Digibron cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Digibron te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Digibron.

Bekijk het origineel

Europese munitiefabrikanten gaat het voor de wind dank zij oorlog Iran-Irak

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

Europese munitiefabrikanten gaat het voor de wind dank zij oorlog Iran-Irak

Producenten weten embargo's op wapenverkopen te ontduiken.

6 minuten leestijd

NICOSIA - Hoewel in de meeste Westeuropese landen officieel een verbod geldt op de verkoop van wapens aan landen in oorlog, heeft de zeven jaar oude strijd tussen Iran en Irak de wapen fabrikanten In de industrielanden geen windeieren gelegd.

Alleen al de Iraniërs kopen ieder jaar voor ongeveer 6 miljard gulden aan wapens, grotendeels door middel van clandestiene transacties met Europese bedrijven. Daarbij vergeleken vallen de geheime wapenleveranties van de Verenigde Staten aan Iran -die op ongeveer 60 miljoen gulden worden geschat- in ieder geval qua omvang in het niet.
Niettegenstaande de embargo's op de verkoop van wapens aan oorlogvoerende landen, zijn Westeuropese bedrijven en handelaren volgens de Amerikaanse wapenspecialist Neil Livingstone „niet vies van Iran, ondanks een hoop vrome beweringen van het tegendeel. Er zijn heel wat clandestiene transacties".

Wapenindustrie
Een Britse zegsman die in de wapenhandel zit, zegt: „Je kunt geen grote hoeveelheden materieel leveren als de desbetreffende regeringen daar niet bij betrokken zijn of op zijn minst de andere kant opkijken".
Het Internationale Onderzoeksinstituut voor Vrede in Stockholm verklaarde onlangs in een rapport dat de wapenhandel voor het leeuwedeel „plaatsvindt als gevolg van politiek beheerste onderhandelingen van regering tot regering. Regeringen willen om politieke, economische en veiligheidsredenen graag hun wapenindustrie beschermen".
Niettemin is in verschillende landen -met name Zweden, WestDuitsland, Oostenrijk, België en Frankrijk- een onderzoek ingesteld naar de handel en wandel van wapenfabrikanten. De topman van het Zweedse Nobel-concern, Anders Carlsberg, heeft op 30 maart toegegeven dat dochterondernemingen illegaal wapens en munitie hadden geleverd aan landen aan de Perzische Golf. Hij heeft gezegd dat er geen bewijzen waren dat Bofors en Nobel Kemi RBS-70-luchtdoelraketten hadden verkocht aan Iran.

Topje van de ijsberg
Maar volgens zegslieden in de clandestiene wapenhandel heeft Iran wel degelijk de beschikking over deze raketten en andere Zweedse wapens. Op 6 maart nam de president van Bofors, Martin Ardbo, zijn ontslag nadat er beschuldigingen waren geuit dat zijn bedrijf laser-gestuurde RBS-70's aan Iran had geleverd.
Een onderzoek van drie jaar had aanwijzingen opgeleverd dat Bofors het Zweedse verbod op de verkoop van wapens aan landen in oorlog had overtreden. Ardbo was de tweede topman van Bofors die in verband met deze kwestie zijn ontslag indiende. In 1984 had directeur Claes-Ulrik Winberg al het veld geruimd.
Het Zweedse schandaal is volgens Arabische en westerse zegslieden slechts het topje van de ijsberg. Het vredesinstituut noemt 27 landen -waaronder Nederland, Zweden en Groot-Brittannië— vanwaar wapens worden geleverd aan zowel Iran als Irak. Als andere landen waar Iran zijn wapens van betrekt, worden genoemd Algerije, Argentinië, Canada, Finland, Israël, Libië, Mexico, Syrië, Taiwan, Turkije, Vietnam en Zuid-Korea.

Kantoor in Londen
Het zenuwcentrum voor het Iraanse netwerk voor de aankoop van wapens in Europa was het Logistieke Ondersteuningscentrum in het kantoor van de Nationale Iraanse Oliemaatschappij in Londen, dat vorige week door de Britse regering werd gesloten. Geschat wordt dat 70 procent van de Iraanse wapenaankopen werd geregeld door dit centrum, waar 40 tot 50 Iraanse functionarissen en legerofficieren werkzaam waren. De handel zou zich nu gaan verplaatsen naar de Bondsrepubliek.
„De oorlog tussen Iran en Irak is een enorme oppepper geweest voor de wapenhandelaren en wapenfabrieken, waarvan er veel staatseigendom zijn", vertelt een zegsman. „Na Irangate en de onthulling dat de VS zelf wapens aan Iran verkochten, was het hek van de dam. Niemand had nog enige scrupules". Zweedse kranten hebbon een verband gelegd tussen de moord op premier Olof Palme op 28 februari 1986 en diens pogingen om een eind te maken aan de verkoop van Zweedse raketten aan Iran in 1985. Een direct verband is vooralsnog niet bewezen en Palmes moordenaars zijn nog steeds niet gevonden.

