Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

In „Vervolgd christendom

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

In „Vervolgd christendom" niet achterom maar vooruit kijken

Ter Maat: volgens mij was Floreck overwerkt

8 minuten leestijd

SOEST — De directeur van ,,Vervolgd cliristendom", W. R. Repko', heeft de Nederlandse stichting vaarwel gezegd. Doelstelling van „Vervolgd christendom" is „hulp aan christenen en het Evangelie aan de volkeren onder communistisch bewind". Het vertrek van Repko heeft niets te maken met de telkens, al jarenlang, weerkerende berichten over financieel wanbeheer bij de Amerikaanse organisatie „Evangelism Center", waarvan „Vervolgd christendom" een onderdeel is.

Uat zegt J. ter Maat, Repko's opvolger. Hij trad mei 1980 in dienst bij de Oost-Europa-organisatie en functioneert al geruime tijd als directeur van het „Internationaal Christelijk steunfonds" (ICS), 'een volle dochter van „Vervolgd christendom", gehuisvest in hetzelfde als kantoor ingerichte woonhuis aan de Ereprijsstraat in Soest en met dezelfde administratieve bemanning.

Waarom is Repko dan wel vertrokken? Wel, Repko was degene die tien jaar geleden soortgelijke organisaties als „Vervolgd christendom" in Duitsland en Zwitserland stichtte. Toen Zwitserland in januari of februari van dit jaar afhaakte, zelfstandig, los van Evanglism Center, verder wilde zei Repko, dan zal ik in Zwitserland een nieuwe organisatie gaan opzetten. Daar is hij nu mee bezig, aldus Ter Maat.

Waar Repko kerkelijk staat, zo vraag ik aan Ter Maat? Ik geloof dat hij uit de Pinksterbeweging kwam,' maar de laatste tijd was hij ook zwervend, net als ik.

Opvolging

De 37-jarige Ter Maat — van huisuit Gereformeerd, maar overgedoopt — is inmiddels mede-oprichter van een in het Noordhollandse Huizen nu zo'n twee maanden draaiende beginnende Baptistengemeente. Hij komt. uit het zakenleven, heeft zowel pleisters als brandkasten verkocht en is nu dan bezig geld in te zamelen voor verdrukte christenen die zuchten onder communistisch geweld.

Ik probeer, zegt Ter Maat, er een cleane, een doorzichtige situatie van te maken. Dat blijkt dan uit het decembernummer van „Vervolgd chris-. tendom", dat voor het eerst sinds jaren een — zij het uiterst beknopte — verantwoording van ontvangen gelden bevatte. Of beter, een overzicht van inkomsten in een vijftal hoofdposten, samen een bedrag van 672.377 gulden over de eerste drie kwartalen van 1981, zonder nadere specificatie (al was het slechts met vermelding van initialen) van de gevers.

Dat is dan ook de klacht, eveneens betrekking hebbende op ICS, van menige begimstiger van „Vervolgd christendom": een grondig verslag van wat met ons geld wordt gedaan krijgen we niet. Ik weet niet of het verstandig is, zegt Ter Maat, om over grote aantallen Bijbels te spreken die wij konden invoeren in communistische landen. Maar, zo blijft mijn vraag liggen, de begunstigers van ICS mogen toch wel weten wat er precies gedaan wordt voor de adoptiekinderen? Ons bereikten klachten dat de milde gevers daaromtrent in het duister tasten.

Hoge kosten

Ter Maat wil een cleane, doorzichtige situatie creëren. Dat is ook wel nodig. Want „Vervolgd christendom" heeft veel te hoge kosten gemaakt. In het boekjaar 1977/1978 ontving „Vervolgd christendom" 343.939 gulden terwijl — Ter Maat vertelt het met enige aarzeling — 38 procent aan kosten gemaakt werd. Wat zegt mijn lezer? Is het transport van Bijbels naar Hongarije of Roemenië zo duur? Daar gaat het helemaal niet over! Die 38 procent is louter gemaakte kosten voor geldwerving, het bijeenbrengen van geld én het bewustmaken van . mensen van de grote nood achter het IJzeren Gordijn.

In het boekjaar 1978/1979 kwam er 552.489 gulden binnen voor „Vervolgd christendom". Het kostenpercentage daalde toen tot 20 procent maar bleef in werkelijkheid boven de 100.000 gulden. In het boekjaar 1979/1980 kwam er bijna één miljoen gulden binnen en zakten de kosten naar 15 procent maar... in 1979 kwam als nevenorganisatie de ICS in de picture.

Voor de ICS, zegt Ter Maat, komt twee keer zoveel binnen als voor „Vervolgd christendom". Dat komt waarschijnlijk omdat je met een financiële actie voor ontwikkelingswerk — in landen als Somalië, Oeganda, Pakistan en in Zuidoost-Azië — een veel bredere belangstelling ftfekt dan met acties voor vervolgde christenen. In elk geval, dankzij de inkomsten van de ICS konden onze kosten rond 15 procent blijven, aldus Ter Maat. Dat betekent,, antwoordde ik, dat als de inkomsten verdriedubbelen de kosten procentueel gezien wel laag kunnen blijven maar in werkelijkheid sterk kunnen stijgen.

Slechts geldwerving

De kosten zijn nog altijd hoog voor wie weet dat er in Soest vier full-time krachten en twee part-timers bezig zijn, maar altijd slechts met het bijeenbrengen van geld en bewustmaken van mensen en niet met de besteding ervan dogr rechtstreekse hulp. Er staat in de Ereprijsstraat niet één auto voor de deur met een dubbele bodem.

