Bekijk het origineel

'Ogen en oren' van de Koninklijke Marine ruim 70 jaar in de lucht

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

'Ogen en oren' van de Koninklijke Marine ruim 70 jaar in de lucht

Onderzeebootbestrijding blijft voornaamste taak Marineluchtvaartdienst

5 minuten leestijd

LEEUWARDEN - Aera possideo ac mare: ik beheers zoweI de lucht als de zee. De spreuk onder het embleem van de Marineluchtvaartdienst MLD) geeft aan op welke tereinen deze tak van ons vaderandse leger zich beweegt. De MLD bestond vorige week dinsdag 70 jaar. Voor de dienst reden om een boek uit te geven en een expositie op te zetten. In vogelvlucht door de geschiedenis van de 'ogen en oren' van de Koninklijke Marine.

„Eenige leden wezen op de groote wenschelijkheid van het opichten van een vliegdienst voor de marine, met het oog op den verkeningsdienst. Deze wordt tot nu ter zee door zogenaamde 'scouts' vericht. Daar dit schepen zijn met ene zeer grote snelheid en dus zeer zware machines, zijn zij zeer duur. Zij hebben voor ons bovendien het nadeel dat zij, eenmaal buitengaats, daar wellicht zeer bezwaarlijk weer binnen zullen kunnen komen, wanneer zij daarin door de vijandelijke vloot verhinderd worden. Vliegtuigen missen beide bezwaren. De laatste proeven met hyro-aëroplaans -onder andere die van Curtiss- schijnen zeer bevredigende resultaten opgeleverd te hebben". Citaat uit het voorlopig verslag der commissie van rapporteurs van de Eerste Kamer der Staten-Generaal over de marinebegroting van 1913. Hoewel het vliegen met vliegtuigen nog in de kinderschoenen stond, was dit het eerste signaal aan de regering om te komen tot de oprichting van een marineluchtvaartdienst. Het duurde echter tot 8 augustus 1917 voordat de ministeriële, beschikking afkwam en de Marineluchtvaartdienst een feit was.

Soesterberg-Ede
Voor de ontwikkeling van de MLD was op de marinebegroting voor het jaar 1914 een bedrag van 36.000 gulden uitgetrokken. Dit moest er toe leiden dat „practische ervaring wordt opgedaan omtrent de richting, waarin zich het gebruik van vliegtuigen ook bij onze marine zal behooren te ontwikkelen". De eerste twee vliegtuigen waren van het type Farman F-22, met motoren van 60 pk, die op 28 juli 1914 op het vliegveld Soesterberg arriveerden. Luitenant ter zee der tweede klasse Alexander Smith Thomson werd de eerste vlieger in opleiding voor de MLD. Op 31 maart 1916 vloog Thomson zijn eerste overlandvlucht: Soesterberg-Ede en terug. Na een vlucht op 28 mei Soesterberg-Gilze-Rijen voldeed hij op 1 juni aan de eisen van het militair brevet.
De eerste echte thuisbasis van de MLD was op Texel. Op 21 augustus 1917 werd daar het marinevliegkamp De Mok in gebruik genomen. Spoedig volgden er andere kampen elders in het land: Schellingwoude, De Kooy en Veere. De eerste vlucht van de MLD buiten de grenzen werd gemaakt op 4 mei 1919 door de luitenants ter zee Backer en Bakker met een V-4. Men startte van De Mok, vloog via Terschelling en stak toen de Noordzee over in de richting van Jutland. Gedurende de ruim twee uur durende vlucht werkte de Benzmotor van 220 pk uitstekend, maar bij het overschakelen op een andere benzinetank haperde de motor even om daarna stil te staan. Een noodlanding op 30 mijl benoorden Helgoland was toen noodzakelijk.

Contact met de thuisbasis was wel mogelijk maar verliep op duivekracht. Hoewel men reeds proeven deed met radioapparatuur aan boord van de vliegtuigen, hield men het toch nog een tijdlang bij de duivenberichtgeving. De postduiven waren in opleiding bij een duivenfokvereniging in Delft.

Onderzeeboten
„Vliegtuigen moeten worden gebruikt om de vloot op afstand tegen onderzeeboten te beschermen", stelde al in 1921 een van de pioniers en tevens eerste commandant van de MLD luitenant ter zee tweede klas D. Vreede. Later zou onderzeebootbescherming de belangrijkste taak van de MLD worden.
Allerlei vliegtuigtypen volgden elkaar in een snel tempo op. De vliegtuigbouwers Dornier en Fokker zorgden, vooral in de periode voor de Tweede Wereldoorlog, voor de levering van nieuwe vliegtuigen. Een van de belangrijkste typen was de Dornier Wal waarvan de MLD er 46 aankocht. Deze toestellen deden vooral dienst in de Indische archipel.
De taak van de Marineluchtvaartdienst tijdens de Tweede Wereldoorlog bestond uit het uitvoeren van verkenningen boven zee en het optreden met bommen -torpedo's waren nog niet bruikbaar- tegen vijandelijke schepen en landingsoperaties. Deze taak en het karakter van de strijd gedurende de meidagen van 1940 hebben er toe bijgedragen dat de MLD in deze periode geen grote rol heeft kunnen spelen. Toch waren de vliegtuigen de eerste onderdelen van de Koninklijke Marine die met de vijand in contact kwamen. De F-5, gestart vanuit Akersloot op 10 mei en ter verkenning van de territoriale wateren uitgezonden, werd nabij Bergen in Noord-Holland door drie Duitse jachtvliegtuigen aangevallen. Door kundig manoeuvreren zag de bemanning kans deze aanval te overleven en zelfs een van de aanvallers neer te schieten. De Marineluchtvaartdienst had haar eerste slachtoffer gemaakt.

Drenkelingen
De ontwikkelingen bij de MLD na de Tweede Wereldoorlog maken duidelijk dat een goed geoefende en modern toegeruste Marineluchtvaartdienst altijd een essentieel en onontbeerlijk onderdeel van de marine zal blijven. Aan het begin van de jaren '50 deed de helikopter zijn intrede bij de MLD. Aanvankelijk alleen bedoeld voor het redden van drenkelingen ontwikkelde dit vliegtuig zich tot een volwaardig onderzeebootbestrijdingswapen dat een onmisbaar deel uitmaakt van de hedendaagse fregatten.
Het Neptune-patrouillevliegtuig heeft twee generaties lang meegedraaid bij de MLD. Met dit vliegtuig werd de onderzeebootbestrijdingstaak verder ontwikkeld. In 1982 werd de Neptune opgevolgd door de Lockheed Orion P3C-II.
De huidige Marineluchtvaartdienst telt twee vliegtuiggroepen. De Westland Lynx-helikoptergroep op vliegbasis De Kooy en de groep maritieme patrouille vliegtuigen op vliegbasis Valkenburg. De MLD heeft nog steeds als voornaamste taak de onderzeebootbestrijding. In vredestijd worden de vliegtuigen ook regelmatig ingezet voor de Opsporings- en Reddingsdienst.

N.a.v.: "70 jaar Marineluchtvaartdienst" door N. Geldhof, 217 blz., 200 foto's. Uitgave: Eisma BV, Leeuwarden, 1987, prijs 45 gulden.
Expositie "70 jaar Marineluchtvaartdienst in het Militair Luchtvaart Museum te Soesterberg geopend tot en met 11 oktober van dinsdag tot en met vriidag van 10.00 tot 16.00 uur. De toegang is gratis.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 25 augustus 1987

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

'Ogen en oren' van de Koninklijke Marine ruim 70 jaar in de lucht

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 25 augustus 1987

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

PDF Bekijken