Bekijk het origineel

Vluchtelingenconferentie zal weinig concreets opleveren

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Vluchtelingenconferentie zal weinig concreets opleveren

Afrikaanse landen vestigen hoop op rijke Westen

3 minuten leestijd

GENEVE — Vandaag begon in Geneve de tweede internationale conferentie over hulp aan de vluchtelingen in Afrika. Veertien landen, die door droogte, hongersnood en overstromingen met een golf van naar schatting 2,6 miljoen vluchtelingen zijn overspoeld, vragen om een bedrag van 517 miljoen dollar om de vluchtelingen hulp te kunnen bieden. De conferentie, Icara II, zal echter hinder ondervinden van de internationale economische toestand.

„We kunnen niet al te optimistisch zijn dat we het geld zullen krijgen dat nodig is, maar we mogen ook niet al të pessimistisch zijn," aldus een conferentiefunctionaris, die niet bij naam genoemd wil worden. „Het is alsof je tegen een storm in schreeuwt. Het is zaak dat je hard genoeg schreeuwt", zegt Michel Barton, redacteur van het maandblad van het Hoge commissariaat voor de vluchtelingen van de Verenigde Naties.

De hoge conmiissaris voor de vluchtelingen, Poul Hartling, heeft de situatie in Afrika de „ergste uit de geschiedenis" genoemd. De toestand heeft ook de aandacht van de economische en sociale raad van de VN (Ecosoc), die zijn tweejaarlijkse vergadering tegelijkertijd in Geneve houdt.

De secretaris-generaal van de VN, Javier Perez de Cuellar, zei in zijn openingstoespraak' tot de Ecosoc-conferentie dat „in een periode van economisch herstel in de geïndustrialiseerde wereld en van een betrekkelijk bevredigende mondiale voedselsituatie, de ontberingen die miljoenen Afrikaanse mannen, vrouwen en kinderen nu ondergaan, niet aanvaard mogen worden".

Projecten

De eerste Icara-conferentie vond plaats in april 1981. Voor een periode van twee jaar werd toen een bedrag van 570 miljoen dollar uitgetrokken voor vluchtelingenhulp. Deze keer zullen de deelnemers — ministers en vertegenwoordigers van internationale en non-gouvemementele organisaties — worden gevraagd vluchtelingenhulp en ontwikkeling op praktische wijze aan elkaar te koppelen.

„Uit de geografische feiten blijkt dat het vluchtelingenprobleem zich vooral afspeelt in de grensgebieden, terwijl ontwikkeling meer een zaak is die zich concentreert rond de steden", aldus Barton. Vanwege de economische crisis en de golf nieuwe vluchtelingen, proberen gastlanden nu manieren te vinden om de toevloed beter te kunnen opvangen.

Veertien landen — Angola, Botswana, Burundi, Ethiopië, Kenia, Lesotho, Rwanda, Somalië, Soedan, Swaziland, Oeganda, Tanzania, Zaïre en Zambia — hebben 128 projecten voorgesteld ter waarde van ongeveer 362 miljoen dollar over een periode van drie tot vijf jaar, naast een bedrag van 155 miljoen dollar voor bestaande en nieuwe projecten ten behoeve van vluchtelingen en repatrianten. Barton verwacht echter dat Icara II minder vrijgevig tegenover ontwikkelingsprojecten zal staan dan Icara I, om te waken tegen buitensporige en onrealistische voorstellen.

„Technische commissies hebben de projecten ter plaatse geïnspecteerd voor zij aan de conferentie zouden worden voorgelegd, zodat een deel van de nonsens is verdwenen. Bij Icara I leken sommige projecten op bodemloze putten," aldus Barton.

De Amerikaanse VN-ambassadrice Jeane Kirkpatrick heeft het ontwikkelingsprogram van de VN (Undep) op 13 juni voorgehouden dat de tijd van „onbeperkte" financiering van projecten „op basis van hoop alleen" voorbij is. Diezelfde dag liet Japan weten dat niet-geïndustrialiseerde landen, olieproducenten en het Sovjet-blok ook maar eens over de brug moesten-komen.

Oostblok afwezig

De Oostbloklanden schitteren bij Icara II door afwezigheid. Deze landen hebben weinig voeling met het vluchtelingencommissariaat van de VN, waarvan sommige programma's hun eigen burgers betreffen. Het afwezig zijn — en niet meebetalen aan de projecten van de Icara — kan een twistpunt worden wanneer de hulp aan Ethiopië en Ethiopische vluchtelingen aan de orde komt. Dit land in het noordoosten van Afrika dat een marxistische regering heeft en een van de belangrijkste bondgenoten van de Sovjet-Unie is in dit werelddeel, vormt het grootste vluchtelingenprobleem in Afrika.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 9 juli 1984

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

Vluchtelingenconferentie zal weinig concreets opleveren

Bekijk de hele uitgave van maandag 9 juli 1984

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

PDF Bekijken