Bekijk het origineel

Ontslag Hendrickse climax van reeks gebeurtenissen

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Ontslag Hendrickse climax van reeks gebeurtenissen

Voortbestaan driekamerparlement ernstig in gevaar

4 minuten leestijd

JOHANNESBURG - Het aftreden van Allan Hendrickse als minister in de regering van Pieter Willem Botha heeft ernstige consequenties voor het voortbestaan van het driekamerparlement van Zuid-Afrika. Hendrickse, die tot de kleuringbevolking hoort, was een van de twee niet-blanke ministers in het kabinet-Botha. Hij heeft gisteren onder dwang van Botha zijn functie neergelegd.

Zijn ontslag vormt de climax van een reeks van gebeurtenissen die voor Hendrickse in het bijzonder en de kleurlingen in het algemeen nogal vernederend en beledigend waren. Directe aanleiding tot zijn aftreden was onenigheid over het feit dat president Botha de blanke verkiezingen, die in 1989 moesten plaatsvinden, drie jaar heeft uitgesteld, waarmee hij dus de levensduur van zijn kabinet automatisch met een zelfde periode heeft verlengd.

Weliswaar moest Hendrickse, als lid van het kabinet, het met deze beslissing eens zijn, maar tijdens een openbare bijeenkomst de afgelopen weekwisseling verbond Hendrickse enkele voorwaarden aan zijn goedkeuring. Hij zei dat hij eerst wel eens wilde weten wat de Nasionale Party van Botha van plan is te doen op het vlak van verdere hervormingen van de apartheidspolitiek.

Zwemincident
Met name wilde Hendrickse pas zijn goedkeuring aan het uitstel van de verkiezingen geven als Botha de toezegging had gedaan dat de zogeheten groepsgebiedenwet zou worden afgeschaft. Hendrickse wees erop dat hij nu al drie jaar lang aan het driekamerstelsel deelneemt en dat in die periode nog steeds niet duidelijk is geworden waar Botha naar toe wil.

Kort na zijn toespraak ontving Hendrickse van Botha een brief waarin deze Hendrickse wees op het feit dat de kleurlingminister in het kabinet al zijn goedkeuring aan het uitstellen van de verkiezingen had gegeven. „Verdere deelname is dan ook onaanvaardbaar voor mij", aldus Botha, die hiermee kennelijk wilde uitlokken dat Hendrickse opnieuw met een verontschuldiging zou komen.
Opnieuw, want na het beruchte zwemincident in januari, waarbij Hendrickse openlijk de wet overtrad door een voor blanken gereserveerd strand bij Port Elisabeth te betreden, wist Botha Hendrickse zover te krijgen dat deze hiervoor zijn excuses aanbood. Maar deze keer trok Hendrickse de uiterste consequentie uit zijn optreden en trad af, tot grote vreugde overigens van de leden van zijn Arbeiderspartij, die zich in toenemende mate tegen president Botha en de Nasionale Party zijn gaan verzetten.

Problemen voor Botha
De vorige week raakte het geduld van de kleurlingen op toen Botha als een schoolmeester de voltallige kleurlingkamer er publiekelijk van langs gaf vanwege een vermeende ondankbare houding jegens de Afrikaner, „die zoveel voor jullie gedaan heeft". Dit was ook voor Hendrickse, zoals hij gisteren op een persconferentie verklaarde, teveel en het deed hem toen al besluiten om uit het kabinet te treden.

Met het ontslag van Hendrickse zal Botha problemen krijgen met het loodsen van wetsontwerpen door de drie kamers van Zuid-Afrika's volksvertegenwoordiging. De Arbeiderspartij zal nu niet meer klakkeloos wetten goedkeuren, zoals in het verleden vaak wel het geval was. Ook Botha's plannen om de blanke verkiezingen met drie jaar uit te stellen lopen gevaar niet te worden aangenomen, omdat nu de noodzakelijke steun van de Arbeiderspartij geen automatisme meer is.

Schrale troost
Hendrickse blijft aan als voorzitter van de ministerraad van het kleurlingparlement, maar hij hoeft in deze functie geen vanzelfsprekende loyaliteit jegens Botha meer aan de dag te leggen. Botha moet nu proberen een meerderheid van de Arbeiderspartijfractie in het kleurlingparlement voor zijn plannen te winnen, maar dit is geen gemakkelijke opdracht. De 72 fractieleden van de partij (op een totaal zetelaantal van 85) hebben zich unaniem achter Hendrickse geschaard.
Hendrickse verklaarde gisteravond voor de televisie dat het Botha moeite zal kosten om opnieuw een lid van de Arbeiderspartij in zijn kabinet op te nemen. „Een ieder die zwicht voor het aantrekkelijke aanbod om minister te worden, zal al gauw als een marionet van de regering worden beschouwd", aldus Hendrickse.
Hij zei voorts dat hij zich bevrijd voelde. Tegelijkertijd liet hij doorschemeren dat zijn Arbeiderspartij geen „obstructie-politiek" zal voeren, dus niet in principe dwars zal gaan liggen bij alles wat de regering wil doorvoeren.
Dat is een schrale troost voor Botha, die bij de start van het driekamerstelsel had gehoopt dat de kleurlingen en Indiërs trouw zouden meelopen aan de leiband van zijn regering.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 25 augustus 1987

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

Ontslag Hendrickse climax van reeks gebeurtenissen

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 25 augustus 1987

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

PDF Bekijken