Dét is óns werk, zegt Ter Maat: Wij houden ons bezig met fondsenwer-ving, moeten binnen komend geld registreren, houden het adressenbestand bij en geven op zo groot mogelij-' ke schaal bekendheid, onder andere door ons orgaan, aan de nood. Al ben ik, zo vertelt hij, zelf wel in Polen en Joegoslavië geweest om bij de geldwerving toch te weten waar je over praat en hoe het besteed wordt.

Maar waar blijft dan het geld? Dat gaat naar een- centrale bankrekening in West-Duitslapd, aldus de nieuwe directeur, die mij desgevraagd vertelt hoe de organisatie in elkaar zit. Geldwerving en -besteding zijn zoals gezegd gescheiden. Dat is denk ik de oorzaak dat er in een blad als „Vervolgd christendom" weinig concreet wordt gerapporteerd over besteding.

Organisatie

Het internationale en overkoepelende comité Evangelism Center bestaat uit drie Amerikanen en één man uit Nieuw-Zeeland, Zuid-Afrika, West-Duitsland en Nederland. President is L. J. Bass die ook met de uitvoering van alle zaken is -belast. Het comité komt twee keer per jaar bijeen, zegt Ter Maat, de ene keer om budget en plannen goed te keuren, de andere keer om achteraf de besteding te controleren.

Het valt mij niet moeilijk Ter Maat erop te wijzen hoe Bass, de enige fulltimer uit het comité en daardoor de enige man die van binnenuit weet hoe de zaak feilt en zeilt, wel een heel grote vinger in'de geldbestedingspap moet hebben, een veel te grote vinger.

Want aan Bass zijn verantwoording schuldig de zogenoemde „national managers" — in Canada, Zweden, Engeland, West-Duitsland, Zwitserland, Australië, Zuid-Afrika, Oostenrijk (alleen ICS) en Nederland (Ter Maat) — allemaal full-timers met weer een paar mensen onder zich, louter voor de geldwerving.'

Topzwaar

Ook de mensen die bij de geldbesteding worden ingeschakeld — een diredteur Oostwerk, coördinators voor Somalië en Oeganda, Pakistan, Thailand, Filippijnen en China en Portugal — zijn aan Bass en aan het internationale comité verantwoording schuldig.

Mijn conclusie kan niet anders zijn dan: een prachtig geoliede organisa. tie, maar topzwaar. Dat bevestigt mij het Amerikaanse blad „Money" van oktober 1981, waarin overzicht wordt gegeven van het „bestedingspatroon" van 16 grote charitatieve de organisaties met inkomsten variërend van één tot meer dan 200 miljoen., dollar. Evangelism Center geeft op twee na het laagste percentage van werkelijke besteding aan programma's waarvoor gegeven is, namelijk 60 procent. De tabel vertelt dat 15 procent van de inkomsten wordt besteed aan geldwerving. De resterende 25 procent zullen organisatiekosten moeten zijn, het hoogste percentage van de lijst.

Waaronder worden nu de kosten voor een groepsleider in Somalië geboekt, bij organisatie óf bij die 60 procent? Ik weet het niet, moet Ter Maat eerlijk bekennen. Waaronder de vliegreis met hulppakketten vóór Somalië? Ik weet het niet.

Fouten begrijpelijk

We praten nog wat doof over de hulpverlening van ICS aan Somalië, die na zijrt bezoek aan dat land door collega Bergwerff in het „Nederlands Dagblad" begin dit jaar aan de kaak gesteld werd als volkomen ondoelmatig en geldverslindend. Ach, zegt Ter Maat, in een organisatie 'die in de groei is worden weleens fouten ..gemaakt. Bergwerff ontmoette Amerikanen en hun werkwijze spreekt ons Europeanen niet zo aan. Na lezing van zijn artikel heb ik een heel gesprek gehad met'de directeur OostAfrika, helaas wist ik niet alles. Ik had het liever niet uit de krant vernomen.

Maar hoe zit het dan met de onthullingen-van Heinz Floreck, toen nog directeur -van de veel geld bijeenbrengende Duitse afdelingen van Evangelism Center, dat de giften slechts in geringe mate zijn aangewend voor het aangegeven doel? Het is mij onbegrijpelijk, zegt Ter Maat eerlijk, dat hij weg is. Volgens mij was hij overwerkt, hij meende dingen te zien die niet juist waren. Ze zijn allemaal gecontroleerd, maar bleken niet met zijn mededelingen te kloppen.

Waarom heeft broeder Alexei die, gevlucht uit het Oostblok, voor „Vervolgd christendom" in het openbaar gesproken heeft dan met Bass gebroken? Dat is, zegt Ter Maat, wellicht mede onder invloed van Floreck geweest. Ik kan me ook voorstellen dat zo'n gevoelige man als ,hij niet tegen de problemen kan van een organisatie die in opspraak is. Voor iemand die uit het Oosten komt is onze Westerse Wijze van met ..geld omgaan al een moeilijk begrip.

Bent u op de hoogte van de scherpe tegenstelling tussen Wurmbrand en Bass? Zeker, daar heb ik me in verdiept, maar daar wil ik geen uitspraak over doen. Ik ben geen mens om terug te kijken, maar om vooruit te kijken. Alle dingen die er gebeuren kun je misschien niet vergeten, maar je moet bedenken: waarvoor zitten we hier, daar gaat het om, aldus Ter Maat.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 december 1981

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

In „Vervolgd christendom

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 december 1981

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken