Bekijk het origineel

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

"Ik ben stomverbaasd dat die pijlerdam niet duurder is"

De bekentenis van oud-Deltahoofd ir. Ferguson:

7 minuten leestijd

VOORBURG — Sinds we met z'n allen weten dat de pijlerdam in de Oosterscheldemonding op geen stukken na voor liet aanvankelijk geraamde bedrag gemaakt kan worden, zit de Deltadienst van Rijkswaterstaat, die verantwoordelijk is voor de uitvoering van dit project, in het verdachtenbankje. Zelfs ons nationaal bureau voor opsporing van beerputten, de Algemene Rekenkamer, moet eraan te pas komen. Maar onder al die beroering blijft ir. H. A. Ferguson, oud-hoofd mn de Deltadienst, opmerkelijk rustig. "Ik ben eigenlijk stomverbaasd dat de Oosterscheldewerken niet nog veel duurder zijn", bekent hij.

We praten met ir. H. A. Ferguson naar aanleiding van het vandaag te houden symposium in Delft over het thema „Ramp en herstel". De 72-jarige ingenieur zal daar spreken over „De reactie op de watersnoodramp (vandaag dertig jaar geleden - JvK) en de organisatie van het herstel", een onderwerp waar hij zich zeven jaar na zijn pensionering nog steeds nauw bij betrokken voelt. Net zo betrokken trouwens, als bij de veelbesproken Oosterscheldewerken. Vrijwel wekelijks heeft hij contact met de top van de Deltadienst en het is dan ook geen toeval dat hij over deze dienst spreekt in de „wij" — in plaats van in de „zij"-vorm.

Kustverkorting

Ir. Ferguson hoopt de jonge ingenieurs van de TH-Delft op het symposium uit de doeken te doen welke lessen uit de watersnood en het herstel van de dijken getrokken kunnen worden. Een van de vragen waarop hij een antwoord wil formuleren is waarom het water de bevolking van Zuidwest-Nederland naar de mens gesproken heeft kunnen verrassen. Daarvoor duikt hij even in het verleden en voert als voorbeeld het (schier-)eiland Schouwen-Duiveland aan. „Dat lag in vroeger dagen boven NAP", zegt hij. „Maar door inklinking van veen en klei is het in de loop der tijden meer dan twee meter beneden NAP komen te liggen. De situatie werd dus steeds onveiliger, zonder dat men dat precies besefte. Vooral de wat afgelegen dijken werden min of meer veronachtzaamd en dat was achteraf bezien funest."

Met die wetenschap gewapend lag het voor de hand dat Rijkswaterstaat na de watersnood een alternatief zou aanreiken. Na enkele jaren studie kon een passend antwoord worden geformuleerd: kustverkorting. Ir. Ferguson: „Dat was de enige remedie om te voorkomen dat er opnieuw dijken zouden worden veronachtzaamd. Hoe korter de kust, hoe geringer de kans op onvoldoende onderhoud. En hoe bereik je dan kustverkorting? Wel, kijk maar naar het Deltaplan. Als je in al die gevaarlijke zee-armen een dam bouwt, scheelt dat honderden kilometers dijk. En als je die dammen dan ook nog opneemt in het rijkswegennet, weet je praktisch zeker dat ze scherp in de gaten worden gehouden."

Onzindelijk

Eenmaal bij de Deltawerken aangeland, stapt ir. Ferguson vrijwel onmiddellijk over op de pijlerdam in de Oosterschelde, door de huidige minister van Verkeer en waterstaat mevr. Smit-Kroes onlangs „het achtste wereldwonder-in-aanbouw" genoemd. Omdat Ferguson van 1969 tot 1976 aan het hoofd stond van het apparaat dat de Deltawerken moest uitvoeren, heeft hij van nabij meegemaakt hoe het plan tot volledige afsluiting van de Oosterschelde onder druk van met name de milieu-activisten werd losgelaten en hoe uiteindelijk (in 1976) werd gekozen voor een pijlerdam die alleen bij superstromen dicht zal gaan. Als Ferguson aan die jaren terugdenkt, ergert hij zich — zo bekent hij — nog steeds. „Vooral van de kant van de actievoerders werd sterk gepleit voor het milieu, maar intussen hadden zij het geestelijk milieu dusdanig bedorven dat je niet meer met elkaar aan tafel kon gaan zitten om de zaken eens rustig door te spreken. Wat er in die dagen allemaal gezegd en geschreven is, was echt niet netjes meer. Ik kan me nog steeds opwinden over de onzindelijke taal die toen werd gebruikt."

Die ergernis houdt overigens op geen enkele manier verband met zijn persoonlijk standpunt over de afsluiting van de Oosterschelde en om dat te staven vertelt hij het volgende voorval: „Toen ik pas met pensioen was, kwam er een journalist naar me toe die me de vraag stelde: Nu kunt u vrijuit spreken, hoe denkt u over de pijlerdam? Daarop heb ik gezegd: Leuk dat je het vraagt, maar mijn standpunt doet er niet toe. Ik heb gedaan wat de minister zei en dat was het bouwen van een pijlerdam."

