Bekijk het origineel

Flora en fauna op Flevohof

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Flora en fauna op Flevohof

6 minuten leestijd

Flevohof is een recreatiepark dat er vooral op gericht is bezoekers kennis te laten maken met wat er groeit en bloeit en om ze dichter te brengen bij dieren die in ons land van nature voorkomen. De laatste jaren gaat men zich daar meer richten op natuur en milieu, omdat de belangstelling daarvoor nog altijd groeit. Van de directie een verstandig besluit en voor het publiek aantrekkelijk.

De laatste twee jaar zijn daar vooral de parken en tuinen uitgebreid. Die zijn nu niet meer zo nieuw en heel mooi. Voor vakmensen zelfs interessant en leerzaam. Van de Flevohof is veertig hectare park, middenin het Spijkbos. Tot 1981 waren daar vijvers met riet en andere oeverplanten, een rosarium en allerlei tuinen langs wandelpaden.

Daaraan is sinds die tijd nogal uitbreiding gegeven. Voor liefhebbers van planten en bloemen is er veel moois te zien. Dat kan een bezoek in de vakantietijd aantrekkelijk maken, al mist men daar de stilte van de wilde natuur. Echter ook de gekweekte planten en bloemen zijn boeiend en mooi. De verschillende tuinen geven een grote verscheidenheid in fraaie aanleg, waar men een groot deel van het jaar van de flora kan genieten.
Een geaccidenteerd terrein van vier hectare werd benut voor de aanleg van een aantal thematuinen. Daar treft men onder meer een Franse tuin, een alpentuinen, heidetuinen en turftuinen aan. Omdat daar diverse buitenlandse tuinen met de daarbij behorende beplanting zijn aangelegd, wordt dat gedeelte de Wereldtuinen genoemd.
Meteen al, op weg naar de heidetuin, is er een klein hoogveenveld. In het midden is een kleine poel, omzoomd met biezen, lidrus, sphagnum, zeggesoorten en wollegras. De laatste is juist aan het pluizen tijdens mijn bezoek, de laatste dag van juni. De witte „wol" haakt aan de jonge hei die om de poel is aangeplant. Daar staat wilde struikhei en dophei. De laatste zal daar wel eens moeten gaan overheersen, zoals dat in een hoogveenveld het geval is.
Aan de andere kant van het wandelpad is een moddergat, bijna droog. De eerste begroeiing ziet er spontaan uit; die is duidelijk vanzelf ontstaan. Een waterweegbree, veel basterdwederik en enkele ijle lisdodden. De laatste zijn blijkbaar uitgezaaid door de groep erachter, in de langgerekte vijver, waar ze fraai met hun merkwaardige bloei wijze staan, juist uitgebloeid. De bruine sigaren steken mooi af.
De heidetuin is vooral in juli en augustus aantrekkelijk. Er staan veertig soorten, waarvan de meeste in die maanden bloeien. Het benedengedeelte, de turftuin, bestaat uit levend hoogveen, dat door de planten verder aangroeit. In het bovengedeelte ziet men hoe heide, rododendrons en heesters goed groeien door beïnvloeding van de zuurgraad met turf.

Panoramatuin
De panoramatuin rijst ruim acht meter boven de omliggende tuinen uit. Vanaf dat punt heb je dan ook een goed gezicht op de andere tuinen. In de terrastuinen groeien ongeveer tweehonderd soorten met totaal ruim 35.000 vaste planten. Gipskruid, duizendblad, monnikskap, nagelkruid, teveel om op te noemen. Door de grote variatie staan die tuinen in bloei van februari tot september; in de zomermaanden wel op z'n uitbundigst.
Van het hoogste punt is er naar drie kanten uitzicht over het omringende polderland. Vele banken nodigen tot rusten, aandachtig beschouwen of wat wegdromen door het geluid van klaterend water. Als je het dan, zoals ik, treft dat het niet al te druk is...
Heel anders is de Romeinse tuin met de strakke architectuur, acacia's, magnolia's en margrieten op stam. De laatste zijn heel apart. Beeldenpartijen, ornamenten en spuiters horen er vanzelfsprekend bij, om een goed idee van het oude Rome te krijgen.

Water op niveaus
Ook in de Zwitserse alpentuin heeft men uitzicht over de omliggende tuinen. Zeshonderd ton natuursteen werd erin verwerkt, tussen de zeer veelzijdige beplanting van veronica, alpenklokje, steenbreek, huislook, om er enkele te noemen. En vanzelfsprekend edelweiss. In de erbij aansluitende vijver staan tientallen waterweegbrees. Misschien bloeien ze wel als u er komt; ze doen dat met een pluim van vele boven elkaar geplaatste kransen, met kleine, violetachtige bloempjes, heel sierlijk.
Kikkers hebben die dicht met bronmos begroeide vijver ook al ontdekt, hoorde ik aan het gekwaak. Dan ben je inmiddels in de Japanse tuin, die wordt gekarakteriseerd door waterpartijen op verschillende niveaus, helemaal in stijl, met de grillige bonsai-collectie en bamboe-afzettingen.

Van de Floriade
Het grootste deel van de beplanting, exposities en andere objecten, die op de Floriade waren te zien, zijn door Flevohof overgenomen. Daardoor staan er nu bijzonderheden als Japanse coniferen, het daktuinhuis, de bonsaibomen en de vlinderexpositie, waarover ik dit voorjaar al schreef. Dit alles is in het grote geheel van tuinen en park ingepast, die daardoor erg aantrekkelijk zijn geworden. Panorama's en waterpartijen verfraaien het geheel. Naarmate de begroeiing ouder en dichter wordt, zullen de tuinen aan sfeer winnen. De bloemrijkdom is nu al geweldig groot in variatie en aantal. Wie kleurige dia's wil maken, kan er z'n hart ophalen.

Watervogelpark
Dit park is de aanzet tot het vormen van een gebied voor de instandhouding van Europese wilde watervogels: eenden, ganzen en zwanen. Het watervogelpark is een onderdeel van het „Waterland". Dat is een terrein van drie hectare, met kanalen, plassen en eilandjes. Daar groeien water- en oever- planten als krabbescheer, waterlelie, lisdodde en dotterbloem. Ook staan er een twintigtal wilgesoorten.
Een derde deel is afgeschermd en daar leven nu al vele soorten wilde watervogels die in het IJsselmeergebied voorkomen. Het park werd aangelegd naar voorbeeld van het grote Engelse watervogelreservaat „Wildfowl Trust". Het watervogelpark in Flevohof heeft een functie voor de recreatie en educatie en zal te zijner tijd zich ook gaan richten op het in stand houden van soorten. Er zijn goede gelegenheden voor observatie zonder dat men de vogels verstoort.
In het kader van de jachtopleiding komen aspirant-jagers daar als eerste aanzet de soorten leren onderscheiden. Dat gaat daar gemakkelijker dan in het vrije veld, hoewel de oefening daar er wel op volgt. Dat is noodzakelijk omdat jagers beschermde soorten zonder twijfel moeten kunnen herkennen. Daarvoor is in dit watervogelpark gemakkelijk gelegenheid. Ook beginnende en zelfs gevorderde vogelaars kunnen er hun voordeel van hebben.
Dit is nu eens geen artikel over de wilde natuur. Ook temidden van dagjesmensen en schoolkinderen blijkt men te kunnen genieten van flora, fauna en veel ander schoons. Flevohof is geen pretpark maar een kijk-, speel- en doe-park. Ik heb me tot het eerste beperkt en genoten, al prefereer ik het zwerven in eenzaamheid en de vrije natuur. Voor de vakantietijd biedt het park zeker mogelijkheid tot het combineren van aantrekkelijke zaken voor de kinderen met het genieten van flora en fauna.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 juli 1983

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

Flora en fauna op Flevohof

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 juli 1983

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken