Bekijk het origineel

Ik geloof niet in „bid en dan ben je 't kwijt'

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Ik geloof niet in „bid en dan ben je 't kwijt'

EX-HOMOFIEL BOB DE RAADT:

13 minuten leestijd

Het gebouw waar het bureau Evangelische Hulp aan Homofielen (EHAH) gevestigd is, is beklad met leuzen als ,homo is lief' en „bisex is nix gex". Ook de rose driehoek, die de activiteiten van de homobeweging symboliseert, ontbreekt niet in dit hartje Amsterdam. Begrijpelijk, want in dit gebouw werken mensen die op grond van de Bijbel tot de conclusie zijn gekomen dat de homofiele praxis niet Gods wil is. Vanuit dit standpunt verlenen zij hulp aan homofielen en dat is nou net iets wat de homobeweging niet wil. Een vande mensen die zich als sociaal werker met deze hulpverlening bezighoudtis Bob de Raadt. Bob is zevenentwintig jaar, lid van de Nederlandse Hervormde Kerk en ex-homofiel.

Voor alle duidelijkheid is het goed om het begrip ex-homofiel eerst nader te omschrijven. Ik maak hiervoor gebruik van de definitie zoals die door de stichting „Onze Weg" (waarover straks meer) gehanteerd wordt. De term ex-homofiel slaat op mensen die eerst homofiel gericht waren, maar nu heterofiel gericht zijn, of die daar naar toe groeien en op hen die homofiele gevoelens hebben, maar die gekozen hebben om in homoseksuele onthouding te leven, al dan niet na een homoseksuele praxis. Bob rekent zichzelf tot laatstgenoemden.

„Misschien houd ik die homofiele gevoelens m'n hele leven wel", zo zegt hij.
,„lk geloof niet in: bid maar en je bent het kwijt. Ik ben zondaar net als ieder ander en ik moet tegen die zonden strijden. Wanneer er in de Bijbel staat: „Gij zult geen vrouw aanzien om haar te begeren" dan kan een heterofiel zich net zo goed aan die begeerte schuldig maken als een homofiel."

Bob de Raadt is sinds twee jaar als sociaal werker aan de EHAH — een tak van de Vereniging tot Heil des Volks — verbonden. Daarnaast is hij secretaris van de stichting „Onze Weg", een stichting die zich bezighoudt met de belangenbehartiging van ex-homofielen. Aan deze fase in zijn leven is echter wel een andere vooraf gegaan. Bob vertelt dat hij, na voornamelijk in een homoseksuele fantasiewereld geleefd te hebben — in die tijd had hij incidenteel homoseksueel contact — een „ervaring kreeg met God", die hij moeilijk nader kan omschrijven. Hij kwam voor de keus te staan: God of de homowereld.

„Ik koos voor God. Ik was wel christelijk opgevoed, maar dat zei me nooit zoveel. Totdat God me liet zien wie Jezus was. Ik ervoer dat Hij me wilde accepteren. Ik ging m'n eigenwaarde ontdekken en zag dat ik capaciteiten had waardoor ik op een andere manier zou kunnen functioneren. Ik beloofde God om als christen te leven en niet als homoseksueel. Dat viel niet mee want je homofiele gevoelens ben je daarmee niet kwijt. Het is dan ook wel eens misgelopen. Toch weet ik dat alleen God de diepste zin aan m'n leven kan geven."

De vraag of de Bijbel een homofiele praxis toestaat beantwoordt Bob met Terreur van de rose groepen: beschadigde en bekladde gebouwen. een duidelijk „nee". „Ik geloof niet dat de Bijbel de praxis tolereert. Waar ik me persoonlijk door aangesproken voel is het verhaal van de overspelige vrouw. Jezus zegt tegen haar: „Ik veroordeel u niet. Ga heen en zondig niet weer". Voor mij wil dat zoveel zeggen als: onderken je zonden maar leef er niet in. Verder zien we ih het scheppingsverhaal duidelijk dat het de bedoeling is dat de mens met iemand van het andere geslacht zal samenleven. Er wordt in de Bijbel altijd over de man-vrouw verhouding gesproken. Wanneer homoseksualiteit in de Bijbel aan de orde komt dan wordt dit altijd negatief beoordeeld. Homoseksualiteit blijft een keuze die met de zondeval gegeven is.

Een ander aspect is het fysiologische. De homoseksuele praxis is zowel letterlijk als figuurlijk onvruchtbaar. Twee partners van hetzelfde geslacht, dat past eenvoudig niet of anders uitgedrukt: men is niet op elkaar toegeschapen. Homoseksualiteit is een onnatuurlijke manier van omgaan met elkaar waardoor je jezelf naar beneden haalt."

Oorzaken
Tijdens een studiedag van de stichting „Onze Weg" in februari sprak dr. G. J. M. van den Aardweg over de oorzaken van homofilie. Hij kwam tot de conclusie dat homofilie berust op een ontwikkelingsstoornis die veroorzaakt wordt door een sterk minderwaardigheidsgevoel. Bob zegt hier veel in te herkennen. „Door jezelf in je jeugdjaren te vergelijken met andere jongens kan een onderwaardering van eigen capaciteiten ontstaan. De ander wordt geïdealiseerd in de trant van: hij kan alles. Die bewondering kan een erotische bijklank gaan krijgen. Zelf verviel ik door dat vergelijken in het nieuwsgierige. Zo ging ik bijvoorbeeld pornoboekjes lezen. Vanuit het afwijzen van jezelf ga je je enorm richten op de ander. Een gerichtheid die puur lichamelijk is. Ik geloof in wat Van den Aardweg zegt. Zijn standpunt wordt door velen afgewezen, waarschijnlijk omdat het juist zo herkenbaar is."

Door het christelijk geloof heeft Bob geleerd zich zelf te respecteren, zo zegt hij. Hij heeft de nodiging gevoeld om verantwoordelijkheid te dragen. „Ik heb moeten leren om dingen te durven, te doen, om zelfvertrouwen te hebben, om aan het Werk te gaan met de talenten die ik heb. Ik héb ontdekt ddt ér ontzettend veel andere dingen zijn dan de homowereld waar ik eerst op gericht was.

Homobewegingen
Naast zijn werk bij het bureau EHAH en „Onze Weg" participeert Bob in de overleggroep „homofilie" van het CDA. Door deze werkzaamheden komt hij, hoe kan het anders, veel in aanraking met organisaties die de belangen van homofielen behartigen zoals het COC en de Schorerstichting. Het tegenstrijdige binnen dergelijke organisaties vindt hij het feit dat ze zich fel keren tegen discriminatie terwijl ze zelf niet anders doen. „Een voorbeeldje: Toen ik tijdens de behandeling van het voorontwerp van de wet gelijke behandeling in gesprek raakte met een van de leiders van een rose groep (groep van homofielen, PJvZ) en vertelde dat ik bij de EHAH werkte, draaide hij zich om met de woorden „dan ben jij mijn vijand". Blijkbaar veroorlooft de rose ideologie (oftewel rozisme) zich wel discriminatie.

De homowereld moet oppassen dat zij de grenzen niet gaat overschrijden. Wanneer Rob Tielman, voorzitter van het Humanistisch Verbond zegt: „We moeten medelijden hebben met de heterorrian", dan snap ik niet dat hetero's dat accepteren. Zoiets is toch vreselijk grof. Tielman moet niet verbaasd zijn wanneer hetero's kwaad worden. Als er openlijk zo neerbuigend over homo's gepraat zou worden dan zou je eens moeten horen... de hele homowereld zou op z'n kop staan".

Bob vertelt dat ook binnen de bewegingen zelf sprake is van discriminatie en intimidatie. „Ik weet van een vormingscentrum hier ergens in Nederland waar lesbiennes bij elkaar komen. De druk op niet-homoseksuele vrouwen die daar werken is enorm groot. Als je daar niet als pot (lesbienne) vandaan komt dan is er toch wel iets met je aan de hand, zo redeneert men. Wat hetero's niet mogen, oordelen bijvoorbeeld, schijnt daar allemaal te kunnen."

Behoefte
Het bestaan van „Onze Weg" en de EHAH is een doorn in het oog van de homobeweging. Kort geleden nog maakte B. J. van der Vlies van de SGP in de Tweede Kamer bezwaar tegen een brief van de Schorerstichting aan het ministerie van WVC waarin „Onze Weg" en de EHAH belasterd worden. In onze samenleving waarin ieder zijn of haar zegje moet kunnen doen, worden bijbelse geluiden niet meer geaccepteerd. Schadelijk voor de geestelijke volksgezondheid, zo zegt men dan. Toch blijken EHAH en „Onze Weg" in een behoefte te voorzien. Dagelijks komen er hulpvragen bij het bureau EHAH binnen.

Het ontstaan van dit bureau hangt samen met de verschijning van het boekje „Ik ben niet meer zo", van ex-homofiel Johan van de Sluis in 1969. Op dit boekje kwamen veel reacties. Johan, die in die tijd al bij de vereniging Tot Heil des Volks werkzaam was, kreeg het verzoek om een bureau voor evangelische hulp aan homofielen te starten. Na een oriënterende fase ging het bureau in 1975 officieel met het werk beginnen. Het werk van de EHAH bestaat uit individuele hulpverlening, het geven van voorlichting en het verstrekken van informatie waarvoor de EHAH over uitgebreid documentatiemateriaal beschikt.

Gereformeerde gezindte
De individuele hulpverlening neemt een belangrijke plaats in. Bob vertelt dat uit de hulpaanvragen blijkt hoe groot dit probleem ook binnen de gereformeerde gezindte is. „Veel mensen, onder wie ook ouders, weten zich geen raad wanneer ze direct met homofilie geconfronteerd worden. Er zal binnen de gereformeerde gezindte ook anders over deze dingen gedacht moeten worden dan tot nu toe het geval is. Begrijp me goed, ik ben het volkomen eens met hun afwijzing van homoseksualiteit maar je kunt iemand die te kampen heeft met homofiele gevoelens niet de laan uitsturen met gezegdes als: „Vreselijk, dat is de zonde van Sodom en Gomorra". Zoiets werkt afstotend, terwijl er geholpen moet worden. De zonde moet afgewezen worden maar de mens niet."

In 1980 is men binnen de EHAH gestart met gespreksgroepen waarbij gedurende vijf avonden thema's worden besproken die op de problematiek betrekking hebben. „Die gespreksgroepen blijken van groot belang", aldus Bob. „Het is belangrijk om na de individuele begeleiding uit je isolement te komen. De omgeving heeft misschien geaccepteerd dat iemand homofiel is, meestal blijkt het feit dat iemand ex-homofiel wordt nog moeilijker te accepteren. Die ommezwaai wordt meestal niet begrepen. Binnen de gespreksgroep kunnen de deelnemers over zaken als deze praten en elkaar ideeën aan de hand doen.

„In 1981 werd door christelijke hulpverleners in Amerika voor de zesde keer een conferentie over homofilie georganiseerd onder de naam Exodus International. Bij deze conferentie was onder andere Johan van de Sluis aanwezig. Hierdoor ontstond bij de EHAH het plan om ook in Nederland iets dergelijks te doen en zo had in 1982 het eerste congres Exodus International Europe plaats in Nederland. Voor het eerst was het in Nederland voor (ex-homofieleh mogelijk een dergelijk congres bij te wonen. Een volgend congres zal in mei van dit jaar in Engeland worden gehouden.

Belangen
De organisaties EHAH en „Onze Weg" kunnen makkelijk verward worden. Wat is de relatie tussen beide? Bob: „Onze Weg" houdt zich vooral bezig met de belangenbehartiging van ex-homofielen, dus niet met hulpverlening. „Onze Weg" is een zelfstandig orgaan dat echter wel met de EHAH samenwerkt. Eerstgenoemde beweegt zich vooral in de politieke sfeer. Zo hebben we naar aanleiding van het voorontwerp van de wet gelijke behandeling, brieven geschreven aan alle Tweede-kamerleden waarop overigens officieel geen enkel reactie is gekomen."

Het advies inzake homofilie noemde Bob een regelrechte aantasting van de persoonlijke levenssfeer. „De vrijheid van meningsuiting komt op het spel te staan", zo zegt hij. Begin van dit jaar organiseerde „Onze Weg" een eerste studiedag voor ex-homofielen en allen die zich bij hen betrokken voelen. Deze dag zal ongetwijfeld een vervolg hebben.

Binnen de kerken wordt er zeer verschillend over homofilie gedacht. Toen tijdens de synode van de Gereformeerd Kerken in oktober 1982 homofilie aan de orde kwam stuurde „Onze Weg" een brief aan alle Synodeleden. Onlang werd ook een brief gezonden aan de werkgroep homofilie van de Christelijk Gereformeerde en Nederlands Gereformeerde Kerken. Deze werkgroep wil de homofiele praxis accepteren. De verschillende meningen binnen de kerken maken de situatie voor de betrokken man of vrouw niet makkelijker. Hoe groot is de verleiding om je aan te sluiten bij het „meest makkelijke" standpunt! „Het valt niet mee om als ex-homofiel een confrontatie aan te gaan met dergelijke standpunten, zegt Bob. Toch is het nodig. Wanneer predikanten de Bijbel goed lezen dan kunnen ze niet om de afwijzing van homoseksualiteit heen. Maar ja... er wordt nogal verschillend geëxegetiseerd. Zeker, ik geloof ook in een Evangelie van bevrijding. Het geloof is niet bedoeld om krampachtig te worden. Het Evangelie is bedoeld om te leven binnen de aangegeven grenzen."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 23 april 1983

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

Ik geloof niet in „bid en dan ben je 't kwijt'

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 23 april 1983

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken