Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Conflict tussen Griekse kerk en staat nog lang niet opgelost

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Conflict tussen Griekse kerk en staat nog lang niet opgelost

Grondonteigening en kerkelijke inmenging ingrijpend voor Griekse kerk (1)

8 minuten leestijd

De strijd tussen de Griekse regering en de Grieks-Orthodoxe Kerk inzake de onteigening van het kerkelijk landbezit, blijft de gemoederen bezighouden. Volgende maand is het half jaar om dat de kerk gekregen heeft om het grondbezit (zo'n 130.000 hectare in totaal) over te dragen aan de staat.

Een paar weken geleden zegde het hoofd van de Griekse kerk, aartsbisschop Seraphim I van Athene, een gesprek af met de premier Papandreou. Officieuze reden: het gesprek zou plaatsvinden in bijzijn van minister Tritsis, bewindsman van opvoeding en kerkelijke zaken, de grote 'kwaaddoener' volgens de kerken. Deze minister is namelijk de indiener van het wetsvoorstel van nationalisatie van het kerkelijk grondbezit. Nu is er sinds vorige week een gemengde commissie in het leven geroepen die de verhouding tussen kerk en staat moet normaliseren. Het wetsvoorstel is in april door het parlement aanvaard maar de kerk doet nog steeds alles om het ongedaan te maken.

„De nagestreefde grondonteigeningswet betekent in feite roof, zij wekt herinneringen op aan de Russische Revolutie van 1917", aldus priester Stephen Avramides, secretaris buitenland van de heilige synode, het hoogste bestuursorgaan van de Kerk van Griekenland. „De wet confisceert de eigendommen van de kerk, zowel de oude als de toekomstige bezittingen. Maar ook wil de wet greep krijgen op interne aangelegenheden van de kerk". Daarmee typeert hij het tweeledige doel van de regering: toezicht op uiterlijke en innerlijke zaken van de kerk.

Waar gaat deze ingewikkelde kwestie nu precies om? De strijd dateert al van 1952. Toen verplichtte een agrarische hervormingswet de kerk om ongeveer tweederde van haar bezit aan de staat over te dragen, zodat de overheid dit zou kunnen verdelen onder arme boeren. In ruil daarvoor gaf de staat aan de kerk enkele stedelijke eigendommen en gebouwen. Zij verplichtte zichzelf verder de lonen van alle priesters (in het Grieks: "papa's") te betalen, momenteel zo'n negenduizend man (overigens betaalt de staat de salarissen van alle clerici).

Zeer rijk
De Griekse kerk is in de loop van de tijd zeer rijk geworden. Een groot deel van de kloosterlijke bezittingen (daar gaat het vooral om) gaat terug op schenkingen van Byzantijnse keizers. Verder heeft de Griekse kerk tijdens de eeuwenlange overheersing door de Turken heel wat grondbezit naar zich toe kunnen halen, dank zij gunstige overeenkomsten en schenkingen van islamitische sultans en pascha's.
Omdat de kerk talrijke privileges genoot, kon zij, met goedkeuring van de Turken, tegen spotprijzen haar bezittingen vermeerderen, meestal door aankoop van land van in schuld geraakte boeren. De Griekse kerk was eeuwenlang de enige blijvende instelling die stand hield in het woelige Griekenland. De kerk was de belichaming van alles wat Griek was. Schenkingen van overleden gemeenteleden droegen verder tot vermeerdering van haar bezit bij.
Ook na de Tweede Wereldoorlog, na de burgeroorlog in 1949, slaagde de kerk er in een grotere greep op het grondbezit te krijgen. Landgoederen van naar het Oostblok gevluchte partisanen, vielen eerst in handen van de staat maar kwamen later via ruilhandel weer in handen van de kerk.

Weerstand
In 1979, toen de (conservatieve) Nieuwe Democratische Partij aan de macht kwam, verzocht de staat aan de kerk de tot nu toe gevolgde politiek in „heroverweging" te nemen. Zij vroeg om meer land. In ruil daarvoor beloofde de staat „de bestaande kerkelijke eigendommen" op een betere manier te ontwikkelen, aldus Avramides. Een overeenkomst was hierover opgesteld met de Nieuwe Democratische regering, maar hij werd echter nooit uitgevoerd. Sinds 1952 bleek de zaak dus nooit goed op gang te zijn gekomen.
In 1981 echter, toen de socialistische PASOK-partij aan de macht kwam, begonnen de onderhandelingen pas goed. Met name de huidige (socialistische) premier Papandreou heeft sinds de oprichting van zijn PASOK-partij in 1974 herhaaldelijk aangekondigd het kerkelijk landbezit, hoofdzakelijk bestaande uit bos, weide- en akkergronden, te „socialiseren". Het motief daarvoor, zo redeneerde de regering, is dat de kloosters weliswaar bezitters zijn maar niet eigenaars. Abten kunnen in veel gevallen geen eigendomsbewijzen overhandigen en deugdelijke grondboeken bestaan in Griekenland niet. Een van de hoofdpunten van het socialistische partijprogram is de scheiding van kerk en staat, een opzienbarende paragraaf gezien de nauwe verbinding tussen kerk en staat in de geschiedenis van Griekenland door de eeuwen heen.

Begin van de strijd
Mr. Apostolos Karlamanis, de nieuwdemocratische minister van onderwijs en kerkelijke zaken, ging, toen zijn partij aan de macht kwam, onderhandelingen aan met de kerk en er werd een wetsontwerp opgesteld. De kerk had daarover grotendeels overeenstemming bereikt en was bezig met onderhandelingen over die punten die zij veranderd had willen zien, toen er op het ministerie een wisseling van de wacht plaatshad.

Antonios Tritsis zwaaide voortaan de scepter op het ministerie van onderwijs en godsdienstige zaken.

De nieuwe minister zette rustig de onderhandelingen met de kerk voort, totdat hij plotseling een geheel nieuw wetsvoorstel bij het parlement indiende, dat geheel verschilde van dat van Karlamanis. Het was de beruchte onteigeningswet: confiscatie van alle kerkelijke eigendommen en de regeling van interne zaken van de kerk, iets wat de kerk tot nu toe het hoogst zit.
De staat wil bijvoorbeeld administratieve raden benoemen waarvan de leden door de staat goedgekeurd moeten worden. De controle over de verkiezing van parochie-en bisdomraden komt in handen van plaatselijke regeringsfunctionarissen. De stedelijke eigendommen zullen beheerd worden door een gemengde commissie van kerkelijke vertegenwoordigers en ambtenaren van de staat, waarbij de laatsten in de meerderheid zullen zijn.
Met dit alles is een vergaande democratisering beoogd, waarvan de noodzaak door Avramides wordt ontkend omdat bijvoorbeeld in de plaatselijke dioceesraden al veel leken vertegenwoordigd zijn.

Geen bewegingsvrijheid
Het punt dat in de ogen van Avramides het zwaarst te verteren is, is dat de kerk haar bewegingsvrijheid kwijt raakt. Avramides: „Tristis schijnt de kerk binnen vier muren te willen beperken. Hij beweert dat de Griekse kerk een staatskerk is, een publieke instelling. Dat is niet waar, de orthodoxe religie is de heersende religie in de Griekse Kerk. Het is juist dat de Griekse kerk een wettige publieke instelling is, maar alleen met betrekking tot zekere uiterlijke administratieve en financiële aspecten. De kerk is zeker geen arm van de staat".
Bovendien is Tritsis in conflict met het program van zijn PASOK-partij, zegt Avramides. De socialisten hebben in hun verkiezingscampagne beloofd kerk en staat van elkaar te scheiden. Ze willen zich niet mengen in kerkelijke zaken en willen de kerk helpen haar actieve rol te spelen in het leven van de Griekse samenleving, zo was althans hun belofte, aldus Avramides. „Maar de praktijk heeft het tegendeel bewezen. De staat heeft veronachtzaamd dat het ministerie van godsdienst beperkt is tot een puur formeel toezicht. De staat zegt nu 'uit interesse voor de kerk' te handelen".

Verkoopwoede
In juli benoemde de staat een commissie van zeven leden die het beheer over de kerkelijke goederen moet uitvoeren. De vice-president van deze commissie is adviseur van de Griekse Nationale Bank. Geen van hen, allen vertegenwoordigers van de staat, werd echter benoemd met goedkeuring van de kerk.
Gedurende de eerste weken van augustus probeerde de commissie de fondsen van de kerk te blokkeren. Wat was namelijk het geval? De kerk zag wel in dat zij de strijd om het landbezit eens zou moeten verliezen. Al vanaf de tijd vóór de socialistische machtsovername slaagde zij erin heel wat grond weg te doen door gunstige koopovereenkomsten.
Vooral na het eerste voorstel tot socialisering van kerkelijke landerijen, in oktober 1985, begon men driftig naar kopers te zoeken. „Gehele eilanden", aldus het blad Tachydromos, „werden voor een schotel linzenmoes verkocht". „De kerk veilt haar land", meldde het regeringsgetrouwe dagblad Ta Nea.
Het blad wist bijvoorbeeld te melden dat de abt van het klooster Toplou op Kreta zijn omvangrijke grondbezit aan een reder wilde overdoen, die daar een toeristencentrum wilde opzetten. De abt was eigenaar van tienduizend schapen, vierduizend hectaren akkerland, uitgestrekte olijvenbossen, rozijnen- en augurkenplantages.

Stopzetting
Om deze 'uitverkoop' stop te zetten, verboden de socialisten, reeds direct na hun machtsovername in 1981, de kerk haar vermogenswaarde in geld om te zetten. Landbouwminister Jannis Pottak gings zelfs zover dat hij een bepaling opstelde, waarin gezegd werd, dat alle koopverdragen met terugwerkende kracht tot 21 oktober 1981, de dag van de machtsovername van de socialisten, opgeheven en nietig verklaard moesten worden. Maar pogingen van regeringsambtenaren het kerkelijk grondbezit te inventariseren, stootten meestal op weerstand bij de bisschoppen.

Excommunicatie
Zo bleven de ontwikkelingen spannend. Toen de nieuwe regeringscommissie de kerkelijke fondsen wilde blokkeren, antwoordde de kerk hierop met het opzetten van een speciaal synodaal fonds, om te voorzien in de onmiddellijke behoeften van de kerk. Binnen een week droeg men ruim acht miljoen drachmen bij, zo zegt Avramides.
De kerk nam een „pastorale en correctieve maatregel". Zij deed de zeven leden voor een tweetal jaren in de ban dat wil zeggen: zij werden voor die tijd uitgesloten van de heilige communie (geëxcommuniceerd) .
Het conflict tussen, kerk en staat lijk steeds minder op een compromis uit te lopen. Volgens Joh. M. Hadjiphatis hoofd voorlichtingsdienst van de heilige synode, vormt de greep die de staat op interne kerkelijke zaken wil krijgen, het grootste probleem. Was er alleen de grondkwestie, dan zou de kerk wel willen toegeven, zegt hij. Overigens wijst hij er op dat de kloosters weliswaar onder verantwoordelijkheid van de kerk staan maar toch tot op zekere hoogte een eigen autonomie hebben ten aanzien van hun bezittingen. Een dergelijke situatie schept een extra complicatie in de onderhandelingen tussen kerk en staat.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 26 september 1987

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

Conflict tussen Griekse kerk en staat nog lang niet opgelost

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 26 september 1987

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken