Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Papandreou vervult fraaie verkiezingsbeloften niet

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Papandreou vervult fraaie verkiezingsbeloften niet

6 minuten leestijd

ATHENE — In aanwezigheid van verschillende Europese socialistische voormannen vierde de Panhelleense Socialistische Beweging (Pasok) van Andreas Papandreou afgelopen herfst de tweede verjaardag van haar grote overwinning in de Griekse verkiezingen van 1981. Toen verwierf Pasok 48 procent van de stemmen d.w.z. een comfortabele meerderheid van 172 zetels in het 300 zetels tellende parlement. Wat heeft Pasok sindsdien met haar politieke macht gedaan? Aan deze opportune vraag, het Pasok-bewind heeft inmiddels de eerste helft van haar regeringsrit achter de rug, heeft de Britse historicus en Griekenlandspecialist Richard Clogg een kritisch gestemde voorlopige evaluatie gewijd.

Ten eerste merkt Clogg op dat Andreas Papandreou's Pasok een verbazingwekkend snelle opmars maar de regeringsmacht heeft gemaakt. Werd Pasok immers niet pas opgericht in 1974? Nog steeds functioneren de oprichtingsprincipes van 3 september 1974 als de authentieke doeleinde van de beweging (Pasok beklemtoont een beweging te zijn en niet slechts een partij): nationale onafhankelijkheid; volkssoevereiniteit; sociale bevrijding. Vervuld van radicale socialistische retoriek verklaarde Pasok dat Griekenland het slachtoffer was geworden van de imperialistische plannenmakerij van het Pentagon en de NAVO. Ook zou het vaderland economisch geplunderd zijn door de multinationals.

Luchtvervuiling

De eerste jaren van Pasoks politieke bestaan „werden gekarakteriseerd door een opzichtige antiAmerikaanse, anti-EEG, anti-NAVO en anti-Turkse positiebepaling...". Richard Clogg wijst erop dat Andreas Papandreou op gewiekste wijze bij het naderen van verkiezingen in 1977 en 1981 Pasoks radicale houding t.a.v. een aantal sleutelproblemen aanzienlijk matigde. Hij schrijft bijvoorbeeld inzake Pasoks houding aan de vooravond van de verkiezingen van herfst 1981: „De vroegere categorische verklaringen om Griekenland uit de NAVO en de EEG te laten treden en om de Amerikaanse bases te sluiten werden zo gekwalificeerd dat alles weer mogelijk was".

Met de fraaie abstracte belofte van „Allagi" (Verandering), d.w.z. een radicale binnenlandse hervormingspolitiek en een vastberaden inspanning in de buitenlandse politiek der bevestiging van Griekenlands onafhankelijkheid, kreeg Pasok in 1981 dus het groene licht van veel Griekse kiezers. Pasok beloofde de kiezers er zelfs voor te zullen zorgen dat de beruchte Atheense luchtverontreiniging („Nefos") gelijktijdig zou verdwijnen met de rechtse politieke krachten. Aardige opmerking van Clogg: „Cynische ecologen hebben de nog steeds aanwezige smog voorzien van de benaming „sosialistiko nefos". „Andreas Papandreou's socialistische retoriek is waarschijnlijk vooral aangeslagen bij die Griekse kiezers die de laatste jaren geëmigreerd zijn van het platteland naar de steden. Hun frustraties, voortvloeiende uit de onafgebroken naakte strijd om het bestaan, werden door de Pasok-leider treffend verwoord.

Somber beeld

Bij zijn regeringsaanvaarding dekte Andreas Papandreou zich al direct in tegen de zeer hooggespannen economische verwachtingen van zijn bewind. Hij wees erop dat Pasok wel acht jaar d.w.z. twee volle regeringstermijnen nodig zou hebben om de verkiezingsbeloften waar te maken. Hadden Papandreou's voorgangers immers niet met geld gesmeten en zat het internationale economische klimaat ook al niet tegen? Kortom de Grieken moesten niet direct economische wonderen verwachten van het Pasok-bewind.

Welnu, dat klopt volkomen met het zeer sombere beeld dat Richard Clogg schetst van de huidige Griekse economische situatie. Een situatie die negatief gekenmerkt wordt door een voortgaande inflatie van 20 procent, een werkloosheidscijfer van ongeveer 10 procent (een verschijnsel dat pijnlijk hard aankomt in een land met geen recente ervaring op het gebied van een aanzienlijke werkloosheid en waarin werkloosheidsuitkeringen mager zijn), lage investeringen veroorzaakt door vrees voor eventuele „socialisatieplannen" van de Pasok-regering, lage produktiviteit en een aanzienlijke vermindering van inkomsten uit twee traditionele betalingsbalansbronnen namelijk de scheepvaart en het toerisme.

Neen, al met al staat Griekenland er onder Andreas Papandreou's leiding economisch slecht voor op dit ogenblik.

Een slechte positie die Pasok probeert af te schuiven op de malversaties van „big business". De anti-kapitalistische heksenjacht in de regeringsgezinde Griekse pers zal het investeringsklimaat natuurlijk allesbehalve stimuleren. In plaats van fraaie economische beloften waar te kunnen maken heeft de Pasok-regering enkele impopulaire maatregelen moeten doorvoeren: een bevriezing van de salarissen en een strikte beperking van het stakingsrecht voor ambtenaren.

Op het terrein van de buitenlandse politiek heeft Papandreou's Pasok al evenmin de leus „Allagi" waar kunnen maken. Ondanks alle socialistische retoriek bleef Griekenland lid van de EEG en de NAVO en kwam er een nieuwe overeenkomst inzake de Amerikaanse bases op Grieks territorium in elk geval lopend tot 1988, tot stand. Onrealistisch doet de anti-Westerse houding van de regeringsgezinde pers aan, die juist de Sovjet-Unie haar kritiek bespaart. Mogelijk dient deze anti-Westerse houding als een paaimiddel voor de sterk op Moskou georiënteerde Griekse communistische partij (KKE): de Griekse communisten oefenen veel invloed uit binnen de vakbeweging en kunnen derhalve voor het Pasokbewind funeste stakingen voorkomen.

Op zeer verhelderende wijze past Richard Clogg het probleem van de continuïteit en discontinuïteit in de Griekse politieke geschiedenis toe op het verschijnsel Pasok. Hij acht namelijk de regeringsstijl van Andreas Panandreou's kabinet het interessantste aspect van het gehele Pasok-fenomeen. Want alle schijn van het tegendeel ten spijt staat Pasok in veel opzichten middenin de traditionele Griekse politieke arena.

Pasok past ook geheel in de Griekse politieke traditie in de zin dat leden van Papandreou's eigen familie plus oude boezemvrienden sleutelposities bekleden in regering en partij. Veelzeggend in dezen is de titel van een recentelijk verschenen boek „De Papandreou-dynastie" van een verbitterde voormalige Pasok-afgevaardigde. Even traditioneel is het streven van Pasok om het staatsapparaat volledig te laten bemannen door de eigen aanhangers. Clogg analyseert scherp: „Inderdaad, de identificatie van partijen en staat is een verontrustende herinnering aan het gedrag van nog niet gereconstrueerd rechts voor 1963. Melina Mercouri, de minister van cultuur, heeft onlangs beweerd dat de dagen van „rousfeti", die wederzijdse uitwisseling van gunsten die traditioneel het staatsapparaat „gesmeerd" liet lopen, en van de aloude „kommatismos" d.w.z. de patronagepolitiek voorbij waren en dat Griekenland onder Pasok het model is geworden van een meritocratie (een staatsorde gebaseerd op talent en verdienste). Dit is allesbehalve het geval. Patronage vormt nog steeds een van de kardinale hoofdtrekken van het Griekse politieke systeem".

Immers het parlement behoeft nog slechts de partij besluiten te bekrachtigen. Critici hebben deze opvallende regeerstijl aangeduid met de term „neo-palaiokommatismos" („nieuw-oude-partij zucht").

In Athene gaan er momenteel geruchten rond dat Papandreou gelijktijdig met de verkiezingen voor het Europese Parlement van juni a.s. vervroegde nationale verkiezingen zal houden. De reden hiervoorzou zijn angst voor een groot stemmenverlies aan het eind van de normale regeringsperiode. Wat is het geval? Pasok heeft tot dusverre zijn verkiezingsbeloften niet ingelost. Derhalve zijn er diep teleurgestelde Pasok-kiezers en kan de politieke oppositie van rechts geducht uithalen. Niet voor niets uitte de teleurstelling over Papandreou's bewind zich reeds bij de plaatselijke verkiezingen van oktober 1982: Pasok verloor flink wat stemmen. De verwachting is nu dat deze negatieve lijn doorgetrokken zal worden bij de verkiezingen van juni a.s. en dat dit negatieve resultaat voor Pasok weer repercussies zal hebben voor de nationale verkiezingen van 1985. Vandaar de verleiding voor Andreas Papandreou om vervroegde verkiezingen uit te schrijven.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 30 januari 1984

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

Papandreou vervult fraaie verkiezingsbeloften niet

Bekijk de hele uitgave van maandag 30 januari 1984

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

PDF Bekijken