Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Wandeling door Abdij van Middelburg

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Wandeling door Abdij van Middelburg

7 minuten leestijd

<p>MIDDELBURG — Uniek Nederland, zo'n uitgebreid komplex van historische gebouwen en torens, gelegen in het hart van een der mooiste monumentensteden. We spreken over de Abdij van Middelburg. Zodra men het Abdijplein oploopt vindt men een oase van rust. Sinds kort is het mogelijk om onder leiding van speciaal opgeleide mensen een uitvoerige ronddeling door de Abdij te krijgen. </p>

Van welke kant u Middelburg ook benadert, het silhouet van de stad wordt beheerst door een drietal torens. Die van het stadhuis, van de Oostkerk en de Abdijtoren. Vooral deze laatste, de Lange Jan, is een markant herkenningspunt. Waar u ook bent op  ..heren, de Lange Jan ziet u altijd. Wie de Lange Jan in het oog houdt komt al spoedig op het Abdijplein.
Dit plein is gelegen in het middelpunt een drukke, levendige stad en ademt een sfeer van rust uit. Een sfeer als konden elk moment uit een van de deuren de monniken stappen. Eeuwenoud is dit hart van de stad. In de Abdij van Middelburg leefde de gemeenschap monniken, behorende tot de orde der Norbertijnen, genoemd naar Norbertus, die in 1121 te Montré een kloostergemeenschap stichtte. Vandaar dat de Norbertijnen ofwel Premonstratensers of naar hun kleding Witheren worden genoemd.
De monniken leefden naar de leer van Augustinus en kregen de orders van kanunniken. In 1127 vestigden de Norbertijnen van de Sint Michielsabdij te Antwerpen zich in Middelburg. In 1150 kozen de Norbertijnen voor een vestigingsplaats binnen de karolingische burcht van Middelburg, een veilige plaats in een onveilige tijd.

Bloeitijd

Onder abt Maximiliaan van Bourgondië (1518)-1535) beleefde de Abdij zijn grootste bloei. Diens opvolger Nicolaas de Castro werd zelfs tot bisschop gekozen maar kon vanwege de Hervorming op Walcheren deze functie niet vervullen. In 1574 toen Middelburg in handen kwam van prins Willem van Oranje moesten de Norbertijnen het Abdij-complex verlaten. De gebouwen kregen een wereldlijke bestemming, verblijf van de Staten van Zeeland, Zeeuwse Admiraliteit en Munt van Zeeland.

Typerend voor het historisch dubbele gebruik van de gebouwen is het feit dat vele twee of meer namen hebben. Zo wordt gesproken over een „Witte Toren" en „Munttoren" over een „Pandhof" en „Muntplein" van „Grote Refter" (eetzaal) en „Statenzaal" en van de „Nederhof" van het „Hof van Zeeland" tegenwoordig gewoon het Abdijplein genoemd.

Branden

Drie maal in haar geschiedenis werd de Abdij door felle branden zwaar beschadigd. In 1492, 1568 en 1940. De brand in 1940 werd veroorzaakt door een bombardement van de Duitse luchtmacht. Vrijwel alle gebouwen inclusief de Abdijtoren werden vernietigd. Alleen de Kanunnikenwoningen en het Thoolsc Huis kwamen er betrekkelijk goed van af. Niet alleen van branden maar ook van mensenhanden heeft de Abdij te lijden gehad. Door verbouwingen, afbraak en nieuwbouw werden sommige gebouwen onherkenbaar verminkt. Een grondige restauratie vond plaats tussen 1885 en 1917 onder leiding van de architect J. A. Frederiks.
De vernietiging in 1940 noodzaakte tot een nog veel verdergaande restauratie en herbouw. Direct na het bombardement van mei 1940 was men het erover eens: de Abdij moest herbouwd worden. Onder leiding van architect ir. H. de Lussanet de la Sablonière is het Abdijcomplex weer in haar oude luister hersteld. Beslist de moeite van een bezichtiging waard. Tijdens deze rondwandeling komt u niet alleen bij maar ook in alle belangrijke gebouwen en ruimten van het complex. „Het hart dier wereld", om met de Nederlandse Schrijver Nescio te spreken, „zal voor u open gaan".

Het startpunt van de rondleiding is de kloostergang. Hier bevindt zich de Kapittelzaal waar alle belangrijke besluiten genomen werden en die ook nog heeft gefungeerd als kapel voor de bisschop. Kijk bij een bezoek ook eens naar de fraaigewelfde plafonds, het resultaat van subliem vakmanschap.

Koorkerk

Vanuit de kloostergang bezoeken wij de Koorkerk, het oudste gedeelte van de Abdij. De Koorkerk met een eenbeukig schip, imponeert door een fraaie profilering van de vensters. Na het bombardement van 1940 zijn veel van die eens dichtgemetselde vensters weer in hun oude vorm teruggebracht, waardoor de schoonheid van de vroeggotische kerk tot volle luister kwam. In een nis vinden wij een graf van Floris de Voogd een broer van de roomse koning Willem II. Lange tijd werd aangenomen dat het graf van de roomse koning Willem II was. Het orgel, 15e eeuws, in de Koorkerk heeft het oudste houten orgelfront van Nederland en is afkomstig van de Nicolaikerk in Utrecht.

Vanuit de Koorkerk komen wij in de Wandelkerk. Hier bevinden wij ons onder de bijna 90 meter Lange Jan. De toren is gekroond met de keizerskroon, ter herinnering aan de roomse koning Willem II. In de wandelkerk bevindt zich tevens het praalgraf van de Zeeuwse zeehelden Johan en Cornells Evertsen, die in 1666 sneuvelden in een zeeslag met de Engelsen. Het graf is gemaakt door Rombout Verhulst en werd bij het bombardement van 1940 gespaard onder een lading zandzakken. Vanuit de Wandelkerk komen wij in de Nieuwe kerk.

Hervormd

Door de uitbreiding en ontwikkeling van de stad kwam er behoefte aan een tweede kerk. De Koorkerk bleef Abdijkerk, de Nieuwe kerk werd het bedehuis van de parochianen. In deze kerk hangt een bord met de namen van de predikanten die de hervormde gemeente van Middelburg hebben gediend. De eerste naam is van Jansz d'Hoorne (1374). Vele namen volgen zoals Gaspar van der Heiden, Herman Faukecl, Willem Tcellinck, Bernardus Smijtcgelt, Petrus Immens en Jacobus Fruytier. Ongeveer 220 predikanten hebben de hervormde gemeente van Middelburg gediend.

Van een stoffige zolder van het Rijksmuseum kwam na de oorlog de prachtige orgelkast die Johan Duyschot in 1692 voor de evangelische lutherse kerk te Amsterdam bouwde. Hierna gaan wij naar het crypt, een indrukwekkend keldergewelf. 
Het is een van de oudste nog intact zijnde gedeelten van de Abdij.
U vindt hier het oudste gebruikte bouwmateriaal van de Abdij, het tufsteen. Vanuit het zelfs in de zomer koude crypt gaan wij naar de Statenzaal.
Hier vergadert elke maand het provinciaal bestuur van Zeeland. Oorspronkelijk is het de Grote Refter gebouwd aan het begin van de 16e eeuw. Het gebouw heeft na de overneming door het wereldlijke gezag allerlei functies gehad. Zoals kanonnengieterij, stal, militair hospitaal en van 1864 tot 1940 gymnastieklokaal. Boven de schouw bevinden zich de wapens van de Zeeuwse stemhebbende steden tijdens de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Op de muren zijn de wapens aangebracht van alle voormalige Zeeuwse gemeenten.

Opslag

Vanuit de Statenzaal lopen wij over het Abdijplein langs de abtswoning en de vierkante toren waar de abt zijn kapel had, langs de Koorkerkpoort. Vermoedelijk is deze gebouwd in het begin van de zestiende eeuw. Langs het Thoolse huis en het provinciehuis lopend komen we bij de Balanspoort, de hoofdingang tot het Abdijplein. Een kleine en grote poort geven nog steeds toegang tot het Abdijplein. De poort dateert uit het midden van de 13e eeuw. Boven de poort lag vroeger een opslagplaats voor graan. Ter rechterzijde ligt het Abdijrestaurant, vroeger waren hier de bakkerij de vertrekken van de keldermeester en de brouwerij gevestigd.

Ten slotte bezoeken wij de tapijtenzaal van het Zeeuws Museum. Het Zeeuws Museum is gevestigd in het complex dat ook wel de „Kanunnikenwoningen" wordt genoemd. In de tapijtenzaal van het museum maakt u kennis met een zeker voor Nederland uiterst unieke collectie wandtapijten.
Deze tapijten zijn gemaakt rond het jaar 1600 door Vlaamse tapijtwevers die in Middelburg werkten. Zij deden dit in opdracht van de Staten van Zeeland die besloten dat de strijd van de Zeeuwen tegen de Spanjaarden op een indrukwekkende wijze voor het nageslacht moest worden vastgelegd. De totale lengte van de tapijten is meer dan dertig meter met een hoogte van vier meter. Doordat de tapijten zeven in totaal zo groot zijn zijn honderden details te onderscheiden zoals wapenrusting, kleding, stadsgezichten en landschapselementen.

Museum

U kunt zonder de gidsen voor hetzelfde geld het Zeeuws Museum bekijken. Hier kunt u kennismaken met de geschiedenis van Zeeland. Er is een verzameling Romeinse en middeleeuwse vondsten. Zeer bezienswaardig zijn de verzamelingen van Zeeuwse klederdrachten, porselein, archeologie en oude munten.

Wat u voor vijf gulden allemaal te zien krijgt is te veel om op te noemen.
U zult zelf moeten komen kijken; De poorten en poortgebouwen, beeldhouwwerk en siermetselwerk, het spel van licht en glas in lood, hardstenen waterpompen en monumentale gevels van natuursteen.

De rondleidingen vinden plaats van 1 mei tot 1 oktober, maandag tot en met vrijdags om 10.00, 11.30, 13.30 en 15.00 en op zaterdag om 13.30 en 15.00 uur. Duur van de rondleiding is ongeveer 75 minuten.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juli 1986

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

Wandeling door Abdij van Middelburg

Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 juli 1986

Reformatorisch Dagblad | 16 Pagina's

PDF Bekijken