Bekijk het origineel

Het diepgewortelde sovjetmilitarisme wordt in het Westen sterk onderschat

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Het diepgewortelde sovjetmilitarisme wordt in het Westen sterk onderschat

13 minuten leestijd

„De geschiedenis laat zien dat vrede een adempauze is voor het hervatten van de oorlog". Deze uitspraak is afkomstig van de grondlegger der Sovjet-Unie, Vladimir Lenin dus. Denken Lenins erfgenamen en ideologische geestverwanten in het Kremlin er tegenwoordig nog zo over? Menigeen in ons Westen meent deze vraag ontkennend te moeten beantwoorden. Maar of die ontkenning nu wel zo stevig historisch en politiek gefundeerd is, en derhalve verstandig, valt zeer te betwijfelen in het licht van recent historisch en politiek onderzoek.

In het Westen bestaat de wijdverspreide notie dat de Sovjet-Unie, een land met een socialistische ideologie, met acute interne problemen, met een oorlogsverleden van miljoenen slachtoffers, zich slechts met tegenzin inlaat met het verschijnsel van het militarisme. En dan nog wel uit angst voor buitenlandse invasies of een vijandige omsingeling.

Professor Richard Pipes, één der grootste Ruslandkenners van onze tijd, veroordeelt bovengenoemde Westerse zienswijze als volkomen foutief. Zo'n visie berust op een oppervlakkige kennis van de Russische geschiedenis en van de communistische theorie en praktijk! Het misleidende van deze visie is dat men dan bewust of onbewust eigen Westerse waarden en ervaringen aan de Sovjet-Unie gaat opleggen. Richard Pipes acht juist de neiging om geweld te gebruiken en het instrument daartoe, het militarisme, een centraal element van het sovjetcommunisme. Deze wetenschappelijke stelling (die echter niet zo maar als een academische kwestie dient te worden opgevat!) onderbouwt Pipes vanuit de Russische geschiedenis, de ideologie van het communisme en de ssovjetvisie op de aard van een toekomstige oorlog.

Alleen macht

Aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog schreef Sergei Witte (ex-premier van het tsarenrijk) de volgende opmerkelijke passage neer in zijn memoires: ,.Inderdaad, wat heeft in wezen de Russische staat geschraagd? Niet slechts in de eerste plaats, maar alleen het leger. Wie schiep het Russische keizerrijk, wie herschiep uit het half-Aziatische Moscovitische tsarenrijk de invloedrijkste, grootste Europese mogendheid? Slechts de kracht van de bajonetten van het leger. De wereld boog niet voor onze beschaving, niet voor onze bureaucratische kerk, niet voor onze rijkdom en welvaart. De wereld boog voor onze macht".

Goed bedacht moet worden dat deze Sergei Witte zelf een antimilitarist was! Witte's bewering kan in tweeërlei opzicht juist genoemd worden: ten eerste dankt Rusland historisch gezien zijn internationale invloed aan zijn legers; ten tweede heeft Rusland om zijn militaire sterkte te behouden, en dat voor een land met een zwak ontwikkelde economie, een buitengewone hoeveelheid van zijn menselijke en materiële bestaansbronnen moeten aanwenden voor militaire doeleinden.

Veiligheidsangst

Ter verdediging van het Russische militarisme wordt vaak het argument aangevoerd dat Rusland in zijn duizendjarige geschiedenis te maken heeft gekregen met zeer zware buitenlandse invasies en deze invasies zijn dan verantwoordelijk voor de Russische veiligheidsangst en het indrukwekkende militaire apparaat. Natuurlijk heeft Rusland drie levensgevaarlijke invasies doorgemaakt: door de Mongolen/Tataren in de 13e eeuw; door de Fransen en Pruisen in 1812 en tenslotte de beruchte inval der nazi's in 1941. Maar zijn de mensen die met deze gegevens aan komen dragen zich er ook van bewust hoe vaak de Russen niet zijn komen binnenvallen bij hun buurvolken en daar op hun beurt angstgevoelens hebben opgewekt? Geen land wordt toch de grootste staat ter wereld door alleen maar vijandige aanvallen af te slaan? En, sinds de 17e eeuw, was Rusland dat. Laten we de hoofdfeiten van de Russische expansie/agressie eens even op een rijtje zetten. In de 16e eeuw vond een offensief plaats in oostelijke richting ten koste van de mohammedaanse rijken van Kazan en Astrachan, in de 17e eeuw volgde Siberië en in de 18e eeuw kregen Turken en Polen te maken met de Russische stootkracht. Voegen wij daar voor de vorige eeuw nog aan toe dat Georgië en Armenië onvrijwillig bij het tsarenrijk werden ingelijfd en kwam tevens Centraal-Azië (voor de Russen ,,Srednaja Azia") in de tweede helft der 19e eeuw onder Russisch gezag te staan. Door deze voortdurende expansiepolitiek werd 1/6 deel van het aardoppervlak Russisch , territorium! Kortom het is op zijn minst zeer eenzijdig alleen te spreken over de invasies die ,,het heilige Rusland" heeft moeten verduren.

