Bekijk het origineel

Van eenmalig naar meermalig

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Van eenmalig naar meermalig

„Veel dingen verdienen een langer leven"

7 minuten leestijd

De economisch moeilijke tijden hebben eigenlijk ook best wel voordelen: met een smallere beurs heb je weliswaar minder mogelijkheden, maar een feit is wel dat de mensen veel inventiever worden, slimmer in het zichzelf aanleren van allerlei handigheden waardoor ze met minder geld meer kunnen doen. Zuiniger leven — het kan bittere noodzaak zijn, maar óók éen sport.

Met de regelmaat van de klok zien we ze verschijnen: de winkeltjes in tweedehands kleding, vaak (nog) slechts een gedeelte van de week geopend en meestal gedreven door een huisvrouw, In vrijwel elke plaats kun je er één of meer aantreffen en bijna overal is er een aanzienlijke klantenkring. Geen wonder, zowel het verkopen als het kopen van gebruikte kleding is iets waarvoor menige huisvrouw zich gaat interesseren.

Het zaakje ,,Used articles" (gebruikte artikelen) in Wenum bijvoorbeeld loopt best. Behalve kleding worden hier overigens ook andere zaken ge- en verkocht: handwerkjes, boeken, antiquiteiten en curiosa. Brengen laatstgenoemde artikelen degenen die speciaal om goedkope kleding komen, niet in de verleiding? Nee hoor, zegt eigenaar, mevrouw Derenbos geruststellend. ,,Mensen die hier echt komen om kleren te kopen, gaan zelden met iets anders de deur uit."

Aanvankelijk was het haar bedoeling om alleen eigengemaakte spullen te verkopen. Maar al snel werd duidelijk dat het aan de man brengen van tweedehands kleding een lucratieve aangelegenheid was.

Winkelhaak
,,Nog niet zo lang geleden lag het dragen van gebruikte kleding voor velen echt nog in de taboesfeer. Als er iets nieuws nodig was, kocht je het gewoon. Maar kleren, vooral kinderkleren zijn soms bijna onbetaalbaar. En als je dan voor zoonlief eeji trainingsjack hebt gekocht en hij komt drie weken later thuis met een winkelhaak, heb je daar natuurlijk spijt van als haren op je hoofd. Hier hangen ze vooreen paar gulden..."

Trainingsjacks en dat soort dingen, daar beginnen de meesten mee. Na deze voorzichtige stappen op het gedragenkledingterrein krijgt men er meestal wel zoveel vertrouwen in, dat men hêt na verloop van tijd rustig aandurft om ook bloesen, truien en dergelijke te kopen. De prijs? Die hangt natuurlijk af van de staat waarin het betreffende kledingstuk verkeert, maar wordt natuurlijk zo laag mogelijk gehouden. Mevrouw Dorenbos: ,,Als je bij de discount een t-shirtje voor drie gulden kan krijgen, vraag ik er maximaal twee gulden voor".

Mevrouw Van Schalk zag wel brood in het verhandelen van tweedehands kinderkleding. Ook haar winkeltje, ,,De Grabbelton" genaamd, loopt als een trein: altijd zijn er wel een paar moeders in de rekken aan het snuffelen, waar vooral voor de hele kleintjes een behoorlijke keus is. Babvtruitjes, jurkjes en boxpakjes kosten slechts een paar gulden, schoentjes gaan voor welhaast symbolische bedragen en kleding voor grotere kinderen voor vooroorlogse prijzen de deur uit. En dat alles schoon en heel. Mevrouw Van Schalk: ,,Voorwaarde is, dat de kleding die hier gebracht wordt, er netjes uit moet zien. Dat betekent niet dat ik alles zo ophang, ik haal wel eens ergens een vlekje uit, of ik leg het op de strijkplank, maar als het echt vuil of te oud is, pak ik het niet aan". De werkwijze bij de Grabbelton is als volgt: mensen die kleding in komen leveren geven adres en gironummer op, van elk verkocht artikel krijgen ze een gedeelte van de opbrengst terug. Een systeem dat prima blijkt te werken. „Vraag en aanbod houden elkaar goed in evenwicht", vertelt mevrouw Van Schaik. ,,Het is gelukkig niet zo dat ik met hele voorraden ingeleverde kleding blijf zitten".

Subsidie

Wie helemaal op de hergebruiktoer wil moet eens een kijkje gaan nemen in het Kringloopcentrum in Den Haag. Wie daar ziet wat een mogelijkheden er zijn om gebruikte spullen nog eens te gebruiken — hetzij voor hetzelfde doel, hetzij voor iets anders — moet toegeven dat het om heel voor de hand liggende dingen gaat, het gescheiden bewaren van afval bijvoorbeeld, waar de meesten van ons echter nauwelijks bij stil staan.

Het Kringloopcentrum (gevestigd in een hergebruik-pand van de Emmaüsstichting, die zorg draagt voor het verkopen van tweedehands kleding en meubelen) kan zich sinds kort verheugen in overheidssteun om een rondreizende tentoonstelling over afval en hergebruik te financieren. De bezoeker wordt natuurlijk geconfronteerd met de groeiende afvalberg en overladen met tips die hem of haar bewegen tot een verstandiger weggooibeleid. ,,Veel dingen verdienen een langer leven" is het uitgangspunt bij deze expositie.

Dat glas niet in de vuilnisbak hoort en, evenals bijvoorbeeld papier, bij de daarvoor bestemde instanties terecht behoort te komen, weten we allemaal. Maar waarom zouden we kapotte knijpers, lucifersdoosjes, flessedoppen en dergelijke weggooien als je er hele leuke dingen van kan maken? En wat te denken van het verzamelen van suikerzakjes, blikjes, busjes en andere verpakkingen? Op die manier worden dingen, die voor de één waardeloos zijn, waardevol voor de ander. De bezoeker van de tentoonstelling leert verder onder meer wat hij allemaal kan doen met'oude kleren, hoe hij enveloppen meermalen kan gebruiken (door er een hergebruik-etiket op te plakken) en hoe hij met een technisch foefje er voor kan zorgen dat er in het toilet veel minder water wordt verspild.

Het idee voor de tentoonstelling is afkomstig van mevrouw Van Veen, éen van de ,,beheerders" van het Kringloopcentrum en samenstelster van het ,,hergebruikboék" (,,dubbeilang plezier van duizend en één dingen"), uitgegeven door De Kleine Aarde. Alles wat maar met afval of hergebruik té maken heeft, wordt erin genoemd: hoe maak je een composthoop, wat doen we met oude lappen, verpakkingsmateriaal, papier, tijdschriften, bouwmaterialen, ,,ambachtelijk afval", meubelen, onderdelen van fietsen, auto's, huishoudelijke apparatuur enz. Maar een boek is tenslotte maar een boek; het publiek wil eigenlijk liever concreet zien wat je nou allemaal met afval en gebruikte spullen kan doen en hoe het er dan uitziet. Vandaar die tentoonstelling.

Over gebrek aan interesse viel niet te klagen. ,,De belangstelling was meteen overweldigend. Toen de expositie hier in Den Haag gehouden werd, kregen we in drie weken tijds maar liefst 2000 bezoekers. Veel jongeren natuurlijk, maar toch ook wel ouderen". Behalve als informatiepost fungeert het Kringloopcentrum voornamelijk als verzamelplaats voor allerlei soorten afval en oude spullen: men kan er glazen en flessen brengen, onderdelen van fietsen, ongeverfd afvalhout, maar ook kaarsvet, verfresten, aluminium en andere kleine hoeveelheden metalen.

De mensen beginnen het al aardig te leren en het is haast vertederend om te zien hoe schuchter ze soms binnen komen met dingen waarvan ze niet weten wat ze er mee aan moeten. Maar je kan het zo gek niet noemen of er valt wel iets mee te doen. ,,Je kan echt merken dat de mensen niet zomaar lukraak alles weggooien, maar er eerst bij nadenken of het misschien nog ergens voor gebruikt kan worden", vindt mevrouw Van Veen.

Composthoop

In haar eigen gezin wordt wat dat betreft ook zeer bewust geleefd, alleen het hoognodige gaat met de vuilnisman mee. ,,Alle organische afval, zoals schillen, koffiedik, haren, bloemen en dergelijke gaat in een aparte bak voor de composthoop, de etensresten krijgen de kippen. Papier wordt natuurlijk opgespaard'ên ik probeer plastic zakken zoveel mogelijk te vermijden. Bij de bakker vraag ik bijvoorbeeld of hij het brood niet in plastic, maar in een papieren zak wil doen. In het begin word je wel even raar aangekeken, maar dat went ook wel weer. Verder koop ik zoveel mogelijk statiegeldglas, de rest gaat in de container".

We mogen niet verwachten dat heel Nederland binnenkort zo gaat leven als mensen als mevrouw Van Veen dat doen, maar ze ziet toch wel positieve ontwikkelingen. ,,Je komt echt wel, moedgevende dingen tegen. Zo was ik pas op een middelbare school, waar de leerlingen massaal hadden besloten dat iedereen voortaan koffie zou drinken uit een (van thuis meegebrachte) kom, zodat de plastic bekertjes afgeschaft konden worden. Zoiets vind ik nou enorm leuk".

De medewerkers van het Kringloopcentrum hebben voorlopig de handen meer dan vol. Afgezien van de Hagenaars die regelmatig aankloppen met gebruikte materialen, komen er steeds meer vragen, uit het hele land. Waaruit blijkt dat zowel gewone mensen, als de overheid en het bedrijfsleven langzaam maar zeker gaan inzien dat het onverantwoord is, gezien de toestand van het milieu en de schaarser wordende grondstoffen, om alles maar klakkeloos op de vuilnisbelt te gooien. En misschien worden we nog wel eens zo verstandig dat we straks, om met het hergebruikboek te spreken, ,,onderdelen uit een verroeste auto halen om ze te gebruiken bij de bouw van een windmolen, een lekke trommelwasmachine veranderen in een pottenbakkersschijf en van oude kale overgordijnen een ijzersterk voddekleed weven".

Het Kringloopcentrum (Prinsengracht 38) is alléén geopend op vrijdagen van 10 tot 4 uur.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 31 oktober 1981

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

Van eenmalig naar meermalig

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 31 oktober 1981

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken