Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

"Stedendwinger" Frederik Hendrik koos zijde der Remonstranten

Door vaders dood werd de zoon bijna vergeten...

7 minuten leestijd

Het is níet eerlijk. Willem van Oranje, bijgenaamd de Zwijger, krijgt dit jaar alle aandacht, omdat hij vier eeuwen geleden vermoord werd in Delft. Maar dat hij nog maar kort daarvóór andermaal vader was geworden van een zoon, ditmaal bij zijn vierde echtgenote, Louise de Coligny geheten, verdwijnt in de nevelen der historie. Toch zou die zoon, door Constantijn Huygens als „Mooi Heintje" betiteld, ook flink naam maken in de vrijheidsstrijd van onze gewesten. Dus moet ook de stedendwinger Frederik Hendrik dit jaar herdacht worden.

Zo redeneerde althans de gemeentearchivaris van Delft, drs. A. J. H. Rozemond, en het gevolg van diens bemoeienis is een tentoonstelling in het gemeente- archief, ,,Frederik Hendrik, Stedendwinger - Vrededwinger - 1584-1647" geheten. De expositie werd dezer dagen . geopend door drs. B. Woelderink, directeur van het Koninklijk Huisarchief.

Rozemond wees erop dat Frederik Hendrik in de knel kwam door alle activiteiten rond zijn vermaarde vader, maar het is juist om ook de op 29 januari 1584 geboren prins voor het voetlicht te halen. Aanvankelijk was men bang om niet over voldoende materiaal te kunnen beschikken voor zo'n expositie, maar de werkelijkheid was omgekeerd: er kwam zoveel aan archiefstukken en kopieën daarvan beschikbaar, dat er nu stevig geselecteerd moest worden.

Zo kunnen we ook tal van bruiklenen zien, afgestaan door o.a. Stedelijk Museum het Prinsenhof, het Leger- en Wapenmuseum Generaal Hoefer, de historische verzamelingen van het Huis Oranje Nassau, enz.

Ook op andere wijze als uit prenten, schilderijen, acta, bullen e.d. wordt Frederik Hendrik tijdelijk aan de vergetelheid ontrukt: de historische vereniging Delfia Batavorum belegt op donderdagavond 15 maart een bijeenkomst in het Prinsenhof, waar dit prinsje werd geboren. Daar zal de Nijmeegse hoogleraar J. J. Poelhekke, die vaderlandse geschiedenis van de nieuwere tijd doceert, een lezing houden over de naast prins Maurits bekendste zoon van Willem van Oranje.

Protestantse naam

Diens namen Frederik Hendrik waren een program, aldus drs. Woelderink van het Koninklijk Huisarchief bij de opening. Willem, toen gehuwd met de Hugenote Lx)uise de Coligny, vernoemde twee voorname protestantse vorsten: de Hugenoot Hendrik IV van Navarre, later koning van Frankrijk, en de Lutherse koning Frederik II van Denemarken.

Wie, zoals Woelderink deed, het leven van vader Willem en van zijn zoon vergelijkt en hun bedoelingen naast elkaar zet, ziet hoeveel glorieuzer dat van de zoon was vergeleken met zijn vader. De namen stedendwinger en ook vrededwinger — al zou hij in 1647 overlijden en dus de vrede van Westfalen niet meer beleven — waren terecht.

Maar wie was nu precies die halfbroer van Maurits? Bijnamen en kwalificaties had hij genoeg. Naast de al genoemde heette Frederic Henry — zoals zijn Franse moeder hem op 12 juni 1584, vermoedelijk in de Nieuwe Kerk te Delft, liet dopen — ook graaf van Nassau, sinds 1625 (de dood van Maurits) prins van Orange, de Paleizenbouwer, Zijne Hoogheid, Weselwinner, Den Boschdwinger, prins Vrede-rijk (zó P.C. Hooft), prins Heinrijck (idem) enz. enz.

Frans en Remonstrant

Nogmaals: wie wès hij? In elk geval het dertiende kind van Willem de Zwijger, Frans opgevoed in Delft en na de moord op zijn vader in Leiden, Middelburg en Vlissingen toen het gezin zich in 1592 Den Haag als woonplaats koos.

In 1594 zou de Franstalige graaf Henry, zoals hij toen wel heette, in Leiden gaan studeren. Zijn vaste opvoeder en hofprediker was ene ds. Johannes Uijtenbogaert, die we later als vooraanstaand Remonstrant tegenkomen en die de prins in elk geval geen stoer calvinisme zal hebben bijgebracht, hoewel moeder Louise uit het strenge Franse Hugenotendom stamde.

Frederik Hendrik werd in 1598-1599 ook opgenomen aan het Franse hof van koning Hendrik (van Navarre), die het tolerantie-edict van Nantes uitvaardigde. Terug in onze gewesten werd hij al gauw met de veldtochten van broer Maurits vertrouwd gemaakt. Hij zou vanaf 1600 (slag bij Nieuwpoort...) al die acties te land meemaken.

Tegenover Maurits

In het Twaalfjarig Bestand — even politieke rust om nu kerkelijke twisten uit te vechten ...— koos Frederik Hendrik zoals verwacht de zijde der Remonstranten, terwijl zijn broer Maurits in 1617 openlijk aan de Contraremonstrantse zijde van ds. Rosaeus ging staan. Maar in het conflict van Maurits met Oldenbarneveldt en Hugo de Groot bleef de jongere prins Frederik Hendrik voorzichtig en afzijdig. Trouwens, hem werd vaker verweten dat hij te besluiteloos en te godsdienstig tolerant optrad.

Toch noemt prof. Poelhekke, die een ,,Biografisch drieluik" aan deze prins wijdde, hem een niet onaantrekkelijke leidersfiguur. Maar elders heette hij wel de gevangene van zijn vele krijgstochten, zelfs zó, dat hij in 1620 niet bij de voorlopige begrafenis van zijn moeder in Frankrijk aanwezig was en in 1625 niet bij het overlijden van z'n broer Maurits. Deze stedendwinger zou het zijn die flinke delen van Brabant, Limburg en Zeeuwsch-Vlaanderen binnen de grenzen' van de vaderlandse republiek bracht.

Gouden Eeuw

De Gouden Eeuw zou ook wel, en niet ten onrechte, als de eeuw van Frederik Hendrik worden getypeerd. Die term Gouden Eeuw (aurea saecula) komt voor op een penning die werd geslagen na zijn verovering van 's-Hertogenbosch in 1629. Toen waren tochten tegen Gulik (het huidige Jülich in NoordrijnlandWestfalen) en Kleef al achter de rug en eveneens tegen Brunswijk (Braunschweig), terwijl hij in 1627 de vesting Grol (Groenlo) had ingenomen.

De mooie prins was inmiddels in 1625 getrouwd met een achternicht, Amalia van Solms-Braunfels, die hofdame was in het gevolg van de ,,winterkoning" Frederik V van de Palts. Deze had zich, nadat hij als koning van Bohemen door zijn rivaal Ferdinand II op de Witte Berg bij Praag was verslagen, in Den Haag gevestigd, dat steeds meer hofstadallures kreeg.

Paleizenbouwer

Frederik Hendrik toefde hier graag en hij deed zijn bijnaam ,,paleizenbouwer" eer aan. Het Oude Hof — thans werkpaleis Noordeinde van koningin Beatrix — liet hij grondig verbouwen en het stadhouderlijk kwartier, nu onderdeel van de Binnenhof-gebouwen, verfraaien. De Oranjezaal, kern van het latere paleis Huis ten Bosch, werd door hem gebouwd en in Naaldwijk en Rijswijk kregen kunstenaars en architecten eveneens volop kansen van de prins en zijn Amalia.

Maar erg veel thuis was hij niet, gezien de tochten ten strijde tegen Venlo, Roermond, Maastricht (in 1632), Breda (1637), Sas van Gent en Hulst (1644/45). In tal van opzichten was Frederik Hendrik in zijn latere jaren een voornaam i heer, terwijl zijn vader Willem juist tegen zijn levenseinde min of meer berooid en van hoge ambten ontdaan sober leefde in het voormalige Agathaklooster te Delft.

Voor Vader en Land..

Frederik Hendrik was immers na 1625 kapitein-generaal van de Unie, stadhouder van vijf, later zeven gewesten, een oppermachtig heer in de Raad van State en succesvol in zijn huwelijkspolitiek. Zoontje Willem (al 15 jaar oud...) werd in de echt verbonden met de reeds tienjarige Maria Stuart, dochter van koning Karel I van Engeland.

Maar, zoals gezegd, de vrede van Munster in 1648 mocht deze prins niet meer meemaken. Hij heeft zich — krachtens zijn lijfspreuk Patriaeque Patrique — ingezet voor zijn vaderland en voor zijn vader. Zijn gade Amalia had als levensdevies Quid reddam Domino? (Wat zal ik de Heere vergelden? Psalm 116 VS. 12).

Was er ook nog wat negatiefs over deze stadhouder-prins te melden? Misschien zijn te grote geldzucht? Mogelijk zijn te grote geliefdheid bij de dames die hij zo gaarne het hof maakte?

Kouseband ridder

In de brochure van het Gemeente-archief, die mr. A. P. A. van Daalen bij de expositie schreef, wordt er even op gezinspeeld, maar tijdens de rondwandeling zie ik niet zoveel schaduwzijden, tenzij men zijn keuze voor Uijtenbogaert en aldus tegen de Dordtse vaderen naar voren haalt. Wat ik wel tegenkom is zijn huwelijkscontract met Amalia van Solms, zijn geboortebrief, zinneprenten op Frederik Hendrik de veroveraar, vitrines en panelen over de beroeringen tijdens het Bestand, oude schoolplaten van Isings die episoden uit 's prinsen leven verbeelden.

We zien hem ridder in de orde van de Kouseband (,,eerloos zij hij die hier kwaad van denkt") worden in 1627 en we maken zijn levensgang mee tot en met de inschrijving in het begraafboek. In de vorstelijke grafkelders van de Nieuwe Kerk te Delft vond ook Frederik Hendrik zijn rustplaats. Meters boven tiem welft zich, op de begane gron^ in het koor van de kerk het praalgraf van zijn vader Willem, ontworpen door Hendrik de Keyser. Frederik Hendrik stierf op 14 maart 1647 en werd hier op 10 mei bijgezet.

De expositie „Frederik Hendrik" kan men tot 27 april bekijken in het gebouw van de Gemeentelijke Archief Dienst, Oude Delft 169 te Delft, vlak naast het Prinsenhof. Men kan er terecht op maandag van half twee tot vijf en op dinsdag t/m vrijdag van negen tot vijf

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 februari 1984

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 17 februari 1984

Reformatorisch Dagblad | 24 Pagina's

PDF Bekijken