Bekijk het origineel

Portugese ontleningen gevolg van kolonisatie

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Portugese ontleningen gevolg van kolonisatie

UIT DE GESCHIEDENIS VAN ONZE WOORDENSCHAT

8 minuten leestijd

Welke woorden komen er zoal uit Zuid-Europa, uit talen zoals het Portugees, het Spaans en het Italiaans? Jammer genoeg hebben de geleerden aan het Italiaans als „leveranciers" van Nederlandse woorden nog weinig aandacht besteed. Het Spaans en het Portugees zijn in dit opzicht beter bestudeerd. Hierbij denk ik aan een artikel van prof. dr. C. F. A. van Dam: De Spaanse woorden in het Nederlands. Daarin behandelt hij ook de Portugese ontleningen.

Misschien verbaast u zich dat ik hier het in ons land zo weinig bekende Portugees in één adem noem met het Spaans. Want Spaanse woorden in onze taal, hierbij denk ik aan cacao, cassave, kanarie, maïs, tabak en tomaat, dat die er zijn dat kunnen we ons wel voorstellen. Maar de taal die, naar men meent, slechts door zo'n klein volk als de Portugezen gesproken wordt, kan die ook nog enige invloed hebben uitgeoefend? Ja, dat kan, het is vertegenwoordigd met enkele tientallen woorden (niet zoveel dus) maar er zijn toch wel belangrijke bij, zoals ananas, bamboe, banaan, emoe, kokosnoot (kokospalm), marmelade. Men moet erop letten dat bijna al de geciteerde woorden, zowel die uit het Spaans als die uit het Portugees, betrekking hebben op overzeese, tropische gewassen. Dat heeft zijn reden.

Voor ik verder ga, moet ik echter eerst een kleinigheidje rechtzetten. Het Portugees is namelijk niet zomaar de taal van een klein volk, van een volk dat men in grootte kan vergelijken met ons Nederlanders. In de huidige wereldsituatie wordt het gesproken door 120 miljoen mensen; het wordt in aantal sprekers alleen overtroffen door het Chinees, Engels, Spaans, Russisch, Arabisch en nog twee Indische talen. Met zijn 120 miljoen steekt het Portugees zelfs nog iets uit boven het Japans (110 miljoen), het Duits (105 miljoen) en het Frans (80 miljoen). Dat komt doordat het Portugees niet alleen gesproken wordt door 10 miljoen Portugezen, maar ook door 110 miljoen Brazilianen.

Zeevaarders

De naam Brazilië en de namen van de genoemde tropische vruchten helpen ons een heel eind verder, wanneer we uit gaan zoeken wat de Portugezen vooral gepresteerd hebben voor de Europese beschaving. Zij hebben zich niet zozeer verdienstelijk gemaakt door een hoogstaande cultuur die ze zelf in eigen land ontwikkeld hebben, als wel door de ontdekking en de kolonisatie van vreemde werelddelen. In dit opzicht zijn ze alle andere Europese volken voor geweest.

De bij uitstek zeevarende Portugezen zijn al heel vroeg met hun ontdekkingsreizen begonnen. Vooral onder de regering van Hendrik de Zeevaarder; deze leefde van 1415 tot 1460. Die voerde (toen al!) een ware Atlantische politiek. Onder 2ijn voorgangers waren Madeira en de Azoren ontdekt (in 1419 en 1427). Hendrik trok Italiaanse stuurlieden en kapiteins naar Lissabon, de hoofdstad, en ook aardrijkskundigen, kaartentekenaars, wiskundigen en .sterrenkundigen. De Portugese zeelieden kregen voortaan een uitstekende opleiding en zij werden de bekwaamsten van Europa.