Raadselachtige dood
De Zweedse politie heeft ook een onderzoek lopen naar de raadselachtige dood van admiraal Carl-Frederik Algernon, de Zweedse inspecteur voor bewapening en degene die toestemming gaf voor de uitvoervergunningen voor de wapens. Algernon, voorheen een hoge functionaris bij de geheime dienst, kwam op 15 januari onder de metro in het centraal station van Stockholm, toen het officiële onderzoek naar de illegale wapenexport begon te vorderen. Sommige ooggetuigen vertelden dat de 61-jarige Algernon onder de metro werd geduwd, maar anderen zeiden dat hij was gesprongen. Duidelijkheid is er nog steeds niet.
Tegen negen topmannen van Bofors is een strafrechtelijk onderzoek ingesteld op beschuldiging van het leveren van wapens aan Iran via derde landen zoals Singapore om de uiteindelijke bestemming van het wapentuig te verhullen. Mats Lundberg, voormalig manager marketing van Nobel Kemi, is op 25 mei in staat van beschuldiging gesteld in verband met de illegale export van explosieven en kruit naar Iran, Syrië en Egypte tussen 1981 en 1985. De Zweedse wapenhandelaar Karl-Erik Schmitz, die zou hebben geholpen bij de transacties, is eveneens aangeklaagd. Volgens officiële zegslieden is zo'n 1700 ton explosieven en kruit in Iran aangekomen.

Goedkeuring regering
Het Internationaal Instituut voor Strategische Studies in Londen publiceerde onlangs de Military Balance 1986-87, het jaarlijkse overzicht van de wapenarsenalen in de wereld, waarin werd bevestigd dat Iran over RBS-70's van Bofors beschikte. Volgens de Zweedse Vredes- en Arbitragevereniging, die een campagne voert tegen de wapenverkoop aan landen in oorlog, heeft Iran in juli 1985 via Singapore 200 tot 400 van deze raketten ontvangen.
Bofors heeft dat ontkend en gezegd dat alle exporttransacties met goedkeuring van de regering zijn uitgevoerd. Hans Jonsson van de Zweedse douane, die belast is met de leiding over het onderzoek naar Bofors, zei in februari dat de wapens via tussenpersonen in Italië en Joegoslavië naar Iran waren verzonden. Ook van Nederlandse en Belgische kruitfabrieken wordt onderzocht of zij aan Bofors hun medewerking hebben verleend voor het versturen van de wapens naar Iran.
In februari gaf de Westduitse overheid aan het 4300 ton metende vrachtschip Gretl, dat op weg Was naar Bandar Abbas, een Iraanse haven aan de Perzische Golf, opdracht terug te keren toen was gebleken dat het een lading van meer dan 60.000 artilleriegranaten vervoerde, die waren geladen in de Portugese haven Setubal. Na het bekend worden van de Amerikaanse wapenverkoop aan Iran onthulde de Portugese premier Cavaco Silva dat de Portugese wapenindustrie, die voor het grootste deel in handen is van de Staat, regelmatig had geleverd aan zowel Iran als Irak.

Kongsberg Vaapenfabrik
Vorige maand ontdekte de Westduitse justitie dat een groep mensen van plan was AH-1-Cobra-gevechtshelikopters van Amerikaanse makelij, vliegtuigmotoren voor MIG-23's, anti-tankraketten, geschutslopen en tankmunitie met een totale waarde van 1,8 miljard gulden te verkopen aan Iran.
Vijf maanden eerder had de politie van Hamburg zes mensen gearresteerd die verdacht werden van het voornemen om voor 1,6 miljard gulden aan wapens te verkopen aan Iran en Irak. En onlangs deed de Westduitse politie een inval in de burelen van Rheinmetall, een producent van defensiemateriaal, na beschuldigingen dat het bedrijf 300 20mm-kanonnen wilde verkopen aan Iran via Noorwegen en Turkije.
De Noorse Kongsberg Vaapenfabrik, die met Rheinmetall zou hebben samengewerkt, is ook het onderwerp van een justitieel onderzoek geworden, omdat door het bedrijf onderdelen voor de moderne kanonnen zouden zijn geleverd. Het bedrijf is er door de VS ook van beschuldigd de exportbeperkingen te hebben overtreden door geavanceerde systemen voor onderzeeërs te verkopen aan de Sowjet-Unie.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 6 oktober 1987

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

Europese munitiefabrikanten gaat het voor de wind dank zij oorlog Iran-Irak

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 6 oktober 1987

Reformatorisch Dagblad | 12 Pagina's

PDF Bekijken