Bekijk het origineel

Van Rossum: De Kamer is gewoon beetgenomen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Van Rossum: De Kamer is gewoon beetgenomen

5 minuten leestijd

DEN HAAG — Het gisteren gepresenteerde rapport van de Algemene Rekenkamer over de Oosterscheldewerken is in politiek Den Haag als een bom ingeslagen. „Onthutsend", zo noemde de CDA-fractie het. Het SGP Kamerlid Van Rossum gaat zelfs nog verder. „De Kamer is gewoon beetgenomen", zo luidt zijn conclusie na lezing van het rapport.

Het onderzoek van de Reken; kamer brengt zonneklaar aan het licht dat jarenlang is verzwegen dat de kosten van het immense Oosterscheldeproject de pan uit waren gerezen. Zou de Tweede Kamer daar tijdig van op de hoogte zijn gesteld, dan acht de Rekenkamer het denkbaar dat alsnog zou zijn gekozen voor de veel goedkopere dichte dam. En dat zou de Nederlandse belastingbetalers toch al gauw enkele miljarden hebben gescheeld...

Bitter
„De pil is inderdaad erg bitter", stelt SGP-fractievoorzitter Van Rossum vast. Hij was destijds een van de parlementariërs die zich vierkant tegen de pijlerdam verzetten en vast bleven houden aan het oorspronkelijke plan: volledige afsluiting van de Oosterschelde. Al in 1974, toen in de Kamer voor het eerst over de mogelijkheid van een doorlaatbare dam werd gesproken noemde hij dat project een gok, waarvoor de uitgaven — we citeren letterijk uit de Handelingen — „zeker te laag" waren geraamd.
Maar ondanks de waarschuwende woorden van Van Rossum besliste de Tweede Kamer anders: minister Westerterp van Verkeer en Waterstaat kreeg groen licht. Het toen regerende kabinet-Den Uyl diende in het zadel te blijven en een crisis kon alleen worden bezworen als er voor de doorlaatbare dam en daarmee voor het behoud het Oosterschelde-milieu zou worden gekozen.
Gezien de eerder gedane voorspelling van Van Rossum dat de meerkosten van de doorlaatbare dam veel hoger zouden uitkomen dan was geraamd, verbaast het hem in zekere zin niet dat de Rekenkamer thans tot dezelfde conclusie komt. „Dit had de Kamer kunnen zien aankomen", zegt hij. „Toen in 1976 de beslissing over de doorlaatbare dam genomen moest worden, was nog niet eens bekend hoe het project precies zou worden uitgevoerd. Daar werd toen nog volop op gestudeerd. Eerst zou het een caissondam worden, later werd het een pijlerdam. Als je dan niet precies weet hoe je het doet, hoe kun je dan de kosten ramen? Dan is toch iedere berekening een gok? Derhalve heb ik gezegd: „Dit is pure speculatie". Maar als de minister dan zegt: de meerkosten zullen echt niet veel hoger zijn dan 2,5 miljard, kun je moeilijk zeggen: U liegt. Dan moet je dat kunnen bewijzen en ik heb niet, in tegenstelling tot de minister, de beschikking over enkele duizenden ambtenaren die alles kunnen narekenen."

Manipulatie
Dat de toenmalige minister Westerterp en vervolgens diens opvolger Tuynman in de jaren daarna met getallen en gegevens bleven rommelen om de enorme kostenoverschrijding voor de Kamer verborgen te houden, acht Van Rossum buitengewoon kwalijk. „Er is niet alleen informatie achtergehouden, er is duidelijk gemanipuleerd. Het optelsommetje moest precies op het bedrag uitkomen dat de Kamer als uiterste grens had genoemd. Dan zeg ik: we zijn gewoon beetgenomen."
Daaraan verbindt Van Rossum onmiddellijk de vraag wie de grote schuldige is van dat gegoochel. Het rapport van de Rekenkamer geeft daar onvoldoende inzicht in. Wel wordt duidelijk dat Westerterp bewust heeft meegewerkt aan het schilderen van een veel te rooskleurig beeld. Maar na Westerterp kwam Tuynman en die behoorde tot een partij (VVD) die zich onomwonden tegen de doorlaatbare dam had uitgesproken. Van zo'n bewindsman mag je toch niet verwachten dat hij met cijfers goochelt om te voorkomen dat de Kamer alsnog een streep zet door het project. Het zijn raadsels waar ook Van Rossum geen antwoord op weet en die nog worden vergroot als men bedenkt dat brieven en rapporten aan de Kamer doorgaans niet door de minister maar door topambtenaren worden opgesteld.

Te laat
Waar het SGP-Kamerlid wel een duidelijk antwoord op heeft, is het verwijt van voorzitter Peschar van de Rekenkamer dat ook de Tweede Kamer vuile handen heeft. Peschar zei tijdens een gisteren gehouden persconferentie dat de Kamer de geboden informatie kritischer had kunnen bestuderen. Van Rossum: „Dat gaat niet helemaal op. We kregen in 1976 de stukken pas een week voor de behandeling. Dan mag en kun je niet van een Kamerlid verwachten dat hij die dikke stapels, want het waren zeer lijvige repporten van voor tot achter gaat bestuderen, Dat is de taak van het parlement ook niet. Pas toen wij in 1979 tijdens een werkbezoek aan het Oosterscheldeproject van een van de topmensen te horen kregen dat de kosten uit de hand waren gelopen, hadden wij harde aanwijzingen dat er iets goed fout zat. Vanaf die tijd is druk op de minster uitgeoefend om open kaart te spelen. Uiteindelijk is toen twee jaar later het hoge woord eruit gekomen. Maar op dat moment kon je moeilijk meer zeggen: breek al die pijlers maar weer af. Het komt er dus op neer dat, toen het te laat was, de minister met zoveel worden toegaf dat de pijlerdam een heilloos avontuur was. Dat had ik overigens in 1974 al voorspeld. Het was in financieel opzicht een slag in de lucht en daarom hadden we er nooit aan moeten beginnen."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 december 1983

Reformatorisch Dagblad | 30 Pagina's

Van Rossum: De Kamer is gewoon beetgenomen

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 16 december 1983

Reformatorisch Dagblad | 30 Pagina's

PDF Bekijken