanig verschil, dat hij ging spreken van de strooien brief van Jacobus. Hoe begrijpelijk een dergelijke uitlating bij hem ook moge wezen, zij heeft geen algemene instemming ontvangen, en in het bijzonder niet bij de Gereformeerden.

Het benaderen van een of ander onderwerp leidt natuurlijk tot nuanceringen in het verstaan ervan; het inzicht kan dientengevolge worden verrijkt en verdiept. Maar dit is iets anders dan dat het bedoelde onderwerp zelf van aard veranderd zou worden of in zijn tegendeel zou worden omgezet. In de grond der zaak gaat het bij Paulus en bij Jacobus over een en dezelfde geloofsinhoud.

De eenheid van het geloof laat zich dan ook bezwaarlijk denken zonder eenheid in de opvattingen van het gelooi'. Hoe zou zij ooit werkelijkheid kunnen worden, als niet van allen uit de harten opklimt de lof voor Jezus Christus als de Behouder van het leven, de Heiland en Heer, de Gekruisigde en de Opgestane, de Gezondene van de Vader en die tevens met Hem één is in zijn goddelijk Wezen?(...)

Wanneer daarom bij het pleiten ten gunste van verscheidenheid in de kerk de hier aangegeven begrenzing niet duchtig in het oog gehouden wordt en steeds weer de sterkste nadruk ontvangt, moet het mislopen. Dan is iemand bezig de kerk in haar wezen en haar hartader aan te tasten. En ik kan mij niet onttrekken aan het besef, dat in de discussies welke tegenwoordig in onze kerken gaande zijn, lang niet voldoende met het hier dreigende gevaar rekening wordt gehouden".

GEREFOKMEERD WEEKBLAD

Enigszins hetzelfde onderwerp snijdt drs. Jac. Westland aan in het (Hervormde) „Gereformeerd Weekblad". Hij signaleert een roes om de verschillen maar te verdoezelen als onbelangrijk. Westland: „Toch willen we ook wijzen op een gevaar, dat zich hier voordoet. Het kan nl. gebeuren dat een zekere roes zich van ons meester maakt. De roes, dat het allemaal wel meevalt, met die verschillen en zo. (...)

Bij het wegvallen van al zulke vooroordelen, kunnen we dan bevangen raken in de roes, waarover ik sprak. De verschillen zijn toch eigenlijk helemaal niet zo groot. Het zijn maar facetten van dezelfde zaak, nuances. Het is in dit verband tekenend, dat over richtingen nauwelijks meer gesproken wordt, het woord modaliteiten lijkt ingeburgerd. Misschien zit daar de opzet achter om toch vooral niet te veel gewicht te hechten aan de onderlinge verschillen.

Verschil in modaliteit, in wijze is immers veel minder ingrijpend dan verschil in richting. Verschillen zullen er altijd zijn onder Gods kinderen. Geen ervan is precies gelijk aan een ander. Dat hoeft ook niet. Die verschillen maken zelfs de rijkdom van de gemeente uit. Zoals God de Schepper Zijn heerlijkheid heeft geopenbaard in oneindige veelheid van kleur en vorm, zo is het ook de heerlijkheid van God de Heischepper, dat Zijn nieuwe volk niet eenvormig en eentonig is.

Dat is van oude tijden af zo erkend en beleden. De schrijvers van het ,,Examen van het ontwerp van tolerantie", Comrie en Holtius bijvoorbeeld veroordeelden de Luthersen, die bij de Augsburgse Confessie gebleven zijn niet. Ook hielden zij de zuivere Mennisten voor broeders in Christus. Ook aangaande de episkopale Kerk van Engeland wilden zij wat toegeven omtrent de veischilstukken, omdat die dezelfde gronden heeft en een even dierbaar geloof. Maar halve pelagianen en Remonstranten wezen ze radikaal af. Daar kwam immers de genade Gods in het geding.

We vragen ons nu af of het terecht is om de hedendaagse verschillen zo onschuldig voor te stellen. We weten wel dat de betovering niet graag verbroken wordt. Spelbrekers worden in dezen soms aangewezen als naardoeners en negatievelingen. Op dat gevaar af blijven we onze vragen stellen Gebieden de eerlijkheid en de nuchterheid dat niet? Het kan immers goed zijn dat we geweldig enthousiast beginnen en elkaar omhelzen omdat we menen elkaar gevonden te hebben, maar dat later de haken en ogen pas voor de dag komen. De roes zou wel eens door een bittere ontnuchtering gevolgd kunnen worden.(...)

Het is een groot en goed ding als mensen samen de Bijbel als uitgangspunt aanvaarden. Samen zelfs erkennen dat we in de Bijbel de openbaring van God hebben. Toch is hier echt wel nuchterheid geboden. Want als we dat samen beleden hebben, hebben we dan eigenlijk nog niet iets erg formeels beleden. We kunnen nog allerlei kanten op. We kunnen nog overal uitkomen. Zo kan men met de Bijbel als uitgangspunt terecht komen bij de zeer algemene boodschap, dat we als mens met moed in het leven kunnen staan; dat we het heden aanvaarden mogen in hoopvolle verwachting".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 september 1979

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

UIT DE KERKELIJKE PERS

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 september 1979

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken