Bekijk het origineel

Minister we^elopen van OPEC-beraad

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Minister we^elopen van OPEC-beraad

„Nigeria valt ons in de rug aan"

3 minuten leestijd

GENEVE — De minister van olie van de Verenigde Arabisclie Emiraten (VAE), Mana Said Al-Oteiba, is gisteren nog geen uur na het begin van de vergadering van de Organisatie van Olie-Exporterende Landen (OPEC) kwaad weggelopen wegens de houding van Nigeria. Hij verklaarde dat de Nigeriaanse minister van olie. Tam David-West, de OPEC in de rug aanvalt en dat zijn delegatie daarom naar huis zou gaan.

Oteiba zei dat Nigeria de prijzenstructuur van de OPEC ondermijnt door dagelijks 1,7 miljoen vaten ruwe olie te produceren in plaats van het toegewezen produktiecontingent van 1,4 miljoen. Hij wreef de Nigeriaanse minister een aanmatigende houding aan. „Tam David-West probeert de andere OPEC-landen te vertellen hoe de organisatie moet worden bestuurd", aldus Oteiba.

Minister Jamani van Saoedi-Arabiê zei later tegenover verslaggevers dat het met het vertrek van Oteiba niet zo'n vaart zou lopen. De minister van de VAE zal volgens hem die zelfde dag nog weer terugkeren op de vergadering. Het „misverstand" dat voor Oteiba aanleiding was om op te stappen is opgehelderd en was ook geen ernstig misverstand, zo verklaarde Jamani.

Het conflict tussen Oteiba en David-West illustreert de problemen die de OPEC ondervindt bij het zoeken naar een eensgezinde aanpak. De organisatie is in ernstige moeilijkheden geraakt door Het öliè-overschot óp de wereldmarkt en de. daaruit voortvloeiende prijsdaling. In deze situatie komen de verschillende belangen van de afzonderlijke leden scherp tegenover elkaar te staan.

Aantrekkelijker

Bij het overleg in Geneve gaat het vooral om de al lang slepende kwestie van de prijsverschillen tussen oliesoorten van verschillende kwaliteit. Op het ogenblik bedraagt het prijsverschil tussen zware olie en de lichtere soorten 3,75 dollar per vat. De laatste jaren is zware olie door het verbeteren van de raffinagetechnieken steeds aantrekkelijker geworden, en daarom is iedereen het erover eens dat het verschil kleiner moet worden. Over de mate waarin en de manier waarop verschillen de meningen echter. Daarbij staan vanzelfsprekend de producenten van zware oliesoorten (hoofdzakelijk landen aan de Perzische Golf) tegenover die van lichte olie (Nigeria, Algerije, Libië).

Minister Jamani verklaarde gisteren dat er „twee è drie" voorstellen ter tafel liggen en dat die niet veel van elkaar verschillen. Op de vraag of een wijziging van het prijzenstelsel van de OPEC ook een verandering van de basisprijs (nu 29 dollar per vat) zou kunnen inhouden antwoordde Jamani niets uit te sluiten. Een scherpe daling van de prijzen van de verschillende oliesoorten zit er volgens hem echter niet in. „Als een gewogen gemiddelde wordt genomen hooguit enkele dollarcenten", aldus de minister.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 29 januari 1985

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

Minister we^elopen van OPEC-beraad

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 29 januari 1985

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

PDF Bekijken