Hendrik de Zeevaarder wilde Indië ontdekken, het land van de specerijen. Daarvoor had hij om Afrika heen gemoeten, maar dat is hem niet gelukt, want Afrika strekte zich veel verder uit naar het zuiden dan hij gedacht had. Wel werden Angola en de Kaapverdische Eilanden ontdekt. Bijna 30 jaar na de dood van Hendrik bereikte Bartholomeus Diaz de zuidelijkste punt van Afrika, Kaap de Goede Hoop. Dat was in 1487 en toen schepten de Portugezen weer „goede hoop", want de weg naar Indië lag voor hen open. In 1498 wist Vasco da Gama Indië te bereiken. In Voor-Indië werd Goa en in Oost-Indië werd Ambon een steunpunt voor de Portugese kolonisatie.

Negers

Het is merkwaardig dat bijna al de genoemde gebieden tot voor enkele jaren, of zelfs nu nog, in Portugees bezit gebleven zijn. Alleen Zuid-Afrika hebben ze niet gekoloniseerd en Ambon is hun later afhandig gemaakt door de Nederlanders. Maar voor ons doel is het belangrijker wat voor woorden we aan die zeereizen te danken hebben.

In Afrika ontdekten de Portugezen een hun onbekend mensenras. Het werd gekenmerkt doof kroeshaar, dikke lippen en vooral door een zwarte huidskleur. De Portugezen noemde ze „negros", wat in hun taal gewoon „zwarten" betekent. Daar komt het Nederlandse „neger" vandaan, evenals de overeenkomsfige woorden in de andere Europese talen. (Het min of meer verachtelijke nikker(tje) daarentegen komt van het Duitse Nic ker.) In Voor-Indië, bij Goa, maakten de Portugezen kennis met de Hindoes, die hun maatschappij verdeelden in een groot aantal klassen; de hoogste klasse (of kaste) heette Brahmanen. Die beweerden dat zij en andere hoge klassen van „zuivere" afkomst waren, en de Portugezen noemden deze kasten „casta" d.w.z. zuiver; dit is de oorsprong van het woord „kaste" dat ook door heel Europa verspreid is, evenals neger.

Soms ontmoetten de Portugezen „witte" negers, mensen met rode ogen en een blanke huid. Zij noemde die albinos, letterlijk „gitjes" (van het Portugese albo - wit). Ook dit albino, met albinisme, is weer een internationale term geworden.

Vruchten

Heel belangrijk zijn ook de namen die Europa aan de Portugezen te danken heeft voor zuidvruchten en in de tropen levende dieren (hierboven heb ik er reeds een paar genoemd). Het woord banana (ons „banaan") komt bijvoorbeeld uit een negertaai, uit Guinea. Voor de verklaring van,ananas moeten we naar Brazilië (vroeger de voornaamste Portugese kolonie). De Indianen kenden daar een vrucht die naná heette, wat in het Portugees ananá werd.

De negers in Afrika waren meest animisten, die geloofden in bezielde, heilige voorwerpen. De Portugezen noemen dit feitigos, d.w.z. tovermiddelen, daar komt ons fetisj vandaan. Ook verschillende religieuze voorstellingen uitZuid-Azië hebben we via de Portugezen leren kennen. De namen daarvan, paria's (kastelozen), pagodes (Hindoe-tempels), bonzen (monniken) evenals mandarijnen (hoge Chinese staatsambtenaren) werden door de Portugezen naar Europa gebracht. De meeste van die woorden kwamen uit Indische talen; bonzen is vermoedelijk van Japanse oorsprong.

Over enkele van de genoemde woorden bestaat enige twijfel; de geleerden weten niet zeker of we die aan de Portugezen of aan de Spanjaarden te danken hebben. Bij sommige van deze twijfelgevallen, zoals neger, is een Spaanse herkomst echter weinig waarschijnlijk, omdat de Spanjaarden in Afrika en Azië weinig ontdekkingswerk gedaan hebben" (wel in Amerika). Enkele andere woorden waarover twijfel bestaat zijn kaaiman en muskiet (van het Spaans-Portugese caiman en mosquito). Soms gaat de onzekerheid nog verder, want ons parkiet komt of uit het Italiaans (parruchetto) of uit het Spaans-Portugees (periquito). Van het woord mesties, dat thans de zoon of dochter van een Indiaan(se) en een blanke aanduidt, maar vroeger de naam was van een kleurling in het algemeen, staat het vast dat het in Oost-Indië is ontleend aan het Portugees (van mestizo) en in West-Indië aan het Spaans (van mestizo). Voor mulat en kreool heeft men ook alweer de keuze tussen de beide talen, omdat de vormen mulato en criollo zowel in het Spaans als in het Portugees voorkomen.

Uit het bovenstaande is al duidelijk gebleken dat de talen van Spanjaarden en Portugezen sterk op elkaar lijken en dat beide volken veel gekoloniseerd hebben; het is dus dikwijls moeilijk uit te maken wie van de twee nu een bepaald woord in omloop hebben gebracht.

Scheepstermen

Sommige scheepstermen en namen van schepen (zoals karveel) zijn uit het Portugees afkomstig; bij zo'n zeevarend volk is dat geen wonder. Prof. Van Dam noemt in zijn artikel een aantal meest verouderde termen waaronder boegseren; dit komt van het Portugese puxar (voorttrekken).

Tenslotte komen er nog een paar belangrijke, woorden van heel verschillende aard: auto-da-fé, marmelade en zebra. Een auto-da-fé (daad des geloofs) was de terechtstelling van een ongelovige of ketter. Dat het een Portugees woord is (en geen Spaans) kan men zien aan de vorm met ,,da" in het Spaans had dit „de" moeten zijn. In de Portugese geschiedenis zijn vooral de auto-da-fés uit 1755 bekend geworden. Die vonden plaats na de verschrikkelijke aardbeving van Lissabon.

Marmelade is een woord aan welks Portugese oorsprong niet valt te twijfelen. De Portugese „marmelada" is genoemd naar de „marmelo", de zoete appel waar ze uit bereid is. (Marmelo komt oorspronkelijk weer uit het Grieks). Het woord m.armelade is echt internationaal geworden, zoals met Portugese woorderi zo dikwijls het geval is; het komt met kleine vormverschillen in bijna alle Westeuropese talen voor.

De zebra heeft ook een aardige geschiedenis. Al was het alleen maar doordat in onze tijd de zebrapaden ernaar genoemd zijn. Maar ook vroeger al. In de Middeleeuwen leefde er in Spanje en Portugal een. variëteit van de wilde ezel, de zebro, die in de zestiende eeuw helemaal uitgestorven is. Nu ontdekten de Portugezen tijdens hun ontdekkingsreizen in Afrika een familielid van de ezel en het paard, mooi zwart-wit gestreept. Ze hebben dit naar hun uitgestorven zebro genoemd; het dier heette voorbaan zebra.

Wie zich bezighoudt met de Portugese leenwoorden ziet een interessant verschijnsel. Het Portugees heeft in de Europese taalgeschiedenis (en cultuurgeschiedenis) de rol gespeeld van een „brugtaal". Zij hebben wel niet veel, maar toch enkele belangrijke w.oorden uit vreemde werelddelen overgebracht naar hun vaderland en naar Europa. En men kan precies zien met welke volken ze op hun verre tochten in aanraking zijn gekomen. De Zuidamerikaanse, Afrikaanse en Zuidaziatische talen (waaronder het Maleis) hebben hun het materiaal geleverd. Arabische invloed via het Portugees is daarentegen vrij zeldzaam. (Een van de voornaamste Arabisch-Portugese woorden is moesson.) De Portugezen, het volk van Hendrik de Zeevaarder, waren een echt zeevolk. En dan een volk van de grote vaart, dat niet tevreden was met de Middellandse Zee en haar oeverstaten, maar dat ging koloniseren aan de overzijde vaïi de wereldzeeën. Dit belangrijke cultuurverschijnsel kunnen we als het ware aflezen uit de Portugese ontleningen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 april 1981

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

Portugese ontleningen gevolg van kolonisatie

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 april 1981

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken