Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

In VS werd 1986 jaar van fusiegolf

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

In VS werd 1986 jaar van fusiegolf

Veel zeer grote bedrijven voor miljarden dollars overgenomen

6 minuten leestijd

NEW YORK — Als er later een economisch overzicht van de Verenigde Staten over de jaren tachtig wordt geschreven, zal 1986 er ongetwijfeld in worden vermeld als het jaar van de fusies. Daarbij zal zeker worden opgemerkt dat veel directies de overneming van hun bedrijf ongewenst achtten en dat veel fusies zijn uitgelokt door speculanten op de beurs.

Dat er niet altijd met eerlijke methoden is gestreden om de miljardenbedragen die aandeelhouders, banken, advocaten en accountants konden iferdienen, mag blijken uit de schandalen rond de insider trading, het handelen in aandelen met misbruik van voorkennis, waaraan het ook in 1986 niet heeft ontbroken.
Fusies zijn niet nieuw en de grootste, die nog altijd op naam van de olie-industrie staan, vonden plaats vóór 1986. De meest spectaculaire overneming dateert van maart 1984, toen Chevron, voorheen Standard Oil of California, Gulf Corporation kocht voor 13,4 miljard dollar.
In januari van hetzelfde jaar kocht Texaco de oliemaatschappij Getty Oil voor 10,1 miljard dollar en in juli 1981 werd Du Pont eigenaar van Conoco voor 7,4 miljard dollar. De argumenten bij deze drie mammoetfusies waren dezelfde. De aandelen van de betrokken ondernemingen stonden toen ZQ laag genoteerd dat het goedkoper was de oliereserves van de ander over te nemen dan zelf op zoek te gaan naar nieuwe oliebronnen.

Overleving

Tegenwoordig spelen bij een onderneming die erover denkt een bedrijf over te nemen andere overwegingen een rol, vaak die van de kans op overleven. Een goed voorbeeld hiervan is het tabaksconcem Philip Morris, die voor levensmiddelenfabrikant General Foods 5,8 miljard dollar heeft neergeteld. Aan die transactie zijn de steeds sterker wordende anti-rookcampagnes in de VS zeker niet vreemd. In juni dit jaar kocht Philip Morris' concurrent R.J. Reynolds de levensmiddelenfabrikant Nabisco voor 4,9 miljard dollar.
In de chemische sector heeft het Amerikaanse chemieconcern Celanese een bod van 2,8 miljard dollar gekregen van de West-Duitse Hoechst, omdat de chemische vezels van Celanese zo mooi het vezelprogramma van Hoechst aanvullen. Ook zoekt de ene sector toenadering tot de andere. General Motors heeft zich dit jaar met de overneming van Hughes Aircraft voor 5,2 miljard dollar toegang weten te verschaffen tot de hoogwaardige technologie.
Niet alleen het grote aantal onderscheidt 1986 van de jaren ervoor, maar ook het feit dat veel overnemingen zijn gepleegd tegen de wil van de directies in. General Foods was met het bod van Philip Morris niet erg ingenomen, maai- moest er wel mee instemmen omdat de sigarettenfabrikant anders de aandeelhouders van het concern direct zou hebben benaderd.

Beursspeculanten

Dergelijke overnemingen worden de laatste tijd steeds meer door een handvol beursspeculanten geïnitieerd, die zeggen te handelen in de belangen van de aandeelhouders. „Bedrijfsenteraars" als Carl Icahn, T. Boone Pickens, Irving Jacobs, Carl Lindner, Asher Edelman en Sir James- Goldsmith zeggen doorgaans dat de aandelen van de ondernemingen die ze willen kopen te laag op de beurs staan genoteerd omdat de bedrijfsleiding niet deugt.
Met eigen geld en met geleend geld kopen bovengenoemde „raiders" op grote schaal aandelen, waardoor de koers van die aandelen omhoog gaat. Dat is natuurlijk prettig voor de aandeelhouders, maar ook voor mensen als T. Boone Pickens. Achten die de koers van de aandelen ver genoeg gestegen dan ontdoen ze zich weer van de stukken tegen een hogere prijs dan waarvoor ze ze hebben gekocht. Bovendien maken ze vaak nog een flinke winst op de verkoop van de aandelen aan het bedrijf zelf in ruil voor de toezegging aan de directie van het bedrijf dat ze voor een bepaalde periode geen pogingen meer zullen doen om het over te nemen.
Een voorbeeld hiervan is de transactie van de Britse financier Sir James Goldsmith, die 12,5 miljoen aandelen van bandenfabrikant Goodyear in bezit had en het hele bandenconcern wilde overnemen. Goodyear voelde daar niets voor en Goldsmith wilde zijn aandelen wel terugverkopen voor 49 dollar per stuk, duidelijk meer dan de beurskoers. Hij verplichtte zich daarbij in de komende vijf jaar geen aandelen Goodyear meer te kopen.
Het geheel leverde Sir James 93 miljoen dollar op. Goodyear heeft zich overigens gewapend tegen verdere ongewenste overnemingen. Het wil nog eens veertig miljoen eigen aandelen terugkopen en Celron Corporation, het olie- en gasconcern dat in februari 1983 werd gekocht voor twee miljard gulden, van de hand doen. Ook wil de grootste bandenfabrikant ter wereld zijn velgenfabriek verkopen om zich te kunnen concentreren op de bandensector, waarin Goodyear nu eenmaal sterk staat. door het „grensoverschrijdende karakter" ervan. Een Nederlands voorbeeld hiervan is de overneming door Unilever van de Amerikaanse Chesebrough-Pond's voor 6,9 miljard gulden. Het bod komt neer op 72,50 dollar per aandeel en daarmee troefde Unilever American Brand af, die 66 dollar per aandeel had geboden. Chesebrough voelde er overigens niet erg veel voor om in handen te komen van de Amerikaanse sigarettenfabrikant.
In 1986 heeft een ongekend aantal Britse bedrijven Amerikaanse ondernemingen opgekocht, daarbij niet gehinderd door hoge prijzen of de wetenschap dat in het verleden een aantal van die transacties op een mislukking is uitgedraaid. Zo ging het mis met de aankoop van de Amerikaanse restaurantketen Howard Johnson door Imperial Group. 0è keten werd in 1985 - met verlies - weer afgestoten en in april dit jaar werd Imperial zelf ingelijfd door Hanson Trust.
Gaven in 1985 Britse concerns nog 3,5 miljard dollar uit voor overnemingen in de VS, in 1986 is dat ongeveer tien miljard dollar. Tot de grote overnemingen door Britse bedrijven behoort die door het conglomeraat Hanson Trust van SMC Corporation, fabrikant van chemicaliën en schrijfmachines, voor 930 miljoen dollar. Allied Lyons betaalde voor een meerderheidsbelang in de drankensector van de Canadese Hiram Walker 606 miljoen dollar en het reclamebureau Saatchi and Saatchi telde 450 miljoen dollar neer voor zijn Amerikaanse concurrent Ted Bates Inc.
De Britse belangstelling voor Amerikaanse bedrijven wordt verklaard met de behoefte aan groei buiten Groot-Brittannië en met het feit dat de VS de grootste markt ter wereld zijn. Bovendien schijnen bedrijven met overnemingen hun naam te kunnen opvijzelen en vormen ondernemingen wanneer ze zelf op het overnemingspad gaan een minder makkelijke prooi voor andere bedrijven.

Effectenbeurs

In de VS heeft de jacht op voor overneming geschikte ondernemingen en de daarmee gepaard gaande speculaties geleid tot record op de effectenbeurs van New York. Op 4 december kwam de Dow Jones-index, de meest gehanteerde index van de Newyorkse beurs, op het record van 1919,71 punten. Dat record werd op 2 december ruim overtroffen door het nieuwe hoogtepunt van 1955, 57 punten.
De fusiecarrousel in de VS dit jaar is overigens niet uit de lucht komen vallen. Eind dit jaar vervallen in de VS investeringspremies en houdt de mogelijkheid op voor een bedrijf dat wordt verkocht om minder belasting op kapitaalwinst te betalen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 31 december 1986

Reformatorisch Dagblad | 58 Pagina's

In VS werd 1986 jaar van fusiegolf

Bekijk de hele uitgave van woensdag 31 december 1986

Reformatorisch Dagblad | 58 Pagina's

PDF Bekijken