Bekijk het origineel

Omgekeerd

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Omgekeerd

6 minuten leestijd

Ik heb knechten te paard gezien, en vorsten, gaande als knechten op de aarde.Prediker 10:7

De werkelijkheid, die het leven vertoont, Is meestal het omqekeerde van wat deze wereld zou moeten laten zien. Het gaat er anders aan toe dan God bedoeld heeft en op grond van de Heilige Schrift verwacht zou worden. De Prediker heeft dat in zijn leen reeds ontdekt en in dit gedeelte van Gods Woord op schrift gesteld. Knechten ziet hij te paard en vorsten als knechten te voet gaande. En dat noemt hij een kwaad dat hij gezien heeft onder de zon. Het geringe, het dwaze en het slaafse vindt allerwege waardering en verering; terwijl het voorname en edele veracht wordt. Onwaardigen, meelopers en die slaafs de geest van de tijd en van de wereld volgen, krijgen belangrijke plaatsen in de maatschappij; maar die begaafd zijn en tot de voortreffelijken van verstand behoren, worden vergeten en voorbijgegaan. Het is inderdaad een omgekeerde zaak op de wereld. Dat het zo is en in al die eeuwen, die voorbijgegaan zijn, niet veranderd is, valt alleen te verklaren uit de zonde. De zonde van de eerste mensen uit het paradijs heeft alles omgekeerd. Wat wijsheid was is dwaasheid geworden. Wat goed was is kwaad geworden. Wat voornaam was is veracht geworden. En dat kwaad van de zonde trekt nog altijd door, tot op de dag van vandaag. Het Is nog altijd zo, dat u knechten te paard ziet en vorsten als knechten op de aarde gaande. Het Is een omgekeerde gang van zaken gebleven. In eeuwen is de wereld er niet anders gaan uitzien. Ja, het lijkt er zeer op, dat het veel erger is geworden. Slaafse en onwijze mensen zitten te paard. Zij zijn aan de macht. Zij voeren heerschappij in de wereld. En die wijsheid bezitten, die gaven ontvangen hebben en een geest van verstand hebben gekregen, krijgen geen gelegenheid die gaven tot nut van land, staat en samenleving aan te wenden. Hun talenten worden niet gewaardeerd en lijken ongebruikt te blijven. Dat is een kwaad in de wereld en onder ons volk. Daarover merkt de profeet Jesaja op: twee degenen, die het kwade goed heten en het goede kwaad; die duisternis tot licht stellen en het licht tot duisternis: die het bittere tot zoet stellen en het zoete tot bitterheid. Wee degenen, die in hun ogen wijs en bij zichzelven verstandig zijn. Ja, wee degenen, die de zaken omkeren; en bij de zonde zich neerleggen en in de zonde voortgaan! Maar is er werkelijk niets veranderd sinds de mens in het paradijs van God is afgevallen en alles wat God tot Zijn eer geschapen en bedoeld heeft omgekeerd heeft? O neen. De Heere heeft naar Zijn eeuwige raad verandering gegeven. Wat mensen ten kwade hebben gedacht, heeft Hij ten goede gedacht. De Vorst des hemels, Zijn eigen eniggeboren Zoon, heeft hij naar de aarde gezonden, om als de Knecht des Heeren op de aarde te gaan. Deze Jezus Christus vond er geen plaats, om geboren te worden. Hij had geeft plaats, om het hoofd neder te leggen. Hij was veracht en de onwaardigste onder de mensen. Ja, Hij was op aarde als Eén, Die dient. Maar in die weg van diepe vernedering heeft Hij een volk losgekocht uit de slavernij der zonde. En op grond van dit gaan als knecht op aarde van deze Vorst des hemels worden nu slaven der zonde verhoogd. Die gering zijn, dwaas bij zichzelf en van nature gebonden aan de zonde, worden door God om Christus' wil uit het stof opgericht en op een hoogte geplaatst. En zo is er geestelijk gesproken in deze wereld een volk te zien, dat te paard gaat, omdat die Vorst van Sion als een Knecht op de aarde heeft willen gaan. Al lijkt het in de wereld omgekeerd, de Heere God heeft in Zijn Koninkrijk de wereldse gang van zaken omgekeerd. In Zijn genade heeft Hij het dwaze der wereld uitverkoren, om de wijzen te beschamen. Het zwakke heeft Hij uitverkoren, om het sterke te beschamen. Niet wat groots, in aanzien en geëerd is in deze wereld, is bij God geacht; maar het onedele, verachte en zwakke. Dat geeft troost aan ieder, die zich als een verachte heeft leren kennen. Dat biedt troost aan allen, die hun zwakte vanwege de zonde hebben moeten inleven. Wie zich niet op zijn adeldom als mens kan beroemen, omdat hij afkomstig Is uit het verdorven en gevallen Adamsgeslacht, die putte troost uit het werk des Heeren, dat Hij het onedele heeft uitverkoren en hetgeen niets is, opdat Hij hetgeen iets is teniet zou maken; opdat geen vlees zou roemen voor Hem. Hier op aarde is Gods volk met de gaven der genade niet in tel. Gods kinderen worden in de wereld, maar ook in de kerken veracht. Hun gaven worden niet gewaardeerd. En van hun talenten wordt meestal geen gebruik gemaakt. Zij gaan, hoewel Gods genade in hun harten en levens verheerlijkt is, als knechten op de aarde. En zij zien in deze wereld de slaven der zonde te paard. Maar straks wordt dit alles omgekeerd, om nooit meer omgekeerd te worden. Dan zullen zij, die eens knecht waren, eeuwig te paard zitten. Zij, dié vrijgemaakt zijn van de dienstbaarheid der zonde door Christus' volbrachte werk, zullen dan eeuwig als koningen heersen. .. Als de heiligen der hoge plaatsen zullen zij het Koninkrijk Gods ontvangen en zij zullen het Rijk bezitten tot in der eeuwigheid, ja tot in eeuwigheid der eeuwigheden. En wat nu voornaam is in de wereld en vorstelijke eer ontvangt, zal dan als knechten gaan op aarde en eeuwig gebonden zijn in de buitenste duisternis, waar wening is en knersing der tanden. Zo zal God verandering geven, zodat wat nu nog met de Prediker gezien wordt dan voor eeuwig is omgekeerd!

SINT-MAARTENSDIJK                                      DS. J. G. VAN LOON

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 juni 1985

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

Omgekeerd

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 juni 1985

Reformatorisch Dagblad | 28 Pagina's

PDF Bekijken