Bekijk het origineel

Ramp dreigt altijd op de Noordzee

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Ramp dreigt altijd op de Noordzee

Piper Navajo onmisbaar bij opsporing olieverontreinigingen

9 minuten leestijd

„Romeo Whiskey Sierra", knettert de luidspreker op het instrumennpaneel aan boord van de tweemotorige Piper Navajo. Het oproep!in voor het verkenningsvliegtuig van Rijkswaterstaat directie Noordse blaast nieuw leven in de vermoeide waarnemer Rob Cramer. Enkeminuten eerder hurkte hij uitgeblust in het kantoortje van Fast Airays op het Rotterdamse vliegveld Zestienhoven. De nasleep van het igeluk met de Griekse tanker Katina waardoor begin juni ongeveer 100 kubieke meter zware stookolie de Noordzee vervuilde, sloopte de rachten van Cramer. De uitvoering van het rampenbestrijdingsplan oordzee hield tientallen mannen dagenlang in actie. Op zee op verihillende oliebestrijdingsschepen, in het rampencentrum van RijkswaTstaat in Rijswijk, in de oude bakstenen toren van het Controle en In>rmatie Centrum in Hoek van Holland en in de lucht in het oranje-wit 1 blauwe vliegtuigje van Rijkswaterstaat en het rood-blauw-witte liegtuigje met de waarschuwende tekst Pollution Control, controle op jevervuiling.

Waarnemer Rob Cramer denkt alleen log maar aan een bed wanneer we met lem de lucht in gaan enkele dagen nadat [e Katina over een ankerketting van een "rans schip voer en zo de grootste olielek voor de Nederlandse kust verooraakte. Cramer is niet de enige die naar ust verlangt. De bemanning van het' iliebestrijdingsvaartuig Smal Agt gaf ijn uiterste krachten aan het opruimen an de 16 vierkante kilometer grote olielek op de Noordzee. De stemming op Ie Smal Agt daalde tot beneden het riespunt toen het schip na drie dagen èrugkoerste naar de haven. Rob Cra,ier zit uitgeput op de grond. Zijn fel iranje overall geeft wat kleur aan het so«re interieur van Fast Airways. Moeiaam hijst Cramer zich overeind wanjcer de twee vliegers het sein tot vertrek even. „Op weg naar een vlekkeloos lestaan", kan de waarnemer weer grappen, op enkele honderden meters boven et Westlandse kassengebied. Het verkenningsvliegtuig PH-RWS is an onschatbare waarde voor Rijkswasrstaat directie Noordzee. Bijna dageijks gaat het toestel af op oliemeldingen ip de Noordzee. Tijdens patrouilleluchten spoort de waarnemer aan loord van het vliegtuig olieverontreini

Hoek van Holland - De toren van et Controle en Informatiecentrum. ingen op. Soms lukt het schepen die lie in zee lozen op heterdaad te betrappen. De waarnemers in de PH-RWS ebben het idee dat er minder olie opettelijk in de Noordzee geloosd wordt, mdat de zeelui weten dat zij vanuit de jcht gesnapt kunnen worden. Met het verkenningsvliegtuig contro;ert Rijkswaterstaat ook schepen die leaal afval lozen of verbranden. Herhaalelijk wordt de Piper Navajo ingezet oor verkeerstellingen langs de Nederindse kust. Vanaf 1 januari volgend kar gaat de PH-RWS ook 's nachts de acht in. Met speciale apparatuur onteemt Rijkswaterstaat kwaadwillende apiteins de gelegenheid om in de duisernis afvalolie te lozen. \ Het verkenningsvliegtuig: de Piper iavajo.

Kans

De kans op een olieramp op het Nederlandse deel van de Noordzee is groot: twee a drie ongevallen per jaar. Uit een kansberekening van Rijkswaterstaat blijkt dat wij eens in de 165 tot 250 jaar te maken krijgen met een olieramp waarbij 100.000 kubieke meter olie vrijkomt. Voor de Nederlandse kust hebben zich in de afgelopen jaren een aantal middelgrote olieverontreinigingen voorgedaan. In het Nederlandse deel van de Noordzee werd het water het hevigst vervuild met 8000 kubieke meter olie na een aanvaring van het schip Olympic Alliance in 1975. Grotere tankers op de steeds drukker wordende Noordzee verhogen niet alleen de kans op een ramp, maar zorgen er ook voor dat de risico's groter worden. De hoeveelheid olie die na een ongeluk in het zeewater terechtkomt is toegenomen.

Na de ramp met de Liberiaanse tanker Torrey Canyon in 1967, waardoor grote delen van de Franse'en Engelse kust met olie werden verontreinigd, zetten de landen rond de Noordzee een samenwerkingsverband op om gezamenlijk olieverontreinigingen te bestrijden. In 1969 werd het verdrag van Bonn gesloten. De staten rond de Noordzee spraken af dat zij elkaar zouden assisteren wanneer een olieverontreiniging de perken te buiten zou gaan..

Handhaving van een goede kwaliteit van het zeewater, een groeiend milieubesef, de toenemende drukte op de Noordzee en activiteiten van oliemaatschappijen deden de minister van Verkeer en waterstaat in het begin van de jaren zeventig besluiten een aparte directie Noordzee van Rijkswaterstaat op te richten.

Strak beleid

De nieuwe directie Noordzee in Rijswijk houdt zich onder andere bezig met het terugdringen van de zeevervuiling. Er wordt een strak beleid gevoerd bij het geven van ontheffingen voor het storten van baggerspecie en het lozen en verbranden van afvalstoffen op zee. Zo houdt de directie Noordzee van Rijkswaterstaat de dumping van 400.000 kubieke meter baggerspecie in zee door de Rotterdamse scheepswerf Wilton-Fijenoord tegen.

,,Het signaleren en bestrijden van olievlekken of andere verontreinigingen", zo staat deze taak van de directie Noordzee omschreven in een foldertje van het ministerie van Verkeer en waterstaat. Achter deze korte zin gaat een groot netwerk van activiteiten schuil. Secretaris van de directie Noordzee, Kees Poot, vertelt dat jaarlijks zes miljoen ton olie in de wereldzeeën terecht komt. Vijfendertig procent is afkomstig van de scheepvaart. Een kwart daarvan stroomt de zee in na een ongeluk.

Het grootste deel van de olievervuiling door de scheepvaart wordt veroorzaakt door het lozen van ballast- en tankwaswater. Honderden olieverontreinigingen worden jaarlijks bij de directie Noordzee aangemeld. Geregeld betrapt de waarnemer in het verkenningsvliegtuig schippers die opzettelijk olie op zee lozen. In 1978 werden 148 schepen be

Het oliebestrijdingsvaartuig de Cosmos haalt met zijn drijvende veegarmen de olie uit de zee.

De waarnemer aan het werk in verkenningsvliegtuig. trapt die moedwillig olie loosden. In 1980 was dat aantal 50. Niet alleen de PH-RWS spoort olieverontreinigingen op, ook komen meldingen binnen van de marine, luchtmacht, rijkspolitie, burgerluchtvaart en koopvaardijschepen.

Boete

Wanneer het mogelijk is wordt een foto yan een olielozend schip gemaakt. Als blijkt dat het internationaal verdrag ter voorkoming van verontreiniging van de zee door olie is overtreden, wordt een onderzoek ingesteld door het Directoraat Scheepvaart en Maritieme Zaken (DGSM). Aan de hand van oliemonsters en controle van het oliejournaal waarschuwt het ministerie van Buitenlandse zaken de vlaggestaat van het schip. Jammer genoeg blijkt slechts in enkele gevallen dat door die vlaggestaat een boete opgelegd wordt aan de kapitein van de olielozer. Volgens directiesecretaris Poot wordt maar één procent van het aantal illegaal olielozende schepen betrapt. Een veel gebruikt excuus van een kapitein die gesignaleerd wordt bij een ohevlek is: ,,Dat was van een ander schip, waar ik doorheen voer".

Nadat een melding van een olieverontreiniging, ongeluk of calamiteit binnenkomt op het 24 uur per dag bemande Controle en Informatie Centrum (CIC) van Rijkswaterstaat in Hoek van Holland, krijgt de afdeling rampenbestrijding van de directie Noordzee direct bericht. Vanuit Rijswijk kan men besluiten tot het laten uitvoeren van een verkenningsvlucht, het laten uitvaren van het oliebestrijdingsschip Smal Agt of het waarschuwen van meer personeel. Alleen de hoofdingenieur-directeur van de directie Noordzee mag de eigenlijke rampenorganisatie alarmeren. Gebeurt dit, dan roept hij èen rampenteam in het leven dat bestaat uit een beleidsteam en een operationeel team. Op de plaats van de ramp krijgt iemand de functie van coördinator plaats ongeval.

Behalve de Smal Agt heeft Rijkswaterstaat de beschikking over twee baggerschepen die binnen enkele uren omgebouwd kunnen worden tot oliebestrijdingsvaartuigen. De Cosmos en de Hein kunnen op elk moment van de dag uit hun normale baggerwerk voor rijkswaterstaat gehaald worden.

Indruk

Nederland maakte op de buitenwacht indruk met een nieiiwe oliebestrijdingsmethode. Drijvende veegarmen die . langszij het oliebestrijdingsvaartuig worden gesleept halen de olie uit zee. Na een ingrijpende verbouwing van de Smal Agt in 1977 deed het schip, nu uitgerust met de veegarmen, andere oliebestrijders verbaasd staan. De Smal Agt bewees de kwaliteiten van het nieuwe systeem na de ramp met de tanker Amoco Cadiz in de Franse kustwateren in 1978. Voorheen verdreef men de olie met chemische middelen. Ook maakten de oliebestrijders gebruik van verbrandings- en zandbezinkmethoden. Olie bestrijden met de verbrandingsmethode betekende in het verleden: de olievlek met speciale granaten in brand schietert. Bij de zandbezinkmethode brengt een mengsel van zand en water de olie tot zinken. Beide methoden zijn nooit op de Noordzee toegepast. Luchtvervuiling (verbranding) en schade aan het zeemilieu (zandbezinkmethode) waren onoverkomelijke bezwaren. Olieverontreinigingen op zee met chemische middelen bestrijden is volgens Poot ook onaantrekkelijk: ,,Wij staan op dit standpunt dat je olie niet met chemische middelen moet bestrijden, omdat er dan nog meer vervuiling in zee optreedt". . In het Controle en Informatie Centrum van Rijkswaterstaat in Hoek van Holland begeleidt een team van zes operators in volcontinudienst diepstekende olietankers naar Rotterdam-Europoort. Geen schip mag door de Eurogeul varen zonder toestemming van Rijkswaterstaat. Die toestemming is afhankelijk van de diepgang van de tanker en allerlei weerkundige en oceanografische gegevens. In de voormalige radarpost van de Duitsers bevindt zich het zenuwcentrum van het Meetnet Noordzee. De gegevens die uit dit meetnet komen zijn belangrijk voor de bouwers van de stormvloedkering in de Oosterschelde en de stormvloedwaarschuwingsdienst. Bij de Tweede-kamerdebatten over de sluiting van de Oosterschelde in 1974 beloofde de toenmalige minister van Verkeer en'waterstaat dat op de Noordzee meetpunten zouden worden ingericht voor het inwinnen van oceanografische en meteorologische gegeven om de stormvloedwaarschuwingsdienst te verbeteren.

Weersvoorspellingen

Rijkswaterstaat en hèt KNMI in De Bilt krijgen nu dagelijks gegevens over luchtdruk, wind, golven, waterstand en lucht- en watertemperatuur op verschillende plaatsen op de Noordzee. ,,Na jaren is gebleken dat onze weersvoorspellingen nauwkeuriger zijn dan die van het KNMI", zegt het hoofd van het Controle en Informatie Centrum, P. Verburg.. Via een computersysteem seint het CfC de ingewonnen gegevens door naar het KNMI, de storm vloed waarschuwingsdienst en de Oosterscheldeweffön.. Dank zij het meetnet Noordzee kan eerder gewaarschuwd worden voor extreem hoge waterstanden. Overheden en dijkbewakers hebben meer tijd om de noodzakelijke maatregelen te treffen. Schepen drijven met een veegnet de olie van de,, Katina "op.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 7 augustus 1982

Reformatorisch Dagblad | 15 Pagina's

Ramp dreigt altijd op de Noordzee

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 7 augustus 1982

Reformatorisch Dagblad | 15 Pagina's

PDF Bekijken