Bekijk het origineel

Staande lofprijzing volgens de oude traditie van Johannes Chrysostomos

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Staande lofprijzing volgens de oude traditie van Johannes Chrysostomos

Een zondag te gast bij het Kretenzisch klooster van Gonia

12 minuten leestijd

GONIA, KRETA — Het is zondag Opstandingsdag Opstan,dingsdag heet die dag nog altijd in de Russische taal en voor de Oosterse Orthodoxie is het een dag van onvergelijkelijke vreugde. We staan druipnat van Kretenzisch hemelwater in het portaal van het kleine kloostercomplex aan de schitterende baai van Kolymbari (Kissamou Chanion in Noordwest Kreta).

De Grieks-Orthodoxe abt van dit „Klooster van de Allerheiligste Moeder Gods, de Vrouwe en Leidster" maant ons de stappen te doen vanuit de kloosterpoort naar de kerk, aan de andere zijde van de binnenplaats. In ijltempo wordt de ren volbracht, maar we redden het niet droog te blijven.

In een paar dagen Kreta hebben we trouwens de meeste uiteenlopende weersomstandigheden ervaren - men schrijft dan ook eind oktober en herfst en winter gaan hier praktisch in elkaar over - variërend van heet zomerzonnevuur (30" Celsius) tot ijzige piasregens, hevige onweders en geweldige stormwinden. Wij leerden iets verstaan van de angst der schipbreukelingen uit Paulus' dagen. Niet voor niets heet nog altijd de bekende haven uit Handelingen „Schone Havens" (of: Goede Rede, Kaloi Limenes). Nee, de Middellandse Zee kan heel wat minder vriendelijk en stralend blauw zijn dan de VVV-folders ons tonen.

Fraaie ligging

Dit nu terzijde: we - dat zijn een aantal bezoekers van de assemblee der Conferentie van Europese Kerken (KEK) - zijn beland waar we wezen wilden. De deelnemers zijn naar tal van plaatsen in de omgeving uitgewaaierd om de zondag in Grieks-Orthodoxe milieus (kerken, gezinnen e.d.) door te brengen. Voor ons viel de keus op het niet zo ver van Chania en ons verblijfplaatsje Maleme gelegen klooster van de H. Moeder Gods in Gonia. Deze plaatsnaam betekent ,,hoek" en de ligging aan de baai Was dienovereenkomstig.

Oneerbiedig heb ik wel eens gedacht en gezegd: die kloosterlingen die zozeer onthechting van dit aardse bestaan predikten en het schouwend leven voorstonden, waren zo dwaas nog niet. Ze wisten drommels goed, waar ze hun ermitages of kloosters bouw(d)en: op plaatsen die een lust voor het oog zijn en die zinnen strelen door de verrukkingen der natuur.

Wie in Noord-Galilea bij vader Jacob Willebrands te gast was op de Har Netofa, zal het beamen. Wie Zagorsk bij Moskou in de besneeuwde lente zag, weet waarop ik doel. En wie het kloostertje en vooral het daarboven gelegen oude kloosterverblijf - nu in restauratie - in Gonia bezoekt, kan ook eindeloos genieten van zee en lucht en weidse landschappen.

Dat „met een boekje in een hoekje" kan dus ook best eens het „boek der natuur" geweest zijn, al zal Thomas van Kempen nooit op een zo vernuftige exegese van zijn zinspreuk zijn gestuit...

Liturgie

In elk geval, mooi en zeer indrukwekkend is het klooster zelf of het kerkje niet direct; aantrekkelijk wel. Bovendien ging het ons in eerste instantie om de eredienst, de „Goddelijke liturgie de heilige Johannes Guldenmond" zoals we lezen in een kleine uitgave van het ,,apostolisch diakonaat" van de ,,Kerk van Griekenland", zoals de Grieks-Orthodoxe Kerk op het vasteland heet. (De eilanden, waaronder Kreta, ressorteren kerkelijk echter rechtstreeks onder het oecumenisch patriarchaat van ' Constantinopel. Aartsbisschop Timotheos van Kreta is ondergeschikt aan patriarch Dimitrios I).

De liturgie in de Griekse kerk is inderdaad nog steeds die van de kerkvader Johannes Chrysostomos en in een gesprek met Metropoliet Aemilianos van het oecumenisch patriarchaat, die in Geneve werkt, maar hier voor ditmaal als gastbisschop de liturgie celebreert, wordt me opnieuw de waarde van deze oude traditie duidelijk gemaakt. De dienst is niet helemaal onbekend en de parallel met de Russische Orthodoxie bewijst goede diensten.

Ondanks de Nieuw-Griekse uitspraak, die sterk van het klassieke Grieks der Nederlandse gymnasia afwijkt, slaag ik er toch in, heel wat geijkte termen en formules te herkennen. Bijvoorbeeld het bekende ,,Eulogéson, Despota" (Lof zij u, Heere) en het „Hoti eleèmoon kai philanthroopos Theos huparcheis" (Want een ontfermend en menslievend God zijt Gij, en tot U zenden wij onze lofprijzing op, nu en altijd en tot in de eeuwen der eeuwen).

Staanplaatsen..

Het is niet een der hoge feesten en de „doxologie" • die tijdens onze komst al een aanvang heeft genomen - is niet overdadig rijk of langdurig. Dat hoeft van ons ook niet, want uren te moeten staan in de Orthodoxe kerk is dan wel geen kwelling, maar heel erg aantrekkelijk is dat nu ook weer niet.

Naast staan en knielen en de grond bekruisen - wees gerust, ik doe niet mee en wij zijn derhalve een aanstoot voor de rechtgelovige oude dorpsvrouwen die ons argwanend opnemen zijn er niet veel andere mogelijkhe

Toch vind ik er één: Vrouwen en mannen worden zoals in de synagoge van oudsher keurig gescheiden gehouden: de mannen staan voorin, bij de diaken en het mannenkoor, dicht bij het mysterium achter de geopende Koninklijke Poort in de Ikonostase waarboven veelal vanuit de Byzantijnse koepel Christus de Albeheerser (Pantokrator) ons aanschouwt. (In dit kerkje te Gonia was dat niet het geval. Wel verbeeldde het gewelf weer het firmament met de gouden sterren op de blauwe ondergrond).

De vrouwen stonden in het middenschip langs de wanden, naast de knielbankjes. Maar oude, in stemmig zwart en met hoofddoekjes geklede moedertjes knielden soms op de vloer om het kruisteken te slaan op de bodem. De devotie treft ons, al is het niet de eerste keer dat wij zo'n gebeuren aanzien en meemaken. Mijn plaatsje vond ik - door de te late komst - tussen de vrouwen, zodat me een goed uitzicht op de geopende Koninklijke Wand geboden werd.

Ik ben als Orthodox protestant natuurlijk geen ingewijde in deze mysterie-godsdienst, die de Orthodoxie wel degelijk is. (Van onze kerknieuwsredactie)

Ik tracht wel in me op te nemen, hoe de rechtgelovigen uit deze streek hun geloof ervaren. Als buitenstaander - maar toch niet helemaal; wie ooit lessen volgde van nu wijlen prof. P. J. G. A. Hendrikx kan er niet omheen, dat voor hem een tipje van de sluier van het mysterium werd opgelicht - probeer ik eerst afstandelijkkritisch dit heilig „drama" te aanschouwen.

Meespeler ben ik niet, kan ik niet zijn. Maar alleen-maar-publiek en een soort van religieuze ,,gluurder" voel ik me evenmin. Natuurlijk, „objectief" gezien zeg ik: dat gedoe is nog roomser dan rooms. De attributen zijn er naar: Aemilianos is nu gestoken in prachtig bisschoppelijk gewaad en zijn medecelebranten zien er ook niet armoedig uit. Er wordt met wierook gezwaaid.

Er wordt door de celebrant „mystikoos" (in stilte, zwijgend) gebieden en het Evangelieboek wordt vele malen gekust, terwijl een deei van het gebeuren zich aan de waarneming van de leken onttrekt: het altaar staat achter de inkonenwand en de priester staat vaak met de rug naar het Godsvolk. Kritiek heb ik Het fraai gelegen kloostercomplex van de H. Moeder Gods aan de baai van Kolymbari in Gonisa. Kerk en Orthodox klooster dateren uit de 17e eeuw. De klooster bibliotheek is door de Turkse overheersers in 1866 ten dele verbrand. Links boven het klooster het gebouw van de Orthodoxe Academie van Kreta, een vormingsinstituut. dan ook genoeg: theologische natuurlijk, maar ook praktische. Maar het is minder van belang hoe ik zo'n liturgieviering ervaar dan hoe de Orthodoxe christenen het meemaken.

Dode vormen?

Is het een waardevolle schat der eeuwen, doorgegeven aan de huidige generaties? Of is het vormendienst die zo dood en doods is als het maar kan? Wie in de traditie van de Woorddienst en het dogma is grootgeworden zal niet zonder meer kunnen peilen de waarde van de liturgieviering en de centrale plaats van de „doxa": lofprijzing, glorie.

Een theologie van de zielsverrukking is aan ons niet zo besteed. Bovendien: is die er ook wel? Of is ook voor de Orthodoxe gelovige het wekelijkse liturgisch spel een dor spel geworden zonder meer? Wie zal het zeggen? De vroomheid der aanwezigen veel vrouwen, een paar kinderen, minder mannen want die zaten op zondag met hun buren voor hun witgeschilderde huisjes trictrac te spelen - lijkt diep ernstig.

De kerk der Orthodoxie is - zo zagen we ook in Rusland - toch vooral een vrouwen bedrijf, zij het ook dat juist in die kerken de vrouw geen enkele functie of ambt kan bekleden. De mannelijke geestelijkheid voert dus een heilig drama - maar het is eerder een blijspel - op voor de schare vrouwen, die zo te zien ook geen enkele ambitie vertonen in de richting van vrouwelijke priester- of zelfs maar diaken-wijdingen.

Westerse vrouwelijke predikanten op de KEK-assemblee hadden dan ook erg veel moeite met deze zwartge

CKAOCIC TMC AJrOCTOAlKNC AlAKONr*t TMC CKKAHCI&C TtIC CAAAAK Titelpagina van een officiële kerkelijke uitgave van „De Goddelijke liturgie van de heilige Johannes Chrysostomos", die begint met de door de diaken uitgesproken bede „Lof zij U, Heere". zonde als schenden van het recht Gods.

Traditie

Er is in naam geen onfeilbaar leerambt en het ambt is meer liturgisch dan regerend van karakter. De belijdenissen van de zeven oecumenische rokte en gedekte metropolieten, aartspriesters en monniken, die zo opdringerig zelfverzekerd optraden, zich al te zeer bewust van hun hoog-geestelijke positie... Nogmaals: kritiek heb ik genoeg op dit kerkelijk bedrijf. Maar het was zondag en ik wilde de viering nu eens anders beleven dan als verslaggever en „objectieve" buitenstaander.

Johanneïsche mens

Ik hoor dan in allerlei gesprekken over de waarde van de traditie - zo eigen ook aan het joodse geloof: „als uw kind u vraagt..., dan zult gij zeggen..." - der kerk. Ik besef ook de forse kloof tussen de Orthodoxie en de R-K Kerk, welke laatste ketterjacht en brandstapels voor andersgelovigen heeft voortgebracht, althans heeft mogelijk gemaakt.

De Orthodoxie komt over als meer mystiek, geestelijker, de religie van en voor de Johanneïsche mens (Walter Schubarti), niet die van het starre leergezag. Ten dele is dat - ik weet het zeer wel - optisch bedrog. Ik verneem ook bij de Orthodoxie van modemisme, ongeïnteresseerdheid, dalend kerkbezoek, de kloof tussen de hogere geestelijkheid met zijn oecumenische interessen en de eenvoudige weinig geschoolde dorpspriesters.

Ontvangst

Maar dat alles - en nog veel meer waar ik mogelijk later nog op terugkom - neemt niet weg, dat zo'n Grieks-Orthodoxe zondag toch wel een belevenis is. Nog niet eens door de hartelijke welkomstspeech jegens ons van metropoliet Aemilianos, die we op de KEK-vergadering als afgevaardigde meemaakten. Na de viering - waarin de Finse Orthodoxe afgevaardigde monnik Ambrosius een aandeel had en waarin ons als een soort van liefdemaal (agapè) een bete broods werd uitgereikt (géén eucharistie) - zijn we als groep geruime tijd de gast van het klooster.

Aemilianos levert kritiek op het westerse materialisme, op de EEG (waarvan Griekenland lid wordt), op het losraken van de band tussen hemel en aarde in veel niet-Orthodoxe kerken van het Westen. We drinken na een gesprek op de binnenplaats Turkse (hier uiteraard Griekse geheten) kofEïe In de refter en worden daarna wat in de omgeving rondgeleid.

Bij het klooster is de natuur ook nu erg weelderig: we plukken druiven en krenten van de wijnstok, mais, rijpe komkommers en citroenen. We klauteren achter de metropoliet aan naar het oude kloostertje in restauratie dat met zijn mooie wandschilderingen uit de dertiende eeuw dateert. Het uitzicht van hier is prachtig. In de verte zien we de stad Chania en ons hotel bij Maleme en vlakbij is de nieuwe Orthodoxe Academie, geleid dOor dr. Alexandres Papaderos. Daarover hebben we het nog wel in een ander verhaal.

Inkonen en foto's

Weer afgedaald zien we de kleine en kennelijk door de weinige monikken niet intensief gebruikte kloosterbibliotheek: oude folianten en handschriften achter glas. Het ikonenbezit is tamelijk indrukwekkend, met uiter-; aard de H. Drieëenheid, de H. Nicolaas (Agios Nikolaos, naar wie ook de stadskerk van Chania met toren èn minaret is genoemd) en een heel fraaie „Wortel van Jesse". Er zijn ook modernere „ikonen" (is: beelden): foto's van vroegere metropolieten en abten en temidden der clerus ook die van de beroemde 19e eeuwse vrijheidsheld van Kreta, Elefthérios Venizélos, die de (her)aansluiting van Kreta bij Griekenland voorbereidde.

Op de binnenplaats vinden we de sobere graven van enkele metropolieten, van wie er één bijna een eeuw oud werd. Er is ook een oude bron, gebouwd op kosten van de 18e eeuwse metropoliet van Kreta, Kallinikos. Het klooster zelf is niet oeroud: het dateert uit de jaren 1618 tot 1634, geRechts de huidige abt van het klooster, Parthenios Anagnostakis. Daarnaast metropoliet Aemilianos van het oecumenisch patriarchaat, waar de kerk van Kreta onder ressorteert. Links een bezoeker: de Finse Orthodoxe monnik vader Ambrosius, die de liturgieviering medecelebreerde. Achter de metropoliet nog juist zichtbaar dr. J. A. Hebly uit Utrecht. bouwd door de monnik Vlassios (Blasius) uit Amassia (Cyprus) en Benedlctus Tzarangola. De plaats van vestiging is volgens de overlevering te danken aan de vondst door Vlassios van een heilige ikoon met de beeltenis van de „ontslapen Moeder Gods".

Zorba de Griek

Tijdens de lange Turkse heerschappij over Kreta (1645 tot 1998!) was het klooster, zo meldt een Duitstalig foldertje, een belangrijk nationaal en godsdienstig centrum dat een grote rol speelde in de strijd tegen de Turken. De beroemde Kretenzer auteur Nikos Kazantzakis, van „Zorba de Griek", „Christus wordt weer gekruisigd", „Kapitein Michalis" en „Vrijheid of dood" enz. heeft in zijn boeken deze sfeer van onderdrukking en verzet schitterend getekend. „Zorba de Griek" speelt zich trouwens in deze hoek van Kreta en de stad Chania af andere romans van hem weer in Megalokastro, de vroegere naam van Kreta's grootste stad, Heraklion.

De betekenis van het klooster is groter geweest dan men zo zou denken. Tal van grote mannen uit het Griekse geestelijke en politieke leven hebben er een deel van hun vorming gehad en de huidige abt, Parthenios Anagnostakis (geb. 1914) geldt als een sociaal zeer actief man, wiens klooster meer doet dan alleen oude handschriften bestuderen of reciteren. Het sobere, maar goed voorziene maal met de eigen kloosterwijn, dat hij ons aanbood, versterkte de indruk van grote vriendelijkheid. Zoals ook de zang van twee dochtertjes van een professor der nabijgelegen academie dat deed. We waren werkelijk gewaardeerde gasten en deze redacteur kreeg van de metropoliet zelfs het verzoek, een wens in het Grieks in het gastenboek te schrijven. Dat hebben wij maar nagelaten: het Koiné-Grieks is al moeilijk genoeg; het Nieuw-Grieks lezen we zonder het te spreken.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 november 1979

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

Staande lofprijzing volgens de oude traditie van Johannes Chrysostomos

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 november 1979

Reformatorisch Dagblad | 32 Pagina's

PDF Bekijken