Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Thuisblijvers werden de allergrootste partij

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Thuisblijvers werden de allergrootste partij

VERKIEZIN DUIAO Absolute stemcijfers daarom van extra betekenis

7 minuten leestijd

EN HAAG — De thuisblijvers vormden gisteren bij de

statenverkiezingen de grootste partij. Ruim 3,2 miljoen kiezers vonden het niet de moeite waard om de gang naar de stembus te maken. In totaal werden er volgens de voorlopige cijfers 6.853.200 geldige stemmen uitgebracht. Dat waren er bijna twee miljoen minder dan bij de kamerverkiezingen van vorig jaar. Om precies te zijn 1.833.187. Het waren er ook ruim 700 duizend minder dan bij de statenverkiezingen van vier jaar geleden.

De PvdA'namen we reeds onder de loep. D'66 zakte van 955 duizend stemmen vorig jaar naar 569 duizend nu. Ruim een derde van de stemmen verloren dus.

Het CDA boekte in stemmenpercentage wel winst, maar niet in aantallen stemmen. Het waren er gisteren bijna 400 duizend minder dan vorig jaar. Ook daar waren kennelijk de thuisblijvers niet weinig. Want de WD, de grote winnaar van de verkiezingen, ging nog geen 25 duizend stemmen vooruit.

Dat betekent wel dat men voor een reële analyse van de jongste verkiezingsuitslag terdege rekening moet houden met deze lage opkomst. De opkomst was gisteren'bijna even laag als bij de statenverkiezingen van 1970, de eerste verkiezingen na de afschaffing van de opkomstplicht. Toen bracht 66,6% van de kiezers een geldige stem uit. Gisteren was dat 67,9%

Nu was het allang duidelijk dat een lage opkomst niet voor alle partijen hetzelfde effect heeft. De kleine protestantse partijen: SGP; GPV, RPF hebben een trouw kièzerscorps. Hun kiezers komen in de regel wel naar de stembus, ook al is de opkomstplicht al lang afgeschaft en is de algemene politieke malaise groot. Opkomst vergelijking

Die kleine protestantse partijen gingen bij elkaar zo'n tienduizend stemmen vooruit: van 347 duizend naar 358 duizend. Uiteraard steeg hun percentage flink. Vorig jaar kwamen ze aan de vier procent, thans was dit ruim vijf (5,2%).

Kamerzetels

Hoewel het gisteren strikt genomen ging om de verkiezing van de provinciale staten, waren vele commentatoren druk bezig deze uitslag om te rekenen in Tweede-Kamerzetels. Nu was dat ditmaal al niet zo eenvoudig vanwege de vele ineengeschoven lijsten die er zowel aan de linkerkant als aan de rechterkant van het politieke spectrum waar te nemen vielen.

In wat mindere mate geldt dat ook van de CDA- en VVD-kiezers. De linkse partijen zijn daarentegen erg kwetsbaar voor een lage opkomst. Hun kiezers laten het gemakkelijk afweten.

Dat verschijnsel heeft zich gisteren ook voorgedaan. Als we ons met Den Uyl/afvragen waar de bijna een mil' jjjen kiezers gebleven zijn, die vorig Ijaar mei nog wel op de PvdA stemden, maar nu niet meer, dan is het antwoord niet zo moeilijk. Die zijn gewoon thuis gebleven. Althans voor het overgrote deel.

Absolute cijfers

Verder moet men wel bedenken dat het sinds de afschaffing van de opkomstplicht nog steeds zo geweest is dat bij de kamerverkiezingen de opkomst groter was dan bij de statenverkiezingen. En een grotere .opkomst alleen al geeft een andere uitslag te zien: winst voor de linkse partijen, verlies voor de rechtse.

Bovendien moet men wel beseffen dat wanneer deze verkiezingsuitslag jipu,leiden tot een kabinetscrisis (het%ëéft lang niet denkbeeldig is), die breuk op zich een nieuw politiek feit is, die haar invloed zal hebben op de kiezers. Dat alles maakt dat men voorzichtig moet zijn men het omrekenen van de statenverkiezingen in kamerzetels en toekomstige regeringscoalities.

Meer dan anders is het daarom van belang om ditmaal naar de absolute stemcijfers te kijken. Die zijn in sommige opzichten nog wel belangrijker dan de stemmenpercentages. Als we 52 UITSLAG PROVINCIALE STATENVERKIEZINGEN 1982

Het CDA is nu voluit de grootste partij van het land. In 1977 werden de christen-democraten nog door de PvdA gepasseerd, maar reeds het jaar daarop wisten zij revanche te nemen. Vergeleken met de vorige statenverkiezingen liep het CDA ditmaal wat terug. Vandaar dat het een twintigtal statenzetels moest prijsgeven.

In zeven van de elf provincies bleef het CDA de grootste partij. In ZuidHolland wist het de eerste plaats op de PvdA te veroveren. Die. eerste plaats behielden de socialisten wel in Groningen en Drente. In Noord-Holland verloren ze de eerste plaats aan deWD! Het CDA bleef daar de tweede partij.

Ook in tal van grote steden kwam het CDA gisteren op de eerste plaats terecht. Dat was het geval in Zwolle, Arnhem en Maastricht.

Vergeleken met de statenverkiezingen van vier jaar geleden leed het CDA vooral verlies in de provincies Friesland, Gelderland en Utrecht. In Limburg bleef het volledig op peil.

Grootste klap

De PvdA kreeg de grootste klap uit haar geschiedenis te verwerken. In tien maanden tijd verloor zij een kwart van haar aanhang. Vergeleken met de statenverkiezingen van vier jaar geleden raakte zij zelfs meer dan een derde kwijt. Geen wonder dat de PvdA bijna honderd statenzetels moest prijsgeven.

En, wat psychologisch misschien nog wel erger was, de PvdA werd de derde partij. Vijf jaar geleden nog de grootste partij van het land, thans gepasseerd door de club van Wiegel! Wie had dat tot voor kort kimnen denken.

In Tweede-Kamerzetels omgerekend zou de PvdA tien zetels moeten prijsgeven. En dat na het verlies van negen zetels vorig jaar. De grootste verliezen leed de PvdA in het zuiden. In Noord-Brabant acht procent, in Limburg bijna negen. In ^e provincies was de opkomst ook hetlaagst.

De WD vierde gisteren haar triomfen. Voor het eerst kwam ze boven de 20 procent uit en wist ze haar grote tegenstander, de PvdA, met een neuslengte te verslaan. Wiegel kreeg zo'n 30 duizend stemmen meer dan Den Uyl, al waren ze geen van beiden kandidaat. Want noch de grote winst van de WD (32 statenzetels erbij) noch het grote verlies van de PvdA heeft iets te maken met de kwaliteiten van de provinciale politici die de verschillende lijsten aanvoerden.

De winst van de WD was het geringst op het platteland. Daar was de opkomst ook het hoogste. In het noorden en oosten van het land bleef de WD nog kleiner (soms zelfs stukken kleiner) dan de PvdA. In de westelijke en zuidelijke provincies wist zij deze partij te passeren. In Noord-Holland werd de WD "slfs de grootste partij. Dat was ook 1 t geval in grote steden als Den Haag, naarlem en Hilversum.

D'66 bleek voorlopig weer over haar hoogtepunt heen te zijn. Dit blijft toch een partij met een sterk fluctuerende kiezersbasis. Vergeleken met de vorige statenverkiezingen boekte ze echter een behoorlijke vooruitgang, hetgeen heel wat statenzetels opleverde^Haar hoogste stemmenpercentage baiaalde de partij van Terlouw in Noord-Holland, het laagste in Friesland.

Samenwerking

Zowel door de kleine Unkse als door de kleine protestantse partijen werd ditmaal nauw samengewerkt. Soms met gemeenschappelijke lijsten soms door Ujstcombinatie. Dat leverde hen heel wat extra statenzetels op. Maar het wordt daardoor moeilijker om een beeld te krijgen van hvm momentele aanhang onder het kiezerscorps.

De kleine linkse partijen vertonen alle drie wel enige groei. De CPN, die vorige keer uit bijna alle staten verdreven werd, is thans op Zeeland na, weer in alle provincies vertegenwoordigd. In totaal dertien zetels winst' voor de communisten!

De PSP won er zelfs vijftien en heeft er nu in totaal 19. Zij is in alle provincies present. Datzelfde geldt voor de PPR, die in totaal aan vijftien zetels kwam.

RPF 10 zetels

De drie kleine protestantse partijen wonnen bij elkaar niet minder dan negentien statenzetels: de RPF 10, het GPV 5 en de SGP 4. Vier jaar geleden viel de RPF nog in alle provincies buiten de prijzen. Maar haar deelneming aan de verkiezingen bracht het GPV grote schade toe. Dat verloor toen 7 statenzetels en hield er nog maar vier over.

Van de negen statenzetels die het GPV nu verwierf, behaalde zé er zes op eigen lijsten en drie op gemeenschappelijke lijsten met de RPF. In totaal is het GPV nu in zeven provincies weer vertegenwoordigd.

De RPF is zelfs in acht provincies vertegenwoordigd. Alleen in NoordHoUand en de twee zuidelijke provincies heeft de RPF geen vertegenwoordiger in de staten. Van haar tien statenzetels behaalde zij er zes op eigen lijsten, drie op gemeenschappelijke lijsten met het GPV en één (in Friesland) op een lijst met de SGP.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van Thursday 25 March 1982

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Thuisblijvers werden de allergrootste partij

Bekijk de hele uitgave van Thursday 25 March 1982

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken