Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Russell of White: van de regen in de drup

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Russell of White: van de regen in de drup

8 minuten leestijd

„Zoals je kunt afkicken op drugs (al dan niet vrijwillig), zo kun je ook van de sekten afkicken. Dat heet deprogrammeren". Zo schrijft de kenner Sipke van der Land — spottend wel bijgenaamd de ,gereformeerde koddebeier" — in zijn boek ,De hersenspoelers". Nico Klein is er als ex-Jehova's getuige het bewijs van. Anne van Uden — de lezer herinnert zich haar levensverhaal van deze pagina? — geholpen door ene J. Voerman van het ,Informatiecentrum" te Nijmegen, eveneens. Maar afkicken, hoe doe je dat? Soms kom je van de regen in de drup: van sekte tot sekte. Het bewijs is geleverd!

„De Jehova's getuigen mogen met recht sekte heten. Immers, het einde der tijden en het beginnend vrederijk wordt in de prediking overgeaccentueerd; al wie geen getuige wordt bedreigt de vernietiging; de kerk wordt zonder verdriet getekend als organisatie van de duivel. Deprogrammeren, waar komt dat terecht? De bovenbeschreven Nederlandse Vereniging Ontgoochelden wil gewezen Jehova's getuigen niet direct confronteren met een andere sekte of kerkgenootschap. Ik geloof dat het wel begrijpelijk maar niet juist is dat het echtpaar Klein zich niet meer aan een kerk bindt. En bovendien: vervalt een „ontgoochelde" niet tot een geestelijke leegte als hem zijn „religie" wordt afgenomen? Ieder mens heeft van nature toch behoefte aan godsdienst? Maar dat je via de Nederlandse Vereniging Ontgoochelden „van de regen in de drup" raakt, dat je van sekte tot sekte vervalt, neen, daar is geen sprake van.

Zevende Dags-Adventisten

Toch — zoals gezegd — kan dat gebeuren. Het bewijs vonden wij in Arnhem. J. Voerman, bereidwillige helper van in nood geraakte (ex)Jehova's getuigen, blijkt predikant te zijn van het Kerkgenootschap der Zevende DagsAdventisten. Het is wat merkwaardig met die broeders. Ze staan als kerkgenootschap vermeld in „Van Alphens nieuw kerkelijk handboek". De Broederschap van Pinkstergemeenten — om maar een van de richtingen van „pinksteren" te noemen — zijn niet vermeld. Betekent dit dat de Zevende Dags-Adventisten „meer kerk" , zijn? Minder sektarisch? Beslist niet!

Dr.F. Boerwinkel ziet in zijn boek „Kerk en sekte" mormonen en Jehova's getuigen als sektarische groepen, maar Zevende DagsAdventisten in elk geval als „sektoïde". Wie de geschiedenis van het adventisme overziet bevestigt dat. Zoals de Jehova's wel acht keer het wereldeinde aangekondigd hebben, zo heeft immers ook het adventisme — en met name de stichter William Miller — dat einde aangezegd: in 1843, later tegen 1844.

Toen — wegens het uitblijven van de vervulling der „profetieën" — het adventisme dreigde te verzanden heeft miss Ellen White de kerk gered. Zij zei dat Christus' wederkomst was uitgesteld omdat christenen de zondag in plaats van de sabbath vieren. Zo ontstond het Zevende Dags-Adventisme.

Openlijk

Zevende Dags-Adventisten staan verder de volwassendoop voor, loochenen eeuwige straf (de goddelozen zullen vernietigd worden), verbieden alcoholgebruik, nicotine en vlees, leren de noodzaak van voetwassing voor het avondmaal enz. En ds. Voerman laat er in het materiaal dat hij gebruikt om de „ontgoochelden" te onderwijzen geen twijfel over bestaan: deze leer is zijn leer. En deze leer moet de leer worden van de gewezen Jehova's getuigen.

Nu moet ik zeggen dat Voermans schriftelijke bewijzen dat de Jehova's getuigen leugens leren, brochures en folders, niet gek in elkaar zitten. Ze zijn verzorgder, gefundeerder en meer op de Bijbel geënt dan het maandblad van Klein, die zich — op zich ook geen onlogische'' middelen tegen het Wachttorengenootschap — nogal eens in spot verliest.

Hier is een proeve van Kleins dichtkunst: „angst aanjagen,pas op hoor,/Armaggedon, staat voor de deur! !/na de doop, weg snor en haar/weg die hersens, starten maar!/op je neus genootschapsbril,/dat is wat Watchtower wil". Of een puntdicht van al wat ouder datum: „minister De Ruiter/die Wachttorenspuiter/zaait leed en verdriet/dat gij dat verbiedt".

Gevaarlijk

Maar Voermans „deprogrammeringsmateriaal" is niet ongevaarlijk. Begrijp mij goed: een 32-tal pagina's tellende brochure over „Barmhartigheid en geen offerande" geeft bijzonder waardevolle informatie om het standpunt van de Jehova's getuigen tegen bloedtransfusie afdoende te bestrijden. Het enkele foliovel „Een ernstige waarschuwing" geeft op meesterlijke wijze een groot aantal in de loop der tientallen jaren totaal tegenstrijdig gebleken Wachttorenstellingen de doodssteek. Neen, daartegen richt zich mijn kritiek niet. Ik wenste dat wij ons allen — want bij wie kloppen de Jehova's getuigen nooit aan de deur — de inhoud eigen maakten.

Gevaarlijk wordt het in de 12 pagina's tellende brochure „In Geest en waarheid aanbidden!" De familie Coenders, bekeerd van het Wachttorengenootschap, geven in een open brief het volgend getuigenis: „wij zijn dankbaar en blij dat wij een organisatie gevonden hebben die de blijvende waarheid verkondigt. Een organisatie die Gods naam erkent en heiligt"... „Wij waren verrast te ontdekken dat deze organisatie... een duidelijke koninkrijksboodschap verkondigt zonder zich met politieke zaken in te laten, noch de medemens in militaire dienst te doden. Ook geloven zij niet in een eeuwigbrandende hel of in de onsterfelijkheid van de ziel. Zij passen geen kinderdoop toe en bewaren al Gods geboden".

In de drup

Bekeerd van de Jehova's getuigen tot de Zevende Dags-Adventisten: van de regen in de drup. Een andere conclusie kan ik op grond van de Schrift en de gereformeerde belijdenis niet trekken. Het is ook geen wonder. Charles Taze Russell, de stichter van de Jehova's getuigen was zelf eerst adventist! Maar het staat in deze brochure nog duidelijker. Na eerst het Wachttorengenootschap te hebben afgeschreven; „is er dan geen organisatie die de Goddelijke wil doet en waarachtig onderwijs geeft dat niet alleen stand kan houden maar ook met succes verdedigd kan worden? Ja, die organisatie is er zeer beslist! Na persoonlijke onderzoek hebben reeds vele getuigen deze organisatie tot hun grote vreugde en blijdschap leren kennen als de ware „getrouwe en beleidvolle slaaf" die werkelijk in waarheid blijvend voedsel ter rechter tijd uitdeelt, dat tot eeuwig leven leidt! De feiten en de bewijzen tonen duidelijk aan dat de Zevende Dags- Adventisten in de loop der jaren een waarachtige, onveranderlijke, bijbelse boodschap hebben gepredikt, die de toets kan doorstaan..." aldus het propagandamateriaal uit Nijmegen. Wie heeft er ooit voor zijn gereformeerde, afgescheiden denominatie dergelijke reclame gemaakt? Neen, dit deprogrammeringsmateriaal van ds. Voerman kan mij — zeker gezien de geschiedenis van het adventisme — gestolen worden.

Vervangen

Het is wel aardig om dwalingen te bestrijden. Maar dan moeten wij die dwalingen niet door nieuwe dwalingen gaan vervangen. Zo mogen bij de Jehova's getuigen maar een zeer beperkt aantal mensen deelnemen aan het avondmaal. De 144.000 immers uit het Bijbelboek Openbaring nemen bij de sekte een bijzondere plaats in. Maar als in de brochures „De gedachtenismaaltijd — ook voor u" Voerman zegt: „het lichaam van Christus is niet verbroken alleen maar voor een bepaalde groep van gelovigen. Het bloed van Christus vloeide niet alleen voor een beperkt aantal. O neen, Christus is voor allen gestorven; zelfs ook voor Judas die Hem heeft verraden" vervalt hij bij zijn bestrijding zelf in de dwaling van algemene verzoening. In diezelfde folder leert Voerman ook met nadruk de opneming van de gemeente, de „evacuatie" voor de grote verdrukking, zoals dat in kringen van de Vergadering van gelovigen en bij b.v. Hal Lindsey gebeurt. Typisch Zevende Dags-Adventistisch is ook de onmisbaarheid van de voetwassing voor het avondmaal, zoals Voerman dat poneert en de afwijzing van de „kinderbesprenkeling". „Er zijn meer dan drie miljoen volwassen gedoopte broeders en zUsters over heel de wereld, die het koninkrijk van God op de eerste plaats stellen en het voorbeeld van Jezus getrouw volgen. Het is zeker de moeite waard om met hen in contact te komen..." Meer dan drie miljoen: zo brengt de organisatie van de Zevende Dags-Adventisten zichzelf (als kerk) in kaart. Zo ziet men zichzelf als de getrouwen. Zo lopen — volgens Voermans Informatie Bijbelcentrum — kennelijk de grenzen van het koninkrijk. Om met Boerwinkel te spreken, dat is op z"n minst sektoïde. Ik blijf erbij: wie van de Jehova's getuigen bekeerd wordt tot de Zevende Dags- Adventisten komt — hoewel de geestelijke slaverij onvergelijkbaar is — van de regen in de drup.

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 12 februari 1983

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

Russell of White: van de regen in de drup

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 12 februari 1983

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken