Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Invloed van individueel raadslid erg beperkt

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Invloed van individueel raadslid erg beperkt

6 minuten leestijd

APELDOORN — Een „nieuwe" lichting volksvertegenwoordigers zal in april, als gevolg van de verkiezingen van morgen, de gemeentelijke vergaderzalen weer gaan bemannen. Een nieuwe vierjarige periode van samenwerking, „oppositie", inzet en passiviteit, afhankelijk van invloed, deskundigheid van de fractie en grootte van de gemeente. Vooral dit laatste lijkt van doorslaggevend belang te zijn voor samenwerking tussen verschillende politieke partijen. Evenzo is de invloed van een individueel raadslid afhankelijk van de bevolkingsgrootte. Welke rol speelt een door ons gekozen raadslid eigenlijk in de gemeente? Een vogelvlucht over „gemeenteland" aan de hand van een viertal raadsleden.

Eén van die belangenvertegenwoordigers is de HKVer (Hervormde Kiesvereniging) J. C. ten Klooster uit Hasselt, een raadslid met een reformatorische achterban. Hasselt is een kleine gemeente met 6575 inwoners. De raadszaal telt dertien raadszetels, waarvan de HKV er twee bezet. De invloed van deze zuiver gemeentelijke partij is volgens Ten Klooster afhankelijk van de steun van andere fracties. Het HKV levert geen eigen „man" aan het dagelijks bestuur van de gemeente: het college van Burgemeester en Wethouders. Dat betekent eveneens minder zeggenschap over de verdeling van subsidies, beleidsvoornemens en andere gemeentelijke zaken. Een klein aantal fractieleden betekent voor een partij een grotere werkdruk. Gemiddeld vraagt het raadswerk, voorbereiding, vergaderingen en dergelijke van Ten Klooster vijf uur per week van zijn tijd. De vergoeding hiervoor bedraagt 4200 gulden per jaar. „Een laag bedrag", vindt Ten Klooster, „maar eigenlijk is dat niet zo belangrijk. Voor mij is het meer een stuk idealisme." Wat voor de HKVer wel belangrijk is, is de samenwerking tussen de diverse fracties. Ten Klooster: „Over het algemeen worden er hier door de grotere fracties naar goede argumenten van kleinere partijen geluisterd. Er wordt niet echt oppositie gevoerd en de samenwerking is goed".

Invloed
Dat het ook anders kan bewijzen twee grotere gemeenten in Gelderland: Ede en Apeldoorn. Het Edese SGP-raadslid J. Haalboom heeft over de invloed van „zijn" vijfmansfractie een uitgesproken mening: „Ede sluit een groot deel van de raad uit; de grote fracties maken afspraken en de kleine vallen af. Klein rechts wordt bewust buiten het college gehouden. Onze invloed op het beleid is dan ook behoorlijk beperkt." De vijfmans SGP-fractie kent een goede takenverdeling. Toch vergt het raadslidmaatschap Veel tijd van de individuele SGP'er: voor Ede is dat ongeveer acht uur per week. De vergoeding hiervoor is volgens Haalboom „beslist onvoldoende". „Een raadslid moet geen financiële veer hoeven te laten om met raadswerk bezig te zijn". Ede betaalt bruto 1500 gulden per maand voor de meeste raadsleden per werkuur een te laag bedrag. Het niveau van de raadsleden in de Edese gemeenteraad vindt Haalboom hoog genoeg, gelet op opleiding en achtergrond. „Kwaliteit is erg belangrijk, er komt in een grote gemeente als Ede veel op je af. Ook levenservaring is natuurlijk niet te verwaarlozen. Een optimaal SGP-raadslid is iemand die deskundig is, een goed politiek inschattingsvermogen bezit en beginselvastis".

Arrogant
Een andere grote gemeente is de parel van Gelderland: Apeldoorn. De gemeente telt 39 raadszetels, twee meer dan Ede. Het niveau van de discussie tijdens raadsvergaderingen ligt vaak laag, tegengesteld aan de gemiddelde opleiding van de volksvertegenwoordigers. CDA en VVD vormen in Apeldoorn het college. De PvdA voert op ondermaatse en arrogante wijze oppositie. Eén van de raadsleden die wèl haar mondje weet te roeren en boven de soms lage opmerkingen van de socialisten probeert te staan is mevrouw M. W. Boelkens-van de Heijden, de huidige fractievoorzitster van het CDA. Als huisvrouw besteedt zij relatief veel tijd aan het raadswerk: ruim 25 uur per week. Haar verantwoordelijkheid geldt niet alleen de CDA-achterban, maar de gehele bevolking. Als voorbeeld noemt zij de subsidie aan het JAC. „Voor de achterban hoeft dit niet, maar je moet je hersens gebruiken. Deze jongelui gaan zonder onderkomen de straat op." Eén van de belangrijke voorwaarden voor een raadslid is, volgens mevrouw Boelkens, de welbespraaktheid. „Het is een kunst om in het openbaar te spreken. Je kunt niet vier jaar lang zitten zwijgen." Als collegepartij drukt het CDA, met drie wethouders, een zware stempel op het gemeentelijk beleid.
De fractievoorzitster is een warm voorstander van een afspiegelingscollege met een beleidsprogram: vertegenwoordigers van de grote fracties in het college, op basis van gemaakte afspraken. Doordat de PvdA volgens mevrouw Boelkens niet haar zin kreeg om twee wethouders te leveren, nam deze fractie plaats in de oppositiebanken. Apeldoorn kent nu een zuiver programcollege. Niet de meest gezonde situatie, geeft mevrouw Boelkens toe. De vergoeding voor een Apeldooms raadslid is 1910 gulden bruto per maand, gezien de werkdruk nodig om „vrije tijd" voor het raadswerk te kunnen kopen.

Animo
Een gemeente is een duidelijk voorbeeld is van interpolitieke samenwerking is Langbroek. De PvdA-fractie in deze kleine plaats telt één zetel van de in totaal zeven burgerbelangenbehartigers. De fractie levert, begrijpelijk, geen wethouder. Toch voet W. van Garderen geen oppositie en dat resulteerde volgens het Langbroeker raadslid in realisering van tien wensen uit het veertien punten tellende PvdA-program. „En aan het voeren van oppositie is", zo vindt Van Garderen, „dan ook geen behoefte. De socialist benadrukt: „Je zit hier in de eerste plaats, voor de belangen van de gehele gemeente en in de tweede plaats komt de partij". In tegenstelling tot andere gemeenten waar genoeg animo is voor het raadslidmaatschap, vooral in de grotere plaatsen, is in Langbroek de behoefte om de achterban gemeentelijk te vertegenwoordigen niet zo groot. Een goede opleiding bij raadsleden in de kleinere gemeente ontbreekt veelal en het wordt meestal roeien met de riemen die er zijn. De vergoeding nodigt in Langbroek ook niet direct uit om de vrije tijd te besteden aan het raadswerk. Ongeveer 300 gulden per maand is de compensatie voor de politieke inzet. Een kleinere gemeente besturen, betekent niet dat er vaker persoonlijke belangen in het spel zijn dan in een grotere gemeente. Zowel Van Garderen als Ten Klooster is deze mening toegedaan. „Persoonlijke belangen mogen voor een raadslid nooit spelen", meent Van Garderen. „Mochten, er eigen belangen spelen dan onthoud ik me van stemming."

Het gemoedelijke sfeertje in Langbroek is in grote tegenstelling tot dat in bijvoorbeeld Apeldoorn, waar duidelijk partijpolitieke belangen een rol spelen. Samenwerking tussen de diverse fracties is in grotere gemeenten vaak ver te zoeken. Niet zelden degradeert een gemeenteraadsvergadering in het bestrijden van elkaar en elkaars argumenten, ten koste van een goede besluitvorming. Eenmansfracties zitten er dan wat verloren bij en dat moet, zoals ook mevrouw Boelkens zegt, erg frustrerend zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 18 maart 1986

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

Invloed van individueel raadslid erg beperkt

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 18 maart 1986

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

PDF Bekijken