Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

1985 was topjaar voor Palestijnse terroristen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

1985 was topjaar voor Palestijnse terroristen

Arabieren nemen 40procent wereldterreur voor hun rekening

4 minuten leestijd

lEN HAAG — „In 1985 im 40 procent van het weIterrorisme op rekening van ;pen uit het Midden-Oosten, «eveer de helft daarvan werd leegd door Palestijnse groe. West-Europa is hun voormste werkterrein. Het jaar 5 was een topjaar voor het rnationale Palestijnse terroie". Tot die conclusie kwam Ariel Merari gisteren op een liedag over terrorisme die rganiseerd was door het Neiands Instituut voor Internaale Betrekkingen. De psyloog dr. Merari, die verbonis aan de universiteit van Aviv, geldt als een expert aanzien van terrorismestu-

Waarom beperken de Palestijnse groeperingen hun strijd tegen de staat Israël niet tot Israël zelf en de bezette gebieden? Waarom draagt het Palestijnse terrorisme zo sterk een internationaal karakter, zo vroeg Merari zich af.

Voor de radicale Palestijnse groepen zoals die van George Habasj en Aboe Moessah lijken de motieven vrij duidelijk. Zij hebben in de eerste plaats gebrek aan voldoende mankracht en infrastructuur in Palestina zelf. Onder de daar wonende Arabieren hebben zij — in tegensteling tot Arafat — geen massale aanhang.

Aandacht media
door terreuracties van zich laten horen. Die zijn nodig om het moreel van de eigen achterban op peil te houden. Infiltraties in Israël mislukken echter veelal. Vandaar dat Arafat dan uitwijkt naar landen die zich niet zo grondig hebben afgeschermd tegen terroristische activiteiten. In de concurrentiestrijd met de radicale groeperingen kan hij niet achterblijven.

Waarom wordt dan echter vooral West-Europa hot slachtoffer van dit Arabische terrorisme? In de VS zelf zijn nog nooit aanslagen geweest. De afstand speelt hier toch duidelijk een rol. Bovendien zijn er in West-Europa veel studenten en gastarbeiders uit het Midden-Oosten. Het personenverkeer in West-Europa is tamelijk vrij.

In de tweede plaats is de aandacht van de westerse media veel groter voor een aanslag in het eigen land of in een van de buurlanden dan voor een aanslag (de zoveelste) in Israël. Bovendien maken deze radicale Palestijnse groepen zich geen zorgen over de effecten van hun acties op de publieke opinie en op diplomatiek niveau. Arafat let daar wel op. Zijn PLO heeft immers over heel de wereld kantoren met een meer of minder offi-ciële status. Maar de radicale Palestijnse extremisten hebben er juist belang bij om de politieke on diplomatieke manoeuvres van Arafat te doorkruisen. Bovendien voeren de Westeuropese regeringen ten opzichte van de Palestijnse terroristen geen hard beleid. Vaak worden ze al spoedig weer vrijgelaten uit vrees voor nieuwe terreurdaden.

Geaccepteerd

Libië en Syrië zijn de Arabische landen die voorop lopen als het gaat om de steun aan het Palestijnse terrorisme. Terrorisme is een manier van oorlogvoeren die in die landen geaccepteerd is. Libië voert zelf ook terreuracties uit tegen oppositieleiders die naar het buitenland gevlucht zijn. Toch moet ook Arafat regelmatig Bij de opstand van de moshmbroeders in de Syrische stad Hama, werden door de regeringstroepen 20.000 a 25.000 Syrische burgers gedood.

Beide landen maken ook gebruik van terroristische methoden om ruzies met andere Arabische landen, zoals Egypte en Jordanië, uit te vechten. Libië heeft bovendien wereldwijde revolutionaire aspiraties. Gaddafi steunt ook terroristische groepen in Zuid-Amerika.Hij trekt veel geld uit om deze groepen van wapens te voorzien en zorgt eventueel ook hun militaire training.

De samenwerking van Palestijnse terreurgroepen en terroristen in West-Europa is de laatste jaren afgenomen, maar zou welecns weer kunnen gaan toenemen. Volgens een van de andere inleiders op de studiedag, dr. Hans Josef Horchem, zijn er zelfs contacten geweest tussen El Fatah en rechts-exlrcmistischc groepen in de bondsrepubliek. Beide vinden, elkaar immers in hun antisemitisme en antizionisme.

Dr. Merari was van mening dat Libië (en ook Syrië) na de Amerikaanse raid op Tripoli wat voorzichtiger waren geworden in hun steun aan het terrorisme. De verwachte tegenacties van Gaddafi zijn grotendeels uitgebleven. Hij gaf toe dat de Israëlische inval in Libanon een averechts effect heeft gehad op het internationale Arabische terrorisme. Toch achtte hij de gevolgen van deze Libanese oorlog voor Israël niet louter negatief.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 7 juni 1986

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

1985 was topjaar voor Palestijnse terroristen

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 7 juni 1986

Reformatorisch Dagblad | 18 Pagina's

PDF Bekijken