Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

„Mevrouw Van der Valk werd na haar kidnapping nooit meer dezelfde

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

„Mevrouw Van der Valk werd na haar kidnapping nooit meer dezelfde"

Ontvoerde moet door een diep dal

10 minuten leestijd

Afgelopen woensdag is de ontvoering van topondernemer G. J. Heijn de derde week ingegaan. Wat het betekent om zo lang in gijzeling te worden gehouden, weet de Arnhemse psycholoog dr. D. Brom van nabij. „Het duurt minstens een halfjaar voordat je dergelijke traumatische ervaringen enigszins hebt verwerkt", zegt hij.

Dr. Brom, die directeur is van het traumacentrum in Arnhem, is zelf bij de nazorg van een ontvoerde betrokken geweest. Het trof hem toen dat er ongedacht veel tijd mee heen ging voordat een patiënt zijn geestelijk evenwicht had hervonden. „Mij is duidelijk geworden dat dat heel lang kan duren", luidt zijn ervaring.

Heineken
Van bierbrouwer Heineken en zijn chauffeur Doderer is in beperkte kring bekend dat ook zij na hun vrijlating met ernstige psychische stoornissen te kampen hebben gehad. Bij Doderer traden die vrijwel meteen op, maar hij was toch weer redelijk snel hersteld. Heineken maakte pas later een zeer moeilijke periode door.
Mevrouw Van der Valk is zelfs vijf jaar na haar ontvoering de gevolgen niet te boven. Dat kwam deze week terloops aan het licht. Haar man moest zich dinsdag voor het Arnhemse gerechtshof verantwoorden voor het illegaal laten kappen van een stuk bos, maar zijn advocaat vroeg uitstel omdat Van der Valk samen met zijn vrouw in het buitenland vertoeft. De raadsman vertelde dat het echtpaar na het bekend worden van de ontvoering van Heijn naar Zwitserland is uitgeweken. Mevrouw Van der Valk werd in 1982 gekidnapt en werd drie weken lang in gijzeling gehouden. „Sinds die tijd is ze nooit meer dezelfde geworen. Juist vanwege de angst dat er weer zo iets zal gebeuren, beschikken de Van der Valks over diverse adressen, in het uitenland", aldus de advocaat.
Over de gevolgen van zwaar-traumatische ervaringen is in Nederland vrij veel bekend. Met name de treinkapingen bij Wijster en De Punt, maar ook andere gijzelingsacties uit de jaren '70, hebben tot zeer uitvoerig onderzoek geleid. Twee jaar na de treinkaping bij Wijster bleken gegijzelden nog steeds aangeslagen te zijn. Sommigen waren overmand door schrik als zij geluiden hoorden die leken op het spannen van een geweer, zoals de harde, droge klik bij het openmaken van een fietsslot. Anderen durfden niet meer in de trein te stappen. Vorig jaar verscheen een rapport over het onderzoek naar de late gevolgen van gijzelingen, waarbij meer dan 250 slachtoffers van gijzelingsacties betrokken waren. Een derde van de slachtoffers had nog steeds last van nachtmerries, onbestemde angsten, slaapproblemen en nervositeit. Een op de acht had op dat moment nog altijd behoefte aan hulp.
Voor dit grootschalige onderzoek bestaat internationale belangstelling. Overal ter wereld vinden gijzelingsacties plaats, maar vaak wonen de slachtoffers zo ver van elkaar vandaan, dat het ondoenlijk is hen als groep langere tijd te 'volgen'. In Nederland met zijn beperkte afstanden is dat wel gelukt.

„Overlevingsdrang"
Ook dr. Brom van het centrum voor Psychotrauma (kortweg traumacentrum) heeft veel onderzoek verricht onder traumapatiënten. Zijn instituut verzorgt onder andere trainingen en cursussen aan artsen en andere hulpverleners die in aanraking (kunnen) komen met trauma's. Een trauma is het gevolg van een schokkende gebeurtenis, zoals een gijzeling en ontvoering, maar ook een bankoverval, een verkeersongeluk of het plotseling verlies van bij voorbeeld een kind.
Mensen die een traumatische ervaring achter de rug hebben, vertonen na afloop vaak dezelfde reacties. Direct na de gebeurtenis treedt in de regel een emotionele uitbarsting op, die terugkeert bij confrontatie met herinneringen. Ook herbeleving van de gebeurtenis in dromen is een kenmerkende reactie. Als andere kenmerken noemt dr. Brom machteloosheid en schuldgevoelens. „Op het eerste gezicht lijkt het allemaal wat wonderlijk", vertelt hij. „Mensen die het slachtoffer worden van bij voorbeeld een gijzeling of bankoverval, gedragen zich tijdens de gebeurtenis zelf vaak erg rustig. Je zou verwachten dat ze erg schrikachtig en angstig reageren, maar dat doen ze juist niet. Je zou dat een zekere overlevingsdrang kunnen noemen. De schrik en paniek komen pas naderhand. Ze kunnen zich dan erg machteloos voelen".
Ook schuldgevoelens kunnen zeer hevig zijn. Vertwijfeld vragen mensen na een traumatische ervaring zich af of hen enige blaam treft. „Bij mensen die ontvoerd zijn of een verkeersongeval hebben meegemaakt, zou je je dat in sommige gevallen nog kunnen voorstellen", tekent Brom aan. „Maar ook bij mensen wie volstrekt niets te verwijten valt, treden schuldgevoelens op. Het komt voor dat ouders wier kind is overleden door de wiegedood, zichzelf de ergste verwijten maken, terwijl dat toch volkomen ten onrechte is".

Meergeweld
Trauma betekent letterlijk "wond", en zoals een wond tijd nodig heeft om te genezen, kost het tijd om een trauma te verwerken. Veel mensen zijn daar zelf toe in staat, maar anderen moeten een beroep doen op een arts, maatschappelijk werker of psychiater. Waarom de één er wel en de ander er niet in slaagt om een schokkende gebeurtenis op eigen houtje te verwerlcen, is volgens dr. Brom moeilijk aan te geven. „Belangrijk is uiteraard iemands persoonlijkheid, maar ook de wijze waarop zijn omgeving reageert. Mag hij er thuis of met zijn vrienden iedere keer weer over praten of vinden ze dat hij er maar eens over op moet houden? Ook de gebeurtenis zelf maakt natuurlijk een groot verschil. Lang niet iedereen die een ernstig verkeersongeluk heeft meegemaakt, zal psychotherapie nodig hebben, maar een ontvoerde die langdurig is opgesloten en herhaaldelijk met de dood is bedreigd, kan dat bijna niet op eigen kracht verwerken".
In sterke verhalen over bankbedienden die 's ochtends werden overvallen en 's middags weer fluitend naar vergaderingen gingen, gelooft Brom niet.
Doordat het aantal overvallen toeneemt, stijgt ook het aantal 'slachtoffers' en Brom moet vaststellen dat slechts een enkeling zo'n schokkende ervaring binnen de kortste keren verwerkt heeft. „Ik zie eerder het omgekeerde. Bij bankovervallen wordt steeds meer geweld gebruikt. Het gebeurt tegenwoordig wel dat overvallers met een vrachtwagen de pui van een bankgebouw omver rijden. Hoe gewelddadiger de gebeurtenis, hoe langer de nasleep".

Training
Is het mogelijk dat mensen die een verhoogd risico lopen, zoals Heineken en Heijn, zich mentaal voorbereiden op eventuele traumatische ervaringen? Brom denkt dat dat weinig zin heeft. „Het is reëel om te stellen, dat een ontvoerde doodsangsten kent. Dat zijn zulke emotionele momenten, daar kun je je eigenlijk niet tegen wapenen".
Prof. dr. J. Bastiaans is dat niet helemaal met Brom eens. In kringen van oorlogsslachtoffers is Bastiaans zeer vermaard vanwege zijn succesvolle therapie bij patiënten met zware trauma's, zoals ex-concentratiekampbewoners. Volgens Bastiaans is het in beginsel mogelijk zich geestelijk op een ontvoering of andere schokkende gebeurtenissen voor te bereiden. „Mensen als Heijn, die duidelijk een verhoogd risico lopen, zouden eigenlijk een training moeten ondergaan. Zo'n training bestaat dan vooral uit spelletjes, waarbij de werkelijkheid wordt nagebootst". In het leger werden zulke trainingen ook gegeven, weet Bastiaans. „Maar het ging er zo hard toe, dat de mensen alleen van die spelletjes al ziek werden. Ik weet dus niet of die training nog steeds wordt gegeven".
Een woordvoerder van het ministerie van defensie bevestigt dat trainingen als waarop prof. Bastiaans doelt, inderdaad plaatsvinden. „Mensen die opgeleid worden voor de luchtmacht, krijgen bij voorbeeld een overlevingstraining. Onderdeel van die training is een mentale voorbereiding op zeer extreme situaties. Wij passen wel meer van dergelijke trainingen toe. Klachten over al te, zware beproevingen zijn ons echter niet bekend".
Zowel Bastiaans als Brom pleit ervoor om meer bekendheid te geven aan de mogelijke gevolgen van traumatische ervaringen. Hun ondervinding is dat artsen en psychotherapeuten ook onvoldoende op de hoogte zijn met deze materie, waardoor patiënten niet of niet tijdig naar het Riagg of een andere instelling worden doorverwezen. „Overigens wil ik daarmee niet beweren", voegt dr. Brom er haastig aan toe, „dat iedereen met een traumatische ervaring maar meteen naar de huisarts of psychiater moet. Het klinkt misschien gek als ik dit zeg, maar ik ben er niet zo voor om overal maar meteen deskundigen bij te halen. Mensen komen vaak het beste in hun eigen omgeving op verhaal. Bovendien kost het tijd om een traumatische ervaring te verwerken. Een periode van zes maanden tot een jaar is niet abnormaal. De vraag is uiteindelijk: Kun je ermee leven of niet? Als dat niet lukt, is inschakeling van deskundigen aan te raden. Zij kunnen helpen bij het verwerkingsproces. De therapieën die zij aanwenden, blijken in de praktijk redelijk effectief te zijn, al zijn er natuurlijk altijd patiënten die het niet redden. Die blijven hun hele leven onder de gevolgen van een traumatische ervaring gebukt gaan".


In een van zijn publikaties vertelt de Arnhemse psycholoog dr. D. Brom het verhaal van de 21-jarige bankbediende V., die was gevraagd in te vallen als bijrijder op een geldtransportauto en toen slachtoffer werd van een roofoverval. De reacties van V. zijn vrij kenmerkend voor mensen met een traumatische ervaring:
„Het geldtransport ging van een bank naar het kantoor waar de heer V. werkzaam is. Toen de transportauto het terrein van zijn kantoor op wilde rijden, werd er door twee gemaskerde motorrijders op de chauffeur geschoten. V. keek de motorrijders recht in de ogen toen hij voelde dat hij geraakt was in zijn arm. In volledige paniek, maar alert genoeg om eventuele schoten te ontwijken, vluchtte V de bank in, waar hij werd opgevangen door een collega. Op dat moment pas, vertelt V., voelde hij voor het eerst pijn in zijn arm. Bij het zien van de chauffeur die het gebouw even later binnenstormde, raakte V. opnieuw in paniek. Hij in de ogen van de overvallers te kijken.
Het leven van V. is sinds deze gebeurtenis veranderd; mede door de gedeeltelijke invaliditeit die hij overhield als gevolg van het schot in zijn arm. De eerste paar weken was hij zeer schrikachtig. De kleinste voorvallen, zoals het uit zijn handen vallen van een hamer, konden hem hevig doen schrikken en in huilen uitbarsten. In deze tijd vermeed hij zoveel mogelijk zich het voorval in heririnering te halen. Als hij dat wel deed raakte hij snel overstuur. Na een week of vier werden de schrikreacties niet meer door hele kleine voorvallen uitgelokt, maar wel het zien van motorrijders en ook als iemand aan zijn linkerkant een plotselinge beweging maakte. V. begon in deze tijd te dromen en werd dan in paniek wakker zonder zich de inhoud van de dromen te herinneren. Weer enige weken later werden zijn dromen duidelijker en zag hij het beeld van de gemaskerde overvallers voor zich. V. had het gevoel dat de beelden met de tijd helderder en completer werden, terwijl de paniekreactie in hevigheid afnam. Na drie en een halve maand zag hij de gehele gebeurtenis in een droom voor zich; hij voelde wel angst, geen paniek.
Gedurende de eerste twee maanden praatte V. enorm veel over de gebeurtenis. Hij had het gevoel het steeds maar opnieuw te moeten vertellen. Zijn omgeving hem hier met veel warmte de gelegenheid toe gegeven. Na drie en een halve maand was deze behoefte, en ook zijn neiging om de plaats van de overval te vermijden, weg. Wel werd hij nog emotioneel bij het zien van de transportauto".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 26 september 1987

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

„Mevrouw Van der Valk werd na haar kidnapping nooit meer dezelfde

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 26 september 1987

Reformatorisch Dagblad | 22 Pagina's

PDF Bekijken