Verklaringen

Hoe kan deze Russische onophoudelijke expansie nu verklaard worden?Welke motieven lagen er aan ten grondslag? De Nederiandse Ruslandkenner dr. Roobol onderscheidt economische, politieke en militaire factoren. Pipes gaat ervan uit dat vooral economische factoren de doorslag hebben gegeven. Zijn redenering luidt dan: het Oorspronkelijk woongebied van de Russen was de noordelijke boszone (de taiga) waar zich het proces van de wording der Russische staat voltrok van de 13e tot de 16e eeuw, en juist dit gebied bood weinig bestaansmogelijkheden door de weinig vruchtbare grond en het korte agrarische seizoen. De oogstopbrengsten van dit gebied waren laag, veel lager dan b.v. in West-Europa. In de 19e eeuw berekende een vooraanstaande Duitse aardrijkskundige dat de natuurlijke omstandigheden in het noorden van Rusland een bevolkingsdichtheid toelieten van zo'n 25 mensen per vierkante km. Door de uitputting van de grond en steeds voorkomende overbevolking oefende het Russische volk een constante druk uit op de buurvolken.

Gronduitputting

Tussen de 16e en de 18e eeuw was de buitenlandse politiek van de Russen hoofdzakelijk gericht op de verovering van de uitgestrekte gebieden ten zuiden en zuidoosten van de taiga. Deze gebieden waren de zeer vruchtbare ,,tsjernozjom" d.w.z. de zwarte aardestreek. Om dit begerenswaardige landbouwgebied in handen te krijgen dienden vijandige Turkse stammen overwonnen te worden. Deze taak was in 1783 volbracht met de opname in Rusland van het rijk der Krim-Tataren. Daarna begon de Russische staat beslag te leggen grondgebied van de Pools-Litouwse staat. Laatstgenoemde staat verdween zelfs geheel op het eind van de 18e eeuw, zij het dat Rusland hier niet de enige kaper op de kust was. Vervolgens wendde het tsarenrijk zijn agressieve aandacht op de Balkan, Centraal-Azië en het Verre Oosten. Deze immense veroveringen losten overigens de landhonger van de Russische boeren niet op! Aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog bezat een kwart van de Grootrussische boerenbevolking geen grond om deze te bewerken.

Veel militairen

De verovering van zoveel gebied hield in dat Rusland een zeer groot deel van zijn nationale rijkdom moest besteden aan militaire doeleinden. De nationale economie was vooral ingesteld op oorlogvoeren. Onder tsaar Peter de Grote (1682-1725) nam de last van het militarisme op de bevolking nog meer toe. Tijdens zijn bewind moesten op de honderd inwoners steeds drie beroepssoldaten worden onderhouden. Een drukkende last van een in Westerse ogen ontoelaatbare omvang. Immers in het rijkere Westen achtte men in die tijd één onderhouden soldaat op de honderd burgers een raadzame zaak. Hoge, te hoge militaire uitgaven dus in Rusland, en dat voor een in wezen arm land. Geen wonder dat in sommige jaren het gehele nationale budget besteed werd aan militaire kosten!

We kunnen in de geschiedenis van Rusland een tragisch element onderkennen, namelijk het gevangen zitten in een vicieuze cirkel: armoede vereist veroveringen; veroveringen vereisen een groot Verklaringen miUtair apparaat; een groot militair apparaat vereist de produktieve krachten van het land en zo wordt de Russische armoede gecontinueerd!

Wakers over de staat

Het reusachtige Russische leger diende de staat niet alleen naar buiten toe, maar het leger had in het tsarenrijk ook een politieke taak, namelijk het handhaven van de interne rust en orde. Russische legerofficieren mochten in tijden van wijdverspreide burgerlijke onrust de noodtoestand afkondigen en zelfs burgers berechten, eventueel ter dood. Het keizerlijke leger had aan deze binnenlandse taak een grote hekel. En leidde juist de weigering van legeronderdelen om de bestaande politieke orde te handhaven niet tot de val van de laatste Russische keizer, Nicolaas II in februari 1917? Niet voor niets hebben de communistische heersers sinds Nicolaas II aparte legeronderdelen in het leven geroepen die de binnenlandse ordetaak dienen uit te voeren, dit zijn dan speciale KGB-eenheden en grenseenheden. Zo'n 500.000 tot 600.000 militairen zijn voor deze taak afgezonderd, ,,volledig militair" uitgerust overigens. Samengevat: meer dan 1/10 deel van het sovjetleger waakt over de eigen staat.

De vraag kan opgeworpen: geldt die nauwe band tussen leger en staat nu ook voor de opvolger van het tsarenrijk, de Sovjet-Unie? Hoewel de Russische communistische staat doordrongen is van een totaal andere ideologie dan het tsarenrijk, is die sovjetstaat op zijn beurt weer doordrongen van de erfenis van het tsarenrijk! Lenin en de zijnen namen immers de Russische tradities en problemen over, en of zij nu wilden of niet daar moesten ze mee zien te leven.

Klassenstrijd

De ideologie van het marxisme stamt uit de vorige eeuw en gaat ervan uit dat meedogenloze strijd noodzakelijk is ter regeling van de menselijke verhoudingen in de maatschappij. Lenin heeft dit strijdelement in het marxisme nog aangescherpt. Pipes zegt: „Het is rechtvaardig om te zeggen dat hij (Lenin) alle menselijke relaties opvatte in termen van confrontaties, van gevechten op leven en dood".

In de politieke literatuur van de Sovjet-Unie wordt oorlogvoering beschouwd als een aspect van de wereldomvattende klassenstrijd. Sinds de dagen van Chroesjtsjov behoort tot één der plichten van het sovjetleger buitenlandse revolutionaire bewegingen steun' te verlenen. Het zou een onderschatting zijn van de ideologie van het marxismeleninisme wanneer wij de stimulans van deze ideologie op het sovjetmilitarisme onderwaarderen. Zei Lenin niet: „Er zijn oorlogen en oorlogen"? Daarmede bedoelde hij rechtvaardige en onrechtvaardige oorlogen. Onder rechtvaardige oorlogen verstond Lenin natuurlijk de oorlogen in dienst van het socialistische ideaal. Onrechtvaardige oorlogen werden in Lenins visie alleen veroorzaakt door het kapitalisme.

In het voetspoor van Friedrich Engels kwam Lenin in 1917 tot de conclusie: „Bij een huidige oorlog is economische organisatie van beslissende betekenis". En aangezien Lenin nooit geloofde het kapitalisme te kunnen verslaan zonder slagveld diende de economische organisatie van de Sovjet-Unie óp het militarisme te zijn gericht. In maart 1919 verweet de Duitse socialist Karl Kautsky Lenin de instandhouding van een groot leger. Precies in een tijd waarin andere landen demobiliseerden.

Verschrikkelijk conflict

Het antwoord van Lenin was opmerkelijk. Hij verwees niet naar de burgeroorlog waarin zijn land toen nog was verwikkeld. Met een glimlach op zijn lippen kreeg Kautsky ten antwoord: „Alsof er ooit in de geschiedenis zelfs maar één grote revolutie is geweest die niet gepaard ging met oorlog. Natuurlijk niet! Wij leven niet slechts in een staat maar ook in een systeem van regeringen en het bestaan van de sovjetrepubliek naast de imperialistische staten is op lange termijn ondenkbaar. Op het eind zal öf de een óf de ander zegevieren. En voordat dit einde zal gekomen zijn is een serie van de meest verschrikkelijke conflicten tussen de sovjetrepubliek en de burgeriijke regeringen onvermijdelijk. Dit betekent dat de heersende klasse, het proletariaat, wanneer het wenst te heersen en het ook zal doen, dit ook moet demonstreren door militaire organisatie." Lenins antwoord maakt duidelijk waarom de Sovjet-Unie na de door de bolsjewiki gewonnen burgeroorlog haar uitgedijde leger niet ontbond, integendeel een militaire samenwerking aanging met het in de Eerste Wereldoorlog verslagen zijnde Duitsland! En dit dwars tegen de vredesbepalingen vart 1919 in. Overigens kregen de Russen voor deze samenwerking in 1941 en volgende jaren een zeer hoge prijs te betalen!

Militaire industrie
De sovjetleiders begrepen dat het Klassenstrijd verfoop van de Eerste Wereldooriog een fundamentele les voor hen inhield. Had het Russische keizerrijk niet opval; lend gefaald in deze grote ooriog? Lag de sleutel tot de overwmning niet in de industriële capaciteiten van een land? Daar kwam nog bij dat zeer bekwame miUtaire specialisten in de Sovjet-Unie gedurende de jaren, twintig tot de conclusie kwamen dat zij zich moesten voorbereiden op een ,,oorlog van machines". Voor zo'n toekomstige oorlog ontwierpen deze hoge sovjetmilitairen een aantal operatieplannen. Nam de regering in Moskou hun plannen over, dan zou de sovjeteconomie gebaseerd worden op het militarisme! En dat hield in industrialisatie met de nadruk op de zware industrie. Pipes poneert als prikkelende stelling dat in de Sovjet-Unie de industrie een bijprodukt was van het militarisme.

In het midden van de jaren twintig beseften de sovjetleiders dat buitenlandse leveranties aan het Rode Leger niet voldoende waren om dat leger up-to-date te doen zijn. De lancering van het eerste vijfjarenplan in 1927 waarmede de Sovjet-Unie de geforceerde industrialisatie van het land begon hangt dan ook nauw samen met militaire overwegingen.

Modernste leger

Niet voor niets toverde Stalin uit zijn rode hoed het onmiadellijke oorlogsgevaar waarin zijn land in 1927 zou dreigen te verkeren. Tegenstanders van Stalins economische politiek waren dan in feite landverraders! Nu kan tegengeworpen worden dat Stalins oorlogskreet pure propaganda was. Het propagandistische element zal stellig niet ontbroken hebben. Echter uit de discussies die het vijfjarenplan begeleiden komt zonneklaar het militaire element naar voren. En om nog een sterker argument aan te dragen: vanaf 1930 ontving het Rode Leger een gestadige stroom van oorlogsmaterieel uit Ruslands nieuwe industriële installaties. Met deze leveranties van eigen bodem konden de sovjetgeneraals aan de slag gaan. Wetenschappelijke onderzoekers beweren momenteel dat daardoor het Rode Leger in 1935 Europa's modernste leger was! We mogen concluderen dat de Sovjet-Unie in de jaren dertig bewust de bewapeningswedloop in gang heeft gezet.

Aanval Hitler

Hitlers aanval op de Sovjet-Unie van 1941 en de daarop volgende gigantische strijd tussen Duitsers en Russen heeft diepe sporen nagelaten bij het militaire denken van de sovjetleiders. Zo bleek een vastberaden en volledig gemobiliseerd ,,thuisfront" van onschatbare waarde. Geen wonder dat in onze tijd in de Sovjet-Unie zo'n grote waarde wordt gehecht aan de betrokkenheid yan jeugd en volwassenen bij militaire zaken. De Tweede Wereldoorlog verschafte het communistische bewjnd voor het eerst in de geschiedenis van de Sovjet-Unie de mogelijkheid om eensgezind op te trekken tegen een werkelijke, zeer gevaarlijke tegenstander, eensgezind met de gewone bevolking! Vandaar ook dat de herinnering aan deze gemeenschappelijke strijd tot op de dag van vandaag zo gekoesterd wordt als „de Grote Vaderlandse Oorlog". De Tweede Wereldooriog heeft het communistische bewind meer legitimiteit verschaft bij de bevolking dan de leer van het marxisme-leninisme. Maar die koestering van het oorlogsverleden bevordert wel het sovjetmilitarisme!

Theorie

Militaire theorie is allesbehalve een verwaarloosd onderdeel van het huidige sovjetmilitarisme. Een indrukwekkende hoeveelheid militaire publikaties wordt voortgebracht door een netwerk van militaire academies.

De Sovjet-Unie kent zeven „hogere" militaire academies waarvan de Militaire Academie van de Generale Staf het meeste prestige geniet. Het is onjuist om deze militaire publikaties af te doen als „slechts" de opinies van het militaire establishment. Immers zonder goedkeuring van de politieke autoriteiten zouden deze militaire schrifturen de drukpers niet hebben gehaald. Het opmerkelijke van deze publikaties is het alomvattende karakter ervan. Militaire en burgerlijke zaken liggen veel en veel dichter bij elkaar dan bij ons in het Westen. Volgens de sovjetmilitaire doctrine moeten zowel de legereenheden als de burgerbevolking lange tijd van tevoren geprepareerd zijn op een oorlogssituatie. Dus de gehele Sovjet-Unie dient op oorlog te zijn voorbereid en ingesteld. Of zo'n oorlog nu defensief of offensief van aard zal zijn doet aan de inhoud van de militaire leer niets af of toe.

Kernwapens

Het zou zeer de moeite waard zijn voor ons Westen om de sovjetvisie op kernwapens en het gebruik daarvan eens nauwkeurig te onderzoeken. Uit verschenen sovjetpublikaties blijkt tot nu toe in ieder geval geen volstrekt afwijzende houding tegenover kernwapens. De grote militaire waarde van kernwapens wordt erin onderstreept en in plaats van zoals nogal eens in het Westen gebeurt kernwapens, als een puur afschrikkingsmiddel te zien houden Russische militaire experts wel degelijk rekening in hun plannen met de aanwending van deze catastrofale wapens.

Wat staat het Westen te doen in dit tijdsgewricht tegenover de dreiging van het sovjetmilitarisme? Wel, antwoordt professor Pipes, het Westen moet de Sovjet-Unie duidelijk maken dat haar militarisme geneutraliseerd wordt door onze militaire bereidheid tot een serieuze defensiepolitiek!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 11 juli 1981

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

Het diepgewortelde sovjetmilitarisme wordt in het Westen sterk onderschat

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 11 juli 1981

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken