Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Boekbespreking

4 minuten leestijd

Onderscheidene gangen des geestelijken levens van des Heeren volk" door Pleun Kleijn; vierde druk; Houten 1985; Uitgeverij Den Hertog; 136 blz; prijs ƒ17,90.

Onlangs verscheen bij Den Hertog BV te Houten de vierde druk van een boekje dat de onderscheiden gangen van het geestelijke leven van het volk van God beschrijft. De schrijver van dit lezenswaardige boekje was de in 1949 overleden Pleun Kleijn. Deze eenvoudige man was een van God onderwezen schriftgeleerde die uit de schat van zijn hart oude en nieuwe dingen voortbracht.

Ik heb de schrijver van nabij gekend. Verschillende malen hebben wij samen gesproken over hetgeen er in het herdrukte boekje is geschreven. Hij had van de Heere een tong der geleerden ontvangen om met de moeden een woord te rechter tijd is spreken. Dat deed hij dan ook vaak bij allerlei gelegenheden en op allerlei plaatsen.

Zijn naam was Kleijn en door Gods genade was hij „klein" in eigen oog. Dat kwam ook uit in de gesprekken die hij voerde en in het onderwijs dat hij in woord en geschrift aan mensen van allerlei soort in allerlei omstandigheden gaf. Dat maakte hem bemind.

Uit eigen ondervinding en door het veelvuldig contact met velen van Gods kinderen wist hij veel van de onderscheiden gangen van het geestelijke leven. Het was zijn lust en zijn leven om, naar het voorbeeld van de goede Herder, zijn hand tot de kleinen te wenden. Wij mogen er dankbaar voor zijn dat het door hem geschrevene weer is herdrukt. Daardoor blijft het mogelijk om Pleun Kleijn te horen, ook al is hij gestorven. Het is de moeite waard om naar hem te luisteren!

Dat bij de vierde druk een „Ten geleide" is gevoegd om de leiders van het boek enig inzicht te geven in de levensloop van Pleun Kleijn acht ik een aanwinst. Dat wekt begrip voor en vertrouwen in sommige door de schrijver gebruikte uitdrukkingen die anders tot misverstanden aanleiding zouden kunnen geven. Pleun Kleijn was gewend zich van beeldspraak te bedienen bij het onder woorden brengen van zijn gedachten. Niet iedereen waardeerde dat.

Nog minder begreep iedereen wat hij beeldsprakig probeerde duidelijk te maken. De allegorische manier waarop Pleun Kleijn de onderscheiden gangen van het geestelijke leven van Gods volk levend in „vijf zalen van Bethesda", voorstelde zal ook niet door iedereen worden verstaan of gewaardeerd. Het zij zo. De geheiligde wijsheid, door de schrijver opgedaan in de verborgen omgang van God met hem en zijn verborgen omgang met de drieënige Verbondsgod uit het kennen van de enige, waarachtige God en Jezus Christus. Die Hij gezonden heeft, zal ook nu gerechtvaardigd worden door hen die uit de waarheid geboren, wedergeboren zijn.

Men hoeft het niet in alles met de schrijver eens te zijn om dat te doen.

Uit zijn taalgebruik kan men kennisnemen van de wijze waarop men in zijn tijd gewoon was te spreken over de bevindingen van door Gods Geest geleide mensen. Ook dat heeft zijn nut voor dit geslacht, dat zo weinig weet van het echte werk van het zaligmaken van zondaren door Christus' Bloed en Geest.

Men leest in dit boek niet alleen hoe dat behoort te gaan, maar ook hoe het werkelik gaat. Dat gebeurt niet op een manier alsof er maar één „gang" zou zijn. Neen ..er worden onderscheiden gangen beschreven. Er is onderwijs en zielevoedsel in te vinden voor kinderen van God in allerlei standen van het geestelijke leven.

Alles staat er niet in wat daarover te schrijven valt, wel veel. Men moet het geschrevene niet boven of naast de Bijbel plaatsen als een op zichzelf staande informatiebron. Zo wilde de schrijver het belist niet. Hij bedoelde slechts leidingen van God met mensen toe te lichten opdat door Gods Geest hun gangen in Gods Woord zouden worden vastgemaakt.

De schrijver schuwde en verafschuwde „inwendig" licht, los van en niet voortvloeiend uit in de Heilige Schrift gegeven en door de Heilige Schrift verspreid licht. Wat niet naar de Heilige Schrift is zal geen dageraad hebben. Dat wist en leerde Pleun Kleijn! Men leze zelf wat hij zelf doorleefde en meemaakte met mensen levend in de gewondenzaal, de zaal des gerichts, de bruiloftszaal, de operatiezaal en de zaal van „onverbeterlijk".

Dit artikel werd u aangeboden door: Reformatorisch Dagblad

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 12 mei 1986

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van maandag 12 mei 1986

Reformatorisch Dagblad | 10 Pagina's

PDF Bekijken