Bekijk het origineel

,Ook reformatorische scholen kunnen wij vertegenwoordigen'

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

,Ook reformatorische scholen kunnen wij vertegenwoordigen'

Directeur Voortman van prot, christelijke Besturenraad:

9 minuten leestijd

"De Besturenraad beschouwt de reformatorische gezindte als sen onderdeel (subdenominatie) vun het protestants-christelijk gelieel, als zo'n indeling al gemaakt moet worden. Ik weet dat de Onlerwijsraad hierover anders lenkt. Wij zouden die categorie best kunnen vertegenwoordigen. Vlaar het is aan hen om uit te maien of ze dat willen. Het vertrek)unt van minister Deetman kan ik lest begrijpen, maar het heeft ;rote consequenties voor de totale idvies- en overlegstructuur. De besturenraad voert een beleid van "goede vrienden". Zo is er voor vertegenwoordigers van de reformatorische scholen in bepaalde organen een plaats ingeruimd. Wij zijn best bereid tot samenwerking. Ik ben me ervan bewust geen rechtstreeks antwoord gegeven te hebben op uw vraag, maar ik denk dat ik hiermee moet volstaan."

Het onderwijs wordt gekenmerkt door een bijzondere advies- en overlegstructuur. Die structuur is namelijk verzuild. Tot nu toe zijn daarin vier koepelorganisaties actief. Dan zijn een rooms-katholieke, een algemeen- bijzondere, een organisatie voor openbare scholen en een protestants- christelijke.

De aanduiding „koepelorganisatie" geeft aan dat binnen zo'n organisatie verschillende belangengroeperingen van dezelfde „levensbeschouwelijke" richting samenwerken. Belangenorganisaties zijn besturenorganisaties, landelijke ouderverenigingen, personeelsorganisaties en verzor-. gingsinstellingen.

Binnen de protestants-christelijke koepelorganisatie neemt de Besturenraad Protestants-Chrütelijk Onderwijs een belangrijke plaats in. Daarnaast zijn in deze koepelorganisatie, de protestants christelijke onderwijsvakorganisatie (PCO), het Christelijk Pedagogisch Studie centrum (CPS) en nog wat kleinere verenigingen vertegenwoordigd.

Ook de inmiddels van de grond gekomen Ouderraad Protestants- Christelijk Onderwijs (OPCO) zal een eigen plaats krijgen binnen het geheel. De koepelorganisatie wordt aangeduid met de naam Nederlandse Protestants-Christelijke Schoolraad (NPCS).

De Besturenraad vertegenwoordigt zo'n 5.900 scholen met ongeveer 800.000 leerlingen. Daar zijn ook reformatorische scholen bij, die overigens eveneens lid zijn van de onder ons bekende vereniging voor Gereformeerd Schoolonderwijs (VGS).

De besturenraad heeft de verenigingsvorm. Het bureau in Voorburg telt 65 medewerkers. Directeur van het bureau is drs. G. H'. Voortman. Hij vervult die functie sinds 1 november 1982. Hij volgde toen drs. B. de Haan op, die was, benoemd tot plaatsvervangend directeur-generaal basisonderwijs op het ministerie van Onderwijs.

Alhoewel de reformatische denominatie door de Onderwijsraad als een zelfstandige richting wordt gezien naast de protestants-christelijke, heeft deze denominatie (nog) geen eigen plaats in de landelijke adviesen overlegstructuur. Daarom is voor de advisering het standpunt van de NPCS, maar in het bijzonder dat van Besturenraad, ook voor de reformatorische scholen van belang. Om die reden hebben we drs. Voortman gevraagd zijn visie te geven op een aantal ontwikkelingen in het onderwijs, vooral toegespitst op het primair onderwijs.

Voortman is vanaf 1967 betrokken bij hetprotestants-christelijk onderwijs. Hij maakte van nabij mee dat allerlei kleinere besturenorganisaties in 1968 een soort federatie aangingen en de Stichting Besturenraad oprichtten. Per 1 januari 1970 werd het bureau van deze stichting in Voorburg gevestigd. Dat bureau werd bemand door zo'n 25 medewerkers.

In 1976 is de Federatie omgezet in een vereniging. Daarbij zijn de verschillende besturenbonden opgeheven. De Besturenraad behartigt de belangen van de meeste onderwijstypen. Dat loopt van kleuteronderwijs tot en met het Hoger Beroepsonderwijs. Daarnaast zijn er relaties met de Vrije Universiteit in Amsterdam.

De Besturenraad is een organisatie voor belangenbehartiging. Die belangenbehartiging bestaat uit twee delen: enerzijds het geven van adviezen aan en het assisteren van schoolbesturen op velerlei gebied; anderzijds het vertegenwoordigen van die schoolbesturen naar de overheid toe. Die vertegenwoordiging is in sommige organen rechtstreeks als Besturenraad, in andere organen via de NPCS.

Het werk van de Besturenraad bestaat dus uit twee „poten": dienstverlening en vertegenwoordiging. Tijdens het interview liet Voortman zich kennen als een man met veel kennis van zaken en een duidelijke mening. Op voortreffelijke wijze wist hij zijn standpunt onder woorden te brengen.


Dit antwoordde drs. G. H. Voortman op onze vraag of hij, evenals minister Deetman en de Onderwijsraad, scholen van reformatorische signatuur ziet als een zelfstandige denominatie naast de protestants-christelijke scholen. Consequentie van een bevestigend antwoord op onze vraag zou zijn, dat het reformatorisch onderwijs als een zelfstandige koepelorganisatie 'zou moeten kunnen deelnemen in de advies- en overlegorganen.

Minister Deetman zei in een interview in de Oudejaarsbijlage 1983 van onze krant, dat hij dit probleem zag en erkende, maar dat de oplossing hiervan niet zijn hoogste prioriteit had. Wel hoopte hij nog in deze kabinetsperiode tot een afdoende regeling te komen.

Er worden momenteel in het onderwijs structuren geschapen, die op langere termijn fnuikend kunnen zijn voor het identiteitsgebonden onderwijs.' Denk bijvoorbeeld aan de regionalisatie, waarbij oorspronkelijk verplichting tot samenwerking binnen een regio was opgelegd. Wat is hierover uw mening?

„Of structuren fnuikend werken is voor mij de vraag, soms wel, soms niet. Het baart mij wel zorgen, dat ik moet constateren hoe weinig sommige fracties in de Tweede Kamer zich gebonden voelen aan datgene, wat wettelijk vastligt. Er wordt slordig omgesprongen met bestaande wetgeving. Ik denk in dat kader aan uitspraken van fractievoorzitter Nijpels van de WD over „de gebroken ruit" en van voorzitter A. P. van der Jagt van de Vereniging openbaar onderwijsover „de laatste school in het dorp".

Overheid

Bij de discussie over dé regionalisatienotitie was ik blij met de opmerking van minister Deetman dat de overheid nooit richtingoverschrijdend overleg kan voorschrijven. Ik heb toen gezegd'dat ik die opmerking boven m'n bed zou hangen. Toch stond de verplichting tot dat overleg oorspronkelijk wel in de notitie. Overigens blijft voor mij de vraag of de overheid op zich overleg mag voorschrijven, ook al blijft dat overleg beperkt tot de eigen richting. De overheid heeft wel bevoegdheid structuren te bepalen, maarniet om die structuren in te vullen. Als de overheid bepaalt, dat het voortgezet basisonderwijs er moet komen, gaat zij haar bevoegdheden niet te buiten.

Hoe ver mag de overheid gaan met het stellen van deugdelijkheidseisen?

Het is aan de volksvertegenwoordiging die vraag elke keer weer naar eer en geweten te beantwoorden. Het is wel een tijdgebonden vraag, die steeds weer om bezinning vraagt. Het vertrekpunt dient de vrijheid van onderwijs te zijn. Binnen het kader van deugdelijkheidseisen en bekostigingsvoorwaarden moet de gebruiker vrij zijn eigen vorm en inhoud aan het onderwijs te geven.

Overigens moeten we de vrijheid van onderwijs niet te veel koppelen aan het bepalen van het onderwijsstelsel. 'Ik merk die koppeling weleens op in de discussie. Het gaat. om de vraag wat, gegeven de kaders die de overheid mag stellen aan onderwijsinhoud, wordt gegeven door de gebruiker. Van Kemenade had als minister nogal wat zwaar ideologisch aangezette opvattingen over de inhoud van het onderwijs. Dat mag gepredikt worden, maar niet in wetten worden vastgelegd".

Tijdens de laatstgehouden conferentie van de PCÖ-vakorganisatie heb ik begrepen dat de Besturenraad voor arbeidstijdverkorting is, maar dan uitsluitend op basis van vrijwilligheid. Zal op die basis invoering van arbeidstijdverkorting mogelijk zijn?

„Die vraag moet voor Basisonderwijs en Voortgezet Onderwijs verschillend beantwoord worden. In het basisonderwijs kennen we de klassedocent, in het Voortgezet Onderwijs de vakdocent. Het gevaar is reëel dat ATV in het basisonderwijs een versplinterend effect zal hebben op het personeelsbestand, zodat uiteindelijk een basisschool alleen nog maar zal werken met leerkrachten in deeltijdbetrekking. Dat zou funest kunnen zijn voor de school als organisatie en de kwaliteit van het onderwijs.

De Besturenraad is bereid over ATV te praten mits de rechtspositie van leerkrachten hieraan wordt aangepast. Er moet een evenwicht zijn tussen die rechtspositie en de school als organisatie. Dus we zeggen geen nee tegen ATV, we zijn odk niet uitsluitend voor ATV op basis van vrijwilligheid. Al willen we alleen dat laatste bevorderen, omdat nien de rechtspositie wil handhaven".

Maar in beginsel bent u bereid het onderwijs op dit gebied een speerpuntfunctie te laten vervullen voor net gehele sociaal-economische stelsel?

„Nee, ik denk namelijk ook dat in dezen de acceptatie door de ouders van zo'n vorm van arbeidsverdeling een erg belangrijke rol speelt. Het is dus niet zo, dat we zeggen dat daaraan moet worden voorbijgegaan. Anderzijds is het wel bespreekbaar, mits de schoolorganisatie intact blijft. Dat is nogal ingrijpend wat ik u zeg. Want wil men de schade voor de schoolorganisatie beperken, dan zal dit ongetwijfeld gevolgen hebben voor de rechtspositie. Daar waar ATV kan, zal men doen. Daar waar ATV schadelijke gevolgen heeft voor de kwaliteit van het onderwijs, zal men het moeten kunnen nalaten. "

Loopt de kwaliteit van het onderwijs ook geen gevaar door invoering van nieuwe onderwijsvormen, zonder voldoende voorbereiding? Ik denk hierbij aan de invoering van het Basisonderwijs per 1 augustus 1985.

„Op zich kan van het stellen van een invoeringsdatum een goede prikkel uitgaan. Maar naar mijn mening, is het departement niet in staat een dergelijke operatie goed te begeleiden. Dat is steeds weer ons verwijt aan het ministerie.

Het stellen van een datum is dus op zich goed, anders wordt de invoering zomaar een aantal jaren uitgesteld. Maar dan moeten vervolgacties daarop wel worden afgestemd. Het is onze grootste zorg dat de planning niet realiseerbaar is. Het departement zal met een strak tijdschema moeten komen om ons ervan te overtuigen dat het tegendeel waar is.

De scholen behoren niet in een positie van onzekerheid te worden gebracht. Daarom fungeren wij als horzel bij het ministerie om te bewerkstelligen, dat de planning wordt nagekomen. Overigens heeft de invoering van het basisonderwijs het karakter van een proces. In sommige scholen is dat proces al gaande, in andere zal het nog moeten starten.

Consequentie

Als blijkt dat de overheid met de regelgeving de planning niet kan nakomen, dan zal men daaruit de consequentie moeten trekken en de invoering uitstellen. De overheid mag dat niet afwentelen op de scholen. Overigens ben ik daar op dit moment nog niet aan toe.

De Besturenraad gaat samen met PCO- en CPS-besturen voorlichten over de invoering van het Basisonderwijs. Daarvoor is 120.000 gulden uitgetrokken. Er zullen folders worden ontwikkeld, er komt een informatiestroom naar de scholen. De voorbereidingen voor die voorlichting worden nu getroffen.

Binnen de NPCS is tegelijk een bezinning op gang gekomen hoe een zinvolle vulling kan worden gegeven aan het vak „geestelijke stromingen". Op dat gebied is er een leemte die niet wordt opgevuld door een Stichting Leerplanontwikkeling. Voor dat vak of leergebied heeft het protestants-christelijk onderwijs een geheel eigen invulling nodig. Daar hebben we een boodschap aan. Er is een commissie gevormd, die zich met die bezinning bezighoudt."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 17 maart 1984

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

,Ook reformatorische scholen kunnen wij vertegenwoordigen'

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 17 maart 1984

Reformatorisch Dagblad | 20 Pagina's

PDF Bekijken