Bekijk het origineel

Waldheim stellig door Oostblok gechanteerd

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

Waldheim stellig door Oostblok gechanteerd

Britse krant citeert memorandum:

3 minuten leestijd

LONDEN - Joegoslavië was al in 1947 op de hoogte van het oorlogsverleden van Kurt Waldheim, de huidige president van Oostenrijk. Het dossier over Waldheims betrokkenheid bij oorlogsmisdaden is mogelijk gebruikt om de voormalige secretaris-generaal van de Verenigde Naties te chanteren.

Dit schrijft het Britse zondagsblad Sunday Express in zijn editie van gisteren. Een woordvoerder van Waldheim heeft de beschuldiging tegengesproken.

Volgens het blad heeft een hoge functionaris van de Joegoslavische geheime dienst die in 1948 in Wenen was gestationeerd, toegegeven dat hij de Sowjetrussische geheime dienst KGB het dossier over Waldheims oorlogsverleden heeft toegespeeld. De voormalige agent, Anon Kolendic, zei er zeker van te zijn dat de KGB gebruik gemaakt heeft van het materiaal tegen Waldheim, die van 1972 tot 1982 secretaris-generaal van de VN was.

Het blad zegt verder in bezit te zijn van een kopie van een uiterst geheim memorandum van de Joegoslavische geheime dienst waarin het voorstel wordt gedaan „de informatie te gebruiken om Waldheim onder druk te zetten". „Waldheim, die verantwoordelijkheid droeg voor gegijzelden en contacten onderhield met collaborateurs, is niet alleen een vrij man, niaar kan als functionaris van het ministerie van buitenlandse zaken ook van waarde zijn voor de belangen van Joegoslavië", zo citeert de krant uit het memorandum. Volgens de Express is het waarschijnlijk dat Waldheim via de Joegoslavische geheime dienst ook „in het net" van de KGB is geraakt. De krant schrijft dat het document verder bijzonderheden bevat over Waldheims betrokkenheid bij oorlogsmisdaden.

Volgens de Sunday Express hebben vroegere medewerkers van de Joegoslavische geheime dienst bevestigd dat Joegoslavië een verzoek om uitlevering van Waldheim heeft ingetrokken.

„Laster"

Een woordvoerder van Waldheim deed de berichten over diens oorlogsverleden en de beschuldiging dat hij aan chantage heeft blootgestaan af als „laster". „Deze beschuldigingen zijn al eerder gedaan en Waldheim heeft herhaaldelijk benadrukt dat hij nooit iets van pogingen (tot chantage) door Joegoslavische of Sowjetrussische agenten heeft gemerkt", aldus de woordvoerder.

Volgens de krant wijst het document -dat ondertekend is door het toenmalige hoofd van de juridische afdeling van het Joegoslavische ministerie van buitenlandse zaken- er echter op dat Waldheim „gedurende zijn hele loopbaan aan chantage door de Sowjet-Unie en Joegoslavië heeft blootgestaan".

De krant schrijft dat deze indruk wordt bevestigd door „indirecte bewijzen". Als voorbeeld daarvan noemt de krant dat Waldheim in 1968, toen hij minister van buitenlandse zaken van Oostenrijk was, een verzoek van zijn ambassadeur in Praag verwierp de ambassade open te stellen voor mensen die aan de binnenvallende Sowjettroepen probeerden te ontsnappen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 28 december 1987

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

Waldheim stellig door Oostblok gechanteerd

Bekijk de hele uitgave van maandag 28 december 1987

Reformatorisch Dagblad | 14 Pagina's

PDF Bekijken