„Zonder u"

Waar Ferguson zich wèl tegen verzette, was de onheuse bejegening van de provincie Zeeland. „Je kreeg", zegt hij, „het idee dat het Zeeuwse gewest overstemd werd. Het woord „wingewest" is wel eens gevallen en ik voelde dat ook zo aan. In Den Haag werd uitgemaakt wat goed was voor Zeeland. Neem de commissie-Klaasesz (de commissie die de regering moest adviseren over een andere manier van afsluiten van de Oosterschelde - JvK). Was het nu werkelijk zo elegant om wel drie Zuidhollanders in die commissie op te nemen en vooral geen Zeeuwen? Daardoor kreeg de uiteindelijke beslissing het karakter van „voor U, door U maar zonder U". Ik kan dan ook goed begrijpen dat de Zeeuwen verontwaardigd zijn wanneer premier Lubbers zegt dat er al genoeg geld naar Zeeland gaat en dat er daarom geen vaste oeververbinding over de Westerscheldekomt."

Stomverbaasd

Intussen weten we dat de pijlerdam veel duurder wordt dan in 1976 door Rijkswaterstaat was uitgerekend. In politieke kringen wordt over die kostenoverschrijding groot misbaar gemaakt en zelfs de Rekenkamer is ingeschakeld om de hand op de knip te houden. Rijkswaterstaat heeft het, met andere woorden, verkorven. Trekt ir. Ferguson zich de verwijten niet een beetje aan? Zijn antwoord is een glimlach. Zich verklarend: „We moesten de kosten ramen zonder dat we wisten of we zo'n pijlerdam wel konden, bouwen. We hadden nog nooit zoiets gedaan. Dat hebben we de politici ook te verstaan gegeven. Maar die hadden zoveel vertrouwen in ons dat ze zeiden: O, Rijkswaterstaat, die maakt het wel. Maar als die dienst het dan duurder maakt dan eerst is uitgerekend, moet men de schuld niet in de schoenen van Rijkswaterstaat schuiven. Dit is zo'n hondsmoeilijk project dat je nooit van tevoren weet waar je uitkomt. Door het knappe ontwerp hebben we de kosten zelfs weten te drukken. Ik ben er dan ook stomverbaasd over dat het project tot nu toe niet duurder is uitgevallen dan die 160 miljoen gulden."

Een heel andere vraag is of de belissing die de regering destijds nam, wel verantwoord .was. Ferguson: „Daar durf ik niet met de hand op m'n hart ja op te zeggen. De toenmalige minister Westerterp zei weliswaar in de Tweede kamer: De komende generaties zullen ons er dankbaar voor zijn, maar dan zeg ik: Hoe weet hij dat? Pas over een x aantal jaren kun je vergelijken tussen een open Westerschelde, een half-open Oosterschelde en een afgesloten Grevelingen. Het zou best kunnen zijn dat we dan zeggen: Die pijlerdam is een waardeloos ding. Maar ja, dat weet je nooit van tevoren."

„Iets anders is of het politiek wel zo zuiver gespeeld is. Sommigen zeggen dat het er meer om ging het kabinet te behouden (enkele ministers dreigden af te treden als de pijlerdam er niet zou komen - JvK) dan om de Oosterschelde te sparen. Daar zit wel een kern van waarheid in, denk ik."

Revolutie

Hoe het Oosterschelde-project ook uitpakt, het is niet voor bestrijding vatbaar dat deze uitdaging de waterbouwkundige kennis, die in ons land toch al op een hoog peil staat, enorm zal verrijken. „Hier vindt een waterbouwkundige revolutie plaats", zegt ir. Ferguson lyrisch. „Als we kans zien de opgedane kennis elders toe te passen en te exporteren, dan zijn we alle geïndustrialiseerde landen ver voor. Het is fabelachtig wat hier wordt gedaan. Ik heb er de grootste bewondering voor. Als ik het huidige hoofd van de Deltadienst spreek en ik hoor welke prestaties ze leveren, dan zeg ik wel eens: Zijn jullie al zover dat jullie dat kunnen! Het is als het ware meubelmakerswerk met een ongekende precisie. Onbegrijpelijk! " U heeft er dus het volste vertrouwen in dat de pijlerdam geen „wiebeldam" wordt, zoals wel beweerd wordt?

Ferguson: „Die stelling is onjuist. Er kunnen alleen problemen ontstaan als bepaalde constructies die achter de tekentafels zijn ontworpen, niet uitvoerbaar zijn. Maar zoiets zie je op tijd en daar kun je dan weer iets op bedenken. Het komt heel eenvoudig hierop neer dat als die pijlerdam gemaakt kan worden, dat-ie dan goed is. Daar hoeft geen enkele twijfel over te bestaan."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 februari 1983

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 februari 1983

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

PDF Bekijken