Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Deftig volk

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Deftig volk

2 minuten leestijd

een paar roekeri, herkenbaar aan de kale plek bij de snavelwortel, de slordige veren bij de poten waardoor het lijkt alsof ze een broek dragen en aan hun schommelende gang. Bij het open water is voedsel te vinden en dat lokt vele vogels naar de uiterwaarden.

De meeste watervogels houden zich op waar de uiterwaarden begroeid zijn en nu prachtige plassen vol bomen en struikgewas vormen. Daar zwemmen fraaie eenden tussen de vele gewone soorten. Een grote groep kuifeendjes, de mannetjes met hun fraaie witte flanken, duiken en plonzen dat het water spettert. Dertig jaar geleden broedden er enkele paartjes in ons land; nu meer dan 6000. Het eendje dat eens vrij zeldzaam was kun je nu door het hele land en het hele jaar door zien. Een aanwinst voor onze avifauna. Het kuifje van dit kleine duikeendje bengelt als een sliert aan z'n kop.

Een paar tafeleenden, hij met bruine kop en grijze mantel, zij eenvoudig in het bruin, zwemmen rustig tussen de actieve kuifeendjes. Tot mijn verwondering lopen er zes kieviten op een hard bevroren modderige strook. Wat moeten die nog hier, nu ze nauwelijks meer voedsel kunnen vinden? Duidelijk een stel achterblijvers, want kieviten laten zich direct door invallende vorst verjagen naar Engeland of Frankrijk. Deze zullen dat alsnog moeten doen.

Door de beschutting van bomen en struikgewas is hier veel open water, zijn er veel eenden die het bevriezen tegengaan. Tussen de wit-met-zwarte kuifeendjes vallen een stel overwegend witte eenden op. Het zijn nonnetjes, familie van de zaagbek. Ook deze zwemmen allemaal gepaard, netjes het sierlijke mannetje dicht bij het eenvoudiger gekleurde vrouwtje. De eerste is werkelijk bijzonder mooi door zijn fijne grafische kleurtekening. Het vele wit is smetteloos, de flanken zijn heel fijn grijs. Bij de snavelwortel zit een zwarte vlek die een markante uitdrukking geeft. Over de schedel naar achteren vormt een zwarte streep een hoefijzervorm, terwijl een dunne zwarte lijn de schouder markeert. Tussen flank en rug loopt ook een zwarte lijn. Het hoge voorhoofd en de dunne haaksnavel doen aan de grote zaagbek denken. Het vrouwtje heeft een warmbruine kop, zwartgrijze rug en lichtgrijze flanken met donkerder vlekken. Niet zo opvallend als het mannetje, maar op bescheiden wijze toch sierlijk, deftig bijna.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 februari 1986

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

Deftig volk

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 februari 1986

Reformatorisch Dagblad | 26 Pagina's

PDF Bekijken